Google haalt AI-functies uit betaald abonnement, maar waarom zou je dat moeten accepteren?

litter signage
Photo by Gary Chan on Unsplash

Google gaat de toegang tot de geavanceerdere Pro-modellen van Gemini schrappen voor gebruikers van het AI Plus-abonnement, zo meldde Tweakers onlangs. Vanaf 13 november kunnen deze gebruikers alleen nog de eenvoudigere Flash-modellen gebruiken. Wie de Pro-modellen wil blijven gebruiken, moet overstappen van een abonnement van 5 euro naar eentje van 22 euro per maand.

Dat voelt toch merkwaardig. Je sluit een abonnement af voor een dienst met bepaalde functionaliteit, betaalt daarvoor en vervolgens besluit de leverancier die functionaliteit weg te halen. Bij een gekochte auto zou niemand accepteren dat de fabrikant na een paar maanden op afstand de stoelverwarming uitschakelt, met de mededeling dat je voortaan een duurder abonnement nodig hebt.

Toch lijkt dat bij digitale diensten de normale gang van zaken. Er verandert voortdurend van alles en wie daar niet van gediend is, kan opzeggen. Dat staat al sinds jaar en dag in de wet. Maar waarom kun je niet gewoon eisen dat Google levert wat je hebt afgesproken?

Sinds 2022 hebben we daarvoor specifieke wettelijke regels. Artikel 7:50al BW bepaalt dat een leverancier een digitale dienst tijdens de looptijd van een overeenkomst mag wijzigen, maar alleen als de overeenkomst die mogelijkheid biedt én daarvoor een gegronde reden noemt. Bovendien moet de wijziging kosteloos zijn en moet de consument behoorlijk worden geïnformeerd. Bij meer dan geringe negatieve gevolgen mag de consument de overeenkomst ontbinden.

Overweging 75 van Richtlijn 2019/770 geeft drie voorbeelden van geldige redenen:

  1. Aanpassing van de digitale dienst aan een nieuwe technische omgeving.
  2. Aanpassing aan een toegenomen aantal gebruikers.
  3. Andere belangrijke operationele redenen.
De eerste twee zijn specifiek, de derde is een open categorie. Ze worden voorafgegaan door de eis dat de overeenkomst zelf een geldige reden voor de wijziging geeft.

Wat maakt een reden “belangrijk operationeel”? Daarover zwijgt de wet. Gezien de andere twee voorbeelden lijkt het te moeten gaan om iets soort-van vereist, we kunnen niet anders dan dit aanpassen. Sterker nog, overweging 75 verduidelijkt waarom deze bevoegdheid er is:

Zulke veranderingen zijn vaak in het voordeel van de consument, aangezien zij de digitale inhoud of digitale dienst verbeteren.
De bevoegdheid is dus bedoeld voor situaties waarin de oude wijze van leveren niet meer goed werkt of niet meer van deze tijd is. Denk aan een navigatiedienst die overstapt van een website naar een native app, zodat routeaanwijzingen ook bij een vergrendeld scherm blijven werken. Of een klantenserviceportaal dat overstapt naar chat omdat er dan ook een spraakinterface mogelijk wordt.

Ik wil op zich “de dienst is commercieel niet meer haalbaar” nog wel onder dergelijke veranderingen rekenen, want je moet kunnen stoppen met diensten. Google komt daar echter niet, want ze leveren precies die functionaliteit nog wel aan andere klanten. Dus dan wordt het “het kan niet meer uit voor deze prijs”, en dat vind ik een stuk zwakker. Dat is je ondernemersrisico.

In Duitsland is in 2025 gevonnist dat een algemeen wijzigingsbeding bij Twitter ongeldig is, precies vanwege strijd met deze Europese regel. Helemaal geen redenen noemen is dus hoe dan ook problematisch.

Arnoud

10 reacties

  1. Het alternatief is dat een “light” abonnement komt en een jaar later gaan de prijzen van beide abonnementen omhoog zodat het “light” abonnement hetzelfde kost al het oude abonnement voor de verhoging.

  2. Het probleem bij een bepaling zoals “de gebruiker moet de overeenkomst kostenloos kunnen opzeggen” is dat het gebaseerd is op traditionele ideeën over de werking van de markt; het idee dat als een aanbieder haar dienst ten nadele van de consument wijzigt consumenten dan zullen overstappen op een andere aanbieder.

