Recht op toegang tot internet

19 juni 2008, 8:06 - Geplaatst onder: Internetrecht, Meningsuiting - 8 reacties

scriptieprijsZou ik toch helemaal vergeten om het te melden. Begin juni werd de Internet Scriptieprijs uitgereikt voor de beste scriptie over internetrecht. De winnaar van dit jaar is Marcel van Kuijk, die in Tilburg afstudeerde met het onderwerp ‘Recht op toegang tot internet?

Voor telefonie en andere belangrijke diensten bestaat er een recht op toegang. Iedereen in Nederland kan eisen op het vaste telefoonnetwerk aangesloten te worden. Maar voor internet geldt dat niet. Hoewel het vaak niet moeilijk is om toegang tot internet te krijgen, kun je dat niet eisen. Van Kuijk stelt dan ook de terechte vraag aan de orde of dat niet eens anders zou moeten. “Het internet verdringt de traditionele media van de markt en het duurt niet lang meer voordat het onmogelijk wordt om nog te kunnen functioneren in onze maatschappij zonder internettoegang.”

Maar kan dat juridisch wel afgedwongen worden? Jazeker. Uit de samenvatting:

Er bestaat namelijk een Europees Hof voor de Rechten van de Mens (het Hof). Deze rechters hebben als taak zich uit te spreken als een burger zich beroept op een vermeende schending van een bepaling van het EVRM. Het Hof heeft in de afgelopen vijf decennia enorm veel jurisprudentie gegenereerd waarin bepalingen uit het EVRM worden uitgelegd en/of geïnterpreteerd. En zo zou het kunnen gebeuren dat een recht op toegang tot het internet in de toekomst ontstaat in de jurisprudentie van het Hof. Ook het EVRM heeft een artikel dat het recht op vrije meningsuiting beschermt, namelijk artikel 10 EVRM. En het lijkt mij logisch dat als er een recht op toegang tot het internet tot ontwikkeling komt, dit gebeurt onder artikel 10 EVRM.

Ook relevant is artikel 19 van de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens. Net als artikel 10 EVRM regelt dit artikel de vrije meningsuiting. Dit recht omvat de vrijheid om “door alle middelen en ongeacht grenzen inlichtingen en denkbeelden op te sporen, te ontvangen en door te geven.” Dat is sterker geformuleerd dan artikel 10 EVRM, dat slechts spreekt van “de vrijheid om inlichtingen of denkbeelden … te verstrekken”. Hoe dan ook, het doet denken aan het recht gevonden te worden waar ik eerder over blogde.

De jury zag de brede, conceptuele aanpak van Van Kuijk als de belangrijkste reden om zijn scriptie te laten winnen:

De jury heeft de scriptie geselecteerd omdat het onderwerp tot op heden maar beperkte aandacht heeft gekregen, terwijl internettoegang een premisse is om volwaardig in de moderne informatiesamenleving te kunnen participeren. De koppeling aan een meer conceptuele benadering is een tweede pluspunt.

De hoofdprijs bestaat uit een geldprijs van 1500 euro, een betaalde studentstage bij Brinkhof, een ADSL-aansluiting van XS4ALL èn publicatie van de scriptie op www.internetscriptieprijs.nl. Hoewel dat laatste eigenlijk met elke scriptie zou moeten gebeuren natuurlijk.

Arnoud

of lees de 8 reacties

Blogruzies en weghalen van blogberichten

12 juni 2008, 8:24 - Geplaatst onder: Auteursrecht, Aansprakelijkheid, Internetrecht - 5 reacties

Een collegablogger vroeg me:

Onlangs is er bij een weblog waar ik ook voor schrijf een van de medebloggers weggegaan. Hij heeft echter bij zijn vertrek zonder overleg al zijn (meer dan 100) posts verwijderd van de weblog. Ik heb ze teruggezet omdat ik het zonde vond, en nu mailt hij dat ik zijn auteursrecht schend. Maar dat auteursrecht ligt toch bij ons als hij op onze blog publiceert?

Een blogger heeft zelf het auteursrecht op wat hij schrijft. Ook als hij dat op andermans blog doet. Door publicatie draagt hij het auteursrecht niet over maar geeft hij alleen toestemming, een licentie om dit werk te publiceren op een blog. Voor overdracht is een ondertekend document nodig waarin dat expliciet opgeschreven is. Dat mag elektronisch (mail met digitale handtekening) maar een publicatie op een website is nog lang geen overdracht.

Deze licentie werd gegeven zonder vooraf afgesproken einddatum. De vraag is dan of het redelijk is dat de auteur deze zomaar in kan trekken. Voor opzegging van een langlopende overeenkomst geldt dat het er vanaf hangt:

Of in een concreet geval opzegging mogelijk is, moet volgens de rechtspraak van de Hoge Raad beantwoord worden aan de hand van de redelijkheid en billijkheid in verband met de omstandigheden van het geval. Ten aanzien van duurovereenkomsten die voor onbepaalde tijd zijn aangegaan, neemt de (lagere) rechtspraak in kwantitatief de meeste gevallen aan dat opzegging zonder meer mogelijk is, mits een redelijke opzegtermijn in acht worden genomen. (Hijma et al., “Rechtshandeling en Overeenkomst”, nr. 297)

Maar ja, wat is een redelijke opzegtermijn bij een publicatie op internet?

