Fair use moet je meewegen bij een notice/takedownverzoek

| AE 8020 | Intellectuele rechten | 8 reacties

Een Youtube-gebruiker die een video van haar dansende baby online zette en werd aangeklaagd door het platenlabel van zanger Prince heeft een slag gewonnen in haar auteursrechtenzaak, las ik bij Nu.nl. In 2007 uploadde zij een video van 29 seconden van haar peuter die danste op het liedje Let’s go crazy van Prince. Youtube haalde de video echter weg toen men een DMCA takedownclaim kreeg van Universal Music Group, omdat deze ongeautoriseerde publicatie inbreuk op auteursrechten zou zijn. De rechtbank in hoger beroep oordeelt nu dat dit onterecht was: Universal had rekening moeten houden met ‘fair use’ voordat zij de claim deed.

Het gebeurt zeer, zeer regelmatig dat rechthebbenden verzoeken doen om materiaal weg te laten halen dat hun werk bevat, terwijl er toch op zijn minst een begin van een argument is dat dit gebruik een citaat, parodie of Amerikaansrechtelijk ‘fair use’ oplevert. Denk aan een remix van een muziekwerk, een flits uit een film in een commentaar of zoals hier een achtergronddeuntje bij een toevallige opname.

Jarenlang is het argument geweest dat zo’n fair use-verweer niet relevant is. De wet zegt immers alleen, als je als rechthebbende een schending ziet, kun je dat werk laten weghalen. Is men het daar niet mee eens, dan kan men een tegenclaim indienen waarin eventuele fair use-bezwaren worden onderbouwd. Dat had wisselend succes, zeker als een rechthebbende gewoon bleef zeggen “volgens ons is het inbreuk”. Veel mensen lieten het er dan bij zitten, want een rechtszaak over zo’n situatie is het geld niet waard.

Deze uitspraak maakt de zaak wat lastiger voor rechthebbenden. Het Hof zegt namelijk dat men bij het opstellen van de claim al direct moet nadenken over fair use, en dat het verboden is om claims in te dienen wanneer dat niet is gebeurd. Dat is niet hetzelfde als “je mag geen claim indienen als fair use in theorie mogelijk is” of “je mag geen claim indienen totdat je fair use volledig weerlegd hebt”. De eis uit de wet is dat men “in good faith” oftewel te goeder trouw mocht denken dat de video de rechten van Universal schond. En dat betekent:

Universal faces liability if it knowingly misrepresented in the takedown notification that it had formed a good faith belief the video was not authorized by the law, i.e., did not constitute fair use.

In dit geval was duidelijk dat Universal in het geheel niet had nagedacht over fair use; in hun visie was dat immers iets dat pas bij de tegenclaim of bij de rechter überhaupt een issue kon zijn. Dat is dus fout, aldus het Hof, je moet als rechthebbende wel íets van een evaluatie doen voordat je een claim indient. Dus laat maar zien, Universal, waaruit blijkt welke evaluatie je hebt gedaan.

Intrigerend is nog dat het Hof vervolgens opmerkt dat het best mogelijk moet zijn zo’n evaluatie te automatiseren. Als je automatisch werken kunt herkennen (en erover klagen) dan kun je vast ook iets inbouwen waardoor je automatisch kunt zeggen “dat zou fair use kunnen zijn, skip”. Code as law, dus.

Ik ben alleen heel benieuwd hoe dat eruit moet gaan zien. Het punt van fair use is namelijk dat het geen simpel trucje is. Er zijn vier factoren:

  1. Het doel en karakter van het gebruik, inclusief de vraag of het gebruik commercieel is of educatief en non-profit;
  2. De aard van het beschermde werk;
  3. De omvang en de scope van het overgenomen deel in verhouding tot het beschermde werk als geheel; en
  4. Het effect van het gebruik op de potentiële markt voor of waarde van het beschermde werk.

Je kunt dus niet zeggen “minder dan 30 seconden dus fair/meer dan 30 dus unfair”. Alle vier de factoren moeten worden langsgelopen. Lengte en commerciële intenties wegen mee maar bijvoorbeeld óók hoe transformerend jouw gebruik van het werk is. Letterlijk het hele werk herpubliceren voor geldelijk gewin is zelden fair use, een nauwelijks herkenbaar fragmentje in een privéfilmpje vrijwel altijd.

Maar misschien zijn er toch shortcuts te verzinnen. Het gaat immers niet om een algoritme dat fair use bewijst of weerlegt, maar om een algoritme waarmee je te goeder trouw kunt zeggen “fair use is onwaarschijnlijk, takedown die hap”. Het Hof suggereert dat dat bijvoorbeeld kan door te kijken welk deel van het werk is gebruikt: hoe kleiner het deel, hoe groter de kans op fair use. Ook kun je kijken naar de website, staan er advertenties op of wordt er toegang tot het werk verkocht? (Ik ben benieuwd welke jullie nog zouden weten.)

