Stichting Copyright & Nieuwe Media

Ik sta in statuten! Op 7 juli 2008 vond de oprichting en openingsbijeenkomst van de Stichting Copyright & Nieuwe Media plaats, met mij als secretaris. Doel van de stichting is het zich sterk maken voor de belangen van een ieder die op internet publiceert. Steeds meer bloggers en andere actieve internetters lopen tegen juridische problemen of zelfs claims en rechtszaken aan. Hoe ga je daarmee om, wat moet je daarmee doen en waarom is er niemand die tegengas geeft aan clubs als de Buma, BREIN of de Fotografenfederatie en NVJ? Daar is deze stichting dus voor.

De stichting is nog jong, en de website is dus nog vrij leeg. Dat is dus meteen het eerste actiepunt (en nee, daar gaan we niet eindeloos over vergaderen).

Eén van de dingen die de stichting wil doen, is een meldpunt/helpdesk bieden voor mensen die tegen claims of rechtszaken aanlopen. Denk aan bloggers die een plaatje van 150×150 pixels overnemen en een claim van 1578 euro (”inclusief verhoging van 300% conform standaardvoorwaarden NVJ”) in hun mailbox krijgen. Om daar goede hulp bij te bieden, is medewerking van juristen en advocaten nodig die bereid zijn de nodige bijstand te leveren. Meelezende kantoren: ik hoor graag van u.

Een andere nieuwe activiteit is inderdaad ordinair lobbyen voor nieuwe of herziene wetgeving. Bij veel overleg over auteurswetgeving zitten alleen de bekende, gevestigde partijen aan tafel. En dat is niet goed, als je wetgeving wilt maken die goed aansluit bij internet, blogs en webforums. Vandaar dat de stichting een ander geluid wil laten horen tijdens consultatierondes over wetgeving en aanverwante initiatieven. Een uitgebreider citaatrecht, of misschien wel een compleet fair use systeem zoals in de VS, zou best een goed idee zijn.

Arnoud

of lees de 15 reacties

Zeven rechten bij koop op afstand

Tweet
14 juli 2008, 8:19 | Internetrecht | 21 reacties

Bij een koop op afstand weet je vaak niet precies wat je nu koopt of bij wie. De wet kent daarom bijzondere regels voor koop op afstand, maar al die nieuwe regels zijn voor veel e-shops vaak lastig. Een overzicht:

  1. Een webwinkel moet vooraf duidelijk zijn identiteit en vestigingsadres melden.
  2. Bij elk product moet de prijs en belangrijkste kenmerken duidelijk vermeld zijn. Ook eventuele leveringskosten en andere voor - waarden moeten goed te vinden zijn.
  3. De webwinkel moet voor of bij het plaatsen van de bestelling verwijzen naar de algemene voorwaarden, anders zijn ze niet van toepassing. Alleen meesturen in de doos is niet genoeg.
  4. De webwinkel moet een bestelling meteen per e-mail of brief bevestigen. In die bevestiging moet nogmaals staan waar het bedrijf gevestigd is, en hoe het zit met ruilen, ontbinden en klachten.
  5. Het product moet binnen 30 dagen geleverd worden. Lukt dat niet, dan moet de webwinkel dat melden. De consument mag dan van de overeenkomst af (als hij dat wil).
  6. Bij aflevering moet de webwinkel duidelijk aangeven dat het product binnen zeven werkdagen mag worden teruggestuurd en hoe dat moet. De webwinkel mag alleen de kosten voor het terugsturen in rekening brengen. Wordt dat niet op de juiste manier gemeld, dan heb je drie maanden om het product terug te sturen.
  7. Een vervangend product leveren mag alleen als die mogelijkheid expliciet op de site was gemeld. Bovendien moet de webwinkel dan zelf de kosten van terugsturen betalen.

Ben ik nog regels vergeten?

Arnoud

of lees de 21 reacties

Blawgroll van het Nederlandse internetrecht

Tweet
12 juli 2008, 10:18 | Iusmentis, Internetrecht | 3 reacties

Om een of andere reden lijken Nederlandse advocaten en juristen niet zo happig op bloggen, zelfs niet als ze in hun praktijk gericht zijn op internetrecht. Het aantal Nederlandse juridische weblogs (”blawgs”) is dan ook nogal beperkt. Vandaar dat ik het tijd vond om de juristen die wél bloggen eens in het zonnetje te zetten. Goed voorbeeld doet goed volgen, nietwaar?

