Belgische retourtermijn gaat naar 14 dagen

| AE 2087 | Ondernemingsvrijheid | 19 reacties

Onze Zuiderburen lopen op de Europese muziek vooruit: de Belgische <a href=”http://www.elfri.be/WMPC->Wet betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming die binnenkort in werking treedt verlengt de bedenktijd bij aankopen via internet naar veertien dagen. In Nederland is dit zeven werkdagen (bij Thuiswinkel-leden al wel veertien), maar er wordt in Europees verband gesproken over een verplichte verlenging naar veertien dagen. Nu gaat deze blog alleen over Nederlands recht, maar dit feitje vond ik toch belangrijk want er zijn genoeg Nederlandse webwinkels die ook wel eens aan Belgen leveren. Vallen die nu voor de Belgische klanten onder Belgisch recht?

In Europa is sinds eind 2008 de Verordening 593/2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (kortweg Rome I) van toepassing. Deze vervangt het Verdrag met dezelfde lange naam (kortweg EVO). Om te bepalen of Nederlands, Belgisch of ander Europees recht van toepassing is, moet je dus in deze Verordening kijken.

Bij overeenkomsten waarbij fysieke producten worden geleverd geldt volgens artikel 4 “het recht van het land waar de verkoper zijn gewone verblijfplaats heeft”. Maar speciaal voor consumentenovereenkomsten (dus tussen verkopende bedrijven en kopende consumenten) gaat artikel 5 boven artikel 4, en daarin wordt juist “het recht van het land waar de consument zijn gewone verblijfplaats heeft” aangewezen. Een Belgisch consument kan dus aanspraak maken op het Belgisch recht bij een internetkoop bij een Nederlandse winkel.

Daarbij moet echter wel gelden dat: a) de verkoper zijn commerciële of beroepsactiviteiten ontplooit in het land waar de consument woonplaats heeft, of b) de verkoper dergelijke activiteiten richt op dat land of op verscheidene landen, met inbegrip van dat land,

Item b kan voor internetwinkels gelden: een webshop is ook in België bereikbaar, dus je zou kunnen zeggen dat deze ‘zich richt op dat land’. In de aanhef van deze Verordening wordt herinnerd aan een gezamenlijke verklaring over een eerdere verordening (44/2001) over de bevoegde rechter. Artikel 15 daarvan regelt dat de rechter voor de woonplaats van de consument in principe bevoegd is, maar in die verklaring werd afgesproken dat

het feit dat een internetsite toegankelijk is, op zich niet voldoende is om artikel 15 toe te passen; noodzakelijk is dat de consument op die site gevraagd wordt overeenkomsten op afstand te sluiten en dat er inderdaad een dergelijke overeenkomst gesloten is, ongeacht de middelen die daartoe zijn gebruikt. De taal en de munteenheid die op de internetsite worden gebruikt, doen in dat opzicht niet ter zake

Dat klinkt heel mooi, maar het beantwoordt nog steeds niet de vraag hoe het nu zit met webwinkels die ook aan Belgen leveren. Ik denk dat je in dat geval aan Belgisch recht gebonden kunt zijn, maar er moet wel meer zijn dan alleen het feit dat je een webshop hebt en dat Belgen een bestelling kunnen plaatsen. Denk aan zaken als adverteren in Belgische media of korting geven specifiek aan Belgen.

Een webshop zou in zijn algemene voorwaarden Nederlands recht kunnen aanwijzen. Dat mag, mits de consument daardoor maar niet

de bescherming verliest welke hij geniet op grond van bepalingen waarvan niet bij overeenkomst kan worden afgeweken volgens het recht dat overeenkomstig lid 1 toepasselijk zou zijn geweest bij gebreke van rechtskeuze.

En deze 14 dagen is zo te lezen dwingend recht, een Belgische webwinkel mag niet in de algemene voorwaarden de veertien dagen inperken. Een Nederlandse webwinkel die geacht wordt zich te richten op België, mag dat dus ook niet.

Het wachten is op de eerste Belg die een Nederlandse webshop voor de Belgische rechter sleept.