    Bij sommige diensten werkt dit ook vrij aardig; zoals supermarkten of abonnementen voor mobiele telefonie. Dit stopt alleen met werken op het moment dat er geen of te weinig echte concurrentie is, of het onredelijk veel moeite kost om over te stappen op een andere aanbieder. Ik denk dat (zoals ook blijkt uit de vele rechtszaken en veroordelingen) we gerust kunnen stellen dat de grote tech-partijen als Google een monopolie-positie hebben.

      1. Even eventuele nauwe integratie met Google workspace negerend, zal dat equivalent-zijn inderdaad m.i. wel aan de orde zijn. Natuurlijk, migreren kost moeite maar dat geldt beperkt ook voor overstappen naar een telefonieprovider of supermarkt.

        Maar dat geldt niet voor alle diensten. Prime Video die opeens ads ging tonen, of de andere streaming diensten die het abo hebben uitgekleed? De concurrent heeft ook video’s, maar niet die ene serie die ik wil zien. Terwijl elke supermarkt wel de meeste zelfde producten heeft plus vergelijkbare huismerken.

        LLM’s met diepe toegang tot onderliggende systemen zijn niet triviaal na te bouwen. De functionaliteit die Copilot MS365 biedt met toegang tot Graph etc. nabouwen in Mistral, ik ga er niet aan beginnen. Dat zal mogelijk voor Google’s tegenhanger ook gelden, weet ik niet. Daar is het dan vergelijkbaar met dat het alternatief voor een supermarkt alleen is zelf de basisingrediënten van de boer te kunnen kopen.

          1. Maar is het stoppen met een product juridisch wel te vergelijken met het tussentijds verhogen van de prijs of het beperken van de functionaliteit van een product waarvoor je al een overeenkomst hebt afgesloten?

            Albert Heijn mag besluiten om geen huismerk koffiepads meer te verkopen. Dat is een beslissing over het toekomstige assortiment. De klant heeft immers geen overeenkomst met Albert Heijn die hem recht geeft op de toekomstige beschikbaarheid van die koffiepads. Dat ze nergens anders in dezelfde kwaliteit verkrijgbaar zijn, verandert daar juridisch niets aan.

            Bij een abonnement ligt dat anders. Daar bestaat wel een overeenkomst waarin de aanbieder zich verplicht gedurende een bepaalde periode een dienst te leveren. De aanbieder kan niet zonder meer tijdens die periode een wezenlijk onderdeel van de overeengekomen dienst schrappen of alleen nog tegen een hogere prijs beschikbaar stellen.

            Google noemt het weliswaar het verwijderen van modellen uit een abonnement, maar als diezelfde modellen in een duurder abonnement gewoon beschikbaar blijven, is er feitelijk sprake van een prijsverhoging voor het behoud van de bestaande functionaliteit. Het verandert niets aan die werkelijkheid dat Google de wijziging administratief presenteert als een aanpassing van het productaanbod.

            Om het voorbeeld van Prime Video te gebruiken: een concurrerende streamingdienst heeft niet de series die je wilt kijken. Andere streamingdiensten zijn daardoor geen gelijkwaardig alternatief wanneer je vanwege een prijsverhoging wilt opzeggen. Je kunt het nieuwe seizoen van je favoriete serie dan niet meer kijken zonder de verhoging te accepteren. De mogelijkheid van piraterij laat ik buiten beschouwing, omdat die niet legaal is.

            Maar ook hier moet je onderscheid maken tussen wat onderdeel is van de overeenkomst en wat je als consument hoopt dat de aanbieder in de toekomst gaat leveren.

            Als een streamingdienst besluit geen nieuw seizoen van een serie te maken, terwijl dat seizoen bij het afsluiten van je abonnement nog niet was aangekondigd of toegezegd, zie ik daarin geen tekortkoming in de overeenkomst. Je hebt immers geen recht gekocht op alle toekomstige seizoenen van een serie.

            Anders wordt het wanneer een streamingdienst bij het afsluiten van een abonnement expliciet adverteert met een nieuw seizoen dat tijdens de abonnementsperiode beschikbaar zal komen, en dat vervolgens annuleert. Dan kan die toezegging onderdeel zijn van wat je op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Naar mijn mening moet je in zo’n geval de overeenkomst kunnen ontbinden als die toezegging voldoende wezenlijk was.

