Waarom een beschrijvende handelsnaam op internet zo populair is

| AE 10311 | Merken, Webwinkels | 12 reacties

Iedere onderneming heeft een handelsnaam, van zeer fantasievol tot zakelijk en beschrijvend. In tegenstelling tot het merkenrecht geldt daarbij geen eis dat de handelsnaam onderscheidend vermogen moet hebben. Dit levert bij internetbedrijven regelmatig lastige problemen op, omdat daar geldt dat hoe beschrijvender de handelsnaam hoe hoger de herkenning bij de klant. Een recent arrest laat zien hoe de regels liggen.

De handelsnaam is de naam waarmee een onderneming of ondernemer naar buiten treedt. Dit is niet hetzelfde als de statutaire naam waarmee het bedrijf officieel bekend is; het gaat om de naam waaronder een bedrijf bekend is bij het publiek. In tegenstelling tot een merk hoeft een handelsnaam geen creativiteit (“onderscheidend vermogen”) te bezitten. De Koninklijke Luchtvaart Maatschappij bezit dus een geldige handelsnaam, ook al is deze naam volstrekt beschrijvend voor een Nederlandse luchtvaartmaatschappij die het predicaat Koninklijk mag dragen.

Op internet is de praktijk populair geworden om een zeer beschrijvende handelsnaam te kiezen: simpelweg de naam van het verkochte product, of een simpele combinatie van productnaam en “Winkel” of “Kopen”. Een belangrijke reden hiervoor was dat in het verleden zoekmachines zoals Google de inhoud van een domeinnaam (typisch gelijk aan de handelsnaam) zwaar lieten meewegen bij de bepaling of een website relevant was voor een zoekopdracht. De webwinkel “schoenenkopen.nl” had dus grotere kans om bovenaan te komen bij de zoekopdracht “schoenen kopen” dan bijvoorbeeld “Schoenwinkel Max Jansen”. Ook helpt het bij de herkenbaarheid van de veelal kleine ondernemer: niemand kent Max Jansen maar het is wel direct duidelijk dat hier schoenen te koop zijn.

In 2015 wees de Hoge Raad het Artiestenverloning-arrest waarin kort gezegd werd bepaald dat bij beschrijvende domeinnamen het niet genoeg is dat een term verwarringwekkend is. In die situatie zijn bijkomende omstandigheden vereist om te kunnen spreken van onrechtmatig gebruik van de domeinnaam.

Vrijwel diezelfde kwestie kwam recent voor het Hof Den Haag in de zaak rond de webshop Parfumswinkel, die bezwaar maakte tegen concurrent Parfumswebwinkel. Deze wordt als zuiver beschrijvend aangemerkt; de tussen-s is niet genoeg om de naam creatief te maken. Niet was aangetoond dat deze naam zó bekend was dat het publiek deze met een specifiek bedrijf zou associëren. In die situatie, zo bepaalt het Hof, geldt de regel uit het Artiestenverloning-arrest ook bij handelsnamen: er moet meer zijn dan enkel de kans op verwarring. Als jij zo graag met heel beschrijvende namen wilt werken, dan moet je niet klagen dat anderen in de buurt komen en dat er verwarring ontstaat.

Het valt me op dat hoewel SEO en simpele trucs met beschrijvende namen niet meer werken, nog veel internetondernemers zulke namen kiezen. Is dat gewoonte, gemakzucht of is er nog een reden voor?

Arnoud

Een skin in je spel kan ook portretrechtinbreuk zijn

| AE 9616 | Merken | 13 reacties

Voetballer Edgar Davids heeft een rechtszaak gewonnen tegen League of Legends-ontwikkelaar Riot Games, las ik bij Tweakers. Een van de te koop zijnde skins voor spelpersonages lijkt wel heel erg op de bekende voetballer met dreads en bril, en dat was voor de rechtbank genoeg om van portretrechtinbreuk te spreken. Dat men online gezegd had dat Davids inspiratie was voor de skin, hielp natuurlijk niet mee.