Je zou hier goed kunnen betogen dat je als blogger weet dat publicatie “voor de eeuwigheid” is, en dat je daarom je eenmaal gegeven niet meer kunt intrekken. Of er moet iets heel bijzonders aan de hand zijn. Bijvoorbeeld een blog dat ineens “commercieel gaat” en deze auteur is het daar volstrekt niet mee eens. Dan kan hij de licentie intrekken omdat hij geen medewerking hoeft te verlenen aan een zodanig anders geworden blog.

Wie heeft hier wel eens mee te maken gehad?

Arnoud

of lees de 5 reacties

De ondernemer op de Marktplaats.nl

30 mei 2008, 8:10 - Geplaatst onder: Internetrecht - 4 reacties

Een lezer verkoopt regelmatig producten via Marktplaats.nl, en vroeg zich af wanneer hij nu te maken zou krijgen met de wettelijke regels voor consumentenkoop. Hoe veel producten moet hij daarvoor verkopen? Of welk ander criterium geldt er om te bepalen of hij zich aan deze regels moet houden?

Bij een consumentenkoop gaat het om de verkoop van een product aan een consument. Maar de verkoper moet dan wel handelen “in de uitoefening van een beroep of bedrijf”, zoals de wet (artikel 7:5 BW) dat noemt. Het lastige is alleen dat de wet daar geen definitie voor geeft. Er is dus geen duidelijk criterium waarmee dit eenduidig vast te stellen is.

Je kunt kijken naar bijvoorbeeld een inschrijving in het handelsregister. Als die er is, dan handelt de verkoper bedrijfsmatig. En als hij een BV of andere rechtsvorm heeft opgezet, is het ook duidelijk. Maar dat hoeft niet altijd het geval te zijn. Wat te denken bij bijvoorbeeld iemand die een Tupperware-party organiseert bij haar thuis? Volgens de Tekst & Commentaar is dat ook bedrijfsmatig handelen. De Tupperware-lady zal dus bijvoorbeeld moeten bewijzen dat een defect aan een product dat binnen zes maanden optrad, de schuld is van de koper (7:18 lid 2 BW, zie ook Alex’ gastpost over conformiteit).

In een zaak uit november 2007 kwam deze vraag aan de orde bij een hondenfokker. De koper had een pup gekocht van deze fokker, maar de pup bleek chronische nierfalen te hebben. De koper beriep zich op zijn wettelijke bescherming als consument, en de verkoper verweerde zich dat hij geen professionele fokker was. Hoe ging de rechter hiermee om?

Wil sprake zijn van beroeps- of bedrijfsmatig fokken, dan dient sprake te zijn van het in een zekere omvang en anders dan incidenteel fokken. … Het hof neemt als uitgangspunt dat ten aanzien van de vraag of de verkoper in de uitoefening van een beroep of bedrijf heeft gehandeld beslissend is wat partijen over en weer hebben verklaard en wat zij over en weer uit elkaars verklaringen en gedragingen hebben mogen afleiden. Veel zal afhangen van de manier waarop de verkoper naar buiten treedt. De professionaliteit van het handelen, dient aldus van geval tot geval te worden beoordeeld.

Vervolgens toetst het Hof een hele serie criteria, en komt tot de conclusie dat geen van allen een conclusie rechtvaardigen dat de verkoper bedrijfsmatig bezig was. Ik loop ze even langs:

  • Een fokkerij hebben: een bedrijfsmatige fokkerij kan natuurlijk, maar niet elke fokkerij is een bedrijf.
  • Een naam voeren: de klant noemde dit een handelsnaam, maar bij ook bij pure hobbyfokkers is het gebruikelijk om je kennel een naam te geven. Als uit de naam iets zou blijken dat een professionele activiteit suggereert, zou dat misschien anders zijn (denk aan woorden als “professional”, of “services”).
  • Adverteren: de verkoper adverteerde in een clubblad met haar dekreu en pups, maar omdat het blad alleen op hobbyisten gericht was, en een kleine oplage had, was de advertentie nog geen bewijs van professioneel handelen. Ook consumenten adverteren producten en diensten die zij willen leveren.
  • Een website hebben: goed, het speelde in 2004, maar ook toen al hadden genoeg consumenten en hobbyisten websites. Een fokker die trots is op zijn kennel, kan daar dus een website voor maken en daarop melden dat hij een dekreu heeft waar anderen tegen betaling gebruik van mogen maken.
  • Een betaalde kracht hebben: de verkoper betaalde iemand om te helpen in de kennel. Dat kunnen ook consumenten doen (bijvoorbeeld de hulp in de huishouding). Ook dat zegt nog niet dat je een bedrijf hebt dus.
  • Deskundig en ervaren zijn: de verkoper deed dit al jaren, maar ook hobbyisten kunnen zeer deskundig en ervaren zijn. Wederom geen bewijs dus.

Geen van de genoemde criteria afzonderlijk, noch de combinatie daarvan, overtuigde het Gerechtshof dus dat sprake zou van beroeps- of bedrijfsmatig handelen door de verkoper.

De Belastingdienst hanteert andere criteria. Zij kijken naar tijd die je in de activiteit steekt, of je financieel risico loopt, of je jezelf naar buiten presenteert als onderneming en natuurlijk of je winst maakt. Daarover kwam in deze zaak niets aan de orde. Maar het lijkt mij dat iemand die door de Belastingdienst als ondernemer wordt aangemerkt, voor het consumentenrecht als “verkoper die handelt uit beroep of bedrijf” gezien zal worden.

Met dank aan Rechtenforum.nl.