Arnoud

Opgelicht op Tweakers, mag ik zijn IP-adres?

| AE 1777 | Informatiemaatschappij, Ondernemingsvrijheid | 35 reacties

tweakers-vraag-aanbod.pngGisteren werd ik gewezen op een juridisch probleem bij Tweakers: een gebruiker meldde opgelicht te zijn na een aankoop op het Vraag&Aanbod-deel van de communitysite. Hij had betaald (weliswaar een zeer lage prijs, maar goed, het is tweedehands) maar de verkoper liet vervolgens niets meer van zich horen. En als je dan gaat zoeken en de naam van die verkoper op sites als Opgelicht.nl aantreft, dan ga je je toch zorgen maken. Maar wat kun je doen?

Op sites als Tweakers’ Vraag&Aanbod of Marktplaats.nl komt dit helaas vaker voor. Net als bij oplichting in een schimmig achterafsteegje is het vaak heel moeilijk om de oplichter te pakken te krijgen als die eenmaal er vandoor is met het geld. Maar het is hier misschien iets makkelijker, want er is één ding dat die oplichter altijd achterlaat: zijn IP-adres. En aan de hand daarvan zijn in principe zijn NAW-gegevens te achterhalen bij de provider. En daarmee kun je dan weer een civiele procedure starten om je geld terug te krijgen – of aangifte doen, al is mijn ervaring dat dat laatste weinig uithaalt tenzij iemand echt grootschalig bezig is.

Punt is natuurlijk wel dat een Tweakers (of Marktplaats, of Ebay, of…) niet zomaar IP-adressen van gebruikers mag afgeven. Die adressen zijn persoonsgegevens en de site heeft dan een wettelijke plicht om deze geheim te houden. Afgifte aan derden mag in principe alleen als daar een wettelijke basis voor is. Het verbaast dan ook niet dat Tweakers hier streng in is in haar algemene voorwaarden:

Tweakers.net zal geen andere gegevens verstrekken aan partij(en) dan de gegevens die in de advertentie zijn gebruikt, uitgezonderd in gevallen zoals bedoeld in artikel 8. Om die reden is een feedbacksysteem ingevoerd dat door de gebruiker zelf wordt geïnitieerd en dat helpt te bepalen met wie u zaken doet.

Toch zal dit Tweakers niet in alle gevallen helpen. Het kan namelijk soms verplicht zijn om IP-adressen af te geven aan een derde, ook aan een private partij. Dat blijkt immers uit het arrest Lycos/Pessers, waarbij Pessers wilde weten wie smadelijke zaken over hem op een Lycos-website had gezet. Uit die zaak blijkt dat er vier eisen zijn om als gedupeerde persoonsgegevens op te mogen eisen:

  1. de mogelijkheid dat de informatie, op zichzelf beschouwd, jegens de derde onrechtmatig en schadelijk is, is voldoende aannemelijk;
  2. de gedupeerde heeft een reëel belang bij de verkrijging van de persoonsgegevens;
  3. aannemelijk is dat er in het concrete geval geen minder ingrijpende mogelijkheid bestaat om de persoonsgegevens te achterhalen;
  4. afweging van de betrokken belangen van de gedupeerde, de tussenpersoon en de betrokken gebruiker (voor zover kenbaar) brengt mee dat het belang van de gedupeerde behoort te prevaleren.

Het is dus geen uitgemaakte zaak dat je een IP-adres kunt opeisen, maar ook geen vanzelfsprekendheid dat het nooit hoeft.

In oktober vorig jaar werd deze eis geherformuleerd in een rechtszaak tegen Gmail:

  1. Het moet voldoende aannemelijk zijn dat sprake is van onrechtmatig handelen van de desbetreffende gebruiker.
  2. Het dient buiten redelijke twijfel te zijn dat degene van wie de gevraagde persoonlijke gegevens ter beschikking dienen te worden gesteld ook daadwerkelijk degene is die zich aan dit handelen schuldig zou hebben gemaakt.

Een groot struikelblok is meteen al de eerste eis. Die is geschreven voor situaties waarin een publicatie op internet zelf onrechtmatig is: een smadelijke website, of een illegaal geüpload muziek- of filmwerk bijvoorbeeld. Dat is nog wel enigszins objectief te beoordelen, hoewel bij smaad lang niet altijd. Maar hier is niet zozeer de advertentie onrechtmatig, maar de afhandeling ervan. En dat is een heel stuk lastiger na te gaan voor Tweakers: wie spreekt er de waarheid? Is deze klagende persoon werkelijk gedupeerd of wil hij om andere redenen dat IP-adres te pakken krijgen?

