Zweedse provider zet VPN in tegen bewaarplicht

31 januari 2011, 8:16 | Privacy | 9 reacties

vpn-private-network-tunnel-bewaarplicht.pngDe Zweedse isp Bahnhof gaat het internetverkeer van alle klanten leiden over een vpn-verbinding, meldde Tweakers afgelopen vrijdag. Door het netwerkverkeer over zo’n versleutelde verbinding te leiden kan de provider niet meer zien wat voor sites en diensten klanten gebruiken, zodat ze die informatie ook niet kan doorgeven aan de overheid in het kader van de Zweedse bewaarplicht (dataretentie).

In Zweden lopen ze kennelijk een beetje achter, want de Richtlijn dataretentie is uit 2006 en had dus volgens mij allang in de Zweedse wet moeten staan. (En in andere landen is hier en daar al geoordeeld dat de bewaarplicht ongrondwettig is.) In ieder geval, in Zweden geldt dus nu ook een Wet bewaarplicht op grond waarvan providers bepaalde informatie moeten bewaren over hun klanten, zoals de MAC- en IP-adressen van klanten, de logon- en logoff-tijden van elke internetsessie en de mailadressen van alle mails die via de provider worden verzonden of ontvangen. Niet verplicht is het bijhouden van elke website die wordt bezocht.

De Richtlijn bewaarplicht verplicht echter niet tot het actief genereren van die informatie. De eis is dat je bewaart wat je verzamelt, meer niet. Artikel 3 van de Richtlijn zegt expliciet:

[De wet bewaarplicht eist dat] gegevens, voorzover deze in het kader van de aanbieding van de bedoelde communicatiediensten worden gegenereerd of verwerkt … worden bewaard overeenkomstig de bepalingen van deze richtlijn

Wie dus die gegevens niet nodig meent te hebben als provider, logt die gegevens simpelweg niet en hoeft ze dan ook niet te bewaren.

Wat echter de meerwaarde is van zo’n VPN, ontgaat me volledig. Ten eerste omdat je dus niet hoeft bij te houden welke websites men bezoekt, dus waarom zou je dat dan afschermen? Ten tweede omdat ik gewoon niet snap hoe dat VPN gaat werken. Bij Torrentfreak lees ik:

“Technically, this is a stealth section, we will store all data up to this point of invisibility,” adds Karlung, referring to the first-hop connection the customer makes with the company’s servers when going online.
“What happens after that is not our responsibility and is outside Bahnhof. So the only thing we are going to store is very little information, which in practice will be irrelevant.”

Als ik dit goed begrijp, dan gaat de VPN-verbinding dus vanaf mijn thuisnetwerk naar de eerste hop bij Bahnhof. Vanaf daar gaat het onversleuteld verder. Maar dan kan de provider toch nog steeds zien welke klant (die is en blijft identificeerbaar via de inkomende poort) naar welke website gaat?

Volgens mij kan dit alleen werken als het VPN-eindpunt buiten het netwerk van Bahnhof staat. Zouden ze dat bedoelen met “outside Bahnhof”? Maar bij welke dienstverlener wordt dan het eindpunt van de verbinding gelegd?

Arnoud

of lees de 9 reacties

Wanneer mag je een RSS-feed herpubliceren?

28 januari 2011, 8:13 | Auteursrecht | 29 reacties

Veel lezers vragen me:

Graag wil ik RSS-feeds van diverse bronnen bij elkaar brengen en daarmee een eigen site vullen. Maar hoe veel mag ik overnemen uit die feeds? Maakt het uit of de feed full-text is of dat men alleen kleine stukjes (partial feed) aanlevert?

De inhoud van een RSS-feed is vrijwel altijd auteursrechtelijk beschermd. Herpubliceren van die inhoud vereist dus toestemming van de auteur daarvan. Het feit dat men volledige artikelen in de feed heeft staan, verandert daar niets aan: dat impliceert nog geen toestemming tot overnemen op je eigen site.

