Hoe je vooral niet bewijst dat iemand wat kocht in je webwinkel

| AE 9394 | Webwinkels | 13 reacties

Voorbeeld van een incassozaak van een onderneming die een gecedeerde vordering op basis van een te gebrekkig aanvangsdossier dan wel te gebrekkige vertaling daarvan in de eigen processtukken laat sneuvelen. Een ambtelijke samenvatting van een recent vonnis dat in heerlijke taal een incassopartij werkelijk tot op de enkels affakkelt. Maar met tussen de regels door wel een schrikbarende constatering: hoe bewijs je dan wél dat iemand wat kocht bij je webwinkel?

De zaak is juridisch relatief simpel. Een webwinkel had een bestelling ontvangen en wilde daarvoor graag betaald worden. De persoon wiens naam en adres in de bestelling stonden, reageerde echter niet, dus verkocht men de vordering aan een incassobureau dat vervolgens naar de rechter stapte. Maar dat ging allemaal wel érg snel: het dossier rammelde zodanig dat de rechter eigenlijk meteen al de zaak aan de kant schuift. (Rechter Staal uit Maastricht, zie deze blog voor eerdere uitspraken van deze held.)

Een paar pareltjes:

Genoemd is een als zodanig niet in het geding gebrachte factuur die de dagtekening ’01-08-2016’ zou hebben en een gefactureerd bedrag van € 59,95 zou bevatten. Om welke zaak / zaken het hierbij zou gaan, laat Direct Pay na te vermelden. Ook valt in het exploot niet te ontwaren hoe / wanneer en op welk adres de ‘verkoper’ veronderstelt aan haar leveringsverplichting voldaan te hebben.

Vertaling: waar wordt nu precies geld voor gevraagd?

[Direct Pay] beroept zich op de gekozen manier van klantwerving via een website als verklaring voor het gegeven dat van de ‘elektronische overeenkomst’ geen ‘door partijen ondertekend document’ bestaat. Toch voegt Direct Pay in haar repliek aan eerdere beweringen toe dat op die overeenkomst een bepaalde set via een klik te activeren algemene voorwaarden van toepassing verklaard is. Daarnaar heeft Direct Pay zonder verdere detaillering of concrete aanduiding van het belang van een enkel onderdeel verwezen (prod.1).

Vertaling: er is via internet besteld, daar is verder geen bewijs van maar we hebben wel algemene voorwaarden dus moet er worden betaald.

Een ontoereikend zaakdossier, althans voor zover Direct Pay dit overgenomen dossier in een gebrekkig onderbouwde vordering vertaalt, is ter beoordeling aan de kantonrechter voorgelegd. Nadat mogelijk in een eerdere fase [gedaagde] er buiten rechte al mee overvallen is. Dat laatste is allerminst zeker, getuige het feit dat Direct Pay in haar exploot beweert niet op de hoogte te zijn van enig verweer van [gedaagde] . De fanatieke bestrijding van de vordering door [gedaagde] in de gerechtelijke procedure maakt het tamelijk onwaarschijnlijk dat zij eerder dan 9 januari 2017 (datum dagvaarding) kennis gekregen heeft van een tegen haar gerichte vordering.

Vertaling: en hoezo heeft u niet even nagevraagd hoe het zat?

Tussen de regels door lezend vermoed ik dat de webwinkel tegen een nepbestelling op valse naam is aangelopen. De persoon wiens naam genoemd was, werd daarbij niet geloofd (of gewoon geheel genegeerd onder het motto “smoesjes, je moet gewoon betalen”). En voor het incassobureau is dit ook gewoon productiedraaien: drie standaardbrieven en dan naar de rechter, komt wel goed want ze verweren zich toch nooit. En dan heb je dus de pech een rechter te treffen die hier zich al járen over opwindt.

Juridisch wordt het nu wel interessant: er is via internet besteld, en alle correspondentie (zoals de bestelbevestiging) ging per mail. En nu we bij de rechter staan, moet worden bewezen dat deze mevrouw de persoon was die de bestelling deed. Maar hoe doe je dat? Je kunt moeilijk laten zien hoe je website nu werkt als de bestelling uit 2016 was. Los daarvan, hoe bewijs je dan dat díe persoon de bestelling heeft gedaan?