Ik zou zeggen dat één klacht over een advertentie onvoldoende is. Als Tweakers echter vele klachten van verschillende gedupeerden ontvangt, en die allemaal legitiem overkomen, dan zou zij wel gehouden kunnen zijn het IP-adres af te geven. Maar dan zou ik op zijn minst een stapeltje aangiften willen zien als Tweakers zijnde.

Arnoud

Gebruiksvergoeding bij ontbinding koop op afstand verboden

| AE 1752 | Ondernemingsvrijheid | 25 reacties

Als je een koop op afstand annuleert, mag het bedrijf geen gebruiksvergoeding of andere kosten in rekening brengen voor de periode dat je het product hebt kunnen gebruiken. Alleen de kosten van het terugzenden (zeg maar de postzegels) kan hij voor jouw rekening laten. Dat bepaalde het Europese Hof van Justitie in haar arrest in zaak C-489/07 vorige week.

In deze uit Duitsland afkomstige zaak had een consument een (tweedehands) laptop gekocht bij een bedrijf. Na zo’n acht maanden(!) bleek deze kwalitatief onder de maat. De consument beriep zich op zijn herroepingsrecht, en dat mocht omdat het bedrijf vergeten was de brief met informatie daarover mee te sturen. Bij ons heb je dan drie maanden vanaf de datum van koop, in Duitsland is die periode oneindig totdat die brief eindelijk eens komt.

Het bedrijf accepteerde op zich wel dat ze de laptop terug moest nemen, maar rekende wel een vergoeding van 316,80 EUR voor de acht maanden gebruik van de laptop (let wel: aanschafprijs 278 euro). De consument stapte daarop naar de rechter, die het Europese Hof erbij haalde omdat de wet immers zegt

Aan de consument kunnen, voor de uitoefening van zijn herroepingsrecht, ten hoogste de rechtstreekse kosten voor het terugzenden van de goederen worden aangerekend.

Net als in het Quelle-arrest uit 2008 (over gebruiksvergoeding bij reparatie) oordeelt het Hof hier dat er geen gebruiksvergoeding mag worden gevraagd wanneer iemand een wettelijk recht tot ontbinding inroept. Een recht is een recht, en geld vragen als iemand dat uitoefent is -ongeacht de reden voor dat geld- in feite een beperking van dat recht. Daarom oordeelt het Hof:

Ook zou afbreuk worden gedaan aan de doeltreffendheid en effectiviteit van het herroepingsrecht, wanneer de consument enkel vanwege het feit dat hij het middels een overeenkomst op afstand verworven goed heeft gekeurd en uitgeprobeerd een compenserende vergoeding zou moeten betalen. Aangezien het herroepingsrecht nu juist tot doel heeft de consument deze mogelijkheid te bieden, mag het feit dat hij hiervan gebruik heeft gemaakt niet tot gevolg hebben dat de consument dit recht enkel kan uitoefenen op voorwaarde dat hij een vergoeding betaalt.

Het Hof laat de deur op een klein kiertje staan: als blijkt dat de consument bijvoorbeeld te kwader trouw zaken koopt bij webwinkels of zich schuldig maakt aan ongerechtvaardigde verrijking, dan zou een compensatie voor de webwinkel wel kunnen. Denk bijvoorbeeld aan situaties dat een consument zegt: “oh, ik wil alsnog korting anders ontbind ik het contract” of als iemand op zijn Hyves zet dat hij gratis een week in een dure jurk heeft kunnen lopen.

Op zich een terecht vonnis, hoewel ik me wel afvraag hoe relevant het voor Nederland is. Omdat de meeste webwinkels wel zo’n brief meesturen, zal het in de meeste gevallen gaan over zeven werkdagen gebruiksrecht. Wat voor vergoeding zou je daarvoor kunnen vragen? Bij de driemaandentermijn (als er geen of geen kloppende brief is meegestuurd) is het iets waarschijnlijker maar nog steeds vraag ik me af wat een reële vergoeding zou kunnen zijn.

Arnoud