Het grootste blog is natuurlijk Volledig bericht, pardon Boek 9. Boek 9 was ooit de naam voor het nooit gekomen deel van het Burgerlijk Wetboek over intellectueel eigendom. Dat is dan ook het onderwerp van deze blog. Dagelijks diverse berichten, voornamelijk besprekingen van vonnissen en af en toe een leuke discussie tussen juristen.

Waarschijnlijk het oudste Nederlanse blawg is dat van Solv. Altijd een actueel overzicht van nieuwsberichten over informatierecht van Nu.nl en Webwereld, en Menno Weij en Douwe Linders leveren zeer goede inhoudelijke bijdragen.

Waarschijnlijk het breedste en in ieder geval het enaoudste is Wieringa Advocaten, met ook regelmatig aandacht over internetrecht.

Advocate Magriet Koedoder blogt over met name muziekauteursrecht, en dat heeft vaak interessante raakvlakken met internetrecht natuurlijk. Een aanrader!

Ook over auteursrecht is het blog van Evert van Gelderen van De Gier Stam. Leuk en persoonlijk geschreven.

Joris van Hoboken blogt over zoekmachines en aanverwant internetrecht.

Veel te weinig bloggen advocaat Bart Beuving en Gerrit-Jan Zwenne. Hoewel Zwenne wel al zijn Powerpoints online zet, en daarbij niet schroomt om sheets zonder bolletjes te gebruiken. Hulde!

Rechtenstudent Stefan Kulk blogt daarentegen sinds enige tijd zeer productief verdienstelijk over internetrecht, technologie en nieuwe media. Voorlopig mag hij de op onze handelsnaam inbreuk makende domeinnaam dan ook houden.

Danny Mekic’ is internetondernemer, student, paralegal en expert in met name domeinnamen. Wie nog samenvattingen van rechtenvakken nodig heeft, vindt ze vast op zijn blog.

Mijn collega Steven Ras blogt de laatste tijd wat minder vaak, maar wist in het verleden een paar keer leuk te scoren met bijvoorbeeld de analyse van de algemene voorwaarden van OTTO toen die onbedoeld hun TV’s voor 99 euro in de aanbieding gooiden.

Je zou verwachten dat hoogleraren die zich bezighouden met informatierecht allemaal dagelijks bloggen. Dat valt helaas een beetje tegen. Een positieve uitzondering is Arno Lodder met Jurel over virtuele werelden

Bij Vrijschrift blogt Wouter van Holst veel te weinig maar wel goed.

Ben ik iemand vergeten?

Arnoud

of lees de 3 reacties

Verven van een tafelblad op afstand

Tweet
11 juli 2008, 8:45 | Contracten | 10 reacties

tafelblad.jpgEen lezer wilde een nieuwe tafel laten maken, en had daarvoor een timmerman uitgezocht. Op basis van een door de lezer aangeleverd tafelblad maakte deze de tafel piekfijn in orde voor slechts 70 euro. Hartstikke mooi, maar toen de vriendin van de lezer belde over de aflevering, informeerde de timmerman tussen neus en lippen door of het ding nog in de olie gezet moest worden. Nou, dat was wel mooi en doet u dat dan maar. Pas na het ophangen bedacht de vriendin dat er eigenlijk niets over de prijs gezegd was. Maar ach, dat zou wel meevallen.

U voelt hem al aankomen, dat viel dus niet mee: 190 euro. Kan de lezer daar wat aan doen?

Omdat de overeenkomst telefonisch gesloten was, is deze een overeenkomst op afstand. De telefoon is immers net als internet een “techniek voor communicatie op afstand” (7:46a BW). En voor overeenkomsten op afstand bepaalt art. 7:46c lid 1 sub c expliciet dat tijdig en vooraf de prijs gemeld moet worden. Dat artikel gaat weliswaar over koop van zaken, maar volgens art. 7:46i lid 1 geldt dit ook bij het sluiten van overeenkomsten voor het verrichten van diensten.