Herpubliceren van korte stukjes uit een feed zou in principe wel moeten kunnen op grond van het citaatrecht. Op die manier kun je aankondigen wat er op de site te lezen is. Wel moet je dan natuurlijk een bronvermelding (”Lees meer bij Nu.nl”) doen, en duidelijk maken dát je iets aankondigt dat elders staat. Ik zou het houden bij de titel plus een paar regels uit elk artikel.

Ik zie dit vaak fout gaan bij de bronvermelding. Die wordt vaak niet expliciet toegevoegd, en dat is auteursrechtelijk echt een probleem. Sterker nog, veel blogplugins waarmee je RSS-feeds automatisch kunt herpubliceren, zetten er bij “Auteur: admin” of de naam van de blogeigenaar, en niet de werkelijke bron. Dat is natuurlijk gewoon keihard fout.

De waarde van zo’n site met bijeen geplukte content en verwijzingen lijkt me niet zo groot. Natuurlijk, een paar Adsense-centjes zijn altijd leuk maar heeft dit nu werkelijk praktisch nut voor iemand? En wanneer gaat Google zulke sites bannen vanweg ete weinig eigen originele content?

Arnoud

of lees de 29 reacties

Nieuwste OV-chipkraak maakt zwartrijder onzichtbaar

27 januari 2011, 8:09 | Innovatie, Beveiliging | 45 reacties

ov-chipkaart-kraak-perfecte-misdaad.jpgHet is mogelijk te frauderen met de OV-chipkaart zonder gebruik te maken van de poortjes. Daardoor valt het misbruik niet meer te detecteren in de centrale systemen. Dat meldde Webwereld gisteren op basis van Brenno de Winter’s geweldige onderzoeksjournalistiek over de OV-faalkaart. Bij het NOS-journaal mocht ik zeggen dat dit “de perfecte misdaad” is: wel strafbaar maar niets aan te doen.

Hopelijk is dit het laatste hoofdstuk in de langlopende soap rond de OV-chipkaart. Al jaren is bekend dat de kaart grote technische zwakheden vertoont, maar tot nu toe werden die steeds afgedaan als “theoretisch” of “alleen voor übernerds”. Nu is er een Windowsapplicatie waarmee ook mijn vader gratis zou kunnen reizen.

Niet dat hij dat moet gaan doen, want het is en blijft strafbaar. In december werd nog een man veroordeeld wegens computervredebreuk (wtf?) omdat hij zijn OV-chipkaart illegaal had opgewaardeerd en daarmee was gaan reizen. Een kaart faken of zelf opladen valt onder het “valselijk opmaken van een betaalkaart” (art. 232 Strafrecht).

Op zich snap ik dus dat TLS na bekend worden van deze hack aangifte heeft gedaan. Alleen: ik mag hopen dat het OM die allemaal in het halfronde archief stopt, pardon via politiesepot afdoet zodra de woordvoerder weer naar buiten is. De strafwet is bedoeld voor die gevallen waarin je goed beveiligde kaart ondanks al je inspanningen toch vervalst werd. Niet als compensatie voor implementatiefalen van de leverancier.

Wie zijn huis totaal niet beveiligt, mag niet verwachten dat de politie veel doet om diefstal van zijn spullen op te lossen. Evenzo zie ik niet waarom TLS nu mag verwachten dat de politie het probleem van hun rammelende beveiliging gaat oplossen.

En nee, ik reis niet zwart maar keurig met (papieren) kaartjes.

Arnoud

of lees de 45 reacties

Is een mail in de spambox ‘ontvangen’?

26 januari 2011, 8:11 | Aansprakelijkheid | 31 reacties

aanbesteding-tender-hahaha.pngEen lezer vroeg me:

Recent heeft mijn bedrijf ingeschreven op een aanbesteding bij een gemeente. Wij kregen daar geen reactie op en besloten na enkele weken eens te gaan bellen. Als reactie kregen we toen eerst dat onze mail niet ontvangen was, en een paar dagen later werden we alsnog gebeld: onze mail was in de spambox terecht gekomen en daar nu pas aangetroffen. Ondanks onze protesten werden we uitgesloten van de aanbesteding omdat de mail niet op tijd was ontvangen en de termijn inmiddels verstreken was. Kan dat zomaar?

