Tijd voor vakantie, maar kijk hier nog even naar!

Photo by Road Ahead on Unsplash

Voordat ik met vakantie ga: mag ik je nog even wijzen op deze opleidingen of boeken waar je wat mee kan?

Allereerst hoop ik natuurlijk dat je onze nieuwe opleiding tot AI-shaped lawyer wil overwegen. Het is de eerste (en volgens mij enige) opleiding in Nederland die je fundamenteel leert werken boven AI, en waar “kritisch naar de uitvoer kijken” geen losse opmerking is maar een van de kernaspecten waar je op getraind wordt.

Ook hebben we natuurlijk onze populaire opleidingen tot AI compliance officer (CAICO), lead implementer (CAILI), legal engineer (CLEA), cybersecurity officer (CCCO), health compliance officer (CHCO) of gewoon FG.

Mocht je nog boeken willen lezen deze zomer, dan drie aanraders:

  • Mijn nieuwe boek Wetwijs in het digitale decennium behandelt thematisch de wetgeving die deze en komende jaren op ons afkomt. Van Digitaldienstenverordening tot Recht van Reparatie, digitale soevereiniteit en herziening van cybersecurity.
  • ICT & Recht graaft diep naar geschiedenis, context en ontwikkeling van het ict- of internetrecht. Je koopt het met korting samen met Wetwijs.
  • Populair voor AI compliance officers is AI en Algoritmen. Praktische stappen om AI Act compliance en governance mee in te regelen.
  • Mijn boek De AI Act: Artikelsgewijs commentaar plaatst ieder artikel van de AI-verordening of AI Act in perspectief. Inclusief kruisverwijzingen, overwegingen, achtergrond en literatuur om een volledig begrip te krijgen. Ook hier een combikorting, samen met AI en Algoritmen.
Deze blog gaat maandag 24 augustus weer als gebruikelijk verder. Wie nieuwstips heeft: je weet me te vinden!

Arnoud

Heb ik rechtsgeldig betaald bij de parkeerautomaat als het een nep-QR code blijkt?

Photo by billow926 on Pexels

Een lezer vroeg me:

Recent waarschuwde de gemeente Den Haag voor valse QR-codes op parkeerautomaten. Best professioneel gemaakt zo te zien, dus je zult er makkelijk in tuinen. Stel je betaalt daar en je krijgt vervolgens een parkeerboete, heb je dan nog enig excuus zoals dat de gemeente haar zorgplicht verzaakte?
Nep QR codes die je leiden naar valse betaalsites komen bij allerlei systemen voor. Dit gaat om betaalautomaten voor parkeren op de openbare weg, er zijn er ook bij parkeergarages of laadpalen voor elektrische auto’s. Allemaal gebaseerd op de aanname dat mensen makkelijk afgaan op een QR-code, zeker als die daar zit waar je ‘m normaal verwacht.

Nou valt er van alles te zeggen voor “let goed op voor je een code scant”, of zoals bij deze automaten zelfs “die hebben nooit een betaal-QR-code”. Maar prima denkbaar is dat je echt op het verkeerde been werd gezet en betaalde, ondanks de omzichtigheid die van een redelijk oplettend burger mag worden verwacht. Kun je de gemeente of andere exploitant dan iets verwijten?

De vraag is dan eerst: wat is je verwijt? Je geld terug ligt voor de hand – alleen moest je eigenlijk wel degelijk betalen, zij het aan een ander dan aan wie je had betaald. Dus het meest kansrijke argument is dat je wilt dat de betaling aan de scammer telt als betaling aan de gemeente, parkeergarage et cetera. Daarvoor hebben we artikel 6:34 BW, de bevrijdende betaling aan de onbevoegde:

De schuldenaar die heeft betaald aan iemand die niet bevoegd was de betaling te ontvangen, kan aan degene aan wie betaald moest worden, tegenwerpen dat hij bevrijdend heeft betaald, indien hij op redelijke gronden heeft aangenomen dat de ontvanger der betaling als schuldeiser tot de prestatie gerechtigd was of dat uit anderen hoofde aan hem moest worden betaald.