Arnoud

Rechter staat gekraakte PGP-berichten van telefoon toe als bewijs

| AE 9392 | Strafrecht | 13 reacties

Het Openbaar Ministerie (OM) mag de inhoud van versleutelde berichten uit speciale telefoons gebruiken als bewijs in strafzaken, las ik bij Nu.nl. De Blackberry van een verdachte in een grote drugszaak had PGP gebruikt om zijn berichten te versleutelen, en het OM wist die te kraken.

Het verweer in deze zaak sluit aan bij de recente discussie over het mogen doorzoeken van telefoons. De rechtbank hier volgt de Hoge Raad, die uiteindelijk soort van vond dat het wettelijk voldoende is geregeld met de algemene bevoegdheid om dingen te mogen doorzoeken, in combinatie met gepaste terughoudendheid die men bij de politie en het OM mag verwachten. Namelijk:

Het uitlezen van de telefoon heeft in dit geval plaatsgevonden in het kader van een onderzoek naar een buitengewoon ernstig feit, namelijk de grootschalige handel in en de productie van synthetische drugs en daarnaast wordt een telefoon zoals hier aan de orde enkel gebruikt om versleutelde berichten te verzenden en bevat het in die zin nagenoeg verder geen privacygevoelige informatie vergeleken met bijvoorbeeld reguliere smartphones. Verdachte heeft zich bovendien op zijn zwijgrecht beroepen, wat de mogelijkheden beperkte om op andere wijze zicht te krijgen op de betrokkenen bij het feit en op ieders rol.

In maart maakte de politie bekend 3,6 miljoen met PGP versleutelde berichten te kunnen lezen. Encryptiesleutels daarvoor waren namelijk op de servers van aanbieder Ennetcom beschikbaar, in plaats van alleen op de telefoons zelf. De berichten in deze zaak zaten daar dus tussen.

Uit de ontsleutelde berichten blijkt dat er druk werd gecommuniceerd over het opzetten en beheren van een synthethischedrugslab. Deze berichten waren volgens de rechtbank verzonden en ontvangen door de verdachte, gezien de strekking van de berichten en verklaringen van andere verdachten. Dat levert dan het bewijs op van zijn betrokkenheid bij de productie van de drugs.

Ik blijf er moeite mee houden dat “het moet in de wet geregeld zijn” vertaald wordt naar “we mogen je rugzak doorzoeken dus ook je telefoon”. Maar ik vermoed dat na uitspraken als deze er weinig noodzaak meer zal komen bij de wetgever om nog een apart wetsartikel te gaan invoeren.

Arnoud

Nee, bij een kapotte telefoon moet je echt een volledig nieuwe terugkrijgen

| AE 9398 | Webwinkels | 37 reacties

Apple moet een klant een écht nieuw toestel leveren en geen exemplaar met mogelijk gebruikte onderdelen ter vervanging van een kapot product. Dat maak ik op uit een recent vonnis van de rechtbank Amsterdam. Sinds het vonnis van vorig jaar mocht Apple geen tweedehandsjes (pardon, ‘refurbished’) meer verstrekken als reparatie van een toestel onhaalbaar bleek. Apple levert nu weliswaar ‘replacement’ toestellen, maar die kunnen gebruikte onderdelen bevatten (“maar dat hoeft zeker niet”). De rechtbank is kort maar krachtig: nope.

Als je een nieuw product koopt, dan moet dit aan de gewekte verwachtingen voldoen. Dat heet de conformiteitseis, ook wel de wettelijke garantie geheten. Wanneer het product daar niet aan blijkt te voldoen, moet de winkel (niet de fabrikant) dit gratis herstellen. En als herstel niet haalbaar is, dan moet hij het product vervangen.

Wat is een vervanging in de context van een telefoon? Je zou zeggen, gewoon een nieuwe. Dat krijg je bij Albert Heijn ook als je pak hagelslag een dag na de verkoop bedorven blijkt. Maar voor telefoons ligt dat kennelijk moeilijker, althans bij Apple. Die hanteerden lang de strategie dat een tweedehandsje van een andere klant ook goed was. Zo’n “refurbished” telefoon was dan net zo goed. Immers, je had toch ook al een tijdje met je eigen toestel gewerkt, dus je gaat van een gebruikt toestel naar andermans gebruikt toestel. Dat vinden we bij tandenborstels ook niet erg. Toch?

