“Welkom bij merknaam”-sites

7 september 2010, 8:47 | Domeinnamen, Merken | 16 reacties

grohe-topkranen-merk-domeinnaam.pngHet blijft oppassen met domeinnamen met merknamen erin. Het kan in principe, maar merkhouders vinden het niet leuk en slepen je zonder pardon voor de rechter als je ook maar 1 millimeter over de grens gaat. (Ook wel als je evident niet over de grens gaat, maar dat is een ergernis voor een andere keer.) En mijn ervaring is dat merkhouders zelden iets leuk vinden.

Het wordt bijzonder spannend bij domeinnamen met een merk erin. Maar al te vaak zie ik mensen die een website opzetten gericht op een merk, een lekker scorende domeinnaam met de merknaam er in registreren en die domeinnaam ook nog eens als websitenaam opvoeren. Ik noem ze “Welkom bij merknaam”-sites, want vrijwel altijd hebben ze “Welkom bij ” plus de domeinnaam-met-merknaam in de titel staan.

In een recente rechtszaak over grohekranenshop.nl bleek hoe de rechter daarmee omging. Op die site werden douches en kranen van (alleen) Grohe verkocht. Nu mag dat op zich. Je mag een single-brand store exploiteren, en daarbij ook de merknaam gebruiken. Je moet immers kunnen melden dat je bepaalde producten verkoopt. Je mag daarbij alleen geen enkele kans op verwarring scheppen over jouw relatie tot de merkhouder. “Henk de Boer, uw BMW-specialist” is een prima titel voor je website, maar “Welkom bij BMW De Boer” is dat niet.

Voor merknamen in webadressen (URLs) geldt hetzelfde. En hoe prominenter de merknaam daarin komt te staan, hoe groter de kans op verwarring. Bij de merknaam in de domeinnaam zelf (zoals hier: grohekranenshop.nl) is er al héél snel kans op verwarring. Enigszins kort door de bocht houdt de rechter het hier bij:

Daartoe is bepaald niet nodig dat in de domeinnaam het dominerende element “grohe” wordt opgenomen

Het lijkt mij op zich best te verdedigen dat je een merknaam als onderdeel van je domeinnaam maakt. Maar je zult wel heel hard je best moeten doen om dan iedere kans op verwarring weg te nemen. Een bekend voorbeeld van hoe het wél moet, was de Yonex-zaak uit 2008. Daarin werd de domeinnaam www.yonexbadminton.nl legaal geacht voor een webwinkel met Yonex-badmintonproducten. Volgens de rechter in deze zaak ligt het hier wezenlijk anders:

yonexbadminton.nl leidde naar de website van de onderneming, Belgro (www.belgro.nl) , die niet – zoals in het geval van grohekranenshop.nl – yonexbadminton.nl werd genoemd, maar Belgro als handelsnaam had.

En dat is dus precies wat al die “welkom bij merknaam”-sites doen. Er is geen bedrijfsnaam prominent in beeld, en dan zal de gemiddelde consument concluderen dat dit dus een site van de merkhouder zelf is. En nee, een disclaimer onderaan verandert daar niets aan. Dus: de eigen bedrijfsnaam prominent bovenaan, en de merknaam alleen noemen in beschrijvende teksten die aangeven wat je verkoopt. En weg met “Welkom bij merknaam” in de <title> en headings.

Arnoud

of lees de 16 reacties

Welke verwachtingen gelden er voor een showmodel?

6 september 2010, 8:09 | Webwinkels | 25 reacties

apple-imac-g5-showmodel.jpgEen lezer vroeg me:

Recent heb ik een Apple iMac G5 gekocht. Dit was een showmodel, dus de prijs was een stuk lager. Maar helaas ging hij na 3 maanden stuk. Toen ik hem wilde laten repareren, werd me gemeld dat de kosten voor mijn rekening zouden komen omdat showmodellen buiten de garantie vallen. Klopt dat?