Ik denk dat de gemeente zeker wel geacht moet worden de inschrijving tijdig te hebben ontvangen. Hoofdregel uit de wet is dat als het bericht is afgeleverd bij de plek die jij hebt aangewezen, jij geacht wordt de inhoud te kennen. Even plat gezegd: als jouw hond achter je brievenbus ligt en alles opeet dat binnenkomt, dan is dat jouw risico en niet dat van de verzender. Dat geldt voor gemeenten net zo goed als voor burgers.

(Het doet denken aan een discussie uit 2009 over de bewijslast bij ontvangst van e-mail.)

Bij heel korte termijnen zou je nog enige verantwoordelijkheid kunnen leggen bij de aannemer. Zie bv. deze zaak waarin een partij verplicht was een domeinnaam over te dragen. Hij had het formulier gemaild maar niet nagebeld of dat was aangekomen. De andere partij had de mail niet gehad, en daardoor ontstond een discussie over gemiste termijnen en verbeurde dwangsommen.

Onder die omstandigheden kon [eiser ] er niet mee volstaan het formulier per e-mail aan [de andere partij] toe te sturen zonder rekening te houden met de mogelijkheid dat het bericht door wat voor oorzaak ook niet was aangekomen of in het ongerede was geraakt. [eiser ] had zich tijdig ervan moeten vergewissen dat het formulier in goede orde door [de andere partij] was ontvangen en van de inhoud kennis was genomen.

Dit is echter een bijzonder geval, vanwege de korte termijn en het grote belang bij deze mail. Ik denk dat je in normale gevallen niet zomaar mag verwachten dat men wel nabelt.

Een andere uitzondering lijkt me als de leverancier zelf iets gedaan had dat de virusscanner of het spamfilter had getriggerd. Als er bijvoorbeeld een virus bij de mail zou hebben gezeten, dan is het logisch dat de mail in quarantaine gaat. En ik zou het kunnen billijken als de inschrijving daardoor wordt gediskwalificeerd. Bij Europese octrooiaanvragen wordt een mail met virus trouwens expliciet gediskwalificeerd en niet als ingediende aanvraag behandeld.

Arnoud

of lees de 31 reacties

Het Volkskrantblog gaat sluiten, mag dat?

25 januari 2011, 8:08 | Meningsuiting, Netneutraliteit | 64 reacties

Een tijdje geleden werd bekend dat het VKBlog, de gratis blogdienst van de Volkskrant zou gaan stoppen. Per 1 maart wordt de dienst opgeheven en zal alle inhoud van alle VKBloggers worden verwijderd. Dat gaf grote onrust bij de bloggers, en dit leidde onder meer tot deze discussie waarin ik werd Genoemd:

Ik ben bezig mij te orienteren omtrent de juridische mogelijkheden om de dreigende opheffing(per 1 maart as) van het VKblog (Volkskrant)aan te vechten. Ik zelf denk daarbij met name aan een beroep op grond van auteursrechtelijke criteria die mijns inziens voldoende juridisch valide zouden moeten zijn, om in eerste instantie opheffing zonder meer door de Volkskrant in elk geval te voorkomen(kort geding). Op termijn zou een eventuele doorstart tot de mogelijkheden gaan behoren.

Omdat de vraag aan mij publiek gesteld werd, voel ik me vrij om ook publiek te reageren.

Een kort geding lijkt mij kansloos. Er is geen rechtsregel die een bedrijf verplicht een dienst aan te bieden wanneer zij dit economisch niet langer haalbaar acht. Het enige dat te eisen is, is een redelijke opzegtermijn en wellicht een exportmogelijkheid zodat je je berichten kunt downloaden en elders kunt herpubliceren. In het geval van VKBlog werd begin januari gemeld dat 1 maart de einddatum zou zijn. Een kleine twee maanden lijkt me toch wel genoeg om dit voor elkaar te krijgen.

