Wie is er aansprakelijk voor het “Facebook feest” in Haren?

| AE 4506 | Ondernemingsvrijheid | 50 reacties

project-x-haren.jpgHet dorp Haren is veranderd in een ravage na het “Facebook feest” van afgelopen zaterdag, las ik bij Nu.nl. Naast de nodige materiële schade zijn er ook twintig gewonden gevallen. De gemeente spreekt van “ongekend geweld” met “vernielingen, plunderingen, brandstichtingen en gewonden”. Ik blijf het een bizar verhaal vinden. Ondertussen zijn er meer dan 200 tips binnen over mogelijke daders, dus dat riep bij mij de vraag op: op wie is deze schade te verhalen?

De politie is natuurlijk bezig met opsporing, onder meer dankzij camerabeelden en de vele beelden die mensen op social media hebben gezet. Een logische route, en de herkende daders kunnen met die beelden als bewijs worden veroordeeld tot boetes of schadevergoeding. Een probleem daarbij is alleen dat je dan moet bewijzen dat juist die persoon die schade heeft aangericht. Zie je een groepje mensen op een winkelpui aflopen en is vervolgens die pui beschadigd, dan is dat bewijs erg lastig.

Nu is dat geen nieuw probleem, dus het verbaast niet dat het strafrecht hier een regeling voor heeft. Naast de pleger zelf kent het strafrecht ook het begrip van de “medepleger”, en ook de “medeplichtige” en de “uitlokker” die iets verder er vanaf staan.

Van medeplegen is sprake wanneer twee partijen een “nauwe en bewuste samenwerking” aangaan om het feit samen te plegen. Gooi je met z’n drieën een auto op de kant, dan ben je alle drie even hard te vervolgen en te beboeten. Een medeplichtige werkt ook wel mee, maar minder nauw. Een medeplichtige kan bijvoorbeeld de auto besturen waarmee men naar de rellen gaat, of de steen aanreiken waarmee de ruit ingegooid wordt. Wel moet de medeplichtige dan weten dat dat het plan was; de NS-machinisten zijn natuurlijk niet medeplichtig.

Van uitlokken is sprake wanneer iemand een ander wordt overgehaald om het feit te begaan, bijvoorbeeld door hem een beloning voor te houden of hem gelegenheid of middelen te geven om het feit te begaan. Iemand die op Facebook opriep om te rellen, zou als medeplichtige van de gevolgen daarvan kunnen worden gezien. Wel moet dan worden bewezen dat de werkelijke pleger zich heeft laten aanzetten door die oproep van die specifieke persoon, en dat zal niet meevallen.

Naast het strafrecht kunnen gedupeerde bewoners en winkeliers van Haren ook zelf civielrechtelijk de daders aansprakelijk stellen. Daarbij geldt hetzelfde bewijsprobleem: wie gooide de ruit in en wie stak die auto in de brand? Maar in het civiele recht is er een iets andere regeling wanneer groepen mensen schade aanrichten. Op grond van de regels over groepsaansprakelijkheid is ieder lid van de groep volledig aansprakelijk te stellen voor handelingen vanuit de groep (art. 6:166 BW). Dus ook als je niet de baksteen aangaf maar er wel naast bleef staan. Het is genoeg dat je op een of andere manier direct of indirect bijdroeg aan de schade, bijvoorbeeld door aanmoedigen of eenvoudigweg door niet in te grijpen terwijl dat eenvoudig had gekund.

Een winkelier kan dus langs deze weg eenvoudiger zijn schade verhalen door iemand uit de groep te identificeren en de rekening te sturen. En die persoon mag dan afrekenen met de medeleden van de groep.

De discussie of “het internet” aansprakelijk is, gaat alleen denk ik meer aandacht krijgen. Want dat er ook op de radio is opgeroepen om te gaan, is niet zo belangrijk – het was een uitnodiging op Facebook dus heeft het internet het gedaan. Juridisch gezien onzin maar veel leuker om over te praten natuurlijk. (Update: zie ook de scriptie van Sander Vols over wat burgemeester of officier kunnen doen bij Facebookrellen.)

Arnoud