Jatten werkt: Instagram verplettert Snapchat met zijn Stories

| AE 9608 | Innovatie | 8 reacties

Een jaar geleden kopieerde Instagram de belangrijkste functie van Snapchat: de verdwijnende fotoverhalen, genaamd Stories. En met succes, las ik bij RTL Z. Beter goed gejat dan slecht bedacht, leken ze bij Instagram te hebben gedacht. En ja, dat is volkomen legaal, zo een feature overnemen van een concurrerende dienst. Er is weinig tot niets te doen aan het ‘jatten’ van ideeën of concepten voor je nieuwe internetdienst.

Ongeveer wekelijks krijg ik van mensen vragen hoe ze hun idee kunnen vastleggen, of voorkomen dat een ander hun concept gaat overnemen en tot een groter succes gaat maken. Het korte antwoord: vergeet het maar, juridisch gezien is er niets aan te doen.

Natuurlijk zijn er juridische rechten, zoals het auteursrecht, merkenrecht of octrooirecht. Maar die gaan je weinig helpen. Een merkrecht helpt je alleen tegen gebruik van de náám van je dienst. Kwestie dus van andere naam verzinnen. Ook het auteursrecht zal niet helpen, want dat beschermt tegen overname van de broncode van je software, en die kan je concurrent toch al niet te pakken krijgen.

Patenten oftewel octrooien zijn het aangewezen middel om features van een product te beschermen, ook als ze geheel onafhankelijk zijn gebouwd en onder eigen naam op de markt komen. Maar specifiek in de ICT sector is ook dat erg moeilijk. Ik hoef maar ‘softwarepatent’ te zeggen en de halve sector begint te schuimbekken, en met reden want er zijn me een partij idiote patenten verleend op totale trivialiteiten, volslagen bekende ideeën en ga zo maar door. Dat kon ook allemaal door steeds ruimere jurisprudentie, met name in de VS.

Recent lijkt daar een kentering in te zijn gekomen door het Alice-arrest uit 2014, waarin grofweg werd gezegd dat bekende dingen automatiseren niet patenteerbaar is en dat je voor een uitvinding toch echt een stukje technische, hardwarematige verbetering nodig hebt. 99% van de lopende softwarepatenten voldoet daar niet aan. Langzaam maar zeker begint het softwarepatent dan ook ten onder te gaan.

Praktisch gezien zie ik dan ook weinig tot niets dat je kunt doen tegen zulk ‘jatwerk’ van je concurrenten. Ja, één ding: zorgen dat je steeds blijft innoveren, zodat men altijd twee features achterloopt. Ergens wel grappig, want het is dus juist het gebrek aan patenten in deze wereld dat zorgt voor de innovatie.

Arnoud

Deel dit artikel

  1. Wat is er grappig aan dat het gebrek aan patenten helpt voor innovatie? Patenten voorkomen op verschillende manieren innovatie. De enige manier die werkt om zeker te weten dat niemand je idee overneemt is zorgen dat niemand je idee kan weten. Als iemand dan al hetzelfde idee heeft komt het niet van jou.

    • Het probleem hierbij is dat nooit ‘klakkeloos’ kopiëren betreft. Bij praktisch al het ‘feature-jatten’ neem je een populaire feature (b.v. verdwijnende fotoverhalen) en voeg je dat toe aan je eigen product.

      Maar alleen al het feit dat het ook echt in je eigen product moet passen (interactie, vormgeving, of überhaupt al hoe jij het concept ‘foto’ aan de gebruiker presenteert), dat je al direct je eigen creatieve input hebt gegeven.

      En dan is het dus geen kopiëren meer en je hebt je eigen auteursrecht opgebouwd.

  2. Patenten stammen nog uit een tijd waarin ontwikkelen nog echt iets kostte (tijd, hout, zweet en ijzer) en waarin het resultaat nogal makkelijk te jatten was. Denk aan stoommachines of verbeterde weefgetouwen. Daar was de uitvinder járen aan bezig en als het klaar was kon je met één blik zien hoe het werkte – en kon je het namaken.

    De kosten van software-ontwikkeling zijn anders. Als jij zegt ‘verdwijnende fotoverhalen’ kan een student op een zolderkamer in een week een concept klaarhebben. Het idee is abstract, de uitvoering is extreem goedkoop. En iedere student doet het net iets anders.

    • De stoommachine is een prachtig voorbeeld van hoe patenten (in dit geval die van James Watt) de ontwikkeling van de technologie met 20 jaar hebben vertraagt. Vanwege het patent kon Watt met een lucratief maar heel duur licentiemodel lekker zijn idee uitmelken zonder verdere innovatie te plegen, en innovatie van anderen verhinderen.

    • “met één blik zien hoe het werkte” is niet echt het punt: net zoals bij software heb je in principe genoeg aan een beschrijving van het basis-concept; de rest (oplossingen vinden voor concrete problemen) is gewoon een kwestie van engineering. Misschien kan je een paar handige concept-keuzes kopiëren, maar doordat het meeste werk gaat zitten in de slecht zichtbare details (uitrekenen hoe dik bepaalde onderdelen moeten zijn; materiaal-keuzes enz.) maken concept-keuzes qua werk niet zo veel uit. Bij software is dat ook zo: het meeste werk gaat zitten in het programmeren, debuggen en dergelijke, en dat zal je toch opnieuw moeten doen. Alleen is de hoeveelheid werk bij software vaak wel veel minder.

      Wat volgens mij wel uitmaakt is dat de eerste ontwikkelaar op commercieel gebied alvast de hete kolen uit het vuur heeft gehaald: de eerste ontwikkelaar(*) wist nog niet of de techniek een commercieel succes zou worden, maar heeft wel alle investeringen moeten doen. Zodra de uitvinding zichzelf op de markt heeft bewezen kan een tweede ontwikkelaar de zelfde investeringen doen met veel minder risico: je weet al dat het kan gaan werken en dat er vraag naar is. Dit verschil tussen de eerste en latere ontwikkelaars kan wel veel kleiner zijn bij software, doordat de ontwikkeling zelf zo veel goedkoper is.

      (*) ik gebruik niet het woord uitvinder, omdat het hier niet om het uitvinden gaat. Het uitvinden zelf is goedkoop en vaak ook niet uniek; het gaat om het, soms dure, ontwikkel-traject van uitvinding naar realisatie en commercieel succes. Misschien is het ook wel onderscheidend aan patent-trollen dat zij niet aan een dergelijk riskant proces beginnen, maar alleen de uitvinding vastleggen.

Laat een reactie achter

Handige HTML: <a href=""> voor hyperlinks, <blockquote> om te citeren en <em> en <strong> voor italics en vet.

(verplicht)

Volg de reacties per RSS