Inbeslagname van foto’s van agenten door diezelfde agenten

7 oktober 2007, 8:00 - Geplaatst onder: Auteursrecht, Meningsuiting - 4 reacties

Portretrecht voor de politie, een vaak terugkomend onderwerp. De politie maakt zich vaak druk om haar portretrecht. In het Dagblad van het Noorden wordt een politiewoordvoerder geciteerd naar aanleiding van de inbeslagname van foto’s van een medewerkster van 112Drenthe.com:

Politiewoordvoerder Bert Peters meldt echter, dat de genomen foto’s in strijd zijn met het portretrecht van de agenten. ”Op die foto’s staan agenten individueel afgebeeld. Kijk, bij een politieoptreden bestaat natuurlijk altijd de kans dat er een persfoto van de algemene situatie wordt gepubliceerd. Dat is ook geen probleem. Maar nu gaat het puur om de agenten zelf, die eventueel op een nieuwssite kunnen worden getoond. We hebben overigens van het openbaar ministerie begrepen dat we op een goede manier hebben gehandeld. Maar het is uiteindelijk de rechter die beslist of we terecht of onterecht hebben gehandeld.”

Een portret mag niet worden gepubliceerd als de geportretteerde daar een redelijk belang tegen heeft. Privacy is voor een agent een duidelijk belang, zeker bij impopulaire activiteiten als het flitsen van snelheidsovertreders. Mensen moeten hun frustraties over geflitst worden niet gaan verhalen op de individuele agent die de foto heeft gemaakt.

Aan de andere kant vervult een agent een openbare taak, en die kunnen fotograferen is in het algemeen belang. Zo kunnen wij controleren of die taak wel goed vervuld wordt.

Voor zo’n belangenafweging hebben we inderdaad de rechter. Die kan beslissen dat de foto niet mag worden gepubliceerd, al zal hij dat niet snel doen: hij kan bijvoorbeeld ook eisen dat de gezichten van de agenten onherkenbaar gemaakt worden.

Het duurt alleen soms lang voor je bij de rechter staat, en als in de tussentijd die foto vrolijk op internet staat, is het kwaad al geschied. Een schadevergoeding en verder verbod is dan een schrale troost. Een inbeslagname meteen na het maken van de foto lijkt dan logisch. Blijkt bij de rechter dat de foto geen kwaad kan, of dat b.v. onherkenbaar maken geen probleem is, dan kan deze worden gepubliceerd. Vandaar dat die agenten meteen de geheugenkaart opeisen en in beslag nemen.

De journalisten onder u zijn nu al aan het scrollen naar de comments-gleuf om “CENSUUR!!1!” te typen. Want dit riekt wel naar voorafgaande vergunning om iets te mogen publiceren. En die heb je in Nederland niet nodig.

Nou, ongeveer. Een publicatieverbod vooraf kan op zich wel, maar dat verbod moet dan wel de enige manier zijn om de privacy of wat dan ook van de persoon in kwestie te beschermen. (Ja, Indymedia heeft ongelijk). Bij een gewone burger ’s nachts met een telelens een foto in de slaapkamer nemen om die op Nu.nl te zetten, zal een rechter geen moeite hebben met een voorafgaand verbod.

In het geval van politieagenten ligt dat anders, vanwege dus dat algemeen belang en het toezicht op de openbare taak. Het lijkt mij dan ook dat een agent wel een hele bijzondere reden moet hebben om een geheugenkaart op te eisen om zo publicatie van een foto van zichzelf te verbieden.

Tegelijkertijd hebben mensen die agenten fotograferen wel een grote verantwoordelijkheid: als de agent schade lijdt door de publicatie, kan dat al snel flink in de papieren lopen. En dat komt dan voor rekening van de fotograaf/publicist, waarbij de rechter weinig medelijden zal hebben.

Om nog maar niet te spreken van alle bekeuringen de komende tien jaar voor 2km/u te hard rijden, een ontbrekend achterlicht op de fiets, toeteren zonder noodzaak, vergeten hand uit te steken of het trekken van een aanstootgevend gezicht.

Via Volledig bericht, pardon Boek 9.

Arnoud

of lees de 4 reacties

Nieuw op Iusmentis: Citeren uit afbeeldingen - het beeldcitaatrecht (in Citeren > Auteursrecht @ iusmentis.com)

29 september 2007, 11:07 - Geplaatst onder: Auteursrecht - 2 reacties

Het overnemen van (een deel van) een afbeelding, foto, tekening of ander beeld is toegestaan om dat beeld aan te kondigen, te bekritiseren of te bespreken. Hergebruik van beeld als versiering is niet toegestaan.