Garanties zijn vrijwillige toezeggingen van een winkel of fabrikant, en het is goed mogelijk dat ze die niet willen doen voor showmodellen. Die zijn immers al een tijdje in de winkel in gebruik geweest, en het is onmogelijk om te zeggen wat daarmee is gebeurd.

Dat wil niet zeggen dat je dus geen rechten hebt. Een product dat je koopt, moet aan de redelijke verwachtingen voldoen. Dat wil niet zeggen dat elk product perfect moet werken, want het is niet altijd redelijk om te verwachten dat een product perfect werkt. Zo zal een auto die je bij de sloop haalt voor 50 euro, vast niet rijden. Een splinternieuw model bij de dealer moet echt probleemloos rijden.

De vraag is dus: wat mag je verwachten bij een showmodel? Je moet weten dat deze al gebruikt is, en dus krasjes of andere slijtageverschijnselen kan hebben. Zo zou het laatje van de CD-speler wel eens wat losser kunnen zitten omdat iedereen dat gaat testen in de winkel. (Het equivalent van tegen de banden schoppen bij een auto.)

Dat een showmodel na drie maanden stuk gaat, lijkt me echter niet de bedoeling. Een computer moet 2 tot 3 jaar meegaan, dus dat zou betekenen dat deze computer al dik twee jaar geshowd zou worden. Dat vind ik moeilijk om te geloven.

Of zouden die showmodellen zo zwaar mishandeld worden dat ze het maar zes maanden uithouden? Wat doen mensen dan met zo’n computer in de winkel?

Arnoud

of lees de 25 reacties

Blogdialoog: Laat de maatschappij beslissen (Toekomst van auteursrecht)

4 september 2010, 8:05 | Auteursrecht | 96 reacties

anno-1912-steen-huis.jpgAuteursrechtenblog Futureofcopyright en ik gaan de komende tijd in dialoog over de toekomst van het auteursrecht. Elke zaterdag vind je hier of bij Future of Copyright een nieuwe post in de serie. We reageren op elkaars stellingen en hopen met een inhoudelijke discussie verder te komen in complexe auteursrechtelijke vraagstukken.

“De maker beslist”. Dat is volgens Future of Copyright het uitgangspunt van het auteursrecht. En het klinkt zo logisch: wie bloed, zweet, tranen of venture capital investeert in de totstandkoming van een werk, mag toch zeker wel beslissen wat hij daarmee doet? Dat werkt voor alle eigendommen zo, van huizen tot de zaterdagse boodschappen. Dus waarom niet voor auteursrecht?

Simpel: auteursrecht is geen eigendomsrecht. Hoewel het vaak “intellectueel eigendom” genoemd wordt, is die term nogal misleidend. Eigendomsrecht is ingevoerd om het mijn en dijn te kunnen reguleren. Auteursrecht is om een heel andere reden ingevoerd, namelijk om te stimuleren dat er creatieve werken worden gemaakt en op de markt worden gebracht. Die stimulans werd gezocht in de wortel van het exclusieve recht: als jij nou je verhaal als boek uitgeeft, dan mag je iedereen aanklagen die zonder jouw toestemming dat boek kopieert. Zo kun je als auteur geld vragen voor dat kopiëren, en daarmee inkomsten verwerven.

Het elegante van dit systeem is dat het geen kwaliteitstoets nodig heeft, in tegenstelling tot systemen waarbij de overheid subsidie geeft aan bepaalde kunstenaars (wie kies je? welke werken koop je aan?) of waarbij je als maker een mecenas moet zoeken die je werk hopelijk leuk genoeg geeft. Met het auteursrecht in deze vorm beslist de markt. Als veel mensen je werk kopen, dan verdien je veel geld. Maak je werk waar niemand op zit te wachten, dan krijg je geen inkomsten en dan moet je maar wat anders gaan doen. Zo ontstaat er een markt voor werken waar iedere auteur/maker zich op kan begeven en via zijn auteursrecht kan proberen zijn of haar boterham te verdienen.

