Het advertentiebedrijf Xandr, tegenwoordig onderdeel van Microsoft, heeft een AVG-boete van 92 miljoen Noorse kroon (zo’n 8,5 miljoen euro) gekregen wegens het verwerken van persoonsgegevens van gebruikers van datingapp Grindr. Dat meldde de Noorse privacytoezichthouder vorige week.
De zaak gaat over real-time bidding, oftewel het automatisch veilen van advertentieruimte. Als je een app opent, worden gegevens over jou naar advertentieplatforms gestuurd, waarna adverteerders in milliseconden bieden op de mogelijkheid jou een advertentie te tonen. Xandr verzorgde zulke veilingen voor onder meer de gay dating app Grindr. Daarbij werden gegevens zoals advertentie-ID’s, IP-adressen en de gebruikte app gedeeld met mogelijk duizenden bedrijven.
Bij Grindr is dat extra problematisch. De app richt zich voornamelijk op homoseksuele en biseksuele mannen, zodat het enkele gebruik al iets kan onthullen over iemands seksuele gerichtheid. Dat maakt deze informatie tot een bijzonder persoonsgegeven onder artikel 9 AVG, zo oordeelde de Noorse rechter al in de eerdere boetezaak tegen Grindr. Daarvoor hoeft niet vast te staan dat iedere gebruiker homoseksueel is. Hetzelfde zou overigens gelden voor een datingapp die zich specifiek op heteroseksuelen richt: ook heteroseksualiteit is een seksuele gerichtheid. Voor deze verwerking was dus uitdrukkelijke toestemming nodig.
Grindr had wel toestemming gevraagd, maar die voldeed niet aan de AVG. Daarvoor kreeg het bedrijf in 2021 al een boete van 65 miljoen kroon. Xandr stelde dat het erop mocht vertrouwen dat Grindr dit goed had geregeld. Sterker nog, in het contract stond zelfs dat Grindr geen bijzondere persoonsgegevens mocht aanleveren.De toezichthouder ging daar niet in mee. Xandr was niet slechts een technisch doorgeefluik, maar mede-verwerkingsverantwoordelijke. Het bedrijf bepaalde zelf belangrijke onderdelen van de advertentieveilingen, waaronder de inrichting van het platform en de mogelijkheden voor het delen van gegevens. Daarmee bepaalde het mede doel en middelen van de verwerking.
En als je mede-verwerkingsverantwoordelijke bent, moet je zelf kunnen aantonen dat de verwerking rechtmatig is. Artikel 5 lid 2 AVG legt die verantwoordingsplicht bij iedere verantwoordelijke. Je mag prima afspreken dat een ander de toestemming vraagt, maar je moet wel vaststellen dat die toestemming geldig is en ook jouw verwerking dekt. Een contractuele garantie dat de ander zich aan de AVG houdt, is daarvoor niet genoeg.
Dit doet denken aan het IAB-arrest uit 2024, waarin het Hof van Justitie oordeelde dat ook de organisatie achter het technische raamwerk voor advertentietoestemming mede-verwerkingsverantwoordelijke kon zijn.
De consequentie voor de advertentie-industrie is fors. Het is niet genoeg dat een platform een vinkje ’toestemming verkregen’ ontvangt. Het moet ook kunnen vaststellen dat achter dat vinkje een rechtsgeldige toestemming zit. Als je systeem dat niet kan, kun je niet op basis van dat vinkje persoonsgegevens blijven verhandelen. Ook niet als iedereen in de keten contractueel heeft beloofd dat het wel goed zit.
Arnoud