Op grond van het citaatrecht mag een relevant deel van een werk van iemand anders worden overgenomen - met bronvermelding. Dit mag bijvoorbeeld voor een aankondiging, bespreking, kritiek of beoordeling. Alhoewel de meeste citaten uitsluitend tekst bevatten, is het ook toegestaan om te citeren uit een visueel werk, zoals een foto, tekening, schilderij of zelfs een film. De regels voor beeldcitaat zijn niet anders dan die voor andere citaten.

Dat wil niet zeggen dat elk hergebruik van een plaatje een toegestaan citaat is. Het beeld moet echt worden overgenomen omdat het nodig is bij de bespreking, kritiek of wat dan ook van dat beeld. Bij een film is een still van een relevante scene bijvoorbeeld toegestaan in de context van een filmkritiek. Bij een artikel over molens een willekeurige afbeelding van een molen tonen is geen beeldcitaat.

Lees verder in Citeren uit afbeeldingen - het beeldcitaatrecht (in Citeren > Auteursrecht @ iusmentis.com).

Arnoud

of lees de 2 reacties

Rechtszaak wegens gebruik Creative Commons foto

26 september 2007, 13:05 - Geplaatst onder: Auteursrecht - Geen reacties

Een familie uit Texas heeft het Australische bedrijf Virgin aangeklaagd wegens het gebruik van een Creative Commons foto in een advertentiecampagne, meldt de Syndey Morning Herald. Nederlandse juristen denken dan gelijk “ah, Adam Curry versus Weekend“. Want de Flickr-foto’s van Curry werden in 2006 in de Weekend afgedrukt, en dat was een schending van diens Creative Commons-licentie: commercieel gebruik was verboden.

Maar de foto in kwestie staat commercieel hergebruik toe (CC-BY, voor de ingewijden). De enige eis was een bronvermelding, en die stond keurig linksonder op de poster.

De klacht (PDF) was dan ook niet schending van auteursrecht, maar reputatieschade. In Nederland dus schending van het portretrecht van de jongedame op de foto. Want:

In the ad, Virgin Mobile printed one of its campaign slogans, “Dump your pen friend,” over Alison’s picture. The ad also says “Free text virgin to virgin” at the bottom.

The experience damaged Alison’s reputation and exposed her to ridicule from her peers and scrutiny from people who can now Google her, the family said in the lawsuit.

“It’s the tag line; it’s derogatory,” said Damon Chang, 27. “A lot of her church friends saw it.”

Dat een foto onder een Creative-Commons licentie wordt aangeboden, wil nog niet zeggen dat het dus met alle rechten wel goed zit. Professionele fotobureau’s zorgen dan ook altijd voor een model release waarin het model aangeeft akkoord te zijn met publicaties en hergebruik van haar beeltenis. Natuurlijk kan dat met voorwaarden, bijvoorbeeld wel of niet in erotisch getinte context. Maar als je dat niet regelt, en je publiceert een portretfoto, loop je het risico op dit soort claims.

Creative Commons zelf is ook aangeklaagd: de fotograaf vond dat hij onvoldoende voorgelicht was over wat “commercial use” betekent. CC had hem duidelijker moeten melden dat daar ook onder zou vallen dat een bedrijf de foto zomaar in een reclamecampagne kon gebruiken. UPDATE: (29 november 2007) Creative Commons is geschrapt als beklaagde.

Via the Inquirer, dat zich nog hatelijk afvraagt of het in Texas echt een aantasting van je eer en goede naam is om maagd genoemd te worden.

Arnoud

als eerste

Jongen beboet voor filmen leraar (via Techzine)

29 augustus 2007, 8:05 - Geplaatst onder: Auteursrecht, Aansprakelijkheid - Geen reacties

800 euro boete als je je leraar op Youtube zet. Een Finse rechtbank heeft een 15-jarige jongen veroordeeld tot een geldboete, nadat hij een filmpje van zijn leraar online zette, zo staat in Techzine. Of nou ja, geldboete: schadevergoeding aan de lerares natuurlijk.

