Nederland moet wetgeving sportweddenschappen aanpassen, eist Commissie

| AE 896 | Internetrecht | 3 reacties

Nederland moet haar Wet op de Kansspelen aanpassen om te zorgen dat buitenlandse aanbieders van sportweddenschappen effectieve toegang krijgen tot de Nederlandse markt. Ook als dat via internet gaat. Dit eiste de Europese Commissie afgelopen donderdag. Als Nederland binnen twee maanden geen bevredigende reactie geeft, kan de Commissie naar het Europese Hof van Justitie stappen om zo af te dwingen dat dit gebeurt (dat staat in art. 226 EG-Verdrag).

Het gaat dus niet om het legaliseren van internetgokken in het algemeen, zoals b.v. Tweakers of Planet schrijven. Emerce en Elsevier hebben het wel goed.

Volgens artikel 49 EG-Verdrag mogen lidstaten geen beperkingen opleggen aan grensoverschrijdende diensten. Wie in Spanje een loterij wil organiseren, mag niet door de Nederlandse of Spaanse overheid worden gehinderd bij het werven van Nederlandse deelnemers. De enige uitzondering hier is als een lidstaat op grond van de openbare orde, de openbare veiligheid en de volksgezondheid kan rechtvaardigen dat die beperking toch moet worden opgelegd. De beperking mag dan niet verder gaan dan noodzakelijk voor het doel en mag bovendien niet discrimineren.

In het Gambelli-arrest bepaalde het Europese Hof dat een verbod op online gokken mag wanneer dat noodzakelijk is om gokverslaving of het witwassen van zwart geld tegen te gaan. Maar zo’n verbod is niet ‘noodzakelijk’ wanneer de overheid zelf kansspelen aanbiedt. Letterlijk zegt het Hof:

Welnu, wanneer de autoriteiten van een lidstaat de consumenten aansporen en aanmoedigen om deel te nemen aan loterijen, kansspelen of weddenschappen opdat de schatkist er financieel beter van zou worden, kunnen de autoriteiten van deze staat zich niet op de met de beperking van de gelegenheden tot spelen gediende maatschappelijke orde beroepen ter rechtvaardiging van maatregelen als die in het hoofdgeding.

Het vergunningenstelsel uit de Wet op de Kansspelen was in overeenstemming met dit arrest, oordeelde de Hoge Raad in 2005 in een zaak aangespannen door het Engelse gokbedrijf Ladbrokes. Nederland mag zelf voor een groot deel bepalen hoe zij gokverslaving bestrijdt, en als zij een Staatsloterij of Holland Casino een nuttig onderdeel vindt van die bestrijding, dan mag dat. Door dat beperkte legale aanbod is er een uitlaatklep zodat gokkers niet de illegaliteit in hoeven met alle risico’s van dien.

De Europese Commissie denkt daar anders over. Zij is niet overtuigd dat er effectief beleid is om gokverslaving ook echt te bestrijden. Bovendien mag de Lotto sinds kort als enige sportweddenschappen via internet aanbieden. En daarmee discrimineert Nederland: waaarom de Lotto wel en Ladbrokes niet? Zoals Jan Kabel al schreef, als je zoiets gaat toelaten, loop je de kans op Europeesrechtelijk afgedwongen liberalisering van de interactieve kansspelenmarkt.

Wie komt met de flauwste grap a la “de uitkomst blijft een gokje” of “wedden dat er geen zaak van komt”?

Arnoud

Deel dit artikel

Laat een reactie achter

Handige HTML: <a href=""> voor hyperlinks, <blockquote> om te citeren en <em> en <strong> voor italics en vet.

(verplicht)

Volg de reacties per RSS