Je hebt dus betaald aan de gemeente door te betalen aan de QR-scammer wanneer je redelijke gronden had om te denken “dit is hoe ik aan de gemeente moest betalen”. Bij de QR-code vind ik het iets lastiger, en daarvoor weegt bij mij zwaar dat geen enkele gemeente bij parkeerautomaten een QR code hanteert als betaalmechanisme.

Daar komt het juridisch probleem bij dat de Hoge Raad in 2021 bepaalde dat artikel 6:34 niet geldt als de quisher zich voordoet als de gemeente. In dat geval is het criterium dat van art. 3:35 BW, en dat komt hier neer op “mocht jij denken dat de gemeente met die sticker aangaf dat je zo moest betalen”.

Dat is een hogere lat, en dan kom je nog harder het argument tegen dat geen enkele gemeente met QR-stickers werkt bij parkeerautomaten. Echte tegenargumenten kan ik zo niet bedenken. De vraagsteller had nog geopperd dat het uit kan maken als die sticker er langdurig zit, oftewel als de gemeente niet periodiek controleert bij bv. het schoonmaken van de laadpalen of er ineens rare stickers op zitten. Dat gaat mij te ver, want een schoonmaker is er niet om QR-codes te controleren. En om nou de CISO elke week een rondje laadpalen te laten fietsen, vind ik ook zo wat.

Arnoud

Juridisch is geoblocking prima, ook als mensen er met een VPN omheen kunnen

Photo by Petter Lagson on Unsplash

Bij iedere juridische maatregel is wel een technische tegenmaatregel te bedenken. Geoblocking is een bekende: gewoon een vpn installeren en hopsakee, je kunt er alsnog bij. Leuk en aardig, maar betekent niet dat die maatregel ongeldig of onhoudbaar is. De wet wil “goed genoeg” afdekken.

Ik roep dit al jaren, en voel me gesterkt door het recente arrest in de Anne Frank-zaak van het Hof van Justitie. Achterliggend is een wat ingewikkeld auteursrechtengeschil:

Na het overlijden van Otto Frank [die het dagboek bewerkte en uitgaf] is het Anne Frank Fonds houder van de auteursrechten op de werken van Anne Frank geworden. Zoals blijkt uit een definitieve uitspraak van de rechtbank Amsterdam (Nederland) van 23 december 2015 is een deel van deze werken in Nederland tot 2037 auteursrechtelijk beschermd krachtens een overgangsregeling van de Auteurswet. In andere landen, waaronder het Koninkrijk België, behoren deze werken tot het publieke domein.
Op de website www.annefrankmanuscripten.org wordt een wetenschappelijke editie van de manuscripten van Anne Frank gepubliceerd. Daarbij wordt middels geoblocking Nederlandse IP-adressen geweerd.

Vroeger stond er ook nog een knop bij „JA, ik raadpleeg de website vanuit een van de bovenstaande publiek domein-landen”, waarmee je dan de blocking kon opheffen onder dreiging van auteursrechtelijke sancties wegens omzeilen van beveiligingsmaatregelen (artikel 27a Auteurswet). Die knop zie ik nu niet meer.

Het Anne Frank Fonds stapte in 2021 naar de rechter omdat dit ondanks de maatregelen inbreuk op auteursrecht zou zijn. Daarbij woog mee dat de geoblocking te omzeilen zou zijn met een virtueel particulier netwerk, wat dan triviaal genoeg op te zetten zou zijn. Dat leidde tot vragen aan het Hof van Justitie, waar nu antwoord op is.

Het Hof is al een tijdje bezig met jurisprudentie over wat “het publiek” is waar je bij een publicatie je op richt. Als je je met effectieve technische maatregelen beperkt tot een bepaald publiek, dan richt je je niet op een ander publiek. Dat kan uitmaken voor je licentie, zoals wanneer je alleen schoolkinderen toegang wil geven. Maar omgekeerd geldt het ook: wie de publicatie met maatregelen beperkt tot “de wereld minus Nederland”, richt zich niet op Nederland.