Het nadeel van dit systeem is echter dat er niet geregeld is hoe die werken op de markt komen. Dat lijkt een trivialiteit: natuurlijk komt een verhaal in boekvorm of als feuilleton in een tijdschrift, dat hoef je niet op te schrijven. En als er een nieuw nuttig medium komt, dan zal die auteur natuurlijk zijn werk daarvoor uitbrengen. Hij wil toch geld verdienen?

Maar nee, de industrie gaat “niet altijd even enthousiast met nieuwe technologieën” om, zoals FOC het noemt. Dat is bepaald een understatement. Elke nieuwe innovatie op distributiegebied, van de pianola tot de grammofoonplaat, de bioscoop, de audio- en videocassette tot bittorrent, werd verketterd als mechanisme voor piraterij. Van de grammofoonplaat zouden we onze stembanden verliezen, de videorecorder was een sluipmoordenaar op het auteursrecht, betaaltelevisie een monster. Pas na héél veel geduw en getrek wilde daar nog wel eens verandering in komen. Maar eigenlijk altijd was daar wel een wetswijziging voor nodig, die bv. verplichte licenties instelde of een toeslag op lege opslagmedia invoerde. Op Buma/Stemra/Sena valt veel aan te merken, maar ze hebben wel een markt op gang geholpen die voordien flink vast zat.

Bij de digitale omgeving ziet het er echter niet naar uit dat die wetswijzigingen er gaan komen. Dankzij steeds sterkere auteurswetgeving kunnen nieuwe businessmodellen en innovaties de nek om worden gedraaid voordat ze zich in de praktijk hebben kunnen bewijzen. Zo is het onmogelijk de politiek te laten zien dat die modellen waardevol zijn voor de maatschappij en dus óók bescherming verdienen.

Elektronische distributie van en toegang tot content is een groot goed, dat snel van de grond moet komen. Nieuwe modellen en technieken op dat gebied verdienen stimulans, geen ex parte verbod. Natuurlijk zitten er ook malafide groepjes tussen (de Pirate Bay-jongens zijn niet serieus te nemen), maar Kazaa en eerder Napster hebben het geprobeerd te regelen en kwamen nergens. Het feit dat we anno 2010 als enige legale voorbeelden iTunes en Spotify kunnen noemen, is eigenlijk een schande.

De samenleving heeft wensen, behoeften en rechten die voldaan en beschermd moeten worden, zoals Maarten Goudsmit het formuleerde. In het bijzonder is er nu een maatschappelijke wens om content in digitale vorm on-demand af te nemen. Niet “het product tv-avond” - gewoon, de film of serie die je wilt, wanneer je wilt. Er zijn nu genoeg kanalen die voorzien in die behoefte, maar die heten dan piraten en moeten keihard besteden worden. Een werkend alternatief lijkt nog ver weg.

Nieuwe businessmodellen en daarmee een wérkende markt zijn inderdaad essentieel. Maar waarom daar een signaal in de vorm van een downloadverbod voor moet worden afgegeven, begrijp ik niet. Als ik kijk naar wie er daadwerkelijk content naar de mensen brengt, en wie er dwars ligt, dan lijkt me een licentieplicht voor de contenteigenaren meer voor de hand te liggen. Napster, Mininova en Kazaa weten hoe je het publiek bereikt. Geef hen, en andere slimme jongens met nieuwe modellen, de ruimte om dat te doen, en geef de rechthebbenden geen kans om dat tegen te houden.

Dat betekent niet dat alles dus maar gratis en vrij moet worden. Het gaat me nu even om het verbodsrecht, dat centraal staat in de Auteurswet. Dat moet anders: minder macht bij de auteur en meer macht bij de distributeur en de maatschappij. Laat de maatschappij beslissen hoe zij content wil afnemen, en zorg dat de auteurs daarvoor een billijke vergoeding krijgen.

Arnoud
(Met dank aan Daniël Mantione, MathFox en mijn andere commenters voor hun waardevolle reacties en discussie bij deel 1).

of lees de 96 reacties

Kan ik ontkennen een abonnement te hebben gesloten?