De opmerking over auteursrecht snap ik niet. Het auteursrecht verplicht een bedrijf niet om uw werk gepubliceerd te houden, tenzij dat expliciet in het contract staat. En zelfs dan geldt dat men er te allen tijde vanaf kan, mits er dus maar een redelijke opzegtermijn wordt gehanteerd.

Wellicht dat dit anders zou worden als er geen alternatief voor VKBlog zou zijn en daardoor de vrijheid van meningsuiting van de bloggers in het gevaar zou komen, maar dat lijkt me geen serieus te nemen argument. Vroeger ging dat nog wel eens op bij aanplakborden en dergelijke: gemeentes zijn verplicht te garanderen dat je podia genoeg hebt voor je meningsuiting in de gemeente. Vandaar de openbare aanplakborden en de mogelijkheid een demonstratievergunning te krijgen zonder inhoudelijke toetsing.

Arnou

of lees de 64 reacties

Adwords-arrest: “Travel card” beschrijvend voor tankpas, “Travelcard niet”

24 januari 2011, 8:41 | Merken, Zoekmachines | 17 reacties

travel-card-multi-tank-card.pngDat gaat lekker zo met die Adwords-rechtszaken. Vorige week deed het Gerechtshof Amsterdam uitspraak in het hoger beroep van de TravelCard-zaak: is er sprake van merkinbreuk als je adverteert op “travel” en “card” voor een kaart die concurreert met TravelCard?

Adverteren op merken kan merkinbreuk zijn, zo weten we sinds het Google/Vuitton-arrest. Het hoeft niet: wie bijvoorbeeld vergelijkende reclame maakt of legitieme wederverkoper is, pleegt geen merkinbreuk. En we hadden natuurlijk ook nog de Cruise Travel-zaak waarbij een beschrijvende term (”cruise travel”) die voorkwam in een beeldmerk werd gebruikt in een Adwords-campagne.

De zaak hier lijkt daar een beetje op. Benzinepasmaatschappij Multi Tank Card (MTC) had geadverteerd op de termen “travelcard”, “travel card”, “travel” en “card”. Daar was concurrent Travelcard niet blij mee, en op grond van o.a. hun handelsnaam en het beeldmerk met de kreet Travelcard erin spande men een rechtszaak aan. In eerste instantie werden de eisen afgewezen omdat “travelcard” een zuiver beschrijvende term zou zijn voor tankpassen. Maar het Hof verwerpt dat argument: we spreken in de Benelux niet van travelcards maar van tankpassen.

Het teken ‘travelcard’ heeft in zoverre in dat specifieke kader wel (enig) onderscheidend vermogen en stelt aldus het relevante publiek in staat om de betrokken diensten als afkomstig van een onderneming te onderscheiden. Dat het relevante publiek bij het horen van de bestanddelen travel en card een verband zal leggen met reizen en betaal- en kredietkaarten is niet voldoende om hier anders over te oordelen.

Het woordmerk is dus beschermd. Heel sterk vind het Hof het merk niet, maar helemaal nul bescherming verdient het ook weer niet. Dan de volgende vraag maar: is er sprake van inbreuk?

Ja en nee. De woorden “travel” en “card”, los of naast elkaar geschreven, zijn gewoon beschrijvende woorden voor mensen die kaarten zoeken waarmee ze brandstof kunnen betrekken voor het vervoer/reizen per auto. Dat kan Travelcard niet monopoliseren. Maar als je dat aan elkaar schrijft, dan wel: met die spelling is het duidelijk dat je aanhaakt bij het merk van de concurrent. Het Hof noemt dat zelfs een “evidente verwijzing”, oftewel het “kom nou toch”-argument.

De merkenlogica volg ik niet: als “travel” en “card” de beschrijvende woorden zijn voor “(benzine bij het) reizen” en “betaalkaart”, waarom is dan de combinatie van die twee ineens níet beschrijvend? Een merk dat uit twee bestaande woorden bestaat, moet in de combinatie meer zitten dan alleen maar de twee woorden in hun gewone betekenis. Ik zou werkelijk niet weten wat voor creatiefs je krijgt door “travel” en “card” aan elkaar te plakken. (Ok, als het argument is dat “travel” niet beschrijvend is voor benzine tanken, dan snap ik de conclusie maar dan begrijp ik weer niet waarom “travel” op zich dan wél die tankbetekenis krijgt van het Hof.)

