Mag een gemeente WhatsApp-reclamebordjes ophangen ter buurtpreventie?

| AE 12653 | Informatiemaatschappij | 50 reacties

Via Twitter:

Het logo van WhatsApp op de borden [met “Attentie buurtpreventie” zie hiernaast] heeft geen enkele functie bij het attenderen van burgers op de aanwezigheid van buurtpreventie. Het is dus weldegelijk reclame.
Dit haakt in op een discusssie de de Piratenpartij Delft voerde met de gemeente, naar aanleiding van diens oproep om een vragenlijst over veiligheid in te vullen. De PP had bij de oproep een foto gezien van zo’n bordje in Delft, en vroeg zich af waarom de gemeente stug reclame blijft maken voor privacy schendende diensten van WhatsApp-eigenaar Facebook.

“De gemeente gebruikt facebook, maar bijvoorbeeld ook Twitter, Instagram en de gemeentewebsite als ‘middel’ om bepaalde informatie te verspreiden en om bepaalde doelgroepen te bereiken,” reageerde een woordvoerder. Wat natuurlijk geen antwoord is, vandaar dat men doorvroeg en dit antwoord kreeg:

Veel bewonersgroepen werken met WhatsApp voor buurtpreventie. De borden zijn standaard borden die men erop attendeert dat er buurtpreventie actief is. Het is dus geen reclame. De vormgeving van de attenderingsborden sluiten aan op wat landelijk gebruikt wordt.
Het terechte punt van de PP is natuurlijk waarom men WhatsApp noemt bij die dienst. Dat een buurt zich bezighoudt met buurtpreventie is op zich logisch en een gemeente kan dat prima toejuichen. Maar net zoals de gemeente zal verwijzen naar supermarkten in plaats van naar de Albert Heijn, zou men dan toch moeten verwijzen naar, eh ja, een chatdienst buurtpreventie? Ik geef toe dat dat volstrekt niet bekt.

Het concept van “WhatsApp buurtpreventie” stamt voor zover ik kan zien uit 2015. Toen was WhatsApp eigenlijk de enige serieuze groepsmessenger in Nederland, dus als je snel elkaar tips wilde geven over verdachte sujetten of vervelende situaties in de openbare ruimte, dan was een WhatsApp-groep de enige echte optie. Dat dat dan groeit tot “het” woord voor dat soort gezamenlijk opletten, dat begrijp ik dan wel.

Daaruit volgt dat je als gemeente ook gewoon “WhatsApp buurtpreventie” zegt als je bedoelt dat men buurtpreventie doet en daarbij een groepschatapp gebruikt. Want met die term herkent iedereen het, en het logo is ook zeer aansprekend. Bordje erbij, klaar is Trevor.

En ja, dan promoot je als gemeente dus een commerciële dienst – die óók nog eens een keer gekoppeld is aan rechtsextremisme-aanwakkerende datagraaiende dienst Facebook, dus hoe haalt Delft het in zijn hoofd. Ja, ik zie de raadslieden zich al warmlopen bij de interruptiemicrofoon. Maar ik zou zelf deze wijze van gebruik van het logo niet direct als “reclame voor WhatsApp” benoemen. Dit is hoe we dit soort diensten noemen in Nederland.

Arnoud

 

Deel dit artikel

  1. Met

    Dit is hoe we dit soort diensten noemen in Nederland.
    ben ik het niet eens. Het merendeel van de mensen gebruikt WhatsApp. Daarom wordt die term gebruikt.

    Bij “App mij maar”, wordt over het algemeen ook WhatsApp bedoeld. Dus vraag ik regelmatig of het ook via een andere dienst, of gewoon SMS kan.

    Ik ben het met afdeling Delft eens dat dit nergens voor nodig is. De buren weten elkaar wel te vinden, dat kunnen ze desnoods ook met een alarmbel doen… Hoe ze communiceren voegt weinig toe aan de mededeling dat er buurtpreventie is.

    Ps. Lekker misnoemer die term ‘buurtpreventie’. Eigenlijk heeft de oplossing altijd al onderdeel van de naam uitgemaakt: “WhatsApp-buurt” preventie. Weg met WhatsApp, tijd voor een andere app!