Heel veel levert dat alleen niet op. Het belangrijkste recht van de klant is namelijk dat hij binnen 3 maanden na de dag van het telefoongesprek mag ontbinden als de prijs niet genoemd is. Ten eerste was de dienst op specificatie van de klant verricht. En ten tweede was de dienst al uitgevoerd met instemming van de klant (7:46i lid 5 sub a BW). Daarom mag je niet meer ontbinden.

Andere rechtsmiddelen heb je niet bij schending van de informatieplicht. Ja, tenzij je kunt aantonen dat je schade hebt door dit nalaten, maar die schade zie ik zo niet.

Dan moet je terugvallen op het algemene vermogensrecht. Het is een overeenkomst waarbij geen prijs is overeengekomen. Art. 7:752 lid 1 BW bepaalt dan

Indien de prijs bij het sluiten van de overeenkomst niet is bepaald of slechts een richtprijs is bepaald, is de opdrachtgever een redelijke prijs verschuldigd. Bij de bepaling van de prijs wordt rekening gehouden met de door de aannemer ten tijde van het sluiten van de overeenkomst gewoonlijk bedongen prijzen en met de door hem ter zake van de vermoedelijke prijs gewekte verwachtingen.

Een prijs van 150 euro voor in de olie zetten lijkt mij niet redelijk. Dat is het dubbele van het maken van de tafel zelf, en dat staat dus in geen verhouding. De klant mocht dat dus niet redelijkerwijs verwachten. Daarom zou de prijs moeten worden gereduceerd tot iets dat wel redelijk is, ik zou denken een euro of 40.

Arnoud

of lees de 10 reacties

Wikipedia versus de privacywet (bij Emerce)

Tweet
10 juli 2008, 8:31 | Privacy, Meningsuiting | 5 reacties

EmerceNaar aanleiding van de actie van Patricia Remak schreef ik een column (mijn eerste!) bij Emerce:

De geschiedenis herschrijven valt niet mee, ondervond Winston Smith in de bekende roman 1984. Teksten aanpassen en herdrukken was voor hem flink wat werk. Tegenwoordig gaat dat een stuk makkelijker, zeker als je het hebt over de online encyclopedie Wikipedia.

Lees verder in Columns: Wikipedia versus de privacywet bij Emerce.

Arnoud

of lees de 5 reacties

Akkoord gaan met algemene voorwaarden verplicht?

Tweet
9 juli 2008, 8:07 | Contracten | 11 reacties

Een lezer vroeg zich af:

Op veel sites moet je tegenwoordig zo’n vakje aankruisen waar dan bij staat “Ik ga akkoord met de algemene voorwaarden.” Als je dat niet doet, gaat de koop niet door of mag je je niet registreren of iets dergelijks. Maar je hoeft toch niet expliciet akkoord te gaan met algemene voorwaarden?

Inderdaad, een expliciet akkoord is niet nodig. Algemene voorwaarden zijn van kracht als je voor of bij het sluiten van de overeenkomst wist dat ze bestonden. Je hoeft ze niet gelezen of ondertekend te hebben. De enige eis is dat er een redelijke mogelijkheid is geboden om kennis te nemen van de algemene voorwaarden. Daar zijn precies vier manieren voor.

Bij “gewone” overeenkomsten:

  1. Op papier overhandigd aan de wederpartij.
  2. Als dat niet mogelijk is, dan melden dat ze bij de KVK of de griffie van een rechtbank ter inzage liggen en aanbieden ze meteen op te sturen als de klant daarom vraagt.

Bij elektronische overeenkomsten:

  1. Beschikbaar stellen op een manier dat de wederpartij ze kan opslaan en later nog eens lezen.
  2. Als dat niet mogelijk is, dan bekendmaken waar ze ingezien kunnen worden en aanbieden dat je ze elektronisch of op papier opstuurt als de klant daarom vraagt.

En dat moet dan ook nog eens voor of bij het sluiten van de overeenkomst gebeuren. Niet pas bij de bevestigingsbrief of op de achterkant van de factuur.

Zo’n aankruisvak kan wel praktisch voordeel hebben. Je kunt zo namelijk heel makkelijk bewijzen dat je ze voor het sluiten van de overeenkomst aangeboden hebt. De klant moest immers het vakje aankruisen, anders kon hij de overeenkomst niet sluiten. Hij moet dus het vakje bekeken hebben, en (mag je aannemen) ook de zin bij het vakje waarin hij gewezen werd op de voorwaarden.