Op zich niet zo bijzonder. Dit kan bij ons ook: publicatie van een film waar iemand herkenbaar in te zien is, kan schending van het portretrecht zijn. Als de geportretteerde een redelijk belang kan aanvoeren, mag de film niet online. Gebeurt dat toch, heeft de geportretteerde recht op een schadevergoeding. Hoe je de schade inschat die iemand lijdt door een inbreuk op de privacy, is natuurlijk een hele lastige.

Wat wel bijzonder is, is de hoogte van die schadevergoeding. Naast een vergoeding van je echte schade, kun je bij een gewonnen proces ook de proceskosten vergoed krijgen. Normaal is dat een vast bedrag(je), maar bij geschillen over intellectueel eigendom geldt sinds enige tijd de bijzondere regel dat je de werkelijke proceskosten vergoed krijgt. En die kunnen best hoog uitvallen, want advocaten zijn duur (al krijgen ze hun diners niet vergoed).

Auteursrecht is een intellectueel eigendomsrecht, dus bij een geslaagde inbreukzaak moet de inbreukmaker alle kosten van de wederpartij vergoeden. Portretrecht staat geregeld in de auteurswet, dus geldt dat dan ook bij een geslaagd beroep op portretrecht?

Een lastige vraag. Albert Ploeger van Houthoff Buruma schrijft op Volledig bericht, pardon Boek 9 dat dit niet op hoort te gaan:

Gelet op de doelstelling van de richtlijn en de tekst van artikel 2 lid 1, die zien op de handhaving door rechthebbenden van intellectuele eigendomsrechten, komt het mij voor dat het beroep van een geportretteerde op een redelijk belang tegen de openbaarmaking van zijn portret jegens de rechthebbende op het intellectuele eigendomsrecht op het portret, niet onder het toepassingsgebied van de richtlijn valt. Dit is in lijn met eerdere commentaren van Hugenholtz (Pres. Rb Utrecht 18 maart 1999, AMI 1999-6, p. 94-96) en Schuijt (Pres. Rb Amsterdam 28 januari 2000, Mediaforum 2004-4, nr. 26) bij uitspraken waarin portretrecht naar hun oordeel ten onrechte als intellectueel eigendomsrecht in de zin van het TRIPs-verdrag werd beschouwd.

Arnoud

als eerste

“Begin dan een rechtszaak” - over portretrecht en mobieltjes

26 augustus 2007, 8:48 - Geplaatst onder: Auteursrecht - Geen reacties

Internetrecht op televisie: Christiaan Alberdingk Thijm vertelt in het NOS Journaal wat je als geportretteerde kunt beginnen tegen misbruik van je portret. Bekijk de uitzending (het stuk begint op 4:00).

Het advies: probeer te achterhalen wie de foto maakte, en/of wie achter de website zit, en begin dan een rechtszaak. Alhoewel een boze brief vaak ook heel aardig kan werken.

Voor meer over portretrecht, zie mijn eerdere postings. Heel in het kort: fotograferen van personen mag niet zomaar. De geportretteerde heeft ook bepaalde rechten. Op grond van zijn portretrecht mag de geportretteerde zich verzetten tegen publicatie als daarmee een redelijk belang van de geportretteerde in gevaar komt. Bijvoorbeeld een privacy-belang of een commercieel belang.

Arnoud

als eerste

“Bovengrens aan beeldcitaat: 194×145 pixels”?

19 augustus 2007, 18:28 - Geplaatst onder: Auteursrecht, Zoekmachines - Geen reacties

Heeft de rechter in het Jaap-vonnis nu eindelijk een harde grens gesteld voor beeldcitaten? Nee, maar “194×145 mag” gaat desondanks het nieuwe auteursrechtelijk broodje-aap verhaal van de komende tien jaar worden.

Huizenzoekmachine Jaap moest stoppen met het overnemen van de integrale informatie over huizen van Funda en van de sites van individuele NVM-makelaars, maar mag wel net als eerder Zoekallehuizen.nl (ZAH) wel kleine stukjes overnemen vanwege het citaatrecht. En daarin was de rechter opmerkelijk precies: de foto mag hooguit 194 bij 145 pixels groot zijn, en qua tekst mogen hooguit 155 tekens.

Die afmetingen gelden alleen voor Jaap en zijn zeker geen bindende jurisprudentie vanaf nu. De enige reden dat de rechter getallen koos, was omdat hij wel voorzag dat er anders gelijk weer ruzie zou komen over de geciteerde foto’s. Hij wilde dat voor zijn en besloot dan maar te zeggen dat Jaap’s huidige formaat acceptabel was. En dat was toevallig 194×145. Ik zou trouwens nog wel willen weten wie er bij Jaap nu net die afmetingen bedacht had.