  2. Die borden worden landelijk gebruikt en laten we wel wezen, hoeveel buurtpreventie chats zijn er die geen gebruik maken van WhatsApp? ik gok geen. Daarnaast is chatten met WhatsApp ongeveer gelijk aan zoeken met Google, je googelt ook “iets” ook al gebruik je een andere zoeker.

    • Mijn standaard zoekmachine is DDG, maar als ik iemand vertel wat te zoeken dan zeg ik echt niet dat ik even wat ‘google’. Denk ook dat mensen die bewust een Telegram of Signal gebruiken dit ook echt niet verwarren met Whatsapp.

      Voor buurtpreventie zijn er tegenwoordig ook wat dedicated (soms commerciele) apps beschikbaar. Tijd geleden ook een brief gehad van een of andere club die hier samenwerkte met de gemeente. En iets andere variant, maar bv Ring heeft (in de VS, dat wel) een app om beelden te delen.

      Volgens mij is er gewoon een handige marketingclub geweest die die bordjes op de markt heeft gebracht en daar een leuke cent mee heeft verdient door de jaren heen.

    • Hier in de buurt wordt geen WhatsApp gebruikt voor buurtpreventie, maar een commerciële app voor buurten en wijken waarvan ik even de naam kwijt ben (de app is overigens ook afkomstig uit de VS). En er zijn weer wijken hier en elders in het land die die app gebruiken. Dus “ik gok geen” heb je helemaal fout gegokt.

  3. Ik ben wel benieuwd of het wel eens onderzocht is of deze app-groepen een objectief kwantificeerbaar voordeel opleveren in de veiligheid van de buurt, en of daar boven op die bordjes uberhaupt enig effect hebben.

    eh ja, een chatdienst buurtpreventie? Ik geef toe dat dat volstrekt niet bekt.

    Ongetwijfeld is er een marketingbureau die ook een leuk alternatief kan bedenken zonder ‘whatsapp’ in de naam. Wellicht gewoon, eh, ja, ‘buurtpreventie’? “korter = beter” zei een prof op de uni ooit…

  4. Er is een keurig alternatief, genaamd buurtapp, waar mensen zich kunnen aanmelden voor een buurt en dan in de groep worden toegevoegd. Voordeel van deze app, is dat je geen nummers hoeft uit te wisselen, er geen facebook data-analyse achter zit, data in NL staat (en blijft staan) en zo nog wat privacy voordelen. Ook kun je notificatie alerts aan- of uitschakelen afhankelijk van de ernst van de notificatie. Als ik het zo lees (nog nooit iets mee gedaan namelijk) lijkt me dit een veel beter alternatief dan Whatsapp.

  5. Vraag me af wanneer Whatsapp zelf hiertegen in actie komt. Als we deze term gebruiken voor het algemene begrip “chatdienst” dan dreigt “genericide” — gaat het merk verloren omdat het een algemeen ingeburgerde term is geworden en dus geen onderscheidend vermogen meer heeft, en dat will Whatsapp waarschijnlijk voorkomen.

  6. Arnoud,

    Ik vind dit: “rechtsextremisme-aanwakkerende … dienst Facebook” niet correct om te gebruiken. Rechtsextremisme komt voor op dat platform, net zoals op alle andere social media platforms. Aanwakkeren, zoals hier gebruikt om Facebook te beschrijven, doet voorkomen alsof het Facebook zelf is die dat soort dingen doet; dat wil zeggen, als ware het een redactionele keuze om rechts-extremisme aan te willen wakkeren. Ik geloof niet dat dat zo is, volgens mij doet Facebook over het algemeen, binnen de grenzen der redelijkheid, haar best om dat tegen te gaan. Verder komt er net zo goed links-extremisme voor op Facebook, net als andere extremistische stromingen (militant veganisme bijvoorbeeld). Ik denk dus dat deze kwalilifactie niet alleen onjuist is, maar in deze context ook afleidt van de boodschap.

    • De kwalificatie is volkomen juist, rechtsextremisme wordt door de algoritmes van Facebook in veel sterkere mate aangewakkerd dan andere ongewenste maatschappelijke stromingen en ik vind dat buitengewoon kwalijk. Dit is wellicht geen bewuste redactionele keuze maar wel een evident gevolg, dat grote maatschappelijke gevolgen heeft en waar Facebook dan ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid heeft te nemen. Daar heb ik nog geen daadwerkelijk bewijs van gezien.