De rechter trok daar vorig jaar een stevige streep door: als een winkel (hier Apple) een telefoon verkoopt die defect blijkt, dan hebben ze nooit geleverd wat was beloofd, namelijk een nieuwe en werkende telefoon. Die moet nu dus alsnog worden nageleverd, en geen flauwekul met andermans tweedehands tandenborstel.

Ook de constructie van hier – “nieuwe tandenborstel maar met mogelijk gebruikte borstelkop” – vindt geen genade bij de rechtbank:

Een replacement iPad, is ondanks hetgeen Apple hierover allemaal heeft aangevoerd, geen nieuwe iPad, maar een replacement, hoe vergelijkbaar deze exemplaren ook eventueel zijn. Apple biedt de replacement ook niet als ‘nieuw’ aan op de markt.

Oftewel, je kunt de boom in met je mooie woorden: je had al die tijd gewoon een nieuwe en werkende iPad moeten leveren, dus doe dat nu eindelijk eens gewoon. Op straffe van een dwangsom van €100 per dag dat die niet geleverd wordt.

Tentamenvraag: welke variant wordt de opvolger van de refurbished / replacement iPad?

Arnoud

Ik moet een app installeren van mijn werkgever en dat wil ik niet

| AE 9257 | Arbeidsrecht | 51 reacties

Een lezer vroeg me: Mijn werkgever wil dat we allemaal een app installeren die voor het werk noodzakelijk is. Hiermee moeten we onder meer onze tijd bijhouden en registreren bij welke klanten we zijn geweest. Maar ik wil dat helemaal niet op mijn privételefoon. Mag ik dit weigeren? Ja, dat mag je weigeren. De werkgever… Lees verder

T-Mobile mag (voorlopig) doorgaan met onbeperkt datavrije muziek, ondanks netneutraliteitswet

| AE 9390 | Netneutraliteit | 23 reacties

De actie van datavrij muziek van internetaanbieder T-Mobile is weliswaar in strijd met de Nederlandse netneutraliteitswet, maar die wet is ongeldig dus T-Mobile mag voorlopig doorgaan. Dat bepaalde de rechtbank Rotterdam gisteren. T-Mobile had een tik op de vingers gehad van toezichthouder ACM, omdat deze actie (“zero rating”) nogal botst met de wetgeving rond netneutraliteit…. Lees verder

Wanneer twitter je op persoonlijke titel?

| AE 9377 | Arbeidsrecht | 8 reacties

Wanneer ben je voor een tweet aansprakelijk als bedrijf, meldde Media Report onlangs. Een recent vonnis handelde over die kwestie. Twee bestuurders van een beleggingsadviesbedrijf hadden op Twitter gepraat over een bepaald fonds dat volgens hen oplichters zouden zijn. Het fonds had het bedrijf aangeklaagd, maar het bedrijf verweerde zich met de opmerking dat er… Lees verder

Mag ik mijn collega haar Out of Office aanzetten met een gereset wachtwoord?

| AE 9375 | Arbeidsrecht, Beveiliging | 24 reacties

Een lezer vroeg me: Vanochtend ontdekten wij dat een collega die er een maand niet is, haar Out of Office niet aan heeft staan. Om dit voor haar te doen, hebben we haar wachtwoord nodig. Is het toegestaan om hiervoor het account te resetten, of stuit dat op privacybezwaren? We hebben geen reglement dat ons… Lees verder

Wat als je stemassistent reageert op reclame en een Whopper bestelt?

| AE 9383 | Grappig | 10 reacties

Fastfoodketen Burger King heeft in de Verenigde Staten een televisiereclame uitgezonden die opzettelijk de stemassistent van Google activeerde, las ik bij Nu.nl. De reclame bevatte de tekst “OK Google, wat is de Whopper-burger?” waarop de stemassistent de -door Burger King aangepaste- Wikipedia-inleiding van de burger ging voorlezen. Wat diverse lezers ertoe bracht mij te vragen,… Lees verder

Github introduceert werknemersvriendelijk IP-contract

| AE 9359 | Arbeidsrecht | 4 reacties

Broncodebeheerbedrijf Github staat sinds kort toe dat hun werknemers de rechten (IP) op eigen werk mogen houden als ze die met bedrijfsmiddelen of onder werktijd hebben gemaakt, meldde QZ onlangs. Hiermee wijkt men werknemersvriendelijk af van de standaard in de VS: gebruikelijk daar is dat alle IP toekomt aan de werkgever van alles dat ook… Lees verder