Hoe dan ook, MTC mag adverteren op de losse woorden - inclusief “travel card” - maar niet op de aaneengeschreven combinatie uit het merk van de concurrent. En, leuk detail: TravelCard mag dan weer wel adverteren op “tank card” hoewel dat de naam van MTC is: “tank card” is natuurlijk zo beschrijvend als wat voor tankcards.

Arnoud

of lees de 17 reacties

“De wijze van schadeberekening is niet juist, dan wel niet redelijk”

21 januari 2011, 8:31 | Auteursrecht | 51 reacties

sapph-lingerie.pngGoh, da’s een vonnis om vrolijk van te worden: doorlinken naar een site geen nieuwe openbaarmaking, die richtprijzen fotografie daar doen we niet aan én het gaat over een pikant onderwerp ook nog. Het lingeriemerk Sapph had een fotograaf ingehuurd voor reclamefoto’s. De uitleg van het contract leidde tot een fors juridisch geschil, waarbij de fotograaf uiteindelijk maar liefst 2,6 miljoen euro aan schadevergoeding eiste. Daar blijft maar bar weinig van over - zo’n 13.000 euro - want de rechtbank hanteert als terechte maatstaf voor de schade de misgelopen royalties en niet de fantasievolle 300%-berekenwijze van de Fotografenfederatie. En meerdere domeinnamen maken van een website nog niet méérdere sites.

Sapph wilde de fotograaf inhuren voor een serie reclamefoto’s, en dat wilde die fotograaf ook wel maar wel onder zijn eigen eisen en voorwaarden. Hij zag zichzelf niet als gewoon een reclamefotograaf die eenmalig betaald krijgt, en hij wilde dan ook per herpublicatie opnieuw geld. Na enig geharrewar ging Sapph akkoord, maar u voelt hem al aankomen: de afspraak was niet helemaal tot volle tevredenheid doorgecommuniceerd binnen alle gelederen van het bedrijf. Er werd dus vrolijk gebillboard en geposterd met die foto’s zonder dat daarvoor per publicatie opnieuw werd afgerekend met de fotograaf. Dat wordt door de rechtbank afgestraft: als je zo’n expliciete afspraak maakt, dan zit je daaraan vast ook al is de afspraak zeer ongebruikelijk binnen de reclame.

Dan komt het bekende probleem bij auteursrechtschendingen: welk bedrag aan schade is er geleden? Bij een kras op je auto is dat objectief vast te stellen, maar bij een ongautoriseerde kopie van een foto op een billboard heel wat minder. De fotograaf kwam aan een bedrag van EUR 2.646.390,40, berekend aan de hand van de algemene voorwaarden van de Fotografenfederatie. Die bepalen:

Op grond van artikel 15 van de algemene voorwaarden is Sapph volgens [A] voor elk gebruik van een werk (buiten het eenmalig gebruik op grond van de licentie) een vergoeding verschuldigd van tenminste driemaal de “bij de fotograaf gebruikelijke vergoeding voor een dergelijke vorm van gebruik”, met een minimum van EUR 500,–. Voor de bepaling van de “gebruikelijke vergoeding” knoopt [A] aan bij de richtprijzen. Bij het nalaten van het vermelden van zijn naam dient, aldus [A], dit bedrag te worden verhoogd met 100 % van de bij de fotograaf “gebruikelijke vergoeding voor een dergelijke vorm van gebruik” op grond van artikel 16 van de algemene voorwaarden.

De rechtbank vindt deze vaak gehanteerde dikkeduimmethode “niet juist, dan wel niet redelijk”. Terecht concludeert men dat de schade niet hoger kan zijn dan de afgesproken vergoeding. Die is de fotograaf misgelopen en die moet dus alsnog worden betaald. En zo hoort het.