3 september 2010, 8:53 | Contracten | 13 reacties

Een lezer vroeg me:

Ik had een proefabonnement op een site genomen. Dat blijkt nu volgens hen ineens omgezet te zijn in een jaarabonnement, en ik krijg nu een factuur van een paar honderd euro. Volgens mij stond dat niet in de voorwaarden, maar zij zeggen nu van wel. Kan ik er onderuit als ik zeg dat ze eerst maar moeten bewijzen dat ík het wel was die dat abonnement heeft gesloten? Ik heb immers niks getekend, ze hebben alleen een IP-adres van iemand die mijn adres heeft ingevuld.

Bij proefabonnementen is altijd de vraag of ze “zomaar” omgezet kunnen worden in gewone abonnementen. Volgens mij impliceert de term “proef” dat je het uitprobeert en daarna moet zeggen dat je door wilt. Maar er is geen wettelijke regel die verbiedt dat een proefabonnement automatisch wordt omgezet in een “echt” abonnement, zolang dat maar in de voorwaarden staat die bij het proefabonnement zijn aangeboden.

Ik heb grote moeite met nu ineens gaan roepen dat je het niet was, om zo onder een abonnement uit te komen. Het is immers feitelijk onjuist: je was het wel. Gaan liegen over een contract lijkt me niet kies, en afhankelijk van het bewijs dat het bedrijf heeft, kun je jezelf grote problemen op de hals halen.

Bewijs kan bijvoorbeeld zijn dat je al hebt gemaild dat je het oneens bent met de omzetting omdat het volgens jou niet in de voorwaarden staat. Eerst protesteren tegen de omzetting en dan zeggen dat je helemaal geen contract hebt gesloten, is op zijn zachtst gezegd onlogisch.

Arnoud

of lees de 13 reacties

Koninklijke Bibliotheek neemt technische maatregelen tegen haatzaai-beschuldiging

2 september 2010, 8:11 | Meningsuiting | 12 reacties

volk-en-vaderland-eerste-editie-meningsuiting-haatzaaien-koninklijke-bibliotheek-hirsch-ballin.pngDe Koninklijke Bibliotheek heeft het Ministerie van Justitie toegezegd ‘technische voorzieningen’ te treffen om te voorkomen dat via het internet beschikbare nazi-stukken worden misbruikt. Dat meldde Tweakers gisteren. De “nazi-stukken” zijn digitale reproducties van publicaties als NSB-krant Volk en Vaderland, het weekblad Storm en het antisemitische De Misthoorn. Het Ministerie van Justitie had eerder aangegeven dat publicatie daarvan strafbaar zou zijn.

Het gaat hier om publicaties die mogelijk in strijd zijn met artikel 137e Strafrecht. Dat spreekt van het “openbaar maken” of “doen toekomen” van uitlatingen die beledigend zijn of aanzetten tot haat. De uitlatingen in die nazikranten lijkt me op zich zonder twijfel haatzaaiend en dus strafbaar. Net zoals Mein Kampf, dat door de Hoge Raad bij arrest van 12 mei 1987 verboden werd om die reden. (Het verhaal dat publicatie niet mag vanwege auteursrechten lijkt dus apocrief te zijn.)

De uitzondering op de strafbaarheid is als dat “ten behoeve van zakelijke berichtgeving” gebeurt. Het lijkt me niet meer dan logisch dat de KB aan zakelijke berichtgeving doet. (Hoe het ministerie kan denken dat de KB opzet op haatzaaien heeft, is me een volslagen raadsel.)

In antwoord op Kamervragen hierover legt de minister nu ineens de schuld bij het Openbaar Ministerie (”Ik kan daar in algemene zin geen uitspraken over doen.”), om vervolgens aan te geven dat hij toch zelf in overleg gaat met de KB over hoe deze de publicatie legaal kan opzetten.