Een zo specifieke maat is opmerkelijk, zo schrijft Solv:

Uiteraard is het in het belang van sites als Jaap.nl, om een duidelijke maatstaf te hebben. Anderzijds moet er voor worden gewaakt dat de limiet van 155 tekens als een nieuwe, absolute grens wordt gezien voor het toelaatbaar zijn van een citaat. Al naar gelang de omstandigheden en context, kan een volledig werk rechtmatig worden geciteerd. Andersom, zal in sommige gevallen het overnemen van slechts 50 tekens al te ver gaan.

Inderdaad. Het citaatrecht is geen vrijbrief om zomaar stukjes (of plaatjes of stukjes geluid) te mogen overnemen.

Je mag alles citeren wat je wilt, zolang het maar voor een van de de toegestane doelen is. Bijvoorbeeld aankondigen wat er te zien is achter de link, of aanhalen wat je gaat bekritiseren. In het Zoekallehuizen-arrest bepaalde het Hof dat wat ZAH deed, te vergelijken is met een aankondiging, een toegelaten doel voor een citaat:

ZAH doet in feite niet meer dan nodig is om de gebruiker in staat te stellen de voor hem (mogelijk) van belang zijnde websites van de makelaars te vinden door daarnaar te verwijzen via enkele belangrijke gegevens. Het gebruik van deze gegevens valt te beschouwen als of staat op gelijke voet met het citeren uit een werk ten behoeve van een aankondiging. Het heeft immers de strekking de gebruiker aan te kondigen wat hij te zien zal krijgen als hij de door ZAH aangeboden hyperlink volgt.

Maar bij Jaap kon de rechter kort zijn:

Het door [Jaap] compleet overnemen van de objectgegevens op haar website is een vorm van eigen en vrijwel ongewijzigde exploitatie van deze gegevens. Dit gaat de grenzen van het zogenaamde citaatrecht voorbij.

Die grenzen zeggen dat je niet meer mag citeren dan nodig. Het algemene criterium, dat de rechter hierboven gebruikt, is dat wat je in je citaat stopt, niet meer als exploitatie van het origineel te zien is. Je citaat moet op zichzelf waardeloos zijn, zeg maar.

Bij beeldmateriaal bepaalde de Auteurswet vroeger dat een beeldcitaat alleen mag als dit

door haar grootte of door de werkwijze volgens welke zij is vervaardigd een duidelijk verschil vertoont met het oorspronkelijke werk.

Maar dat is gewijzigd. De huidige wet, artikel 15b, bepaalt dat een citaat, dus ook een beeldcitaat, mag als het citaat

in overeenstemming is met hetgeen naar de regels van het maatschappelijk verkeer redelijkerwijs geoorloofd is en aantal en omvang der geciteerde gedeelten door het te bereiken doel zijn gerechtvaardigd.

Dat is geen wezenlijke verandering. Het is nog steeds niet nodig om een grote poster integraal te tonen als het je gaat om een raar mutsje in de linkerbovenhoek. Maar je mag wel een hele foto van een huis verkleind laten zien als je wilt aankondigen dat dat huis te koop staat.

In een min of meer vergelijkbare zaak in Amerika mocht Google pornothumbnails laten zien bij zoekresultaten.

En op Volledig Bericht, pardon Boek 9, merkt Dirk Visser nog op dat het vonnis waarschijnlijk anders zou uitvallen bij sites die wel een databankrecht kunnen claimen op hun informatie. Makelaars hebben geen databankrecht op hun huizeninformatie, zo bepaalde het gerechtshof vorig jaar in de Zoekallehuizen-zaak.

Arnoud

als eerste

De geschriftenbescherming: tegen integraal overnemen

18 augustus 2007, 12:17 - Geplaatst onder: Auteursrecht - Geen reacties

Naar aanleiding van het Jaap-vonnis nog even over de geschriftenbescherming die succesvol ingeroepen werd tegen de integrale overnamen van huizenomschrijvingen van de makelaarsites. De tekstjes in kwestie waren zo kort dat je je af kunt vragen of ze wel creatief genoeg waren voor auteursrecht. Maar dat deed er niet toe, want Jaap nam integraal over en dat mag ook niet bij “onpersoonlijke geschriften”.