      • Ik respecteer uiteraard volledig jouw recht om je op je eigen website uit te drukken zoals je zelf wil, laat ik dat voorop stellen. Ik wil nog echter graag nog een poging wagen, met de volgende overweging. Je schrijft “rechtsextremisme aanwakkerende, datagraaiende dienst Facebook”. Het gaat dus (wat ook in lijn is met de rest van het artikel, het gaat over WhatsApp, een andere dienst van dat bedrijf) over het bedrijf Facebook, niet over de content van gebruikers van Facebook. De kwalificatie “datagraaiende” is ook zeer zeker van toepassing op het bedrijf, maar niet op de gebruikers. Het komt op mij dus over dat je het heel expliciet hebt over de commerciele onderneming Facebook. Daar wringt hem de schoen; ik geloof niet dat Facebook, als bedrijf, tot doel heeft om rechtsextremisme aan te wakkeren. Ze hebben geen “Chief Extremism Officer”, of een target om een bepaalde hoeveelheid neo-nazis als gebruiker te hebben. Voor zover ik kan vaststellen doet het bedrijf datgene dat verwacht mag worden binnen de grenzen van mogelijkheden en wetgeving in het spanningsveld met vrijheid van meningsuiting. Ik zie althans met enige regelmaat verhalen dat personen gebanned zijn. Dat er extremistische content te vinden is, is duidelijk, maar als je het hebt over de onderneming zelf denk ik dus dat je je de vraag moet stellen of die dat bewust doen, of dat het bestrijden ervan gewoon enorm moeilijk is gegeven de enorme hoeveelheid, verschillende wetgeving, vrijheid van meningsuiting, onderscheiden van parodie, satire en stijlfiguren etc. Dit gaat op zowel voor rechts- als ook voor andere vormen van extremisme.

        • Ik zeg ook niet dat het hun voorgenomen doel is. Shell heeft ook niet in de statuten staan dat ze in Nigeria olie gaan lekken, en de NAM was ook niet van plan om Groningen te laten verzakken en de schade niet te vergoeden. Desondanks mag je dan best de NAM een verantwoordelijkheidsontlopende gasjatter noemen, dat is wat er feitelijk gebeurt.

          Het zal aan mij liggen maar ik dacht dat algemeen bekend was dat Facebook overloopt van de rechtsextremistische haatzaaiers en geweldsoproepers. Een willekeurig bericht documenteert dit best overtuigend. “Personen bannen” zet geen zoden aan de dijk als je vol zit met groepen van die aard en je algoritmes kennelijk beter scoren op het aanraden van die groepen en bijbehorende content. Bij mij komt “doet het bedrijf datgene dat verwacht mag worden binnen de grenzen van mogelijkheden en wetgeving in het spanningsveld met vrijheid van meningsuiting” volstrekt niet door de giecheltoets. In combinatie met je opmerking over “andere vormen van extremisme”, wat ik opvat als bagatelliseren van rechtsextremisme, besluit ik bij deze het hierbij te laten.

          • Ik vind het vervelend dat je denkt dat ik rechtsextremise bagateliseer; dat was natuurlijk niet mijn bedoeling. Ik hoop dat je me wil geloven als ik zeg dat het bij mij niet bekend is/was dat Facebook overloopt van rechtsextremistische haatzaaiers e.d, ik zie dat binnen de groep waarvan ik het kan zien niet. Misschien ligt het aan het algoritme; ik zie wel dingen die behoorlijk extreem zijn, zoals mensen die roepen dat Tibetaanse bergkristallen beter werken dan vaccins, en mensen die oproepen tot met geweld afpakken van bezittingen van miljonairs, maar rechtsextremisme krijgen wij niet. Ik waardeer de discussie op deze site altijd juist vanwege het hogere niveau dan dat op …nou ja, de gemiddelde website, en je geeft altijd heel inhoudelijk antwoord als ik vragen heb. Ik zou het erg jammer vinden als je denkt dat ik dat soort verwerpelijke uitingen bagateliseer.

