Open source licenties rechtsgeldig in VS

| AE 1171 | Intellectuele rechten | 5 reacties

De allereerste keer dat een Hof van Beroep zich uitlaat over open source, en het is goed nieuws: open source licenties zijn in principe rechtsgeldig, en belangrijker nog, schending van open source voorwaarden is inbreuk op het auteursrecht en niet alleen maar contractbreuk. Dat onderscheid is van groot belang bij rechtszaken. Voor contractbreuk kun je in de VS in principe alleen schadevergoeding krijgen, terwijl je voor inbreuk op het auteursrecht ook een verbod kunt eisen op verdere verspreiding. De dreiging met zo’n verbod is vaak het enige effectieve wapen dat een open source auteur heeft. Welke (financiële) schade lijd je immers door ongeautoriseerde verspreiding van je open source software?

Het arrest in Jacobsen vs Katzer maakt het vonnis in eerste instantie ongedaan. De zaak was aangespannen door de auteur van het Java Model Railroad Interface project tegen een gebruiker die het werk zonder broncode en zonder bronvermelding had verspreid. In het vonnis werd bepaald dat de Artistic License, de open source licentie in kwestie, onbeperkt in scope was en dat de verplichtingen voor gebruikers alleen maar contractuele verplichtingen waren.

Het Hof concludeert dat de verplichtingen wel degelijk beperkingen op de licentie zelf zijn. Een gebruiker krijgt immers toestemming om de software te bewerken en te verspreiden “provided that” hij de broncode meelevert en vermeldt waar de software vandaan komt. Dit legt het Hof uit als dat alleen bewerkingen en verspreidingen waarbij dit gebeurt, gelicentieerd zijn. Andere vormen van bewerking en verspreiding vallen buiten de licentie en zijn daarmee inbreuk op het auteursrecht.

Opmerkelijk is nog dat het Hof expliciet bevestigt dat het open source licentiemodel legitiem is en dat de Auteurswet dit model moet steunen:

Copyright holders who engage in open source licensing have the right to control the modification and distribution of copyrighted material. … The choice to exact consideration in the form of compliance with the open source requirements of disclosure and explanation of changes, rather than as a dollar-denominated fee, is entitled to no less legal recognition.

En op het einde van het arrest:

The attribution and modification transparency requirements directly serve to drive traffic to the open source incubation page and to inform downstream users of the project, which is a significant economic goal of the copyright holder that the law will enforce.

Een zeer goede ontwikkeling voor open source dus.

Arnoud

Geldigheid van open source licenties: de Artistic License

| AE 384 | Intellectuele rechten | Er zijn nog geen reacties

Een nieuwe rechtszaak over open source licenties. Geen GPL-schendingen in producten, maar een schending van de relatief onbekende Artistic License bij software voor modeltreintjes. Toch kan deze zaak wel eens erg belangrijk worden. Zoals Mark Radcliffe opmerkt:

The decision makes two important points: (1) the Artistic License is a contract and (2) the failure to include the copyright notices was not a “restriction” on the scope of the license.

Dat eerste punt is voor Amerikanen niet evident: daar moet een contract consideration, een tegenprestatie van de wederpartij bevatten. Hier in Nederland is een licentie altijd een contract. Dat de Artistic License een contract is, lijkt de rechter af te leiden uit het feit dat er niet alleen maar toestemming wordt verleend:

The condition that the user insert a prominent notice of attribution does not limit the scope of the license. Rather, Defendants’ alleged violation of the conditions of the license may have constituted a breach of the nonexclusive license, but does not create liability for copyright infringement where it would not otherwise exist. Therefore, based on the current record before the Court, the Court finds that Plaintiff’s claim properly sounds in contract (…)

Je kunt iemand die je naam niet prominent vermeldt, niet aanklagen wegens inbreuk op het auteursrecht. “Prominente naamsvermelding” staat niet in de auteurswet. Wil je die eis opleggen, dan moet je een contract sluiten met de licentienemer. Daarom moet de licentie als contract gezien worden.

Het tweede punt is lastiger. Amerikaans recht maakt onderscheid tussen beperkingen aan de gegeven licentie zelf en bijkomende verplichtingen voor de wederpartij. “U mag kopiëren maar niet naar derden verspreiden” is een beperking; “u belooft de broncode geheim te houden” is een bijkomende verplichting. Wie bij zo’n licentie de software naar derden verspreidt, gaat de licentie te buiten en pleegt inbreuk op het auteursrecht. Maar wie zich niet houdt aan de geheimhoudingsverplichting, pleegt alleen contractbreuk.

En dat maakt uit, want bij contractbreuk kun je in de VS alleen schadevergoeding vragen. Nakoming afdwingen noemen ze daar specific performance en dat krijg je niet snel voor elkaar. Bij inbreuk kun je eisen dat het product van de markt gaat, en dat is natuurlijk een leuk drukmiddel om andere eisen voor elkaar te krijgen.

In Nederland is een open source licentie gewoon een contract, en contracten mag je ontbinden als de tegenpartij niet doet wat hij moet doen. Het onderscheid tussen beperkingen en bijkomende verplichtingen kennen wij niet. Wel moet de ontbinding gerechtvaardigd zijn: wordt er een dag te laat geleverd, dan kun je niet onder je betalingsverplichting uit door het contract op te zeggen.

Rick Moen schreef eerder een interessant stuk over open source rechtszaken in de praktijk.

Arnoud