Artikel 10, lid 1, sub 1 van de Auteurswet bepaalt dat onder werken van letterkunde, wetenschap of kunst mede verstaan worden “alle andere geschriften”. Uit met name dat alle heeft de Hoge Raad afgeleid dat voor geschriften de eis van creativiteit en originaliteit niet geldt. De enige eisen zijn:

  1. De tekst is op schrift gesteld. Een elektronisch geschrift telt ook.
  2. De geschriften zijn openbaar gemaakt of bestemd om openbaar te worden gemaakt. Boodschappenlijstjes zijn dus niet beschermd door de geschriftenbescherming.

Een puur feitelijk en zakelijk lijstje woorden is als zodanig dus ook beschermd. De omvang van de bescherming is wel een stuk minder dan bij creatieve werken. Alleen het openbaar maken en/of verveelvoudigen van een ‘eenvoudige herhaling’ van het werk is verboden.

Wel moet bij inbreuk worden bewezen dat er specifiek van dat geschrift is overgenomen. Dat is lastiger dan het lijkt: is mijn woordenlijst ontleend aan het Groene Boekje, het Witte Boekje of de dikke Van Dale? Je moet dan bijvoorbeeld kijken naar typefouten en andere slordigheden die uniek zijn voor het geschrift.

Geschriftenbescherming staat los van de auteurswet. Zoals Dick van Engelen het omschrijft:

Uit het Televizier-arrest (NJ 1966, 116) blijkt dat, hoewel deze geschriftenbescherming op een uitleg van artikel 10(1)(1) Aw is gebaseerd, het geen auteursrecht betreft maar om een sui generis recht gaat. De Hoge Raad gaf aan dat de bepalingen van de Auteurswet slechts naar analogie op niet-oorspronkelijke geschriften van toepassing zijn. Voor ieder voorschrift van de Auteurswet dient afzonderlijk bekeken te worden of, en in hoeverre, dat op een niet-oorspronkelijk geschrift van toepassing is.

Geschriftenbescherming is altijd een ‘hot topic’ geweest voor juristen. Het past niet binnen de Auteurswet, die immers ontworpen is voor creatieve en originele werken. Geschriftenbescherming beschermt iets dat met alleen hard werken (een lijstje maken) verkregen is.

Toen de Databankenrichtlijn er door kwam, was dan ook de verwachting dat de geschriftenbescherming opgeheven zou worden. Een databankrecht was specifiek bestemd voor het beschermen van lijstjes die met hard werken maar zonder creativiteit verkregen was.

Geschriftenbescherming komt uit de auteurswet, en ook die werd aangepast naar aanleiding van de Databankenrichtlijn. Voor lijstjes en dergelijke mocht vanaf toen alleen nog de eis worden gehanteerd dat “de keuze of de rangschikking van de stof een eigen intellectuele schepping van de maker vormt”. Een bloemlezing of een lijst met de “Top 100 mooiste popsongs” is daarmee beschermd. Maar een onpersoonlijk geschrift waaruit geen creatieve keuze of rangschikking blijkt, valt buiten de boot. Einde van de geschriftenbescherming dus.

Niet helemaal. Uit de parlementaire geschiedenis van de wetswijziging blijkt dat de wetgever bij de omzetting van de Databankenrichtlijn er uitdrukkelijk voor heeft gekozen om de geschriftenbescherming krachtens de Auteurswet in haar toen bestaande vorm te handhaven. Art. 10 lid 4 van de Auteurswet sluit alleen geschriftenbescherming uit voor geschriften die als databank te zien zijn. Professor Hugenholtz (IVIR) merkte al in zijn annotatie bij Hof van Justitie 9 november 2004 (British Horseracing Board/William Hill) op dat dit niet hoort:

de richtlijn is in de Nederlandse wet verkeerd geïmplementeerd. De wet had geen ruimte mogen laten voor auteursrechtelijke bescherming van niet-oorspronkelijke databanken, ongeacht of daarin substantieel geïnvesteerd is of juist niet.

Geschriftenbescherming blijft daarmee een rare kronkel in het Nederlands auteursrecht.