              • Extremisme (als politieke beweging) in ongeveer alle denkbare varianten is heel erg. Ze willen allemaal met blind geweld de bestaande structuren omverwerpen.

                In de jaren 60/70/80 van de vorie eeuw heeft Europa erg geleden onder links extremisme, in de eerste 2 decennia van de 21e eeuw onder religieus terrorisme, en misschien komt nu het rechts extremisme echt op. Ik hoop van niet, maar het kan. Gekken/gefrustreerden/ontevredenen zullen altijd een weg zoeken, en een excuus.

                En rechts-extremisme is erg, maar niet erger dan andere gewelddadige extremismen.

                Het gaat niet om links of rechts of religieus of nationalistisch of wat dan ook. Dat is gewoon een naam die politieke observatoren en de media eraan geven. Het gaat om het extremisme.

                Links of rechts is gewoon een slappe poging tot verantwoording van iets wat niet te verantwoorden is. Niet intrappen!

          • Ik reageer er inhoudelijk op. Met trump hebben we gezien dat zijn aanhang (rechts extremisme) er bij opleefde. Wat dat betreft heb je gelijk. Echter ook met BLM het Wokisme en het linkse anti overheid wakkerde alles op via deze platformen.

            Een algoritme dat leeft van de meeste aandacht wegens de mogelijke reclame inkomsten zal geen onderscheid maken in een politiek doel. Het doel achter zoiets is niet discriminerend noch neutraal. De mens die politieke voorkeur heeft zal selectief uit het aanbod kiezen en daarmee het aanbod beïnvloeden.

            • Laten we het erop houden dat Facebook’s algoritmen een soort echoput creëren, want mensen vinden het nou eenmaal interessant om dingen te horen die hen prikkelen en hun vooroordelen bevestigen. Volgens mij maakt het Facebook niet zoveel uit, zolang er maar aan verdient kan worden. We zien inderdaad dat “rechts” aangewakkerd wordt, maar ik merk dat ook op “links” tegenwoordig nogal extreme standpunten de ronde doen (anti-racisme dat ontaardt in racisme; een polariserende opdeling van de maatschappij in allerlei groepen op basis van slachtofferschap) — op links is het voorlopig nog niet ontaard in geweld. Het gebeurt allemaal iets subtieler, maar het masker valt langzaam weg: de rel rondom Marieke Lucas Rijneveld is gewoon puur racisme; er werd niet eens meer de moeite genomen dat te verhullen. Akwasi kwam nog net weg met zijn dreigementen richting voorstanders van Zwarte Piet. Ik verafschuw beide extremen, omdat zij een inhoudelijke discussie en het bouwen aan een consensus waarmee we met zijn allen weer door een deur kunnen in de weg staat.

              De oplossing is een lastige, want ik ben ook heel erg voor een vrije pers, maar de beste manier lijkt mij toch te worden dat Facebook (mede) strafrechtelijk aansprakelijk gaat worden voor die uitingen die echt niet door de beugel kunnen, zoals dreigementen. Dan wordt het al snel onwerkbaar om zo’n platform in de lucht te houden — en wordt het alternatief, iedereen zijn eigen platformpje, levensvatbaar.

              • ‘en wordt het alternatief, iedereen zijn eigen platformpje, levensvatbaar’

                Ja, en wordt het dan beter?

                Ik ben opgegroeid in een tijd waarin (die indruk had ik toch) iedereen eraan wilde werken om de maatschappij beter te maken, onder andere door de waarheid en eerlijkhied, en het zoeken daarnaar, als norm te stellen Nu lijkt het wel alsof iedereen maar aandacht/macht voor zichzelf wil, al resulteert dat in BS geschreeuw en destabiliseert dat de maatschappij.

                Het zal pas beter worden als iedereen een beetje beschaafder en minder confronterend wordt. Maar hoe bereiken we dat?

  7. In mijn buurt moest de buurt-app-groep organisator die bordjes zelf bestellen, betalen en op laten hangen, wel met toestemming van de gemeente. De gemeente ging niet over de inhoud van het bordje.

    Een wijk verder staat er overigens ‘Whatssap’ op het bordje (de borden-firma had het nog nooit eerder gedaan?).