Ook verwerpt de rechtbank de verzesvoudiging van de schade omdat Sapph’s website sapphlingerie.com ook bereikbaar was vanaf de domeinnamen sapph.be, spahh.eu, sapphbeach.be, sapphbeach.eu en sapphbeach.nl. Dit zijn slechts aliassen en geen aparte websites, dus van vijf maal herpublicatie op die andere domeinnamen kan geen sprake zijn.

Wel erkent de rechtbank dat de naam van de fotograaf genoemd had moeten worden. Dat was immers expliciet afgesproken, en afspraak is afspraak - ook als het volstrekt ongebruikelijk is om op een reclame-uiting de naam van de fotograaf te vermelden. Lastig is wederom de vraag: wat is de schade? Die is er niet, aldus de rechtbank. Voor dit soort dingen moet je een contractuele boete afspreken, en dat is niet gebeurd. Gewoon maar wapperen met wederom die algemene voorwaarden is niet genoeg. De schade is dus nihil.

Er waren nog vele andere schadeposten, maar omdat die niet (genoeg) waren onderbouwd geeft de rechtbank nu gelegenheid om die nader uit te werken. Ik ben heel benieuwd.

Arnoud
Foto: Shoppen.blog.nl

of lees de 51 reacties

Raad voor de Journalistiek gaat ‘het internet’ op

20 januari 2011, 8:36 | Meningsuiting | 18 reacties

Diverse lezers mailden me naar aanleiding van een bericht in Het Parool dat de Raad voor de Journalistiek nu ook uitingen op internet zou gaan aanpakken. Houd u vast, aldus Alexander Pleijter bij De Nieuwe Reporter, want de RvdJ heeft haar statuten aangepast en is nu bevoegd om over elke journalistieke uiting op internet te oordelen. Ook bij gewone burgers die incidenteel journalistiek bedrijven.

U mag meteen weer loslaten, want de Raad voor de Journalistiek is geen overheidsorgaan of gerechtelijke instantie. Enige sanctie kan de Raad niet opleggen. Het enige wat men kan doen als de Raad vindt dat sprake is van onzorgvuldige journalistiek, is melden dat zij dit vindt en verzoeken of de ’schuldige’ dit oordeel wil publiceren op haar medium. Persorganen die vooraf verklaard hebben (via zelfregulering) te willen luisteren naar hun oordeel, zullen dit doen.

Juridisch gezien is dit een non-issue: iedereen mag vinden wat hij vindt van iemands blog of bericht in de krant, en iedereen mag de uitgever daarvan vragen om die mening te publiceren. Maar het is de uitgever die beslist of hij dat wil of niet. En publiceer je hun mening niet, dan zal de RvdJ echt niet naar de rechter stappen. Je hoeft je als blogger dus geen zorgen te maken dat je enig juridisch probleem kunt verwachten als de Raad voor de Journalistiek je blog afkeurt. Ik schreef ooit

De Raad kan geen sancties opleggen. Mocht het daarna tot een rechtszaak komen, dan is de kans groot dat de rechter het oordeel van de Raad overneemt. En de rechter kan natuurlijk wel een blogger verplichten om een boete te betalen, een rectificatie te plaatsen of het artikel in kwestie te verwijderen.

maar dat ga ik snel nuanceren. Een orgaan dat zich beperkt tot gevestigde pers en daar via zelfregulering bindende uitspraken doet, heeft enig gezag. Een club die meent over een ieders meningsuiting een mening te mogen hebben, kan ik moeilijk serieus nemen. En ik kan me niet voorstellen dat de rechter dat wel doet.

Arnoud

of lees de 18 reacties

Valt een nieuwe auto onder de Wet Koop op Afstand?

19 januari 2011, 8:04 | Contracten, Webwinkels | 56 reacties

Een lezer wees me op Auto.nl waar je goedkoop nieuwe auto’s kunt kopen. (Ik reis altijd per OV, vandaar dat ik ‘t niet zelf gezien had.) Origineel concept: een nieuwe auto via internet. En dan komt de juridische vraag: valt dat dan onder de Wet Koop op Afstand? Oftewel, mag je die auto dan binnen zeven werkdagen na ontvangst terugsturen (terugrijden?) naar de webwinkel?