League of Legends is een groot online spel, waarbij je als team tegen een ander team strijdt. Je kunt daarbij je personages van een bepaald uiterlijk – een skin – voorzien, die ook online te koop zijn. In 2014 introduceerde ontwikkelaar Riot Games vier skins ter gelegenheid van het wereldkampioenschap voetbal, waaronder eentje die “Striker Lucian” heet.

Voetballer Edgar Davids herkende zichzelf in deze skin, met name door de overeenstemmende huidskleur, haardracht en bril – Davids is de enige professionele voetballer die een bril mag dragen tijdens wedstrijden, vanwege een oogaandoening. Riot Games ontkende echter dat sprake zou zijn van portretrechtinbreuk, hooguit enige toevallige gelijkenis.

Allereerst erkent de rechter expliciet dat ook een virtuele weergave, zoals in een te koop zijnde skin voor een spel, een portret kan zijn. Het gaat er immers om dat een persoon herkenbaar is, niet perse dat het een foto moet zijn of dat het een directe reproductie van de persoon is.

Riot stelde dat er hooguit sprake was van enige inspiratie, maar de rechter accepteert dat niet. De totaalindruk van het personage zoals dat uit diverse afbeeldingen blijkt, is die van Davids. Daar komt bij dat de personages geïntroduceerd waren vanwege het WK Voetbal (waar Davids aan meedeed) en dat Riot zélf getwitterd had dat “For all you wondering, Striker Lucian was inspired by soccer pro Edgar Davids”, inclusief zij-aan-zij portretten zodat je de overeenstemming kon zien. Dan houdt het wel een beetje op met de stelling dat het toeval is.

Bij een bekend persoon als Davids bestaat een commercieel portretrecht. Hij kan geld vragen voor zijn portret in de media, en dus ook in games. Het portret dan gratis gebruiken is een schending van dat portretrecht en Riot Games moet daar dan mee stoppen. Ook moeten ze schadevergoeding betalen, maar het is nog niet duidelijk hoe hoog die precies moet zijn. Dit gaat in een vervolgzaak nader onderzocht worden.

Arnoud

Nee, googelen is niet hetzelfde als zoeken op internet

| AE 9455 | Merken | 41 reacties

Het merk “Google” mag gewoon blijven bestaan, las ik bij Ars Technica. In een rechtszaak tegen een domeinnaamhouder met 763 Google-gerelateerde domeinen werd het verweer gevoerd dat “Google” een generieke term was geworden voor “zoeken op internet”, zodat het geen geldig merk meer kan zijn. Maar de rechtbank in hoger beroep verwierp het verweer: ondanks dat die dienst verreweg de populairste is voor een dergelijke zoektocht, is het er geen onmisbaar synoniem voor.

Het is een bekend verschijnsel dat namen van producten of diensten verworden tot een soortnaam. Enigszins overdreven heet dat “genericide”, want een merk generiek verklaren is hetzelfde als moord (homicide); IE-juristen weten altijd mooie neutrale termen voor onwelgevallige gebeurtenissen in hun vakgebied te vinden.

Maar het is wel een probleem voor een merkhouder, want een soortnaam mag geen merk zijn. Dan kan immers niemand meer de producten of diensten in die soort omschrijven zonder merkinbreuk te plegen. Een merk is dan ook ongeldig als het een soortnaam is, en dat kan ook achteraf ineens het geval blijken te zijn terwijl het ooit begon als mooi creatieve naam. Dat spul op brood héét nu eenmaal hagelslag, bijvoorbeeld.

Bij vernieuwende diensten speelt dit probleem het sterkste. Neem de chatdienst van Microsoft van vroeger: die heette MSN Messenger, dus dan ging je MSN’en. Net zoals je nu gaat WhatsAppen. Dat lijkt generiek gebruik, net zoals Googelen voor het zoeken op internet. Ja, Bing bestaat en er zijn er vast nog meer maar de facto is gebruik van Google wat je doet als je wilt zoeken op internet. Net zoals er vast alternatieve kleine staafjes chocola zijn die op brood gesprenkeld kunnen worden maar geen hagelslag heten.