Dan dus de hamvraag: is het “effectief” om een geoblokkade op basis van IP-adres te doen? We weten immers dat “gebruik gewoon een vpn” een voor de hand liggende reactie is. Hier, een mond vol van het Hof:

Het Hof heeft in dit verband gepreciseerd dat de doeltreffendheid van een technische voorziening niet absoluut hoeft te zijn, maar met inachtneming van het evenredigheidsbeginsel moet worden beoordeeld in het licht van de doelstelling om handelingen te voorkomen of onmogelijk te maken die niet zijn toegestaan door de auteursrechthebbende, waarbij dus met name dient te worden nagegaan of de betrokken voorziening geschikt is om dat doel te verwezenlijken en niet verder gaat dan daartoe noodzakelijk is en, zoals in punt 26 hierboven is aangegeven, een rechtvaardig evenwicht dient te worden gezocht tussen de bescherming van intellectuele-eigendomsrechten en die van andere grondrechten, zoals de vrijheid van meningsuiting en van informatie.
In gewone taal zegt het Hof: een maatregel hoeft niet perfect te werken, maar moet in de regel het effect hebben. Tegelijk moet de maatregel vals positieven beperken (zoals Belgen die toevallig een Nederlands IP-adres lijken te hebben). Dat er tegenmaatregelen zijn, is als abstracte tegenwerping géén argument.

Wel moet de maatregel “state-of-the-art” zijn, wat ik maar opvat als “je moet wel je best gedaan hebben” want hoe je dat meet, weet eigenlijk niemand. (De arme nationale rechter moet maar een deskundige benoemen.)

Dat er ook andere maatregelen zijn, zoals alleen via terminals in een bibliotheek of na identiteitsverificatie toelaten, is niet relevant. Je moet de maatregel zelf beoordelen op haar effectiviteit.

Arnoud

 

Kan ik al iedereen gaan aanklagen die mijn persoonsgegevens naar de VS brengt?

Photo by Jade Koroliuk on Unsplash

Een lezer vroeg me:

Privacyorganisatie noyb liet onlangs weten dat datadoorgifte naar de VS vanwege een uitspraak van het Amerikaanse hof over de onpartijdigheid van toezichthouder FTC onrechtmatig is  Ook andere experts hebben naar aanleiding van de betreffende uitspraak inmiddels hun twijfels geuit. Kan ik op basis van deze ontwikkeling nu al bezwaar aan tekenen bij bedrijven die mijn persoonsgegevens naar de VS doorsturen, of moet ik wachten totdat de EU de huidige overeenkomst ontbindt of het Europees Hof van Justitie die ongeldig verklaart, zoals het al twee keer eerder deed?
Vanwege het Data Privacy Framework uit het Biden-tijdperk werd de VS “adequaat” verklaard door de Commissie. Dat wil zeggen, de Commissie oordeelde dat haar beschermingsniveau rond persoonsgegevens equivalent was aan dat van de EU. Belangrijke daarbij was dat er onafhankelijk toezicht was door de FTC.

Door de zogeheten Slaughter-uitspraak van de Supreme Court is die onafhankelijkheid onderuit gehaald. Alle regeringsfunctionarissen dienen de president, die ze dus mag ontslaan wanneer hij dat wil. Ook de voorzitter van diezelfde FTC (dat was de mevrouw Slaughter waar de zaak naar genoemd is). Dus die adequaatheid van de VS is een lachertje nu.

Formeel-juridisch staat dat besluit echter nog steeds, en het is het besluit waaronder je persoonsgegevens naar de VS mag brengen. Dus tot het moment dat dat besluit wordt ingetrokken of ongeldig verklaard, blijft die grond van kracht.

De uitspraak heeft iedereen in beweging gebracht, maar vooralsnog geen actie. De samenwerkende AVG-toezichthouders (EDPB) hebben recent in plenaire zitting gekeken naar de uitspraak, binnen de Commissie wordt ook scherp gelezen en opties overwogen, Max Schrems stuurde een sommatie, enzovoorts. Maar dat is allemaal luchtfietserij totdat of een rechter of de Commissie zelf een formele uitspraak doet.

