Acceptgirokosten nu weer wél onredelijk bezwarend

2 juni 2011, 8:14 | Contracten, Webwinkels | 12 reacties

wharrgarbl.pngHet blijft maar heen en weer zwalken met die acceptgirokosten. Vorige week vonniste de rechtbank Breda dat KPN een consument geen kosten in rekening mocht brengen voor betaling per acceptgiro. Eerder mocht KPN dit juist wél bij een vereniging, terwijl nog weer eerder de Stadsverwarming Purmerend juist weer géén kosten mocht rekenen.

In deze zaak leverde KPN de dienst vaste telefonie, waarvoor elke twee maanden werd gefactureerd en een acceptgiro werd toegezonden. De consumentklant kreeg rond juli 2007 te horen dat acceptgiro’s nu € 1,25 zouden gaan kosten, en dat betalen via automatische incasso gratis was. Omdat zij zelf maandelijks het bedrag overmaakte via internetbankieren, zag ze geen reden waarom ze acceptgirokosten zou moeten betalen.

KPN probeerde het nog met het argument dat ook het verwerken van zelfgedane internetbankierkosten hen geld kostte, zodat ze ook dan de € 1,25 per maand mocht factureren. Toen ook dat niet werkte, werd mevrouw afgesloten (altijd gezellig, onderhandelen met een leverancier), waarop zij naar de rechter stapte met een vordering tot heraansluiting.

De rechtbank begint met te constateren dat de oorspronkelijke overeenkomst geen beding bevatte op grond waarvan KPN geld mocht vragen voor betaling via acceptgiro (of internetbankieren). KPN had gesteld dat ze dit recht wel had, omdat het een wijziging van haar algemene voorwaarden was. Maar de rechter vindt onvoldoende onderbouwd dat deze algemene voorwaarden van toepassing zijn op de overeenkomst. Er was geen formulier met “Ik ga akkoord met de voorwaarden” ingebracht als bewijs. Ook bleek nergens uit dat echt een kopie van de voorwaarden was ingebracht. Auw. Het wijzigingsbeding wordt dan ook vernietigd.

Vervolgens kijkt de rechtbank of uit de wet een bevoegdheid volgt voor KPN om kosten voor acceptgiro’s in rekening te brengen. De wet bepaalt namelijk (art. 6:47 lid 1 BW)

De kosten van betaling komen ten laste van degene die de verbintenis nakomt.

Het is alleen niet duidelijk of onder ‘kosten’ alleen bijvoorbeeld de kosten vallen die je zelf moet maken (bv. een transactiebedrag aan de balie van de bank, of het maandbedrag voor internetbankieren), of ook de kosten die de wederpartij moet maken. De rechter bladert door de literatuur en concludeert dat óók die kosten onder dit artikel vallen.

Alleen: het moet gaan om kosten die zijn gemaakt vóórdat de betaling is geschied. De kosten om een cheque te verzilveren (die de schuldeiser moet betalen immers als hij naar de bank gaat) zijn dus voor rekening van de schuldenaar. Kosten die worden gemaakt nadat de betaling is voltooid, vallen niet meer onder de reikwijdte van dit wetsartikel.

Bij een girale betaling geldt dat de betaling is voltooid op het moment dat het geld op de rekening van de schuldeiser is bijgeschreven. De kosten die een bank maakt (en aan de zakelijke begunstigde in rekening brengt) om de per acceptgirokaart of per internetbankieren binnengekomen betalingsopdracht te verwerken, vallen dan ook onder de kosten van betaling. Maar KPN moet dan wel de wérkelijke kosten in rekening brengen, en mag niet zomaar 1,25 in rekening brengen. De rechtbank zet die kosten op € 0,14 omdat die bij de banken als kosten wordt gehanteerd.

De kosten van haar personeel om die te verwerken, zijn géén kosten van betaling omdat ze pas ná het betalingsmoment gemaakt worden.

Wat al helemaal niet mag, is kosten in rekening brengen voor acceptgiro’s terwijl de klant die helemaal niet wil gebruiken:

De kantonrechter is van oordeel dat [X] niet hoeft te betalen voor een door KPN aangeboden dienst, die zij niet heeft aanvaard en waarvan zij ook geen gebruik maakt. De kosten voor het drukken van de acceptgirokaart en het verzenden daarvan aan [X], blijven voor rekening van KPN.

Verder wordt de afsluiting als onredelijk geacht omdat mevrouw slechts twee maal € 0,14 niet heeft betaald, en het middel van afsluiting is dan onredelijk. Ook krijgt ze 50 euro schadevergoeding omdat ze nu via andermans telefoon moest bellen. Geen vetpot, maar toch.

Bij Tweakers wordt gemeld dat deze uitspraak alleen specifiek voor deze zaak geldt. Dat is op zich waar - rechtspraak is in Nederland nóóit bindende jurisprudentie - maar wel een beetje flauw want veel meer dan een incidentele kantonrechteruitspraak komt er niet voor minimale bedragen als deze.