Arnoud

of lees de 4 reacties

Verslag ICT, Recht en Vertrouwen-bijeenkomst in Den Haag

28 mei 2008, 8:21 - Geplaatst onder: Internetrecht - 2 reacties

Volstaat ons juridisch kader nog voor alle nieuwe technologische ontwikkelingen? Over die vraag werd gisteren het ECP.nl-congres ICT, Recht & Vertrouwen gehouden in Den Haag. Dit in het kader van het project “Vertrouwen 2.0“, dat zich tot doel stelt een ‘roadmap’ te maken voor vertrouwen in de informatiemaatschappij. Hierbij een verslag.

Na een korte introductie van dagvoorzitter Bart Schermer van ECP.NL mocht Rogier van Laar van Logica CMG beginnen met een inleiding in de techniek en toepassingen. Hij onderscheidt vijf trends:

  1. Privacy als nieuwe valuta. Datamining en koppeling van persoonsgegevens is centraal voor veel nieuwe businessmodellen. Gratis profielen, adresboekdiensten, sociale netwerken of zelfs mobiele telefonie - in ruil voor gedetailleerde informatie over jezelf. Daarmee betaal je feitelijk met je privacy voor die dienst.
  2. Encryptie wordt gemeengoed. Nu is encryptie vaak nog een optie, maar het is veel meer aanwezig dan vroeger. Moest je lang geleden nog moeilijk doen met PGP plugins, vandaag is het een gemakkelijk te installeren Thunderbird extensie. En straks misschien zelfs standaard aanwezig zodat zelfs mijn moeder het gebruikt. Een open vraag blijft in hoeverre ook identiteiten (IP-adressen) beschermd zullen worden.
  3. Broadcasting identity. Iedereen kan meedoen, en iedereen lijkt dat ook te doen. Dit schept een behoefte aan redactie, controle en rubriceren.
  4. Ideologie als technische maatstaf. Niet langer mag alles wat kan, steeds meer landen, instanties en personen eisen blokkades of verwijdering van bepaald materiaal. Denk aan blokkades van Wikipedia of Youtube in Brazilië of China, de filters van Comcast bij peer-to-peer verkeer en het Belgische SABAM-vonnis.
  5. “Digital dragqueens”. Deze aandachttrekkende term verwees naar het feit dat zo’n 5% van de avatars van een ander geslacht is dan de speler. Mensen bouwen een ander personage op online dan ze offline zijn. Dat kan onverwachte complicaties hebben, zoals wanneer de Ierse belastingdienst je een aanslag stuurt op basis van wat je in je Hyvesprofiel beweert te bezitten.

Kees Stuurman (Van Doorne en UvT) besprak de ontwikkelingen in het juridisch kader. In de afgelopen tien jaar is er veel gereguleerd, vooral op Europees niveau. We hebben al uitgebreide regels voor elektronische handel, handtekeningen en aansprakelijkheid. De komende jaren zal er meer en ruimere regelgeving verschijnen, bijvoorbeeld voor online verzekeringen en elektronische akten. Het uitgangspunt is daarbij steeds meer verschoven van het oude “wat offline geldt, moet ook online gelden” naar “online moet er nog veel meer gelden”. Er is nu regelgeving te verwachten over bijvoorbeeld elektronische transacties tussen consumenten onderling (zoals op Marktplaats of eBay).

Daarna was het de beurt aan Christiaan Alberdingk Thijm van SOLV. Hij ging dieper in op de implicaties voor de auteurswet. Waar de wet steeds meer rechten toekent aan de exploitant, blijkt in de praktijk de consument, de afnemer van werk juist steeds meer te kunnen en te willen. Het achterliggende idee was dat rechthebbenden en afnemers graag op individueel niveau zouden willen onderhandelen over licenties en toegestaan gebruik. Vandaar DRM en kopieerbeveiligingen: dat zou deze afspraken juridisch afdwingbaar en controleerbaar maken.

Na de pauze besprak Gerrit-Jan Zwenne (Universiteit Leiden en Bird & Bird) de privacywetgeving. Zwenne is kritisch over de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Deze gaat veel te ver en verbiedt allerlei doodnormale verwerkingen, zoals een smoelenboek op intranet of een cookie van een Japanse website. Zo zou ik deze blog moeten aanmelden omdat u uw naam achterlaat in de comments. Tegelijkertijd hoefde bijvoorbeeld Air France KLM vrijwel niets te doen toen de Amerikaanse justitie afgifte van passagiersdata eiste. Zwenne pleit voor een realistischer benadering. Kijk naar de risico’s, en niet alleen naar de theorie. Ontwerp privacy mee in nieuwe systemen (”privacy by design”).

Arno Lodder (Computer Law Institute) mocht praten over “realiteit 2.0″, de virtuele realiteit waar hij al eerder het boek Recht in een virtuele wereld over uitgaf. Aan de hand van aansprekende voorbeelden zoals de Habbo-diefstal en de Amerikaanse zaak van Bragg vs. Linden Labs liet Lodder zien welke problemen er in virtuele werelden allemaal spelen. Interessant wordt nog de zaak van Hernandez vs. IGE over gold farming.

Als laatste vertelde Cyril van der Net van wederom SOLV over handhaving van de wet op internet, in het bijzonder de auteurswet (waar Van der Net als wetgevingsjurist in 2004 bij betrokken was). Dat auteursrecht onder druk staat, is een open deur natuurlijk. Wat zou een oplossing kunnen zijn? Cyril zag een mogelijkheid voor collectief rechtenbeheer: net zoals de BUMA voor muziek en Stichting de Thuiskopie voor, inderdaad, de thuiskopie zou er bijvoorbeeld een beheersorganisatie voor rechten op internet kunnen komen. Ook zou een gespecialiseerde bemiddelaar of arbitrage-instantie voor auteursrechtgeschillen een goed idee kunnen zijn.

