Wat kun je met een IP-adres?

| AE 2292 | Security | 32 reacties

ip-adres.pngInternetters zijn lastig te identificeren. Namen en e-mailadressen zijn zo vervalst, en ook op andere gegevens kun je nauwelijks afgaan. Het IP-adres is zo ongeveer het enige gegeven dat niet (nou ja, moeilijk) te vervalsen is als je met iemand communiceert. Het opvragen van een IP-adres is dan ook vaak de eerste stap als je juridische maatregelen tegen iemand wilt nemen.

Maar hoe betrouwbaar is zo’n IP-gebaseerde identificatie nu eigenlijk? Voor die lastige technische vraag stonden de raadsheren van het Gerechtshof Den Bosch recent. In een fikse ruzie tussen twee partijen was aangifte gedaan van smaadschrift per e-mail, maar die aangifte was geseponeerd. De benadeelde partij stapte daarop naar het Gerechtshof, want je mag via de zogeheten artikel-12-procedure eisen dat men alsnog vervolging instelt.

De smaadmail was via het contactformulier van de website verstuurd, dus via de logs van de site was het IP-adres van de verzender snel achterhaald. En dat adres bleek op naam te staan van de partij tegen wie hij aangifte had gedaan. (Iedereen die nu over RIPE of IANA begint: ik vermoed dat daarmee wordt bedoeld dat bij een reverse DNS lookup de domeinnaam van de wederpartij boven kwam.) Als bewijs werd daarbij een logfile van websitebezoeken overlegd.

De wederpartij ontkende ten stelligste dat hij het formulier had ingevuld: hij had een open netwerk achter dat IP-adres draaien, waar ook zijn gezin, de buren en diverse vrienden zomaar op konden. Een open netwerk als bewijs van onschuld? Volgens het Hof wel, en niet alleen omdat de logfiles eerder ophielden dan het tijdstip waarop de mail was ontvangen.

Uit de beschikking:

[N]aar het oordeel van het hof onvoldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig dat beklaagde de bewuste e-mail heeft verstuurd, gelet op het aantal personen dat kennelijk toegang had tot zijn computer. Naar het oordeel van het hof mag niet verwacht worden dat verder onderzoek nader bewijs zal opleveren.

In technische zin is het wel terecht: meer dan “vanaf deze computer is het verstuurd” kan men niet concluderen uit een IP-adres. De lijn doortrekken naar een specifieke gebruiker zal verdere omstandigheden vereisen, zoals dat hij de enige is die het wachtwoord weet of dat de PC op een afgesloten kamer staat waarvan alleen hij de sleutel heeft. En die omstandigheden liggen hier nu juist niet.

Maar het voelt ergens wel onrechtvaardig: de smadelijke uiting is zodanig dat eigenlijk alleen de eigenaar van de PC deze gedaan zou kunnen hebben.

Arnoud