Embedden van seksvideo door GeenStijl was onrechtmatig

| AE 10747 | Privacy | 39 reacties

De rechtbank Amsterdam heeft bepaald dat GeenStijl een seksvideo niet verder had mogen verspreiden door deze te embedden op zijn site. Dat meldde Tweakers gisteren. Dat embedden was onrechtmatig, omdat het een onaanvaardbare schending van de privacy van Patricia Paaij met zich meebracht. Een plichtmatig beroep op de vrijheid van meningsuiting ging direct de prullenbak in en de site moet 30.000 euro immateriële schadevergoeding betalen. Heeft de discussie over de juridische status van de hyperlink en/of het embedden er daarmee een nieuw hoofdstuk bij? Welnee, hooguit een voetnoot.

De betreffende video bleek al enige tijd op diverse plekken (waaronder Twitter) op te duiken zonder toestemming van de geportretteerde, zo lees ik in het vonnis. GeenStijl besloot daar aandacht aan te geven, en sloot het artikel af met een embedded Tweet die een direct afspeelbare koppeling naar de video legde. Zelf de video publiceren, wat toch vrij logisch is als je je eigen Dumpert hebt, deed men niet. Die keuze zou zijn ingegeven doordat de site zelf al tot de conclusie was gekomen dat publicatie niet te rechtvaardigen was, aldus Tweakers.

Waarom dan wel embedden? Kennelijk vanwege het idee dat je dan net wat meer afstand tot het materiaal creëert zodat je kunt zeggen “kijk hier maar, maar wij hebben er niets mee te maken” of zoiets. En ja, auteursrechtelijk is dat een relevant argument: het embedden van materiaal van elders is geen inbreuk op auteursrechten. Mits legaal gepubliceerd, want uit het GeenStijl-arrest uit 2016 weten we dat het linken naar een illegale publicatie wél inbreuk maakt op het auteursrecht. En

In het recht is het alleen zo dat je bij elk rechtsgebied apart opnieuw naar de vraag moet kijken en de onderliggende juridische constructies. Bij de embedkwestie in het auteursrecht komt het op een zeer technische discussie neer wanneer iets het aanbieden aan een nieuw publiek is. Maar als je het bekijkt vanuit privacy of aantasting van iemands eer en goede naam, dan is het criterium heel anders: help je mee aan die aantasting of schending van de privacy? Zo ja, dan zit je fout. En het is volgens mij al tien jaar een uitgemaakte zaak dat een hyperlink kan kwalificeren als “meehelpen”, wanneer je niet heel duidelijk afstand neemt van het gelinkte.

De rechtbank begint met de eenvoudige constatering dat iedereen op zijn klompen moet aanvoelen dat dit niet kan, het verspreiden van intiem beeldmateriaal van iemand anders:

De rechtbank neemt tot uitgangspunt dat de verspreiding en met nadruk óók de verdere verspreiding van overduidelijk tot de intieme privésfeer behorend, in meer of mindere mate seksueel getint althans “bloot”, foto- en/of videomateriaal in beginsel steeds onrechtmatig is jegens degene(n) die op dat materiaal te zien is (zijn) en waarvan redelijkerwijs niet anders kan worden verondersteld dan dat diegene(n) niet instemt (instemmen) met de betreffende verspreiding.

Het is recht, dus overal zijn uitzonderingen op te verzinnen. In dit geval wordt dan standaard de vrijheid van meningsuiting erbij gehaald: het was immers nieuws, die gelekte beelden. Dus dan mag je daarover berichten, en als je dat op de typisch GeenStijlse manier wil doen dan moet ook dat kunnen. En dat bevestigt de rechter ook. GS had aangegeven dat haar doel het aan de kaak stellen van de hypocrisie van andere media was: foei-foei roepen over al dat lekken en verspreiden op internet, maar ondertussen gniffelend de beelden vertonen. Alleen:

Nu GSMedia c.s. op werkelijk geen enkele manier de rechtbank heeft kunnen overtuigen dat het aan de kaak stellen van de gewraakte hypocrisie – bij anderen(!) – óók het plaatsen van de embedded hyperlink naar het filmpje met [eiseres] rechtvaardigde, in die zin dat de belangen van [eiseres] daarvoor moesten wijken, is daarmee in dit geding komen vast te staan dat GSMedia c.s. op ontoelaatbare wijze een grens heeft overschreden.

Zijdelings was er nog discussie over de vraag of Paaij een en ander over zichzelf had afgeroepen (dan wel toestemming had gegeven) door de video in beperkte kring te verspreiden. De rechtbank gaat niet mee in dat victim blaming-argument: uit het verspreiden van materiaal naar zekere personen mag geen toestemming voor verdere verspreiding worden afgeleid, zeker niet met deze intieme soort beelden.

De site moet 30.000 euro immateriële schadevergoeding betalen.

Arnoud