Ik zou zeggen van wel. Een auto is een product als ieder ander, en bij de koop van een (nieuwe) auto gelden geen bijzondere wettelijke regels (behalve dan rond het kentekenbewijs maar dat is hier niet relevant). En het artikel over het recht van retour (art. 7:46d BW) noemt wel een aantal uitzonderingen, maar geen die over auto’s gaan.

De enige die relevant kan zijn, is de “maatwerk-exceptie”: zaken die “zijn tot stand gebracht overeenkomstig specificaties van de koper”. Bij een nieuwe auto is het gebruikelijk dat je bepaalde opties kunt afnemen. Wanneer die opties wijzigingen aan de auto impliceren (lichtmetalen velgen, een ingebouwde GPS-navigatieunit, stoelen in bepaalde kleur) dan is de auto daarmee maatwerk geworden en mag de aankoop niet meer worden geannuleerd. Een auto die compleet standaard is, is echter geen maatwerk. Ook niet als hij speciaal besteld wordt bij de importeur.

Een twijfelgeval treedt op bij de kleur. Dat is ook iets dat bij meubels speelt: als je mag kiezen uit tien voorgedefinieerde kleuren, dan lijkt me er geen sprake van maatwerk. Dat meubel of die auto wordt dan niet gemaakt op jouw kleur. Maar als je een kleur zelf opgeeft (”PMS kleur 282 alstublieft”), dan is sprake van jouw specificatie en dus een maatwerk-bank of -auto. Ik ben er nog niet uit wat er gebeurt als men niet tien maar tienduizend kleuren voordefinieert (bv. een kleurenwaaier of colorpicker). Is dan sprake van maatwerk?

Arnoud

of lees de 56 reacties

Wat kost een software?

18 januari 2011, 8:54 | Software | 44 reacties

Regelmatig krijg ik vragen als de volgende:

Als softwareontwikkelaar/designer/ontwerper van logo’s/teksten/webapplicaties houden wij het auteursrecht op de door ons gemaakte werken. Stel dat een klant deze over zou willen nemen, wat is dan een aannemelijke manier van waardebepaling?

Deze vraag komt neer op “wat kost een auto”. Daar is juridisch geen zinnig woord over te zeggen. Je mag als ontwerper of maker zelf bepalen wat je wil hebben voor het overnemen van het auteursrecht. Je mag zelfs weigeren dit over te dragen.

In sommige branches (met name fotografie en tekstschrijven) wordt als vuistregel wel gehanteerd dat je de rechten overneemt (of afkoopt) tegen drie maal het normale tarief. Maar ik vind dat een beetje rare manier van zakendoen: is dat werkelijk de waarde voor de klant?

Economisch gezien zou de redenering moeten zijn: welke inkomsten zou ik hebben verkregen door dit werk te hergebruiken bij andere klanten? Je mag een gemaakt werk immers niet meer opnieuw inzetten na overdracht auteursrecht. Volgens die redenering zou het auteursrecht op een generieke module dan duurder zijn dan het auteursrecht op een logo dat je specifiek voor één klant maakt. Dat logo kun je niemand anders meer verkopen.

Je kunt bij de overdracht bedingen dat je een licentie terug krijgt voor hergebruik in andere projecten mits die maar niet te veel lijken of hetzelfde doen als het project dat de klant overneemt. En dan zou overdracht van de rechten niet heel veel meerprijs moeten zijn. De klant heeft nu het voordeel dat hij niet bang hoeft te zijn voor jouw faillissement: omdat hij de rechten heeft verkregen, kan de curator zijn licentie niet intrekken of extra betaling eisen.

Arnoud

of lees de 44 reacties
Volgende Pagina »
De wet op internet Koop het boek Software: Deskundig en praktisch juridisch advies
Of een van de andere boeken over internetrecht!

Auteur: Arnoud Engelfriet - Licentie: Creative Commons BY-SA 2.5 - Disclaimer - Powered by WordPress