    Die buurt-appgroep is trouwens dood want de regels waren te streng, dus voor ‘bedankt buurman’ werden mensen al op hun vingers getikt. Er kwam een alternatieve groep waarin ‘je wel gewoon aardig mag doen tegen elkaar’. Die vervolgens binnen twee dagen door iedereen werd gemute als gevolg van alle onzin die langskwam.

    Gevolg is dat alle oproepen voor camerabeelden na een auto-diefstal vergeefs waren, want beide groepen worden niet meer gelezen door het merendeel van de buurtbewoners. Iets met kind en badwater.

  8. Dit is hoe we dit soort diensten noemen in Nederland.

    Ja, omdat iemand daarmee begon en de rest het overnam. Maar welk nut heeft ‘Whatsapp buurtpreventie’ boven ‘Buurtpreventie’…? Alsof de afschrikwekkende werking toeneemt omdat men Whatsapp gebruikt boven een sms-bom of een telefooncirkel, om even 2 merkneutrale alternatieven te noemen.

  9. Daaruit volgt dat je als gemeente ook gewoon “WhatsApp buurtpreventie” zegt als je bedoelt dat men buurtpreventie doet en daarbij een groepschatapp gebruikt. Want met die term herkent iedereen het, en het logo is ook zeer aansprekend.

    Zou dit dan niet impliceren dat Whatsapp haar merk niet heeft verdedigt en daardoor haar trademark kwijt is? Wat vervolgens zou betekenen dat ik ook een whatsapp op de playstore mag releasen met een andere chatapp.

  10. Er was een tijd dat een merknaam en het onderwerp vrij gangbaar door elkaar liepen. Cola (frisdrank) chocola margarine. Soms is zo’n beeldmerk gekoppeld aan nationaliteit. Om nu overal wat achter te zoeken lijkt me wat ver gezocht. Heb je er op gegoogled? Het woord googlen is opgenomen in de dikke van dale

  11. Ik heb het even bij wat middelbare scholieren nagevraagd, omdat mijn vrienden en ik instant messagen ‘Appen’ noemen en niet ‘WhatsAppen’ en op de middelbare scholen is het ook ‘Appen’. Alhoewel Signal ook populairder blijkt te worden (vooral omdat de school WhatsApp gebruikt en je wil niet zitten waar de leraren zijn :X ) en dat noemen ze dan ook ‘Appen’. En een groep wordt een ‘Appgroep’

    Duidelijk van WhatsApp afgeleid, maar het rechtvaardigt dus niet het gebruik van de merknaam omdat dit dus duidelijk niet de merknaam is die synoniem is geworden voor de dienst, maar slechts een afgeleide van die naam.

  12. Alhoewel Signal ook populairder blijkt te worden (vooral omdat de school WhatsApp gebruikt en je wil niet zitten waar de leraren zijn :X )

    Dat gaat echt nergens over. De vlucht naar Signal komt vooral door de (oproer rondom de) nieuwe privacy policy van Whatsapp. Je merkt er als leerling helemaal niks van als een docent ook Whatsapp gebruikt en het is zeker niet ineens uncool.

    Ook nagevraagd bij wat middelbare scholieren 😉

  13. Tijd voor wat anders:

    CSR: Nederland te afhankelijk van grote buitenlandse techbedrijven

    Nederland is te afhankelijk geworden van grote buitenlandse techbedrijven waardoor de digitale autonomie onder druk staat, zo laat de Cyber Security Raad (CSR) vandaag weten. Volgens de CSR kan dit grote gevolgen hebben voor de nationale en economische veiligheid en daarmee het verdienvermogen van Nederland. Door de steeds verdergaande digitalisering ontstaan er steeds meer nieuwe afhankelijkheden en kwetsbaarheden, aldus de CSR. Dit gaat verder dan alleen de cybersecurity van bepaalde systemen en daarmee gegenereerde data van onze burgers en bedrijven. “We moeten ook in de digitale wereld zeggenschap houden over onze essentiële economische ecosystemen en democratische processen”, zo stelt de raad.

Laat een reactie achter

Handige HTML: <a href=""> voor hyperlinks, <blockquote> om te citeren en <em> en <strong> voor italics en vet.

(verplicht)

Volg de reacties per RSS