Alle juridische routes zullen maanden, zo niet jaren in beslag nemen. Het hoger beroep in de Latombe-zaak is waarschijnlijk de eerste kans. Schrems loopt zich warm voor een nieuwe rechtszaak, en hij zal niet de enige zijn, maar hij zal eerst bij de nationale rechter een uitspraak moeten krijgen die vragen stelt aan het Hof.

Het is dan wel weer zo dat zodra die uitspraak er is, het over en uit is voor het DPF als adequaatheidsgrond. En dan houdt het wel een beetje op met de US cloud. Mocht je denken, dan gebruiken we de Standard Contractual Clauses, besef dan dat je daarvoor eerst een transfer impact assessment (TIA) moet doen en daarin zélf moet uitzoeken hoe adequaat de VS is voor jouw voorgenomen overdracht van persoonsgegevens. Als er dan een arrest van het Hof ligt dat daar gehakt van maakt, dan is dat een onhaalbare kaart.

Nu per direct juridische actie om overdracht te stoppen gaat dus niet. Maar afglijden naar vernietiging van het DPF lijkt onafwendbaar.

Arnoud

Gemeenten lekken nog steeds persoonsgegevens van inwoners, zelfs bsn’s

Photo by Piotr ?askawski on Unsplash

Gemeenten publiceren nog steeds per ongeluk persoonsgegevens van burgers op internet, blijkt uit onderzoek van de NOS en Nieuwsuur. Men vond online honderden documenten met contactgegevens, maar ook diverse met nummers van identiteitsbewijzen en zelfs burgerservicenummers (bsn). Is dat erg, en hoe kon dat gebeuren.

De oorzaak is vrij simpel. Bij allerlei procedures (zoals vergunningsaanvragen of bezwaarprocedures) maakt de gemeente stukken openbaar, al is het maar zodat anderen ze kunnen lezen en op kunnen reageren. Daarbij horen zaken als contactgegevens en bsn verwijderd te worden, maar dat gebeurt niet altijd.

Mijn inschatting is dat hier eerder sprake is van slordigheid dan van een bewuste verkeerde inschatting. Ik lees dat er wel degelijk op wordt gelet:

In de periode [na invoering van de AVG] zijn veel gemeenten begonnen met het gebruik van software om persoonsgegevens automatisch ’te lakken’. Daarna vindt in de meeste gevallen nog een controle van een medewerker plaats, voordat de documenten worden geüpload naar gemeentelijke informatiesystemen, waarin raadsinformatie en andere gemeentelijke stukken openbaar worden gemaakt.
Een voor de hand liggende verklaring is dat de software de bsn’s mist, en de medewerker het ook niet direct als zodanig herkent. Men citeert softwareleveranciers die voorzichtig aangeven dat hier niet automatisch op gecheckt wordt.

Ik zie ook wel wat het probleem is. In standaardvelden herkennen dat iets een telefoonnummer is, dat lukt nog wel. Maar hoe herken je ergens een vrij opgeschreven nummer, zeker als dat met niet standaard notatie is gebeurd, of zelfs met pen handgeschreven?

Uiteindelijk is dit een processueel probleem. Hoe beter je informatie bij de intake, hoe beter je kunt screenen en tegenhouden wat ongewenst en onnodig is. Dat heeft tijd nodig.

Arnoud

 

Vragen stellen aan AI over je arbeidsverhouding kan je ontslagvergoeding omlaag halen

Photo by Emiliano Vittoriosi on Unsplash

Via ChatGPT zoeken hoe je een hoge ontslagvergoeding kunt krijgen en daarbij lasterlijke beweringen doen, behoort een werknemer niet te doen. Het kan zelfs je ontslagvergoeding omlaag halen. Dat maak ik op uit een recent vonnis uit Zeeland-West Brabant. Ik moet zeggen dat ik het raar vind.

Het tussenvonnis uit februari geeft de achtergrond uitgebreid weer. De werknemer was na een lange periode van gedoe op staande voet ontslagen, vanwege onder meer weigering van re-integratieverplichtingen, ongeoorloofde afwezigheid en misbruik van bedrijfsmiddelen en integriteitsinbreuk.