Lex Bruinhof van Wieringa Advocaten ergert zich aan het oprekken van de geschriftenbescherming tot ook foto’s:

Een foto kan dus tot geschrift worden (althans onder dezelfde bescherming vallen) als deze samen met tekst één geheel vormt. Aldus de rechter, althans. Dat gaat mij veel te ver. De geschriftenbescherming is al een buitenbeentje in ons auteursrecht; het ook nog eens gaan oprekken daarvan is mijns inziens vragen om moeilijkheden. En ook helemaal niet nodig. In mijn beleving zijn foto’s op makelaarssites doorgaans oorspronkelijk genoeg om voor bescherming in aanmerking te komen. Maar goed, de rechter erkent thans dus ook “fotogeschriften”.

Arnoud

als eerste

TLC: zijn digitale kopieën van publiek-domein werken beschermd door het auteursrecht?

16 augustus 2007, 12:29 - Geplaatst onder: Auteursrecht - 1 reactie

Olivier Oosterbaan (zwaai) heeft weer een mooie analyse op zijn blog Technology Law Culture: zijn digitale reproducties van werken uit het publieke domein beschermd door het auteursrecht?

First, as background, we will explain why we want to use such a work, and why we prefer or even need to use a reproduction made by someone else. Second, we will explain why explicit permission to use such reproduction might not be necessary as far as copyright is concerned. Third, we will explain why again we will err on what is perhaps the safe side of things (…).

Arnoud

of lees de eerste reactie

Fotograferen en journalistiek op het station

10 augustus 2007, 9:22 - Geplaatst onder: Meningsuiting - 13 reacties

Niet echt Internetrecht, alhoewel ze wel Internet hebben op stations: hoe zit het met fotograferen op stations. Journalist Brenno de Winter zag een Segway op station Utrecht en wilde hier met een foto verslag van doen, maar dat werd hem verboden door de Spoorwegpolitie. Kan die dat zomaar? Nee, en wel hierom.

Op zich mag de NS natuurlijk huisregels stellen, want de stations zijn hun privé-eigendom. En er zijn ook huisregels over fotograferen op stations:

Voor het maken van professionele opnamen moet wel altijd vooraf toestemming worden gevraagd. Hieronder vallen ook alle opnamen waarbij gebruik wordt gemaakt van statieven, extra licht en figuranten en opnamen die worden gemaakt door studenten als studieopdracht. Bij opnamen voor privé-doeleinden (voor familiealbum of hobby) vanaf voor het publiek toegankelijke gedeelten van het station is geen toestemming van NS nodig. Uitzondering hierop vormt het fotograferen of filmen van NS personeel, balies en wachtruimtes. Dit is zonder uitdrukkelijke toestemming niet toegestaan.

Alleen, journalistiek en vrije nieuwsgaring is een grondrecht (artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens). Je eigendomsrecht inzetten om een journalist te weren zijn werk te doen is een schending van dit grondrecht. Om te bepalen of dit toegestaan is, moet de rechter een belangenafweging plegen. Hoe groot is de nieuwswaarde en het belang om dit te melden, en hoe groot is in dit geval de waarde van het eigendomsrecht van de NS en de persoonlijke levenssfeer van haar medewerkers.

Zeker nu de NS haar stations normaal openstelt voor het publiek, zal die afweging snel in het voordeel van de journalist uit moeten vallen, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden. Bijvoorbeeld dat een medewerker tegen zijn of haar wil heel prominent in beeld komt terwijl dat niet relevant is voor het verhaal.

Maar wat heeft de Spoorwegpolitie daarmee te maken? Een ruzie tussen een journalist en de eigenaar van een terrein is civielrecht, dus vecht dat samen lekker uit bij de rechter zou je zeggen. Toch zitten er publiekrechtelijke aspecten aan. Het punt is namelijk dat het Algemeen Reglement Vervoer (dat geldt voor spoorwegen en stations) verbiedt om “beroep of bedrijf” uit te oefenen op stations zonder toestemming van de NS. En de NS heeft de Spoorwegpolitie gemachtigd om het toezicht op deze regels uit te oefenen.

Specifiek voor stations is er namelijk artikel 5 van het Algemeen Reglement Vervoer (ingevoerd op grond van de Spoorwegwet):

  1. Het is een ieder, behoudens uit de aard van zijn betrekking, verboden zich in of op een station dan wel in een trein in een zodanige toestand te bevinden of zich zodanig te gedragen, dat orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang wordt of kan worden verstoord.
  2. Als verstoring van orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang worden beschouwd: (…) f. uitoefenen van beroep of bedrijf;
  3. Het bepaalde in het eerste en tweede lid is niet van toepassing voor zover de spoorweg daarvoor, met inachtneming van de belangen van reizigers, toestemming heeft gegeven.