Bij elektronische overeenkomsten moeten die voorwaarden dus zo aangeboden worden dat je ze kunt opslaan en later nog eens lezen. Een aparte webpagina of PDF document is een prima oplossing, maar je hebt ook sites die het in een Flash-animatie stoppen. Dat is dus niet goed, je kunt daar de tekst niet eens uit copy&pasten en opslaan in een tekstbestandje. Wie kent er nog meer irritante manieren om algemene voorwaarden aan te bieden?

Arnoud

of lees de 11 reacties

Ubuntu en de ‘dreiging’ van softwarepatenten (bij Livre)

Tweet
8 juli 2008, 8:11 | Open source, Octrooien | 5 reacties

De komende weken brengt Livre een serie artikelen rond Ubuntu, de meestgebruikte Linux-distributie van dit moment. Mark Shuttleworth, de initiatiefnemer van Ubuntu, heeft al meerdere malen aangegeven zich zorgen te maken over patentzaken die worden aangekaart door kleinere patenthouders die niets (meer) te verliezen hebben. Livre vroeg mij of ik dat ook deed, en het antwoord is nee. Daar zet ik zelfs een kratje vrij bier op:

‘Linux schendt honderden patenten van Microsoft’. Met die spierballentaal probeerde Microsoft-topman Steve Ballmer vorig jaar mei weer eens een staaltje FUD (Fear, uncertainty and doubt) de wereld in de helpen. Linux een enge ziekte toewensen hielp niet meer, dus dan maar een enge juridische claim. Nu werd dat getal later bijgesteld: Ballmer was een beetje in de war toen hij het over 235 Microsoft-octrooien had. Hij bedoelde namelijk 235 octrooien van Microsoft en anderen, iets dat vrijesoftwareadvocaat Dan Ravicher in 2004 had geconcludeerd na een diepgaande studie van honderden software-gerelateerde octrooien. Ravicher vond overigens 27 Microsoft-octrooien.

Maar het punt blijft: er zijn tientallen, zo niet honderden octrooien waar een gemiddelde Linux-distributie tegenaan kan lopen. Moeten Linux-distributeurs zich nu zorgen gaan maken? Misschien. Maar niet meer dan elke andere softwaredistributeur.

Lees verder in Ubuntu en de ‘dreiging’ van softwarepatenten bij Livre.

Arnoud

of lees de 5 reacties

‘Europees wetsvoorstel maakt van isp’s politieagenten’

Tweet
7 juli 2008, 8:21 | Auteursrecht, Netneutraliteit | 6 reacties

three-strikes.jpgHelp, de EU gaat een three-strikes beleid invoeren: wie drie keer een auteursrecht schendt op internet, raakt zijn of haar internettoegang kwijt. En dit terwijl dat beleid in april nog afgekeurd was. Die enigszins paniekerige boodschap was de aanleiding voor een uitgebreide PR-campagne (die me doet terugdenken aan het begin van het het software-patentendebat, maar dat terzijde).

Maar waar staat dat? In een voorstel tot hervorming van telecomwetgeving stond één ietwat bevoogdende maar verder relatief onschuldige bepaling:

De lidstaten zien erop toe dat wanneer contracten worden gesloten tussen abonnees en aanbieders van elektronische-communicatiediensten en/of -netwerken, bedoelde abonnees alvorens een contract wordt gesloten en op gezette tijden daarna duidelijk worden geïnformeerd over hun verplichting auteursrechten en verwante rechten in acht te nemen. Onverlet het bepaalde in Richtlijn 2000/31/EG betreffende elektronische handel, omvat dit de verplichting om de abonnees te informeren over de meest gebruikelijke inbreuken en de juridische gevolgen daarvan.

In een voorgesteld amendement wordt dit artikel uitgebreid naar een verplichting voor ISP’s om “distribute public interest information to existing and new subscribers when appropriate”. Waarbij “infringement of copyright and related rights” een onderdeel is van “public interest information.” Ik haal daar nog steeds niet meer uit dan voorlichting, maar je zou het ook kunnen lezen als een verplichting om blafbrieven te sturen bij een gedetecteerde vermeende inbreuk door een klant.

