Ook bij juwelen is bewijs van verzending geen bewijs van ontvangst

| AE 10507 | Webwinkels | 12 reacties

Wanneer een juwelier een dure ring per post verstuurt, en de envelop komt leeg aan, dan is dat zijn risico. Dat haal ik uit een recent arrest uit Den Bosch inzake een geschil tussen een Nederlandse webwinkelier en een Duitse consument. Die laatste had de ring via de website Catawiki gekocht, maar constateerde (samen met de postbode) dat het pakket beschadigd was aangekomen. De consument eiste daarop terugbetaling van de koopsom, wat de juwelier weigerde omdat hij dit risico koper vond.

De kern van het verhaal is vrij simpel:

Toen de postbode de envelop op 10 oktober 2015 kwam bezorgen en [appellant] niet aanwezig was, heeft een medewerkster van het restaurant van [appellant] de ontvangstbevestiging ondertekend. Direct daarna kwam [appellant] binnen en hij heeft de ongeopende envelop, die erg dun aanvoelde, meteen geopend in aanwezigheid van de postbode en vastgesteld dat er niets in de envelop zat. [appellant] heeft toen op de envelop geschreven: “‘kein Inhalt vorhanden”.

Die boodschap werd door de postbode bevestigd met een handtekening. De envelop is vervolgens retour afzender gestuurd. Daarmee zou vast moeten staan dat er een lege envelop aangekomen is, waarbij we redelijkerwijs wel mogen vermoeden dat de ring er bij verzending wel in zat omdat op het verzendbewijs het gewicht van de zending vermeld stond en dat was meer dan een lege envelop zou wegen.

Zowel in Duitsland als in Nederland geldt bij aankopen door consumenten de vrij simpele regel dat het risico van kwijtraken in de verzending voor rekening van de zakelijke afzender komt. Daarmee is de zaak dus vrij snel klaar, de juwelier heeft de ring niet bezorgd en dus moet de aankoopprijs teruggestort.

Een heel klein puntje voor de juwelier is dat de consumentkoper niet had geklaagd bij de verkoper toen hij de lege envelop kreeg, maar deze gewoon retour afzender stuurde met die tekst erop. Dat is niet de meest effectieve manier van reclameren. Maar uiteindelijk maakt dat niet uit, want het risico blijft ook dan gewoon bij de juwelier liggen.

Waarom je als bedrijf een ring van tweeduizend euro per post stuurt en kennelijk zonder verzekering, is me verder een raadsel.

Arnoud

Deel dit artikel

  1. De verzendwijze vind ik op zich al erg vreemd: aangezien men het steeds over een ‘enveloppe’ heeft lijkt het wel alsof het de bedoeling was dat de ring er misschien wel los in had moeten zitten. Zelfs al zit de ring in zo’n plastic doosje met watten, dan nog is de bescherming tegen vallen of klem zitten tussen zware pakketten nul komma nul. Best bizar voor zo’n dure ring.

    Zelf heb ik ooit eens een juwelier aan de andere kant van het land gebeld voor een ring (250 euro ofzo), om mij die toe te sturen. Maar die ring werd netjes in zo’n klein doosje met watjes gedaan, en daarna in een kartonnen box met extra vulling als pakketje verstuurd.

  2. veroordeelt [juweliers] in de proceskosten van het hoger beroep en begroot die kosten aan de zijde van [appellant] tot op heden op € 103,11 aan dagvaardingskosten, € 313,– aan griffierecht en op € 632,– aan salaris advocaat;
    Is het niet triest en treurig dat de gedaagde nu de kosten van het hoger beroep moet betalen? Hij kan er toch niets aan doen dat de lagere rechtbank een verkeerd vonnis heeft uitgesproken? Laat de staat het maar betalen. Ik ga er hierbij van uit dat de klant in hoger beroep is gegaan.

    • Zoals ik het lees, is de koper in hoger beroep gegaan omdat de rechtbank had gezegd:

      [appellant] heeft zijn stelling dat de ring bij ontvangst van de envelop niet in de envelop zat, echter onvoldoende onderbouwd, zodat die stelling niet is komen vast te staan. De vordering moet daarom worden afgewezen (rov. 4.3, derde volzin en verder).
      Ik zou met die reden ook in beroep gaan, omdat ik als ontvanger niet moet bewijzen dat iets niét aangekomen is. De verzender moet bewijzen dat het wél aangekomen is.

      • Als ik goed begreep had de verzender bewezen dat de ring bij het verzenden in de envelop zat, en ook dat de envelop is aangekomen. Die twee dingen samen wijzen erop dat de ring is aangekomen, en je zult dus met tegenbewijs moeten komen dat dat niet zo is.

        In hoger beroep is ook vastgesteld dat de ontvanger wel had bewezen dat de ring er niet meer in zat (met de postbode als getuige).

        Wat me ook opviel is dat de juwelier blijkbaar niet bij het hoger beroep aanwezig was, dat is ook raar.

          • Doe ik al met duurdere pakketjes, sinds ik een keer met een gelukkig goedkope verzending het schip ben ingegaan. Kwam beschadigd uit de onbeschadigde verpakking. Verkoper weigerde terug te nemen omdat het beschadigd was. En dan ga je voor 10 euro niet naar de rechter. Het zette me wel te denken voor alle duurdere zaken die ik online koop.

