Het pareltje van Europa (gastpost)
Wie een product koopt verwacht ook waar voor zijn geld te krijgen. De gemiddelde Europese burger zou als volgt kunnen redeneren: voor wat hoort wat! Ik heb -als koper- volledig aan mijn verplichtingen voldaan, dus moet de wederpartij -de verkoper- ook volledig aan zijn verplichtingen voldoen. Dit lijkt heel logisch voor een ieder met een gezond verstand, maar in werkelijkheid ligt dit toch anders.
Consumenten hebben via de Richtlijn 1999/44/EG over de garantie van consumptiegoederen van Europa het wettelijke recht gekregen om twee jaar na de aankoop kosteloos herstel of vervanging van de winkelier te eisen. De hoofdregel daarbij is dat de consument mag kiezen.
De Europese burger komt hierdoor voor situaties te staan waar hij zich wel aan zijn verplichtingen uit de overeenkomst heeft gehouden, maar de wederpartij niet en daar in rechte niets meer tegen kan ondernemen. Deze situatie doet zich voor als hij een product heeft gekocht met ingebakken productiefouten die pas na 24 maanden aan het licht komen.
De lidstaten hebben echter de vrijheid om meer te doen dan het minimum dat een richtlijn vereist. Een groot aantal van hen heeft van deze vrijheid gebruik van gemaakt. Consumenten die kopen in de landen Nederland, Griekenland, Finland, Verenigd Koninkrijk, IJsland en Zweden hebben langer de tijd om te reclameren. In de eerste drie landen kan de consument dat gedurende de levensverwachting van een product doen. De laatste drie hanteren een vaste termijn van respectievelijk zes, vijf en drie jaren.
Echter zal het wel lastig zijn om de bewijslast rond te krijgen: U moet dan natuurlijk wel kunnen bewijzen dat het product reeds ondeugdelijk was ten tijden dat het afgeleverd werd. En dat is niet bepaald een gemakkelijke opgave na zo veel jaar. Portugal heeft daarom gekozen om op een ander vlak verder te gaan dan de richtlijn vereist. Koopt u producten uit Portugal dan heeft de verkoper te maken met een gedwongen omgekeerde bewijslast van twee jaar. Dat is anderhalf jaar meer dan de richtlijn vereist van de lidstaten.
De Europese burger wordt met tal van maatregelen verleid om aankopen in andere lidstaten te doen. Zo geld er binnen Europa een vrijheid van vervoer van goederen waardoor consumenten geen invoeringsbelasting hoeven te betalen. En moet de Europese consument vertrouwen ontlenen aan het bestaan van het Europees Consumenten Centrum en heeft ieder land een consumentenautoriteit om grensoverschrijdende overtredingen op het consumentenrecht aan te pakken. Met al deze maatregelen zou je bijna vergeten dat het buitenlandse recht van toepassing is als je in het buitenland je aankopen doet. Dit kan in je nadeel werken, maar soms juist ook aantrekkelijk zijn.
De volgende keer ga ik dieper in op een variant van dit laatste: de (vrijwillige) omgekeerde bewijslast (in Nederland).
Alex de Kruijff
Alex is een ingenieur die elektronica en informatica heeft gestudeerd en juridische interesse heeft. Op zijn website kun je artikels over het besturingssysteem FreeBSD vinden, die je helpen bij het configureren er van.

Een lezer had een ASUS laptop gekocht, die echter na enkele maanden defect bleek. Na opsturen van de laptop meldde ASUS dat reparatie niet meer mogelijk was en dat men een gelijkwaardige laptop zou opsturen ter vervanging. Maar de lezer wilde ook de data op de harde schijf terug, en dat zou 110 euro moeten kosten. Kan ASUS dat zomaar doen?
Veel winkeliers denken dat zij alleen aansprakelijk zijn voor de directe schade aan een ondeugdelijk product wanneer het product niet aan de
Afgelopen vrijdag schreef ik over het jaarverslag van de Consumentenautoriteit bij Marketingfacts:
Het Europees consumentenrecht staat niet toe dat een winkelier een vergoeding mag vragen van een consument voor reparatie of vervanging van een defect product. Dat blijkt uit het op 17 april gewezen
“U heeft geen recht op herstel of vervanging, want u heeft het product niet goed gebruikt!” Het gebruikelijke excuus waar een willekeurige winkelier mee aankomt, als je met een defect product bij hem aanklopt. Toch heeft de winkelier het hierbij lang niet altijd bij het juiste eind, zelfs als hij kan aantonen dat het product geen productiefouten bevat!
“Er is spraken van waterschade, dus het defect is uw eigen schuld” is een andere mededeling waar je tegenaan kunt lopen bij een defect product, met name bij elektronica. Zelfs als deze zijn gemaakt om overal mee naar toe te nemen. Marije Hulshof, directeur van de Consumentenautoriteit stelt in haar column,
De vuistregel is dat je bij een reparatie of vervanging na 4 van de 10 jaar 4/10e van het reparatiebedrag betaalt. Je krijgt er daardoor immers 4 jaar ‘bij’. En voor die ‘extra’ levensduur mag de winkelier dan een vergoeding vragen, zo schrijven o.a. de 