Die laatste is voor mij het interessantst, want dat ging over ChatGPT: de werknemer had aan Sjet gevraagd hoe hij een  lekker hoge ontslagvergoeding kon krijgen, inclusief “lasterlijke beweringen” over de werkgever. Ik citeer voor de beeldvorming:

“Hoeveel procent acht je dat ik zonder rechtszaak dit kan afhandelen en 40.000€ mee kan krijgen?” en “ Kan ik 50.000 eisen of is dit buiten proportie?” en “Als ik op 80.000 begin kan ik op 50.000 eindigen?”.
Dit noemt de rechter “informatie delen over de arbeidsverhouding” en dat is dan “in beperkte mate verwijtbaar”. Helaas ontbreekt het waarom, en dat doet voor mij raar aan.

De argumentatie past eerder bij “de werknemer heeft het aan een journalist verteld” of “hij zette alles op Facebook”. Ik denk dan, zit hier het klok-klepel verhaal van dat alles dat je in ChatGPT invoert, deel wordt van de trainingsdata? Oftewel, als je over zes maanden vraagt, “vertel me over [werkgever]” dat je dan de lasterlijke teksten als feiten krijgt?

Dat is jammer, want het is een factor die meeweegt in de beslissing om de werknemer géén billijke vergoeding toe te kennen. Ik vraag me af of er ook zo was geoordeeld als de werknemer in Google had gezocht naar “hoe veel ontslagvergoeding bij onterecht ontslag door malafide werkgever” of iets dergelijks.

Arnoud

Amerikaanse rechters kunnen je dotcom afpakken als je hun wetgeving overtreedt

Photo by Kvalifik on Unsplash

De in Nederland gehoste beruchte website Motherless puntcom is haar domeinnaam kwijt door optreden van de Texaanse attorney general Ken Paxton, aldus het ronkende persbericht. De onderliggende reden is het niet hebben van in Texas verplichte leeftijdsverificatie.

De site Motherless is al jaren berucht; in mei berichtte de NOS bijvoorbeeld dat er

op grote schaal beelden kunnen worden gevonden die duiden op misbruik en soms zelfs kinderporno [maar ook] duizenden video’s waarop vrouwen in hun slaap worden misbruikt.
Volgens Trouw zouden medewerkers zelf ook misbruikmateriaal hebben geupload. Reden genoeg voor actie zou je denken, maar dat ligt in Nederland nog wat ingewikkeld.

In Texas werkt dat kennelijk anders. Nadat de AG in 2024 een stopbevel had gekregen dat werd genegeerd, werd nu doorgepakt naar dotcombeheerder Verisign:

Om naleving te garanderen en de kinderen in Texas te beschermen, heeft procureur-generaal Paxton een gerechtelijk bevel verkregen waarin Verisign, het bedrijf dat het .com-domein beheert, wordt opgedragen het domein “motherless com” te blokkeren, te bevriezen of een vergelijkbare status te geven.
Juridisch in orde: weliswaar zit Verisign in Delaware, maar ze is gehouden zo’n bevel op te volgen. Maar het doet wel vreemd aan, zeker na alle discussies over soevereiniteit de laatste tijd. Het bedrijf zit in Nederland, wij zijn er mee bezig, hoezo mag Texas dan die domeinnaam afpakken?

Natuurlijk, deze website had allang uit de lucht gemoeten, dus of wij dat nou deden of de Amerikanen, maakt niet echt uit. Maar het principiële punt is: mag je als land een domeinnaam uit de lucht plukken, puur omdat je bij de registrar kunt?

Arnoud

Rechter zet streep door privacywet als verdienmodel

Photo by Ibrahim Boran on Unsplash

De rechtbank Noord-Holland trekt een duidelijke grens: de privacywet is geen verdienmodel. Dat meldde het FD onlangs. Een veelprocederende eiser maakte op dreigende wijze gebruik van het AVG-inzagerecht, en dat levert misbruik van recht op.

Iedereen wiens persoonsgegevens worden verwerkt, heeft het recht op inzage in die gegevens plus uitleg wat er precies gebeurt. Dat staat in artikelen 12-15 AVG. Doel daarvan is je in staat te stellen in te grijpen: fouten corrigeren, verouderde gegevens verwijderen, of bezwaar maken als er andere dingen misgaan.