            Sindsdien bij alle duurdere items een unpacking video. En 1 keer bij een beschadigde verpakking een filmpje met de bezorger van DHL erbij die op video verklaarde dat verpakking voor aflevering al beschadigd was. Dat ging allemaal goed. Uiteindelijk afgelopen jaar voor het eerst bij een grote december zending van Intertoys een ontbrekend item. Daar had ik een filmpje van, maar dit heb ik niet nodig gehad. Intertoys kon het niet op tijd meer nageleverd krijgen en heeft zonder problemen het geld teruggestort. Netjes en zeer snel!

          • Nee, de rechtbank heeft een fout gemaakt. De verkoper stelt dat de ring zijn aangekomen en motiveert dat door aan te geven dat de ring bij het verzenden in de envelop zat en de envelop is aangekomen. De koper betwist dat de ring is aangekomen en motiveert dat door aan te geven dat de envelop beschadigd was en met tape is hersteld. Het is de verkoper die nu moet bewijzen dat de ring onderweg niet is ontvreemd, aangezien partijen daar een geschil over hebben en dit onderdeel uitmaakt van de stelplicht van de verkoper.

            Jammer dat het vonnis niet is gepubliceerd. Het arrest roept vragen op ten aanzien van het vonnis, die niet met het arrest kunnen worden beantwoord. Heeft de kantonrechter de stelplicht miskent? Hoe heeft de koper zijn betwisting gemotiveerd? Ik denk zelf dat de kantonrechter de stelplicht niet juist heeft toegepast en het Hof in r.o. 3.7.4 laat doorschemeren dat de bewijslast voor de stelling c.q betwisting niet bij de koper licht.

    • ik vind het niet triest hoor, immers heeft de gedaagde juwelier hier zelf incorrect gehandeld. Als die direct het juiste had gedaan, terugstorten van de koopprijs had er in het geheel niet geprocedeerd hoeven te worden. Wat ik juist triest vind is dat de kans groot is dat deze proceskostenveroordeling de daadwerkelijk gemaakte kosten van de koper niet dekt. Die zit dus ondanks dat ie gelijk heeft gekregen met een kostenpost die best aanzienlijk kan zijn.

  3. “Ik zou met die reden ook in beroep gaan, omdat ik als ontvanger niet moet bewijzen dat iets niét aangekomen is. De verzender moet bewijzen dat het wél aangekomen is.”

    Heeft de overheid voor zichzelf trouwens een uitzonderingspositie gecreëerd? Want ik heb ook wel eens gehoord, dat uit de administratie van een instelling blijkt, dat de brief wel verzonden zou zijn en dat de ontvanger geen poot had om op te staan. Uit een administratie blijkt overigens, dat een brief aangemaakt is, maar de bewuste ambtenaar kan te lui zijn geweest om haar te printen of op de post te doen.

    • Dat klopt, in het bestuursrecht geldt de verzendtheorie zoals dat heet (art. 3:41 Awb). Maar enkel de interne administratie van het bestuursorgaan is niet genoeg, bewezen moet worden dat het poststuk aan de bezorger is overhandigd. Daarna is het allemaal goed, omdat “het zoekraken van op normale wijze ter post bezorgde brieven op het traject tussen verzender en ontvanger tot de hoge uitzondering behoort”. Omgekeerd geldt dit niet: de burger moet bewijzen dat zijn stuk het overheidsorgaan heeft bereikt (art. 2:17 Awb).

  4. wat ik niet begrijp: Dit was volgens het vonnis een aangetekende zending.

    De post heeft, voor het aanvullende ‘aangetekend’ tarief, toch zeker een zorgplicht om in de gaten te houden waar het betreffende stuk is, zodat te traceren is waar het stuk is kwijtgeraakt als het niet aankomt?

    Dat kan niet anders dan inhouden dat bij iedere overdracht in de postketen gechekt moet worden dat het stuk er inderdaad is, en in onbeschadigde toestand?

    Dit is toch hetzelfde als geld vragen voor het ophangen van een jas in de garderobe, of voor het stallen van een caravan in een boerenschuur? Je neemt dan ook een zorgplicht op je, geen gedonder.

    Ik zeg niet dat de post verantwoordelijk is voor een schadevergoeding, maar wel voor het leveren van bewijs in welke fase van de keten het stuk beschadigd is geraakt. Ergens heeft een medewerker die ring eruit gehaald en de envelop dichtgeplakt (of is er een machine te ruw geweest zodat de ring er is uitgevallen). In beide gevallen kan ik me voorstellen dat je dat wilt opsporen, als postbedrijf zijnde, als je jezelf serieus neemt ten minste.

  5. Een heel klein puntje voor de juwelier is dat de consumentkoper niet had geklaagd bij de verkoper toen hij de lege envelop kreeg, maar deze gewoon retour afzender stuurde met die tekst erop.

    Vreemde overweging (“Dat [appellant] de omstandigheid dat de envelop leeg was, niet op andere wijze dan via de postbode bij Deutsche Post AG heeft gemeld, voert niet tot een ander oordeel.”) van de rechtbank gezien :

    3.1.In dit hoger beroep kan worden uitgegaan van de volgende feiten. Bij e-mail van 10 oktober 2015 heeft [appellant] aan [juweliers] meegedeeld dat hij het pakket heeft ontvangen, dat er een scheur in de envelop zat die met plakband was dichtgeplakt en dat hij na het openen van de envelop in het bijzijn van een postbeambte heeft geconstateerd dat de envelop leeg was.
    (deze reactie had ik ook al op 9 april gegeven, maar die is kennelijk de bittenbak in gegaan)

Laat een reactie achter

Handige HTML: <a href=""> voor hyperlinks, <blockquote> om te citeren en <em> en <strong> voor italics en vet.

Volg de reacties per RSS