Na een paneldiscussie over mogelijke oplossingen. werd het tijd voor de borrel.

Alles bij elkaar een leuke bijeenkomst, vooral die borrel. Inhoudelijk was het vooral een nuttig overzicht van de bestaande problemen. De volgende keer zou het wel nuttig zijn om meer aandacht aan oplossingen te geven.

Arnoud

of lees de 2 reacties

Mag ik alleen jongens in mijn clan?

27 mei 2008, 8:40 - Geplaatst onder: Internetrecht - 9 reacties

Ok, deze is origineel. Een speler van Runescape was een clan begonnen en wilde daar geen meisjes bij. Eén van de geweigerde meiden was kennelijk juridisch onderlegd, want zij kwam met de Wet Gelijke Behandeling aanzetten. Als een werkgever een sollicitant niet mag weigeren omdat ze vrouw is, waarom deze clanleider dan wel?

De Wet Gelijke Behandeling verbiedt onderscheid op geslacht in veel gevallen. Wie een dienst aanbiedt of een aanbod tot een overeenkomst doet, mag in principe geen ongeoorloofd onderscheid maken (art. 7 lid 1 WGB). Dat geldt ook voor natuurlijke personen die niet handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf, als zij het aanbod in het openbaar doen.

Je zou kunnen zeggen dat een clan, een samenwerkingsverband tussen spelers in een virtuele wereld, een soort van dienst is. Of in ieder geval een samenwerkingsovereenkomst. Je belooft elkaar te helpen en je samen in te zetten voor de clan. Zolang zo’n clan beperkt blijft tot een klein groepje waar je alleen op uitnodiging lid van kunt worden, staat de WGB toe dat de leider op elke grond die hij wil mag kiezen of iemand lid mag worden of niet.

Wordt het aanbod in het openbaar gedaan, dan ligt het moeilijker. De enige redding voor deze jongen is dan nog de uitzondering dat het onderscheid mag als het gaat om “eisen die gelet op het privé-karakter van de omstandigheden waarop de rechtsverhouding ziet in redelijkheid kunnen worden gesteld.” (artikel 7 lid 3). Dat zie ik niet zo snel opgaan in deze situatie.

Van een andere orde is als de exploitant van het spel een dergelijk onderscheid zou maken. Dat speelde in 2006 bij datzelfde WoW toen een speler een ‘guild’ voor homoseksuele en lesbische spelers wilde opzetten. Exploitant Blizzard verbood dat omdat het aanleiding zou geven tot gescheld en geruzie van andere spelers.

Wat zal ik deze jongen adviseren? Wees blij dat er meisjes meedoen? :)

Arnoud

of lees de 9 reacties

Opheffen van meerdere accounts, wanneer moet dat?

23 mei 2008, 8:44 - Geplaatst onder: Privacy, Internetrecht, Contracten - 15 reacties

Een meelezende forumbeheerder mailde me:

Wij hebben geconstateerd dat een gebruiker meerdere gebruikersnamen in gebruik bleek te hebben (laten we zeggen: A, B en C). Dat is in strijd met ons forumreglement. Ik heb gebruiker A daarom aangeschreven. A heeft gereageerd en ontkende B en C in gebruik te hebben. Nu eist A in een e-mail verwijdering van zijn gebruikersnaam en al zijn berichten. Ook eist hij hetzelfde voor B en C.

Iemand die zijn account op een website of forum wil opheffen, kan opheffing eisen bij de beheerders. Dat blijkt uit de privacy-richtsnoeren van het College Bescherming Persoonsgegevens. Berichten van die persoon moet je dan ook verwijderen, tenzij dat de structuur en begrijpelijkheid van de discussie zou verstoren. In dat geval moet je ze zo veel mogelijk anonimiseren.

Hier is het lastige dat persoon A eerst ontkent eigenaar te zijn van accounts B en C, en vervolgens eist dat ze opgeheven worden. Als het beheer zelf overtuigd is dat B en C inderdaad door dezelfde persoon gebruikt worden (bijvoorbeeld omdat ze op hetzelfde moment vanaf hetzelfde IP-adres gebruikt zijn), dan zou het verzoek geen probleem moeten zijn.

Wel moet je natuurlijk controleren dat het echt A is die de mail met het verzoek stuurt. Ik zou zeggen dat zo’n verzoek vanaf het gebruikersaccount moet komen dat moet worden opgeheven (via een privébericht naar beheer bijvoorbeeld). Niet vanaf een Hotmail- of Gmail-account. de beheerder mag er vanuit gaan dat iemand die het wachtwoord heeft van een account, de eigenaar ervan is.

Dat lost meteen het probleem op met B en C: als meneer A daar ook de eigenaar van is, kan hij probleemloos drie pb’s sturen vanaf elk van de accounts en dan is het beheer keurig ingedekt.

Arnoud

of lees de 15 reacties

Half miljoen boete voor Nederlandse spammers

20 mei 2008, 8:27 - Geplaatst onder: Internetrecht, Meningsuiting - 10 reacties

De telecomtoezichtouder OPTA heeft twee bedrijven een boete van totaal zo’n half miljoen euro opgelegd voor het versturen van spam, meldt o.a. Tweakers. Dit is de hoogste boete ooit in Nederland voor ongevraagde reclame per e-mail.