In het vonnis van deze zaak is te lezen dat de eiser iets had besteld bij Tuinmeubelwereld, dat had geannuleerd en vervolgens gevraagd om inzage. Daar ging iets mis met de mail, waarop de man direct hoog in de juridische boom klom: 925 euro als niet onmiddelijk wordt voldaan (“berekend conform BGK 2013”), en in de vervolgmail € 3.500 aan dwangsommen omdat te laat werd gereageerd.

Uiteindelijk komen de gegevens wel, maar ondertussen was een jurist zich ermee gaan bemoeien en werd het bepaald ongezellig. Citaten van de eiser:

U kunt dit wel ‘negeren’ maar dan gaan we gewoon over tot dagvaarding.’

‘Uw cliënt kan een voorstel doen. Dat wordt geaccepteerd – of niet’.

‘Uw cliënt heeft tot morgen 12:00 uur en anders vervalt een mogelijke minnelijke regeling. Mij is het verder om het even.

We weten beiden wel dat uw reactie hieronder kul is.’

“ik kan mij in principe zelfs laten bijstaan door een man met een grote witte baard, een meiter en een gouden staf”,

Ook was onduidelijk of de betreffende jurist wel bestond, onder meer omdat de eiser de webshop niet direct met hem wilde laten mailen.

Ik moest denken aan een serie publicaties uit december vorig jaar (zoals Netkwesties) en het Brillen Rottler-arrest uit maart. Daarin was in Duitsland ook zo’n principiële persoon actief die direct geld eiste bij zelfgestarte verwerkingen (inschrijving nieuwsbrief).

Het Hof bepaalde toen dat een verzoek mag worden afgewezen als aan twee eisen is voldaan:

Allereerst moet je verzoek dus niet een ‘echt’ AVG-doel dienen.

Het tweede element is subjectiever: “kunstmatig de voorwaarden scheppen” om mensen op een inbreuk te betrappen. Daarbij mag je meenemen dat meneer dit vaker doet, zodat de indruk duidelijker is dat hij het niet om dat ‘echte’ doel doet.

De rechter in deze zaak roept dit arrest in via wat we in Nederland “misbruik van recht” noemen (art. 3:13 BW):
Genoegzaam is gebleken dat het [verzoeker] niet daadwerkelijk te doen is om de inzage in zijn persoonsgegevens en de juistheid van deze gegevens en de rechtmatigheid van de verwerking te controleren, maar dat het doel van zijn verzoek is om er financieel beter van te worden. … In de kern betreft dit het procedeergedrag en de werkwijze van [verzoeker] , alsmede de betrokkenheid van (vermeende) gemachtigden en de rol van Webshop Juristen. … Juist het patroon in de werkwijze en het procedeergedrag dat zichtbaar wordt uit deze en andere zaken draagt in belangrijke mate bij aan het oordeel dat [verzoeker] misbruik van recht maakt.
Belangrijk in dat patroon was dat de verzoeker vooral aanstuurde op een vergoeding (en dwangsommen), en niet inging op wat er aan persoonsgegevens werd verstrekt.

Ook kent de rechter deze partij en zijn werkwijze van eerdere zaken:

Bij de rechtbank zijn daarnaast ongeveer twintig andere zaken aanhangig waarbij [verzoeker] een vergelijkbare insteek heeft gekozen en een hoge schadevergoeding en/of een hoge kostenvergoeding heeft gevorderd. Daarbij heeft hij gebruik gemaakt van nagenoeg identieke dagvaardingen en stukken.
De verzoeker had zelf aangegeven zo’n 90 zaken te hebben lopen waarin een inzageverzoek was gedaan. Wie zoekt op “webshop juristen” bij de Rechtspraak, vindt diverse zaken waarin misbruik van recht werd aangenomen. En zo ongeveer iedere advocaat die iemand bijstaat tegen deze verzoeker, kreeg een (afgewezen) tuchtklacht tegen zich.