De Koninklijke Bibliotheek heeft daarbij toegezegd om technische voorzieningen in te voeren om misbruik van discriminerende teksten te voorkomen en ongebreidelde digitale verspreiding tegen te gaan. Het is nog niet duidelijk wat dat inhoudt, maar downloadbare PDF’s van integrale kranten zullen er in ieder geval niet komen. Het idee daarachter is denk ik dat als je het moeilijk maakt om de content “los” van je eigen context te presenteren, je niet medeplichtig kunt zijn aan verspreiding in haatzaaiende context. Dat lijkt me wat gezocht, en ik vind het dan ook jammer dat gebruiksgemak zal worden opgeofferd om te voorkomen dat ze op Stormfront juichend PDF’s gaan publiceren van cartoons uit Der Stürmer.

Update: (16 september) dat ziet er dus zo uit, een tekst dat de inhoud van de kranten mogelijk strafbaar is en een aanvinkvakje dat je dat gelezen hebt. Tsja.

Arnoud
Afbeelding: Wikimedia Commons. Disclaimer: ik sta niet achter de inhoud van de getoonde krant maar toon deze slechts als onderdeel van zakelijke berichtgeving.

of lees de 12 reacties

Juridische zucht: de gebruiksvoorwaarden Coca-Cola Regular®

1 september 2010, 8:53 | Grappig | 11 reacties

coca-cola-tractor-fail.jpgHet blijft lachen met gebruiksvoorwaarden van websites. Een lezer wees me op de gebruiksvoorwaarden Coca-Cola Regular® (inderdaad met ®), met deze prachtige opmerking:

coca-cola-licentieren-geen-nederlands.png

Volgens mij is licentiëren prima Nederlands, hoewel het niet in de Van Dale of het Groene Boekje staat. Maar eh, lézen voordat je zo’n tekst online zet is toch niet zo veel gevraagd?

Van de rest van de gebruiksvoorwaarden krijg ik ook kromme tenen, bijvoorbeeld van zinnen als:

De gebruiker weze gewaarschuwd dat The Coca-Cola Company zijn intellectuele eigendomsrechten op agressieve wijze en met inzet van alle rechtsmiddelen zal doen naleven, met inbegrip van strafrechtelijke vervolging.

of de regeling rond hergebruik, die neerkomt op “u mag niets gebruiken behalve wat onder ‘Pers’ staat, en dat mag u niet gebruiken”:

met uitzondering van de afbeeldingen van mensen of plaatsen die niet zijn opgenomen in de rubriek “Pers” van de site mag u de inhoud alleen downloaden voor niet-commercieel, persoonlijk gebruik en op voorwaarde dat u ook alle copyright- en andere eigendomsvermeldingen overneemt;
de inhoud van de rubriek “Pers” van de site mag niet worden gereproduceerd;

Wie kan me uitleggen wat hier staat en wat ik mag met de inhoud van deze site?

Ik zou ze graag aansprakelijk stellen voor mijn hoofdpijn op dit moment, maar helaas:

Aanvullend en onder verwijzing naar de aanwezigheid van discussies, chatsessies, berichten, verzendingen, bulletin-boards en dergelijke op de site wijst de onderneming alle aansprakelijkheid af voor, of voortvloeiend uit, verboden, dreigend, bedrieglijk, misleidend, grof, intimiderend, lasterlijk, schandelijk, vulgair, obsceen, schandaliserend, opruiend, pornografisch of profaan materiaal of ander materiaal dat kan worden beschouwd als strafrechtelijk of aansporend tot strafrechtelijk vergrijp, aanleiding kan geven tot het inroepen van de burgerlijke aansprakelijkheid of op een andere manier een inbreuk op enige wet kan vormen op een van de rubrieken van de site.

Ik begin me nu wel af te vragen wat voor rare content ik op die site ga aantreffen als het nodig is om zó expliciet alle vormen van viezigheid op te sommen. Zucht.

Arnoud
Foto: Coca-Cola’s Funniest Fails.

of lees de 11 reacties
« Vorige Pagina
De wet op internet Koop het boek Software: Deskundig en praktisch juridisch advies
Of een van de andere boeken over internetrecht!

Auteur: Arnoud Engelfriet - Licentie: Creative Commons BY-SA 2.5 - Disclaimer - Powered by WordPress