De OPTA had de spammerts al eerder gewaarschuwd, maar die verstuurden vervolgens nog zo’n 4,5 miljoen e-mails. En tsja, dan wordt men boos. Zoals voorzitter Chris Fonteijn van OPTA het zegt in het besluit:

Als je na een waarschuwing doorgaat met het lastigvallen van consumenten met ongevraagde e-mails, dan kun je een zware boete verwachten. Dit is dan ook de hoogste boete die OPTA tot nu toe voor het overtreden van het spamverbod heeft opgelegd.

De boete mag dan de hoogste ooit zijn, maar hij is nog steeds minder dan de 1,7 miljoen die de spammerts verdiend zouden hebben met hun 0900-nummers. In de spam werden mensen namelijk opgeroepen een duur 0900-nummer te bellen om voor thuiswerk te solliciteren, maar ze bleken alleen maar lang aan de lijn gehouden te worden. Meer mocht de OPTA echter niet opleggen: dit was het maximumbedrag dat voor overtredingen als deze kan worden opgelegd.

Wat me verbaasde, is dat de OPTA niets had gedaan met de klachten over het 0900-nummer. Iemand verlokken om zo’n duur nummer te bellen en deze dan zo lang mogelijk aan de lijn houden, dat moet toch strafbaar zijn? Niet dus. Nog niet - er komt een wetswijziging die dit soort dingen expliciet gaat verbieden. Maar weet iemand wat deze wijziging inhoudt? De OPTA heeft het over “wijziging van artikel 4.4 Telecommunicatiewet, BUDE (Besluit Universele Dienstverlening en Eindgebruikersbelangen) en het RUDE (Regeling Universele Dienstverlening en Eindgebruikersbelangen).” Het recentste wetsvoorstel dat ik ken is TK 30661, en daarin zie ik geen verwijziing naar 4.4 Tw.

Geenstijl wijst nog op de “gedeeltelijk stomme” uitspraak van de Raad voor de Journalistiek over één van de twee bedrijven.

Arnoud

of lees de 10 reacties

Drie ton boete voor UPC voor ongevraagd toezenden Mediabox

16 mei 2008, 9:00 - Geplaatst onder: Internetrecht, Contracten - 16 reacties

De Consumentenautoriteit heeft kabelboer UPC zeven boetes van in totaal ruim 300.000 euro opgelegd, meldt Nu.nl. De reden was de zeer agressieve manier waarop het bedrijf mensen aan de digitale televisie probeerde te krijgen: iedere analoge klant (zoals Tweakers het noemt) kreeg ongevraagd een Mediabox thuisgestuurd met een aanbod om digitale TV gratis uit te proberen. Anderen werden gebeld door een callcenter of kregen een colporteur van UPC aan de deur die ze over probeerde te halen om deze dienst te nemen.

Dat soort praktijken is keihard in strijd met de wet. Het ongevraagd toesturen van producten met het doel iemand over te halen een dienst af te nemen mag niet. Gebeurt het toch, dan mag je het product houden en zit je nergens aan vast. Los daarvan kan de Consumentenautoriteit optreden en boetes opleggen aan bedrijven die dit soort malafide praktijken hanteren.

Het sanctiebesluit schetst een behoorlijke serie overtredingen. Uit onderzoek door TNS NIPO bleek bijvoorbeeld dat 16 procent van de telefonisch benaderde klanten niet akkoord was gegaan met het aanbod, maar toch een Mediabox thuisgezonden kreeg onder verwijzing naar het telefoongesprek. En dat ging dan zo:

Binnen 3 weken ontvangt u van ons de mediabox, waarmee u de komende drie maanden gratis de gelegenheid heeft om alle voordelen van digitale televisie zelf te ervaren. […] Wilt u de box toch niet houden dan heeft u toch 3 maanden kennis kunnen maken met digitale televisie en kunt u de box gratis terugsturen. Gaat u hiermee akkoord?”

Wie hierop ‘ja’ zegt, had een jaarabonnement op digitale televisie gesloten, aldus UPC. Maar zo werkt het natuurlijk niet. Onder verwijzing naar een uitspraak van de rechtbank Zwolle concludeert de Consumentenautoriteit dan ook dat deze redenering van UPC niet opgaat.

Ook bij de ongevraagd aangeleverde Mediaboxen waren veel klachten:

“Er stond een meneer op de stoep, gestoken in een wit jasje met de tekst Pakketservice erop en met een steekwagentje en een aantal pakketten erop. Deze meneer heeft geprobeerd om het ding door mijn strot te duwen onder het mom van ‘het is gratis, meneer’.”

Terugsturen viel nog niet mee. Bright probeerde het, maar hun gemolesteerde Mediabox werd voor een bom aangezien. Voor de vernieling in vereniging van UPC’s eigendom kreeg men 300 euro boete opgelegd.

UPC verweerde zich door te stellen dat ze de aflevering per brief gemeld hadden. In de brief stond dat je de Mediabox mocht weigeren. Maar het is dan nog steeds colportage. En bij een colportagegesprek moet de colporteur meteen melden wat het oogmerk van zijn bezoek was: het sluiten van een overeenkomst voor digitale televisie. Ongeacht wat er al per brief gemeld zou zijn.

Sommige colporteurs bleken zelfs misleidende mededelingen te hebben gedaan, bijvoorbeeld dat een klant “straks geen beeld meer op de televisie zal krijgen” of dat het pakketje “voor uw vrouw” bestemd was.

Daarnaast meldde UPC nergens dat je de overeenkomst binnen zeven werkdagen weer kon ontbinden. Ook aan andere informatieplichten werd niet voldaan. Zoals de simpele plicht om te melden namens welk bedrijf je een pakketje komt afleveren.

UPC kan nog in beroep tegen het besluit.

Wie heeft er net als ik nog meer een Mediabox gehad van UPC? En wat is daarmee gebeurd?