Het helpt ook niet dat de zogezegde gemachtigde (Donkersloot) niet was komen opdagen, net als andere gemachtigden van het juristenkantoor dat de verzoeker had ingezet. Een kantoor trouwens dat volgens de KVK geen werknemers heeft en waarvan de verzoeker zelf de directeur is, als ik het vonnis goed lees.

Al die feiten bij elkaar vindt de rechtbank een duidelijk patroon van misbruik van recht. De verzoeker moet daarom de werkelijke proceskosten van de tuinmeubelwinkel (€ 10.105,49) betalen.

Arnoud

 

 

 

 

Vrouw die boete kreeg voor bellen op de fiets, krijgt geld terug: ‘Terecht’

Photo by Red Shuheart on Unsplash

Een vrouw kreeg in Naarden een boete van 75 euro, omdat ze met haar moeder aan het bellen was tijdens het fietsen. Dat meldde RTL Nieuws onlangs. De reden was een onveilig gevoel vanwege een man voor haar die steeds achterom keek. De boete wordt vernietigd, vooral omdat de agent niet inging op dit argument.

Het artikel legt uit:

Een vrouw in Naarden … voelde zich onveilig toen ze door een bosrijke omgeving fietste. Een man keek namelijk herhaaldelijk achterom naar haar. Ze besloot op dat moment haar moeder te bellen om hulp in te schakelen. Maar even later kwam ze de politie tegen en kreeg ze een boete van 75 euro. Je mag namelijk niet als bestuurder, en dus ook niet als fietser, je telefoon vasthouden tijdens het rijden.
Natuurlijk, bellen tijdens het fietsen is gevaarlijk en daarom terecht verboden. Maar bellen als je je onveilig voelt, is dan weer een breed aangeraden tip:
Zorg dat je zelf goed zichtbaar bent met goede verlichting. Laat mensen weten dat je onderweg bent, of dat je goed bent aangekomen. Probeer met iemand samen te fietsen of bel iemand op tijdens het fietsen (handsfree en gebruik 1 oortje, zodat je ook het omgevingsgeluid goed hoort). Ben op de hoogte van de route die je gaat fietsen, pas deze aan en fiets om als je de route in het donker niet prettig vindt.
De uitdaging is dan natuurlijk: hoe pakt dat wettelijk verbod uit in zo’n gevaarlijke situatie. In het vonnis lezen we dat de politie daar rechtlijnig in ging: telefoon vast is boete, klaar.

Alleen, als je dan zelf niet van je discretionaire bevoegdheid gebruik wil maken op basis van zo’n situatieschets, dan moet je dat toch wel even noteren in het verslag:

Als betrokkene hierover een verklaring aflegt bij de verbalisant, mag van de verbalisant vervolgens verwacht worden dat deze daar in zijn verslag aandacht aan geeft. Hier is volstaan met de enkele verklaring van betrokkene dat zij zich niet veilig voelde. De verbalisant had wel iets meer kunnen doen, zoals aangeven om wat voor soort weg het gaat, of het druk was, licht of donker. Op basis daarvan had dan ook de kantonrechter zich een beter beeld van de situatie kunnen vormen en kunnen beoordelen of er objectief bezien sprake was van een situatie die maakt dat begrijpelijk is dat betrokkene de telefoon heeft gepakt om hulp te zoeken.
Omdat die toelichting ontbreekt, ziet de rechter geen reden om aan de verklaring van betrokkene te twijfelen. In de geschetste situatie wordt de boete dan ook doorgehaald.

Had ze anders kunnen handelen? Volgens het OM wel, aldus RTL: “Zo had ze volgens hen vaart kunnen minderen of kunnen stoppen totdat de man uit zicht was.” Voor mij onbegrijpelijk, als je je onveilig voelt wil je weg uit de situatie. En als je het idee hebt dat iemand inschat of hij je aan kan vallen, dan ga je niet stilstaan in een bos om te kijken of die dat gaat doen.

Uiteraard hoge uitzondering, zeer specifiek geval et cetera. Maar wel terecht.