Frankrijk is bezig met een wetsvoorstel voor een three strikes-beleid: bij gedetecteerde inbreuk eerst twee waarschuwingen van je ISP, en daarna afsluiting van je internettoegang gedurende een jaar. Het is niet duidelijk of ISP’s daarbij verplicht zullen worden om actief te monitoren (iets dat niet mag onder de huidige Europese wetgeving) of slechts brieven van instanties als BREIN door moeten geven aan klanten.

Inderdaad, dit voorstel kun je lezen als de eerste van die drie stappen. Maar als het de bedoeling zou zijn om iets dergelijks op Europees niveau te introduceren, zou het dan niet handig zijn als de andere twee stappen er ook in staan?

Update (8 juli): bij Nu.nl maakt Toine Manders zich boos over het mailbombardement door mensen die tegen dit voorstel waren. Manders legt uit:

De verzenders menen dat het parlement een voorstel aanneemt waarbij een provider hen afsluit als ze illegale muziek of een film downloaden. “Klopt niet”, zegt Manders. “Het rapport is er juist op gericht consumenten méér rechten en bescherming te geven, zoals het recht op meer informatie over tarieven en leveringsvoorwaarden.”

Via EDRI.

Arnoud

of lees de 6 reacties

[Powerpoint zondag] Laat dat katheder los

Tweet
6 juli 2008, 9:00 | Presenteren | 4 reacties

Presenteren is een show. Maar shows zijn lastig te geven als je de hele tijd achter je computer moet staan om op het knopje ?Volgende sheet? te moeten drukken. Gebruik daarom een presenter zodat je vrij rond kunt lopen. Deze handige apparaatjes passen precies in je hand en hebben losse knopjes voor ?volgende sheet?, ?vorige sheet? en vaak ook een laserpointer. Ze werken draadloos via een ontvanger die je gewoon in de USB-poort van je laptop steekt.

Presenters zijn er in vele soorten en maten. Mijn persoonlijke favoriet is de Atek Tote presenter. Deze is klein, ligt goed in de hand en heeft een wieltje aan de zijkant waarmee je door de presentatie navigeert. De meeste andere presenters hebben hier knopjes voor, wat het nadeel heeft dat je je vinger moet verplaatsen als je een andere knop wilt indrukken. Dat maakt het allemaal net iets minder intu�tief.

De Atek Tote presenter

Drie andere populaire modellen zijn de Libra, Labtec en Keyspan presenters:

Het belangrijkste is om een apparaat te kiezen dat voor jou intu�tief werkt. Door je presentatie lopen moet zo glad mogelijk gaan.

Er zijn er ook met veel meer knopjes, zoals de Targus wireless multimedia presenter:

Ze doen me altijd denken aan de afstandsbediening van mijn televisie. Zo?n groot ding springt in het oog bij je publiek, en dat is nu net niet de bedoeling. Bovendien is bij zo veel knopjes de kans groot dat je op het verkeerde knopje drukt. En dat is wel het laatste wat je wilt middenin je presentatie.

Naast een draadloze presenter heb je natuurlijk ook een draadloze microfoon nodig als je rond wilt lopen. Probeer als het even kan een clip-on microfoon te regelen. Anders sta je met je presenter in je ene hand, en een microfoon in je andere hand, en dat is niet handig als je handgebaren wilt maken.

Bovendien krijg ik bij zo?n draagbare microfoon altijd het idee dat het publiek me voor Frans Bauer zal aanzien.

Arnoud

of lees de 4 reacties

Inzage krijgen in camera-opnames

Tweet
5 juli 2008, 8:38 | Privacy, Beveiliging | 3 reacties

Vorige week zondag berichtte ik over een videoclip per beveiligingscamera, die op basis van de (Engelse) Wet Bescherming Persoonsgegevens tot stand zou zijn gekomen. Dat bleek een publiciteitsstunt, maar zou het werkelijk kunnen, vroeg een lezer me. Jazeker. Maar hoe krijg je dat de beveiligingsmensen uitgelegd?