In ieder geval is het niet meer mogelijk om gewoon botweg te zeggen “ons algoritme detecteert een fragment dat van ons is, takedown die hap”. En dat is alvast een heel stuk winst.

Arnoud

Deel dit artikel

  1. Vorige maand had het hackerstijdschrift 2600 een vergelijkbare zaak: http://2600.com/content/2600-accused-using-unauthorized-ink-splotches

    Men zou een deel van een beschermd werk hebben gebruikt op de voorkant van een oudere uitgave. Het was eigenlijk maar een heel klein hoekje van een gecopyrighte foto. Maar toch werd er automatisch een blafbrief gestuurd.

    2600 had helaas voor de aanklagende partij hun huiswerk heel goed gedaan. De voorkant kwam (net als de achtergrond van de betreffende foto) van een ander werk. De voorkant bevatte zelfs meer daarvan dan de foto.

    Men heeft zich daar flink druk gemaakt over het automatische en botte proces. Het heeft hun uiteindelijk wel een echt excuses opgeleverd en men heeft de claim teruggetrokken. Ik ben benieuwd of 2600 misschien nog een stap verder gaat.

  2. Als programmeur zie ik wel mogelijkheden om “fair use” via code te bepalen, hoewel de algoritmes daarvoor vrij complex zullen zijn. (Dat zou geen belemmering mogen zijn!) Bij muziek kun je de kwaliteit meten van de opname. Je kunt daarnaast ook laten meten of er extra voorgrond-geluiden zijn die de muziek overstemmen. Bij een goede kwaliteit van de opname zonder al te veel voorgrondgeluiden heb je al redelijk bewijs dat het geen fair use betreft. Bij videos zul je vervolgens ook met beeldherkenning moeten komen, waarbij je algoritmes nodig hebt die voorwerpen en personen kunnen hebben. Herkent de software een dansende peuter of zo dan is het waarschijnlijk fair use. Maar zijn het b.v. beelden van bloopers of auto-crashes dan wordt de muziek mogelijk misbruikt om het filmpje leuker of spannender mee te maken in plaats van dat er sprake is van fair use. Kwaliteit, voorgrondgeluiden en beeldherkenning zorgen voor de parameters om te bepalen of iets wel of niet fair use is (of er tussenin) en dan is het alleen een kwestie van de grenzen instellen.

    • Dat zijn inderdaad mogelijkheden maar ik zie niet hoe je software weet dat een producent van wat dan ook een emailtje van een indy-artiest in zijn inbox heeft zitten met toestemming voor gebruik. Dat wordt niet afgedekt door je “dit is een goede kwaliteit opname en dus inbreuk”-achtige algoritme. Verder zijn er ook genoeg bedrijven die content (meest via Content-ID en aanverwanten) onterecht als het hunne claimen. Onder andere NASA heeft daar met haar youtubefilms regelmatig last van. Als overheidsinstantie is alles van NASA by default public domain, maar dat belet anderen niet om daar “copyright” op te claimen.

      En tenslotte heb je ook nog de uitzondering voor educational purposes enzomeer. Hoe je je grenzen ook instelt, je zult altijd te maken hebben met een flink aantal false positives die onaangenaam in het nieuws zullen komen wegens de bottebijlmethodes die de grote bedrijven graag hanteren.

      • Klopt, maar een algoritme dat 95% kan weg filteren bespaart toch weer heel veel handwerk.Je hoeft met het algoritme niet absoluut te bewijzen dat het geen fair-use betreft maar wel duidelijk maken dat het heel aannemelijk is dat fair use niet van toepassing is op de situatie. En als je zo dagelijks honderduizenden nieuwe sites/videos moet onderzoeken dan is een algoritme dat 95% correct weet te plaatsen onder wel/geen fair use al goud waard!

  3. “Er zijn vier factoren” – correctie, er zijn minimaal 4 factoren. De wet zegt: ” In determining whether the use made of a work in any particular case is a fair use the factors to be considered shall include […]”. De afweging is dus niet gelimiteerd tot die vier factoren. Wel moeten die vier factoren bij de beoordeling of iets fair use is of niet, minimaal worden meegenomen.

    Als je het interesseert is het ook wel nuttig de achtergrond van dit wetsartikel (onder Notes) te lezen.

Laat een reactie achter

Handige HTML: <a href=""> voor hyperlinks, <blockquote> om te citeren en <em> en <strong> voor italics en vet.

(verplicht)

Volg de reacties per RSS