Arnoud

 

 

Wie journalistiek bezig wil zijn onder de AVG, moet een redactiestatuut hebben

Photo by Ashni on Unsplash

Publiceren van persoonsgegevens onder de AVG telt alleen als “journalistiek” als je dat doet “met inachtneming van de morele en ethische regels van het journalistieke beroep”. Dat bepaalde het Hof van Justitie onlangs (C-199/24) in een zaak over het Zweedse Legal Newsdesk. Ik vind daar wat van.

Het Zweedse bedrijf Legal Newsdesk Sweden AB exploiteerde een online database waarin burgers tegen betaling beslissingen over strafrechtelijke veroordelingen konden inzien en doorzoeken. Dit kan in Zweden: openbaarheid van bestuur gaat daar zó ver dat ook volledige, niet-geanonimiseerde strafvonnissen op te vragen zijn (net als belastingaanslagen).

Ze opnieuw publiceren is een ander verhaal. Maar Legal Newsdesk had een mooi excuus: zij hadden een utgivnigsbevis, een certificaat dat je als organisatie  “journalistiek bezig bent”. Dit bewijs wordt afgegeven door de Zweedse media-autoriteit Mediemyndigheten. Die moest ik ook drie keer lezen, maar in Zweden kun je dus alleen onder de AVG-uitzondering voor journalistieke verwerkingen vallen met zo’n ding.

Een Zweed was strafrechtelijk veroordeeld maar was het oneens met de publicatie van zijn vonnis op die site. Daarop stapte hij naar de rechter, en die achtte het nodig het Hof van Justitie er bij te halen. Onder meer omdat onduidelijk was of Zweden de balans tussen uitingsvrijheid en gegevensbescherming (artikel 85 AVG) goed te regelen, en of je dan als burger als enige remedie een rechtszaak wegens smaad mocht overhouden.

Als derde vraag was nog de algemene vraag meegekomen of het handelen van deze club telt als “journalistiek”. Dat vind ik een belangrijke, want de informatievrijheid wordt vaak als een restcategorie neergezet. Raar, want het is óók gewoon een grondrecht dat niet aan specifieke categorieën organisaties voorbehouden is.

In het Satamedia-arrest hanteerde men de mooie formule dat je hoofddoel moet zijn het aan het publiek ter kennis brengen van feiten, meningen of ideeën. Dat mag ook als je geen mediabedrijf bent en het maakt niet uit of je er geld mee verdient. Leek me een duidelijke lijn, die ook past bij de praktijk: een onderzoeksblogger is net zo goed bezig met journalistiek als de mensen van Follow The Money of de stukjestyper van dienst van het regionale dagblad.

Het Hof voegt nu een paar nuances toe aan die lijn:

  1. De gegevens moeten worden verwerkt “in overeenstemming met redactionele keuzen”. Daar valt wat voor te zeggen; enkel andermans informatie doorplempen kan ik geen journalistiek noemen.
  2. Feitelijke beweringen moeten op juistheid getoetst zijn. Dat is een zorgvuldigheidseis waarvan ik me afvraag of die hier thuishoort. Hiermee wordt “journalistiek” beperkter dan “het verspreiden van feiten, meningen of ideeën” dat iedereen kan doen. Je bent pas journalist als je feiten kloppen.
  3. Je werkzaamheden moeten “onderworpen zijn aan de morele en ethische regels van het journalistieke beroep”. Waarom je juridisch gezien gebonden moet zijn aan ethiek vind ik een mooie puzzel voor de vrijdagmiddagborrel.
Alles bij elkaar leest de analyse alsof men argumenten zocht waarom déze site niet journalistiek bezig was. En dat kan ik billijken, al is het tegelijkertijd ook de logische consequentie van de Zweedse wetgevende keuze om strafvonnissen openbaar te laten zijn.

Lastiger vind ik dat deze drie nuances voor álle journalistieke verwerkingen gelden, niet alleen voor gebruik van strafrechtelijke persoonsgegevens bijvoorbeeld. Dat legt een forse lat bij kleine organisaties en individuen, waardoor betrokken personen een extra SLAPP-stok hebben om hun onderzoeks- en publicatiewerk tegen te houden: je bent geen journalist want je houdt je niet aan ethische regel X zoals door organisatie Y geformuleerd.

Arnoud