            Bij AI-modellen geldt in beginsel hetzelfde onderscheid. Als ChatGPT een ouder model vervangt door een aantoonbaar gelijkwaardig of beter model, hoeft dat geen wezenlijke verslechtering van de overeengekomen dienst te zijn. Maar als een model waarmee expliciet is geadverteerd tijdens de looptijd verdwijnt zonder gelijkwaardige vervanging, kan dat wel degelijk een tekortkoming of een nadelige wijziging van de dienst opleveren.

            En als dat model helemaal niet verdwijnt, maar alleen nog tegen een hoger abonnementstarief beschikbaar is, wordt het onderscheid nog duidelijker. Dan gaat het niet om het beëindigen van een product, maar om het eenzijdig beperken van de overeengekomen dienstverlening, waarbij de consument extra moet betalen om de oorspronkelijke functionaliteit te behouden.

            De vergelijking met de koffiepads van Albert Heijn gaat daarom mank. Het gaat niet om de vrijheid van een onderneming om haar toekomstige assortiment te bepalen, maar om de verplichting om een reeds gesloten overeenkomst na te komen.

            Deze schertsvertoning is, zoals gezegd, niets anders dan een verkapte tussentijdse prijsverhoging. Dat Google er een andere naam aan geeft, maakt het juridisch toch geen wezenlijk andere handeling?

      2. Dat is een goede vraag, die ik wil beantwoorden met een wedervraag: moeten we, of kunnen we het ons veroorloven om, bij die hele grote marktpartijen niets te doen op het moment dat er nog wel concurrentie is, en moeten we wachten met iets doen totdat het te laat is en de concurrentie niet meer een equivalente dienst kan aanbieden?

        Het is nu bijvoorbeeld nog mogelijk om met een aparte plugin OpenAI’s chatgpt je GMail inbox te laten lezen, maar Google is bezig om het in Gemini mogelijk te maken om niet alleen Gmail, maar ook andere Google diensten (drive, photos, locatiehistory e.d) te ontsluiten zodat die informatie gebruikt kan worden om antwoorden beter af te stemmen of het eenvoudig te maken om bijvoorbeeld je foto’s te laten sorteren door Gemini. Je kan aan zien komen dat Google op enig moment die marktmacht zal gebruiken om haar AI-dienst te bevoordelen, bijvoorbeeld door de toegang voor OpenAI af te sluiten of te beperken met een beroep op veiligheid of zo’n soort excuus. Apple doet ook ziets; waarom kan je alleen de oordopjes van Apple zelf op de eenvoudige wijze koppelen en kunnen andere fabrikanten niet ook oordopjes aanbieden die je op die wijze kan koppelen?

        Ik denk dat rechtszaken zoals die tegen Microsoft over browserkeuze goed laten zien hoe ver die grote partijen willen gaan om hun eigen producten te bevoordelen. We kunnen er nu misschien nog iets aan doen voor AI diensten.

  3. Zit het hele issue niet in de definitie van de ‘looptijd’ van de overeenkomst? Zou je bij een maandelijks opzegbare dienst niet kunnen betogen dat de looptijd daar van altijd een maand is. Die wordt dan maandelijks verlengd tegen de op dat moment geldende voorwaarden. Is daar jurisprudentie voor?

    1. ChatGPT verkoopt aan particulieren alleen per maand, dus terechte vraag als je het over hun dienst hebt. Google had de laatste keer dat ik daar keek ook een jaar abonnement met korting voor jaarbetaling vooraf (En hun eigen Ai bevestigt dat ze dat nog steeds hebben).

      En dat abonnement verlengt ook elke keer met een jaar waarbij eerder opzeggen niet mogelijk is en je geen restitutie krijgt. Je kan natuurlijk wel een paar dagen na de verlenging opzeggen, maar dan krijg je geen geld terug en blijft het produkt beschikbaar voor de betaalde periode. Ze zetten slechts de automatische verlenging uit.

Geef een reactie

Handige HTML: <a href=""> voor hyperlinks, <blockquote> om te citeren, <UL>/<OL> voor lijsten, en <em> en <strong> voor italics en vet.