Arnoud

of lees de 16 reacties

Memo van uw juridische afdeling

7 mei 2008, 0:39 - Geplaatst onder: Internetrecht - 5 reacties

Wat heeft een jurist te maken met online marketing? Dat was de eerste vraag die in me opkwam toen ik de uitnodiging kreeg om mee te schrijven aan de online marketing blogkermis. Ik heb heel veel stropdassen, maar niet één paarse broek. En bovendien, zijn juristen niet die flauwe mensen die alleen maar zeggen dat allerlei innovatieve marketingtrucs tegen de wet zijn?

Soms is het toch wel handig om even met die juristen te overleggen. En niet alleen om een herhaling van blunders zoals de agent van Geel-saga te voorkomen. Dankzij allerlei ‘innovatieve praktijken’ van uw minder scrupuleuze concurrenten is er de laatste jaren heel wat wetgeving bijgekomen over marketing en zakendoen op internet. Denk aan de Wet Koop op Afstand, het verbod op ongevraagde reclame per e-mail of sms, of zelfs maar iets triviaals als je KVK-nummer op je zakelijke e-mails moeten zetten.

De belangrijkste nieuwe wetgeving betreft de nieuwe regels rondom oneerlijke handelspraktijken. Op grond van een Europese richtlijn zijn oneerlijke handelspraktijken verboden. Allerlei misschien wat schimmige maar tot nu toe legale praktijken zijn daarmee ineens tegen de wet. Een leuk prijzenfestival organiseren zal nog niet meevallen. En klanten binnenlokken met een stuntaanbieding die helaas toevallig net uitverkocht is (”maar we hebben nog wel een andere die ook heel goed is”) mag ook niet meer. Oh ja, en een advertorial laten lijken op redactionele inhoud is ook keihard verboden straks.

Financiële dienstverleners kregen onlangs nog te horen dat elke banner voorzien moet zijn van de volledige informatie over rente, maandlasten, looptijd en totale prijs. Ook telecomaanbieders moeten uitkijken met hun vergelijkende reclames, want voor ze het weten staan ze weer bij de rechter over onjuist gepresenteerde tarieven (”twee cent per minuut afgerekend per 45 seconden plus acht cent starttarief is NIET goedkoper dan drie cent per minuut afgerekend per seconde zonder starttarief maar alleen tussen kwart over negen ’s avonds en tien voor acht ’s ochtends”).

Daarnaast heeft het College Bescherming Persoonsgegevens het internet ontdekt. De Richtsnoeren Persoonsgegevens op Internet bevatten strenge regels over wat je met persoonsgegevens van klanten en bezoekers van je site mag doen. De korte samenvatting: wat u van plan bent met die gegevens, mag niet tenzij u iedereen apart toestemming vraagt.

Mocht u nu denken dat uw klanten brave huisvaders zijn die toch geen rechtszaak beginnen: sinds kort is er een overheidsinstelling, de Consumentenautoriteit, met als enige taak het controleren en afdwingen van dit soort wettelijke regels.

En een hoe grote hekel heeft uw concurrent aan u? Wie namelijk een oneerlijke handelspraktijk toepast, handelt onrechtmatig jegens zijn concurrenten. Die mogen het bedrijf dan voor de rechter dagen om naleving van de regels af te dwingen. Inderdaad, hetzelfde gedoe als bij de telecomboeren. Het kan dus zeker de moeite waard zijn om even bij die jurist langs te lopen met uw nieuwe plannen.

Ik heb trouwens wel een paarse stropdas. Ben ik dan niet toch een beetje marketeer?

De overige artikelen uit de blogkermis:

Tips voor succesvol groeien

blog kermis boumanMarco Bouman met Meer klanten door nieuwe marketing
Marco gaat op de nieuwe wetten van de marketing, o.a.: Ga de interactie aan met uw klant, Geef gratis, Handel vanuit passie en plezier, Geen concurrentie maar overvloed…

Recruitment matters

Bas van de Haterd met Trends aan tafel en recruitment
Bas legt uit hoe hij andere blogs leest en probeert te vertalen naar arbeidsmarktcommunicatie en recruitment. Hij vertaald trends aan tafel (over wat wij op tafel zetten) naar zijn vakgebied.

Blog Zichtbare zaken

Huub Koch met Een heldere briefing: Een goed begin helpt echt!
Huub geeft een uitleg waarom een briefing zo belangrijk is. “Vormgeving in dienst van de inhoud en niet van zichzelf.” Met een uitleg hoe je tot de opstelling van een briefing kunt komen.

Internetrecht: actualiteiten en commentaar

Arnoud Engelfriet met Memo van uw juridische afdeling
Wat heeft een jurist te maken met online marketing? Nou Arnoud komt met een paar handige onderwerp voor een online marketeer. Denk aan de Wet Koop op Afstand, het verbod op ongevraagde reclame per e-mail of sms, of zelfs maar iets triviaals als je KVK-nummer op je zakelijke e-mails moeten zetten. De belangrijkste nieuwe wetgeving betreft de nieuwe regels rondom oneerlijke handelspraktijken.

Spotlighteffect

Ernst-Jan Pfauth met YouTube meets Idols
Ridzert Beetstra gaat in kamerdansen.nl een initiatief van Nivea. Waarbij het hem opvalt dat de doelgroep heel open hun kunsten delen met het publiek.

Whelp

Theo Bakker met Nofollow-pagina’s uitsluiten van PR building
Theo legt uit waarom je sommige pagina’s niet wilt laten opnemen in de zoekmachines. Daarbij een korte uitleg hoe je dan deze pagina’s uitsluit.