Natuurlijk is dit bedoeld om allerlei stalletjes en verkopers te kunnen weren, maar journalisme is een beroep, dus naar de letter van dit artikel is het verboden journalistiek te bedrijven op het station zonder toestemming van de NS.

Daarnaast is er ook artikel 7 van datzelfde Reglement:

Een ieder is verplicht de aanwijzingen betreffende de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang op te volgen, die door of vanwege de spoorweg duidelijk kenbaar zijn gemaakt.

De regel over niet mogen fotograferen op het station betreft de goede bedrijfsgang van de NS. De NS heeft de Spoorwegpolitie gemachtigd om het toezicht op deze regels uit te oefenen. Die doen dat door ambtsbevelen te geven tot verwijdering van het terrein (art. 184 Wetboek van Strafrecht) maar uit twee recente arresten van de Hoge Raad (AU8060 en AZ3309) begreep ik dat dat niet mag. Ambtsbevelen mogen alleen gaan over wettelijke voorschriften, en NS-huisregels zijn geen wet:

Als de onderhavige verwijderingsbevelen namens de NS zijn genomen en dus niet door politieambtenaren als zodanig, dan zijn die bevelen niet gegeven door een ambtenaar als bedoeld in artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht.

Als ik die arresten doortrek naar deze situatie, lijkt het mij dat de agenten ook geen ambtsbevelen mogen geven tot het wissen van foto’s wanneer iemand zonder toestemming fotografeert.

En zelfs al mogen ze dat wel, dan zou zo’n ambtsbevel het grondrecht van vrije nieuwsgaring schenden, en de overheid mag dat al helemaal niet snel doen.

De NvJ waarschuwt voor de laatste maal:

Journalisten worden steeds vaker met beperkingen geconfronteerd bij de uitoefening van hun vak. Zij hebben het recht om foto’s te maken in openbare en semi-openbare ruimtes (stadions/stations etc.). De NVJ heeft aan zowel politie als NS duidelijk gemaakt dat dergelijke restricties in strijd zijn met de vrijheid van nieuwsgaring.

(En voor wie denkt aan antiterrorisme-regels: station Utrecht is geen verboden plaats. Er staat zes jaar cel op het fotograferen van gebouwen die belangrijk zijn voor de staatsveiligheid.)

Arnoud

of lees de 13 reacties

Huizenzoekmachine Jaap moet stoppen met overnemen

8 augustus 2007, 8:02 - Geplaatst onder: Internetrecht, Zoekmachines - 5 reacties

Huizenzoekmachine Jaap mag niet langer de teksten en foto’s van te koop staande huizen overnemen van makelaarsites, inclusief Funda, zo bepaalde de rechter afgelopen donderdag. Wel mag Jaap korte stukjes, adresgegevens en een thumbnail-versie van de foto blijven gebruiken. Het waren eigenlijk stiekem twee zaken, die de rechtbank nu tegelijk afdoet.

In de ene zaak (LJN BB1207) had de stichting Baas in eigen Huis een proces aangespannen tegen huizenzoekmachine Jaap. Die stichting heeft als doel het behartigen van de belangen van makelaars inzake intellectuele eigendomsrechten.

In de andere zaak (LJN BB1209) had Jaap Funda, NVM en de stichting gedaagd met als eis dat deze zouden stoppen met het bemoeilijken van Jaap’s dienst. Zo zou de NVM haar leden geen aanwijzingen meer mogen geven over het hinderen van Jaap, en al helemaal niet door gebruik te maken van de erecode van makelaars.

Eerst maar eens de inbreuk. De huizenzoekmachine Jaap verzamelt gegevens over te koop staande huizen en stelt die gratis beschikbaar op hun eigen site. Niet alleen van de bekende sites zoals Funda, maar ook van andere sites. Nu bestaan dit soort huisadvertentieverzamelsites (scrabble!) al langer, maar Jaap wijkt op een belangrijk punt af van bijvoorbeeld Zoekallehuizen.nl: Jaap kopieert alle gegevens naar hun eigen site. Sites als Zoekallehuizen werkten met dieplinks vanaf de overzichtspagina, waardoor bezoekers van ZAH meteen bij de makelaar in kwestie uitkwamen. Dat mocht.