Het CBP bevestigt in haar Informatieblad Als u mensen filmt dat het recht op inzage (en correctie) ook geldt voor beelden waar mensen herkenbaar opstaan. Men beveelt aan:

Leg in een procedure of protocol vast hoe iemand inzage kan krijgen in de gegevens die over hem of haar in het systeem zitten en hoe wordt omgegaan met de overige rechten van de betrokkene.

Je hoeft geen specifieke reden op te geven om inzage te krijgen. Wel moeten de beelden natuurlijk opgeslagen zijn. Vaak wordt met een analoge camera op afstand toezicht gehouden maar wordt er niets opgenomen. Je kunt niet eisen dat men dit gaat opnemen zodat je er een kopie van kunt krijgen.

Uit artikel 38 Vrijstellingsbesluit (uitgewerkt in een handreiking) blijkt wel dat beelden na 24 uur moeten worden verwijderd of vernietigd. Een verzoek om inzage zal in veel gevallen dus al daarop af moeten ketsen, want gegevens die je niet meer hebt, hoef je niet af te geven.

Langer bewaren mag alleen als het gaat om beelden waar een “incident” op te zien is, omdat de beelden dan nuttig kunnen zijn als bewijs. De gefilmde personen die betrokken zijn bij het incident, kunnen dan kopieën van de beelden opeisen. Dat moet geen probleem zijn, want de beelden zijn bekend en liggen klaar. Wie cameraopnamen in het algemeen langer wil bewaren, moet zijn verwerking trouwens ook aanmelden bij het CBP.

De Hoge Raad oordeelde in 2007 dat de Dexia-bank transcripties van opgenomen telefoongesprekken met klanten moest maken en verstrekken aan die klanten. Meer over die zaak in De WBP na de Dexia-uitspraken. En als geluidsopnamen onder de Wbp vallen, waarom video-opnamen dan niet?

Wel is het inzagerecht beperkt tot beelden waar je zelf opstaat. Je kunt dus niet zomaar alle camerabeelden van een bepaalde dag opvragen omdat je daar misschien opstaat. En als er andere mensen herkenbaar op staan, zal de verantwoordelijke deze onherkenbaar moeten maken.

Een punt is natuurlijk wel dat de betreffende beelden een stuk moeilijker terug te vinden zullen zijn. De opnames van telefoongesprekken met klant X zijn waarschijnlijk wel voorzien van de aanduiding “klant X”, maar bij camerabeelden zit zelden een tag met de personen die erop te zien zijn.

Het bedrijf heeft dan het recht om te eisen dat het verzoek wordt gepreciseerd: op welke tijdstippen was u op welke locaties, en wat voor jas had u aan? Alleen met dat soort informatie kan men de juiste opnamen lokaliseren en daaruit de betreffende beelden selecteren.

Natuurlijk is dat veel werk voor het bedrijf, maar dat speelde ook in de Dexia-zaak en daar zei de Hoge Raad over:

Waar het om gaat is of door de inwilliging van het enkele verzoek van [verweerder] de administratieve lasten zodanig disproportioneel zijn dat Dexia in een van haar rechten en vrijheden wordt aangetast of dreigt te worden aangetast Daarbij geldt dat Dexia per persoonsgegeven en per document aannemelijk zal moeten maken dat dit het geval is, aangezien art. 43 Wbp slechts de mogelijkheid biedt om art. 35 Wbp buiten toepassing te laten voor zover dit noodzakelijk is in het belang van de in art. 43 Wbp genoemde gronden.

En dat gaat alleen in uitzonderlijke gevallen op, waarbij het bedrijf ook nog eens zal moeten bewijzen dat het werkelijk onhaalbaar is voor hen om aan een individueel verzoek te voldoen. Een algemeen “dat is te veel werk” of “dat is een aantasting van de beveiliging” is niet voldoende.

Je kunt natuurlijk ook een petje en zonnebril opzetten om herkenning te voorkomen.

Hoe veel beveiligingscamera’s hangen er eigenlijk in Nederland, is daar iets over bekend?

Arnoud

of lees de 3 reacties
« Vorige PaginaVolgende Pagina »
De wet op internet Koop het boek Software: Deskundig en praktisch juridisch advies
Of een van de andere boeken over internetrecht!

Auteur: Arnoud Engelfriet - Licentie: Creative Commons BY-SA 2.5 - Disclaimer - Powered by WordPress