Tom Scholte Personal Branding

Tom Scholte met Versterk je positie in 3 stappen
Volgens Tom kun je jouw positie versterken in 3 stappen: wees onderscheidend, verhoog je geloofwaardigheid en zorg dat je relevant bent.

Mokka Marketing

Arjan in’t Veld met Ouderenmarketing door een andere bril
Het artikel geeft inzicht in het afstudeerproject van Bertien Koopman aan de Universiteit Twente. Zij onderzocht het begrip seniorenmarketing vanuit ruim 90 wetenschappelijke theorieën.

ZB Digitaal

Edwin Mijnsbergen met De bedrijfsfilosofie van Brunello Cucinelli
Edwin beschrijft werkbezoek aan de werkplaats van het bedrijf van de steenrijke Brunello Cucinelli, dat tevens fungeert als opleidingscentrum en in de toekomst zelfs als regionaal cultureel centrum.

Het professionele verkoopvak

Harro Willemsen met De tien meest irriterende verkooplingo
De 10 meest irritante uitspraken van de afdeling verkoop, denk hierbij aan: Jong en dynamisch, conculega, Kijken of we iets voor elkaar kunnen betekenen…

EdWords.nl Zoekmachine Marketing Blog

Eduard Blacquiere met Google: Navigatiedienst of Mediabedrijf?
Eduard verteld meer over de nieuwe functie van Google, search within a search. De functie is ontstaan omdat veel navigatiezoekers vaak alsnog hun zoekopdracht verfijnen om verder te zoeken binnen de betreffende website. Of zit er nog meer achter?

Punkmedia

Henk-Jan Winkeldermaat met En hij is full-frame, hè? (dromen over de 1Ds Mark III)
Henk-Jan vertelt meer over de camera die hij gebruikt voor zijn werk, deze is namelijk full-frame….eeeuh full-frame?? Laat Henk-Jan het je uitleggen.

peterdesmyttere.com

Peter Desmyttere met Twitter? Nee, bedankt.
Peter heeft Twitter getest en komt tot de conclusie dat het zakelijk niet werkt. Hij geeft het advies om als ondernemer, die het druk heeft, slechts twee maal per dag de e-mail te lezen, geen Blackberry en te stoppen met Twitter.

Weblog Olaf Molenaar

Olaf Molenaar met Waarom zou ik nou gaan bloggen?
Olaf bekijkt waarom mensen en bedrijven zo bang zijn voor bloggen en vergelijkt dit met ondernemers die bloggen juiste hebben omarmt. Als laatste geeft hij nog een persoonlijk voorbeeld hoe de zoekresultaten worden beinvloed door bloggen.

Hardcopy

David Brinks met Gaaf idee - Mini-bi-Xenon
Een billboard aan de zijkant van een pand met een mini met Xenon verlichting. Of toch niet?

andrescholten.nl

Andre Scholten met Webmail clients en Google Analytics
Andre legt uit hoe de verwijzingen vanuit mail clients je zoekresultaten kunnen vertroebelen. Verder geeft hij tips hoe je dit kunt verminderen.

Pieter Voogt op deondernemer.nl

Pieter Voogt met Hoe populair is uw website?
Pieter vertelt meer over de waarde die Google toekent aan websites; PageRank. Een indicator die aangeeft hoe populair de site is.

Flitter.nl Online Marketing Blog

Roeland Pater met Skoeps stopt. Een signaal dat we niet moeten missen?
Skoeps is gestopt. Een website die draait om burgerjournalistiek kon het niet redden. Heeft het te maken met angst van de adverteerders. Is dit innovatieve concept te vroeg? Roeland vraagt het zich af.

propaganda

Lode Broekman met Succesvolle sociale netwerken: het W3 model - deel 3
Alweer deel 3 van 3, over succesvolle sociale netwerken. Dit deel gaat over; wat wordt er gedeeld met Wie en Hoe? De eerste 2 delen gaan over Waarom en Wie. Het gaat om het delen van content want zonder interactie is er geen community.

Sales is een vak!

Sales is een vak Rikkert Walbeek Cold CallingRikkert Walbeek met Cold calling.
Rikkert geeft uitleg waarom cold calling belangrijk is, iedere verkoper moet cold calls doen. Of je een marketing apparaat tot je beschikking hebt dat voor voldoende leads zorgt. In de praktijk zullen de meeste verkopers echter zelf voor (een deel van) hun leads moeten zorgen. Cold calling is dan 1 van de manieren om zelf die leads te vergaren.

Checklist

Erwin Blom met Twitter evangelist
Erwin legt enthousiast uit waarom hij Twitter gebruikt en wat het hem oplevert. Dit verhaal is eerder verschenen in Bright. Erwin: “In de afgelopen 6 maanden heb ik dankzij Twitter meer leuke mensen ontmoet dan de 6 jaar ervoor.” Een mooi verhaal tegenover het eerder genoemde artikel van Desmyttere.

Usabilityweb.nl

Rozalinde Kriens met Het ontwerp van de beste gebruikersbeleving?
Wow, een zeer uitgebreid en interessant artikel van Rozalinde over gebruikersbeleving. Belangrijk is hierbij dat je een gebruikersgroep kiest (je niche). Je kunt namelijk geen optimale gebruikersbeleving maken voor iedereen, je moet kiezen voor welke groep je de beste gebruikersbeleving wilt maken.