Verschil is wel: voor zulke diensten gebruik je nu eenmaal die dienst. Je kunt niet MSN’en met ICQ, en als je met iemand SMS-berichten uitwisselt dan ben je niet aan het appen. Verwarring over de afkomst van die dienst is er dan in principe niet. Dat maakt het wezenlijk anders dan wanneer de naam generiek wordt voor álle diensten.

Genericide zou eerder van het niveau zijn dat we alle beveiligde communicatie SSL zouden noemen, ongeacht de technologie er onder. Wat geen goed voorbeeld is want dat was nooit een merk. Maar wat is wel een goed voorbeeld, een ICT dienst die ooit specifiek van één bedrijf was (en als merk vastgelegd) maar die we nu als generieke naam voor de hele categorie gebruiken?

Arnoud

Mag ik mensen certificeren als Agile scrum master?

| AE 9331 | Merken, Software | 22 reacties

Een lezer vroeg me: Mag je zomaar een certificaat ontwikkelen en uitgeven? Wij geven trainingen en workshops in Scrum, een vorm van Agile. Andere opleiders geven een certificering uit. De cursist is na het volgen certified scrum master, certified agile coach et cetera. Kan dit zomaar c.q. kunnen wij dit ook doen? De term ‘certificaat’… Lees verder

Mag je in een Git repository andermans merknaam gebruiken als verwijzing?

| AE 8983 | Merken, Open source | 5 reacties

Diverse lezers wezen me (dank!) op dit artikel over het Docker-merk dat strenge regels hanteert over wat je met hun merknaam mag doen. Eén van die regels is dat je geen extensies mag publiceren op Docker als je daarbij de term ‘Docker’ gebruikt. Kan dat zomaar? Docker is een containersysteem voor software, waardoor deze makkelijker… Lees verder

Mag McAfee zichzelf zakelijk geen McAfee meer noemen?

| AE 8950 | Merken | 7 reacties

Antiviruspionier John McAfee mag zijn nieuwe bedrijf niet de naam John McAfee Global Technologies geven, meldde Nu.nl onlangs. Chipmaker Intel, de koper van zijn oude securitybedrijf McAfee, had formeel bezwaar gemaakt tegen deze bedrijfsnaam. Het nieuwe bedrijf van John McAfee zou zich gaan richten op het ontwikkelen van anti-spionagesoftware, en ik zie wel hoe Intel… Lees verder

Is Nintendo wettelijk verplicht fangames te laten verwijderen?

| AE 8906 | Auteursrecht, Merken | 11 reacties

Online gameaanbieder Game Jolt heeft na claims van Nintende zo’n 500 fangames verwijderd, las ik bij Ars Technica. Fangames zijn door fans gemaakte spellen in de geest van officiële spellen, in dit geval dus Nintendo spellen: Mario Minecraft, Pokemon: PewdiePie Edition maar ook Mario on Drugs. Een bekend verschijnsel, maar wat mij dan stoort: “It’s… Lees verder

Hoe een merkenclaim tijdelijk het internet stukmaakte

| AE 8525 | Auteursrecht, Merken, Open source, Software | 23 reacties

Whoa. Elf regels code weghalen leidde tot een stukgegaan internet, las ik bij BusinessInsider. Dit was het onverwachte gevolg van een merkenclaim van sociaal netwerk Kik tegen softwaremodule Kik. Op basis van die claim werd de module weggehaald, waar de developer zo boos over werd dat hij al zijn code weghaalde. Waaronder dus die ene… Lees verder

Is een disclaimer genoeg tegen het merkenrecht?

| AE 8316 | Domeinnamen, Merken | 13 reacties

Ik kan niet eens meer een wandeling maken door de stad zonder disclaimers tegen te komen: “Wij zijn geen Auping dealer!” op het etalageraam van beddenhandel Tom Smeenk in Utrecht. Ook de website van Smeenk vermeldt deze tekst in diverse groottes. Over het gebruik van merken doen veel misverstanden de ronde. De belangrijkste: het zou… Lees verder