De blauwe lijst voor algemene voorwaarden

| AE 1861 | Contracten | 9 reacties

blauwe-lijst-algemene-voorwaarden-onredelijk.pngJullie kennen natuurlijk de grijze en zwarte lijsten van (vermoedelijk) onredelijk bezwarende algemene voorwaarden, maar er is ook een blauwe lijst. Deze lijst, afkomstig uit Richtlijn 93/13/EEG, is een beetje te vergelijken met de grijze lijst. Er staan bedingen op die onredelijk kunnen zijn. Deze blauwe lijst wordt vrij weinig gebruikt in de rechtspraak, maar er staan toch een paar leuke zaken op waar je als consument je voordeel mee kunt doen.

Zo staat er op deze lijst het beding “de verkoper te machtigen zonder geldige, in de overeenkomst vermelde reden eenzijdig de voorwaarden van de overeenkomst te wijzigen”. Dat doet denken aan deze blog over zomaar wijzigen van de gebruiksvoorwaarden. De richtlijn verplicht de nationale rechter om ambtshalve (dus ook als er niet om gevraagd wordt) te toetsen of een beding dat op deze lijst staat onredelijk is. Zo’n wijzigingsbeding moet dus hoe dan ook elke keer onder de loep genomen worden. Hoe veel waarde zo’n vermelding heeft, is niet helemaal duidelijk. Uit de conclusie A-G bij dit arrest van de Hoge Raad maak ik op dat het niet zo sterk is als de grijze lijst, waar een automatische omkering van de bewijslast geldt.

Een ander interessant beding gaat over boetes. Op onze grijze lijst staat alleen een beding over opzegkosten (sub i); die mogen alleen als ze een “redelijke vergoeding voor geleden verlies of gederfde winst” zijn. Maar op de blauwe lijst staat

de consument die zijn verbintenissen niet nakomt, een onevenredig hoge schadevergoeding op te leggen

Dit gaat dus over elke tekortkoming, wat een heel stuk breder is dan tussentijds opzeggen. Dit speelde bijvoorbeeld in deze zaak over een boete van ” 22,69 per dag die een creditcardmaatschappij kon opleggen als je niet meteen de creditcard opstuurde wanneer zij daarom verzochten. De rechtbank vond het idee van een boete als aansporing niet onredelijk, maar had wel bezwaar tegen het feit dat de boete onbeperkt kon oplopen (in casu tot maar liefst ” 17.834,34).

Het boetebeding staat dus in geen enkele verhouding met de hoofdvordering van slechts ” 3.796,03 waarbij ook meegewogen moet worden het feit dat gedaagde kennelijk vanaf 6 september 2004 de kaart heeft gebruikt (zie 2.2 van het tussenvonnis van 4 juli 2007) noch misbruikt. Verder bevredigt de uitleg van eiseres omtrent de noodzaak van het boetebeding niet omdat dit beding, gelet op de aard en inhoud van artikel 12 van de algemene voorwaarden, kennelijk niet van toepassing is bij een reguliere beëindiging conform artikel 11 van de algemene voorwaarden. Aldus is dit boetebeding, waar niet over onderhandeld kan worden, in de wijze waarop eiseres het toegepast wenst te zien onredelijk bezwarend voor gedaagde in de zin van artikel 6:233 aanhef en sub a BW.

Ik krijg nogal eens vragen over boetebedingen bij allerlei websites, dus het is goed te weten dat je daar op zijn minst een punt van kunt maken.

Het verbaast me trouwens dat boetebedingen bij niet-nakoming niet op de grijze lijst staan. Is een boetebeding zo redelijk dan?

Update: zie ook het Eindrapport van de LOVCK-werkgroep van de kantonrechters, waarin men ambtshalve toetsing van algemene voorwaarden uitwerkt én richtsnoeren (aanwijzingen) geeft over hoe om te gaan met boetes voor tussentijds opzeggen door consumenten (of wegens wanprestatie). Met kritische noot bij NJB.

Heel kort: de schade is = restant winkelwaarde toestel (inclusief BTW) + helft van onbetaalde maandelijkse belcomponenten. Als de telefoonmaatschappij echter de vordering uit eigen wil meteen beperkt tot 75% van de resterende abonnementstermijnen, zal de rechter dit overnemen tenzij de consument specifiek verweer voert.

Arnoud

Deel dit artikel

  1. Ik heb het idee dat in dit verhaal schadevergoedingen en boetebedingen door elkaar heen lopen. Als je claimt in je algemene voorwaarden dat iemand een bepaald bedrag per dag aan schadevergoeding moet betalen voor het niet nakomen van zijn deel van de afspraak moet dit ook wel gaan om schade. En het lijkt me dat je dit dan ook moet kunnen aantonen. Dan is er dus ook een cumulatieve eis van meen ik 3 delen. Bij een boetebeding lijkt me dit niet aan de orde. Een boete is immers geen schade. Je zegt niet dat die boete overeenkomt met de schade die je leidt. Maar hoe dit juridisch nu relevant is en/of een wezenlijk verschil maakt weet ik niet.

  2. Een boete is wat anders dan een schadevergoeding inderdaad. Een boetebeding is (art. 6:91 BW):

    ieder beding waarbij is bepaald dat de schuldenaar, indien hij in de nakoming van zijn verbintenis tekortschiet, gehouden is een geldsom of een andere prestatie te voldoen, ongeacht of zulks strekt tot vergoeding van schade of enkel tot aansporing om tot nakoming over te gaan.
    Je kunt dus een boete eisen van 100 euro per dag dat men iets niet doet, of per keer dat men iets doet dat jij niet wilt. Ongeacht of je nu werkelijk schade hebt door dat iets.

    Alleen mag je niet nakoming ?n de boete vorderen, en ook niet de boete ?n een schadevergoeding (art. 6:92 BW). Je moet dus kiezen: moet hij nakomen of wil je de boete of heb je toch liever vervangende schadevergoeding.

Laat een reactie achter

Handige HTML: <a href=""> voor hyperlinks, <blockquote> om te citeren en <em> en <strong> voor italics en vet.

(verplicht)

Volg de reacties per RSS