Karel Geenen

Karel Geenen met Sonja Bakker voor je website
De inspiratie is voor Karel gekomen uit het feit dat de gemiddelde webpagina de afgelopen 5 jaar 3 maal zo groot is geworden. Om je laadtijd zo laag mogelijk te houden vind je in dit artikelen tips om je pagina zo klein mogelijk te houden. Ook nog enkele links naar oplossingen hoe je kunt meten hoe groot je pagina is en wat de laadtijd bedraagt.

Usarchy.com

Ruben Timmermans met 5 Praktische Tips voor Usability Testen
Ruben komt met 5 praktische tips hoe je nu een usability test opzet; van deelnemer tot locatie en vraagstelling.

Erno Hannink

Een artikel van mijn eigen site 10 pagina’s die elke bedrijfsblog nodig heeft
Een overzicht van de meest belangrijke pagina’s die niet mogen ontbreken in een bedrijfsblog. Pagina’s als; over, contact, disclaimer, privacy…

Kletskous

Blog kermis KletskousCatharina Bethlehem met Deur open en drempels slechten voor een groter marktaandeel
Catharina is een enthousiast open source aanhanger. In dit artikel laat ze zien hoeveel drempels er soms worden opgeworpen om te blijven werken met Microsoft. Een omschakeling naar open source kun je niet afdwingen maar je kunt wel de deuren open zetten en de drempels zo klein mogelijk maken. Zo is er bijvoorbeeld de release party van Ubuntu op 17 mei te Amsterdam.

Arnoud

of lees de 5 reacties

Petitie Vroeg Op Stap vanwege digitale handtekeningen ongeldig

23 maart 2008, 12:56 - Geplaatst onder: Internetrecht - 5 reacties

De petitie van actiegroep Vroeg Op Stap blijkt ongeldig, meldt onder andere Nu.nl. De groep wil vervroegde horecasluitingstijden wettelijk laten vastleggen, en had daarvoor een website opgezet waar sympathisanten hun handtekeningen konden achterlaten. Met 40.000 handtekeningen kun je dan een wetsvoorstel op burgerinitiatief indienen.

Vroeg Op Stap had er meer dan 120.000. De commissie burgerinitiatieven weigerde het voorstel echter toch naar de Tweede Kamer te sturen, omdat de handtekeningen niet op papier stonden maar elektronisch waren. Ze waren daarom niet rechtsgeldig. Dat blijkt ook in de bij Postbus 51-folder te staan.

Wat flauw.

Artikel 9 van het reglement van deze commissie eist dat een burgerinitiatief van haar 40.000 of meer sympathisanten de “naam, adres, geboortedatum en handtekening” verzamelt. Er staat “handtekening”, en dat moet je in principe inderdaad lezen als “handgeschreven handtekening”. Digitale handtekeningen zijn toch rechtsgeldig, denkt u nu. Klopt, maar die regeling is gemaakt voor handtekeningen in het vermogensrecht en het handelsverkeer tussen burgers. Contracten, akten en dat soort zaken.

Interessant daarbij is dat een digitale handtekening, of wat de wet dan noemt een elektronische handtekening, meer is dan alleen die moeilijke wiskunde met certificaten en zo. Een ingetypte naam kan namelijk een geldige digitale handtekening zijn. Daarvoor moet je naar het doel kijken waarvoor de handtekening nodig is. Bij een contract zou je zware eisen kunnen stellen, bij een blogpost heel wat minder. Die naamsvermelding onderaan mijn blogposts is dus een geldige digitale handtekening. Het doel daarvan is aan te geven dat ik auteur ben van die blogpost. En voor dat doel is in de context van bloggen het intypen van de tekst “Arnoud” voldoende.

Artikel 3:15c BW bepaalt dat de regeling over digitale handtekeningen ook buiten het vermogensrecht toepasbaar is, “voor zover de aard van de rechtshandeling of van de rechtsbetrekking zich daartegen niet verzet.” Dit is bijvoorbeeld uitgewerkt in art. 2:13 Algemene Wet Bestuursrecht, dat zegt dat berichten tussen burgers en de overheid elektronisch mogen worden verstuurd tenzij er een specifiek wettelijk verbod of vormvoorschrift dat anders bepaalt. Artikel 2:16 Awb zegt dat een digitale handtekening geaccepteerd moet worden als deze “voldoende betrouwbaar” is voor het doel van het bericht waar de handtekening op staat.

Het doel van de handtekeningen op de petitie is uiteraard dat de commissie (steekproefsgewijs) kan verifiëren dat de handtekeningen echt zijn. Dat zegt commissievoorzitter Johan Remkes ook bij 3voor12: “Papieren handtekeningen zijn beter te controleren. Als we dat willen uitbreiden naar digitale handtekeningen, moet de Tweede Kamer eerst ons reglement veranderen.”

Die logica volg ik niet. Een elektronische lijst met ingetypte namen en adressen lijkt me een stuk beter te controleren dan handgeschreven namen en geboortedatums. De petitie van Vroeg Op Stap laat mensen naast hun naam en e-mail ook hun adres, postcode en woonplaats invullen. En daarmee zijn de gegevens prima te verifiëren. Sterker nog, het lijkt me juist beter om het op deze manier te doen dan de manier van de Postbus 51-folder. Het is niet eens verplicht om je adres in te vullen bij een papieren petitie!

Deze petitie afwijzen enkel en alleen omdat de handtekeningen geen onleesbare krabbels op papier zijn, vind ik dan ook bijzonder weinig vooruitstrevend. We willen toch een E-overheid?

Arnoud

of lees de 5 reacties
« Vorige PaginaVolgende Pagina »

Copyright Arnoud Engelfriet - Some rights reserved - Powered by WordPress