“Jaap neemt meer over dan Zoekallehuizen.nl, die laatste plaatst slechts een kleine foto en een tekst van 155 karakters. Dat Jaap neemt alles over. Is er dan nog sprake van citaatrecht?” vroeg Tjeerd Overdijk van Steinhauser Hoogenraad zich af in het AD.

Overnemen is wat anders dan linken, zelfs als je bij de link een stukje overneemt of een verkleinde foto laat zien. Dat was -zo bleek uit de ZAH-zaak- een toelaatbaar citaat:

ZAH doet in feite niet meer dan nodig is om de gebruiker in staat te stellen de voor hem (mogelijk) van belang zijnde websites van de makelaars te vinden door daarnaar te verwijzen via enkele belangrijke gegevens. Het gebruik van deze gegevens valt te beschouwen als of staat op gelijke voet met het citeren uit een werk ten behoeve van een aankondiging. Het heeft immers de strekking de gebruiker aan te kondigen wat hij te zien zal krijgen als hij de door ZAH aangeboden hyperlink volgt.

Overnemen is in principe inbreuk op het auteursrecht.

Jaap’s verweer was sterk: die teksten zijn kort en feitelijk, en de foto’s weinig creatief, dus er is geen sprake van auteursrecht. En zonder auteursrecht is overname gewoon toegestaan.

Nu hebben we in Nederland alleen een eigenaardige kronkel in het auteursrecht. Ook zogeheten onpersoonlijke geschriften zijn beschermd door het auteursrecht. Kort door de bocht geformuleerd zit ook auteursrecht op wat je krijgt als je een paar keer met je vuist op het toetsenbord slaat en dat publiceert. Dat recht (geschriftenbescherming) is wel veel beperkter. Alleen als er sprake is van (bijna) letterlijk overnemen van (zowat) de hele tekst, is sprake van inbreuk op dit recht. U mag dus rustig op uw toetsenbord blijven meppen.

En met deze kronkel heeft de stichting toch een recht gevonden dat ingezet kan worden tegen Jaap. Want Jaap neemt alles letterlijk over.

De rechter zag wel in dat het volledig verbieden van Jaap ook weer te ver ging. Zeker omdat sites als Zoekallehuizen wel informatie mogen overnemen van Funda en andere sites. De oplossing? Verbied het, behalve als

de overgenomen en gepubliceerde gegevens niet meer omvatten dan (i) een tekst met maximaal 155 tekens, (ii) daarnaast de adresgegevens en (iii) de vraagprijs van het object, alsmede een bij een en ander te plaatsen foto met een formaat van ten hoogste 194×145 pixels.

Op zich word ik altijd heel zenuwachtig van auteursrechtelijke regels met getallen er in, want ze gaan al snel een eigen leven leiden. Zo heeft de BUMA in 1997 ooit eens gezegd dat ze geen rekening sturen voor fragmenten van 10 seconden, wat zich ondertussen vertaald heeft naar “een citaat mag maximaal 10 seconden duren”. Maar goed. In dit geval is duidelijkheid gewenst, anders zitten de partijen volgende maand weer voor de rechter.

Oh ja, en dat andere vonnis. Daarin protesteerde Jaap dus tegen het gelobby van de stichting en van de NVM om makelaars zo ver te krijgen dat ze Jaap de toegang tot hun site zouden ontzeggen. Maar dat mocht, omdat Jaap fout zat. Handig dat dat net in het eerste vonnis besloten was. De brief was ook niet meer dan een reactie op Jaap’s acties, en wie hard inzet moet niet gek opkijken als hard teruggeslagen wordt.

De rechter werd nog mooi geciteerd in de NRC:

De rechter begreep de eis van de NVM-makelaars niet goed. Hij onderbrak één van de advocaten en vroeg: „Waarom zou een makelaar zijn auteursrecht beschermen? Het is toch in het belang van woningverkopers dat op zo veel mogelijk plekken is te zien dat hun woning te koop staat?”

Maar ja, het gaat niet alleen om de belangen van de makelaars. Voor een belangenorganisatie als de NVM is ook het exclusief houden van de groep belangrijk. Dat geeft meerwaarde aan het etiket ‘NVM’.

Arnoud

of lees de 5 reacties
« Vorige PaginaVolgende Pagina »

Copyright Arnoud Engelfriet - Some rights reserved - Powered by WordPress