Arnoud

of lees de 12 reacties

Opeisen van een mailbox na ontslag

1 juni 2011, 8:08 | Auteursrecht, Beveiliging | 21 reacties

outlook-backup-pst.pngNadat de algemeen directeur van een arbeidsbemiddeling/trainingsbedrijf ontslag had genomen, merkte het bedrijf dat diverse medewerkers naar hetzelfde nieuwe bedrijf waren overgestapt als deze ex-directeur. Een onderzoek door -niet verbazingwekkend- Hoffman bedrijfsrecherche(*) ontdekte dat uit de e-mail postbus van de ex-directeur zeer waarschijnlijk bedrijfsinformatie was verwijderd, en mogelijk ook was gelekt (geforward). Daarop stapte het bedrijf naar de rechter om afgifte en vernietiging van alle bedrijfsinformatie te vorderen. Ook werd schadevergoeding gezocht omdat de ex-directeur de Outlook-installatie onklaar zou hebben gemaakt.

Kort voordat de zaak bij de rechter kwam, had de ex-directeur een DVD overhandigd waarop een kopie van de betreffende mailbox opgeslagen was. Dat was voor het bedrijf niet genoeg: men wilde ook zeker weten dat er niet meer kopieën rondslingerden (en natuurlijk dat die niet in het nieuwe bedrijf ingezet zouden worden). Ook vond men opmerkelijk dat er geen mails uit de laatste werkmaand opgenomen waren, hoewel de ex-directeur daar tegenover stelde dat hij de kopie op 30 november had gemaakt bij wijze van backup.

Omdat het hier ging om een kort geding, vond het gerechtshof (via) in hoger beroep dat er geen ruimte was om nader bewijsonderzoek te doen. Het geschil spitste zich dus toe op de vraag of afgifte van de DVD genoeg was. Was daarmee voldoende zeker dat de originele gegevens gewist waren?

Bij pleidooi in hoger beroep heeft [het bedrijf] gesteld dat [de ex-directeur] de back-up zonder recht of titel behoudt en deze situatie vergeleken met de situatie in het pre-elektronische tijdperk wanneer [de ex-directeur] rond zijn ontslag fotokopieën had gemaakt van alle correspondentie die hij had ontvangen en verstuurd.

Het bedrijf had zich daarbij beroepen op haar eigendomsrecht, maar het Hof merkt terecht op dat daar geen sprake van kan zijn. Digitale gegevens hebben geen eigenaar want ze zijn geen ‘zaken’ (virtuele goederen in online spellen daargelaten). Het enige ding dat in eigendom kan zijn, is de fysieke DVD, en die was privé door de ex-directeur gekocht.

Daarnaast stond in de arbeidsovereenkomst dat “alle genoemde documenten eigendom blijven van werkgever en de werknemer verplicht is deze bij het einde van het dienstverband in te leveren”. Maar ook dat helpt niet: het onhandig gekozen woord ‘eigendom’ doet het Hof concluderen dat het ook hier alleen gaat om fysieke documenten, en niet om elektronische. (Bent u HR-medewerker dan mag u nu in paniek uw eigen model-arbeidsovereenkomsten gaan nalezen of dat er ook zo staat.)

Als laatste redmiddel werd dan nog het auteursrecht aangedragen. Immers, de werkgever heeft auteursrecht op alle werken die de werknemer maakt in het kader van zijn werk. Dat kan ook prima gelden voor e-mails. Maar dat redmiddel lijkt niet heel goed uitgewerkt gepresenteerd te zijn: men lijkt het te hebben gegooid op geschriftenbescherming en dat lijkt me echt de verkeerde insteek. Geschriften zijn documenten die bestemd zijn openbaar gemaakt te worden, en dat geldt voor deze mailbox natuurlijk niet.

Een e-mail kan best auteursrechtelijk beschermd zijn, als hij meer is dan een kattebelletje of een dump van feitelijke gegevens. Maar dat moet je eigenlijk van mailtje tot mailtje bekijken. Plus, er zullen ook mails inzitten die van derden afkomstig zijn, waardoor het auteursrecht bij hen rust en niet bij het bedrijf dat de DVD opeiste.

De doorslag gaf dat

[de ex-directeur] heeft aangevoerd deze e-mails te bewaren voor het geval hij mogelijk in een arbeidsrechtelijk geschil over zijn functioneren als directeur verzeild zal raken. Hij heeft voorts gesteld dat hij zich houdt aan zijn geheimhoudingsverplichting, hetwelk door [appellante] niet is weersproken en waarvan het hof dus uitgaat.

Een dergelijk handelen lijkt me legaal. Het zou al te gek zijn als je geen bewijs mag bewaren tegen je ex-werkgever wanneer je bang bent voor een geschil.

De schade aan de laptop blijkt niet (afdoende) te zijn aangetoond. Ook de kosten van Hoffman mogen niet worden verhaald: een werknemer is jegens de werkgever voor schade alleen aansprakelijk (art. 7:661 BW) bij opzet of bewuste roekeloosheid.

Les voor de toekomst: maak zelf backups van mailboxen van medewerkers, zodat je niet afhankelijk bent van eventuele DVD’s. En als je naar de rechter stapt, zorg dan dat je kunt onderbouwen dat er (kans op) schade is door misbruik van eventueel zelfgemaakte backups. Misschien kun je maar beter zorgen dat mensen niet zelf backups kunnen maken van mailboxen?

Arnoud
* Niets ten nadele van Hoffman maar écht elke keer dat ik een vonnis lees waar bedrijfsrecherche ingezet werd, is het Hoffman.

of lees de 21 reacties
« Vorige Pagina
De wet op internet Koop het boek Software: Deskundig en praktisch juridisch advies
Of een van de andere boeken over internetrecht!

Auteur: Arnoud Engelfriet - Licentie: Creative Commons BY-SA 2.5 - Disclaimer - Powered by WordPress