Kan Europa antitrustonderzoek beginnen als bedrijven uit EU verdwijnen?

| AE 12529 | Ondernemingsvrijheid | 39 reacties

Eurocommissaris Margrethe Vestager zegt dat Europa nieuwe antitrustonderzoeken kan beginnen naar bigtechbedrijven als die dreigen van de Europese markt te verdwijnen. Dat meldde Tweakers vorige week. Vestager reageert daarmee op de controverse in Australië: het land wil dat Facebook en Google de portemonnee trekken; dat moet de Australische media-industrie helpen. Daarop besloot Facebook de nieuwsvoorziening in Australië te saboteren om zo de regering te dwingen het plan aan te passen. De Europese insteek in zo’n geval is dat een dominant bedrijf zijn machtspositie misbruikt als het op die manier zou proberen wetgeving tegen te houden. En ja, dat kan.

De kern van het argument van Vestager zit in het mededingingsrecht, meer specifiek artikel 82 EU Verdrag:

Onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt en verboden, voorzover de handel tussen lidstaten daardoor ongunstig kan worden beïnvloed, is het, dat een of meer ondernemingen misbruik maken van een machtspositie op de gemeenschappelijke markt of op een wezenlijk deel daarvan.
Vaak zeggen we hierbij dat het gaat om een monopolist, maar het is genoeg dat je “dominant” bent in een markt. Google is met het Android-besturingssysteem bijvoorbeeld zeker weten dominant in de markt voor smartphone-OS’en, hoewel er natuurlijk zeker wel concurrenten zijn (zoals Apple). En het belangrijkste criterium is dat je de handel beïnvloedt, we moeten er als afnemers dus last van krijgen.

Het argument zou dan zijn dat Facebook misbruik maakt van haar dominante positie in de markt voor nieuwsvoorziening door te zeggen “ik stop alle dienstverlening als ik moet betalen voor snippets die mensen delen op mijn platform”. Omdat Facebook zo groot is, kan ze met zo’n dreigement haast afdwingen dat die wetgeving er dan niet komt. Welke politicus wil immers bekend staan als de partij die Facebook het land uit joeg? (Ik gebruikte niet voor niets het woord “sabotage” in de opening, ik aarzelde over “chantage”.)

Natuurlijk is er het probleem dat als Facebook weg is, je moeilijk een eventuele veroordeling kunt handhaven. Er is dan niets meer te halen. Maar een bedrijf van deze omvang is niet van de ene op de andere dag wég uit je regio. En tot die tijd zijn er zeker wel geldstromen (de Irish-Dutch-Irish sandwich-route bijvoorbeeld) in de Europese Unie waar je boetes van kunt incasseren, kantoren die je kunt sluiten of desnoods mensen die je kunt arresteren tot er is betaald.

Dat geheel los van de vraag of het terecht is van een land om te zeggen dat er moet worden betaald voor wat in principe rechtenvrije citaten zijn. Die discussie mag best gevoerd worden en fel ook. Maar als je zó groot bent als Facebook, dan is “als dat wet wordt dan stoppen wij ermee” geen eerlijk argument meer.

Arnoud

Slack dient Europese antitrustklacht in tegen Microsoft wegens machtsmisbruik

| AE 12093 | Ondernemingsvrijheid | 5 reacties

Slack heeft een klacht ingediend bij de Europese Commissie tegen Microsoft wegens misbruik van haar dominante marktpositie. Dat las ik bij Tweakers. Microsoft heeft namelijk haar chat- en videovergaderdienst Teams toegevoegd aan het immens populaire Office, waardoor Slack oneerlijke concurrentie voelt. Zij kan immers met haar betaalde en losstaande aanbod niet op tegen “ach er zit ook al iets dergelijks in Office”. Opvallend genoeg zei Slack enkele maanden geleden nog dat het Teams helemaal niet als concurrent zag, het is mij niet helemaal duidelijk wat de gedachteverandering gaf. Maar in de kern hebben ze wel een punt.

Het toevoegen van een extra dienst aan je pakket is op zich niet raar. Er is veel vraag naar videobellen en chatten, dus dan speel je gewoon in op de marktvraag door dat toe te voegen. Zeker als je toch al Lync en Skype op de plank had liggen. Tijd om dat eens goed af te stoffen en een integratie toe te voegen.

Alleen, als je zo groot bent als Microsoft, dan gelden de gewone spelregels van de vrije markt niet meer. Het is dan té oneerlijk voor anderen als je zomaar alle trucs kunt toepassen om de concurrent dwars te zitten. En Microsoft is nou eenmaal de marktleider op productiviteitsgebied met haar Office-pakket. (Plus, ze hebben natuurlijk een geschiedenis met hoe ze Internet Explorer in de markt hebben geduwd om zo Netscape kapot te concurreren.)

De vraag is dan, hoe oneerlijk is het om een dienst als Teams toe te voegen aan je bestaande bundel. Het is een recente toevoeging – hoewel men al sinds 2018 bezig met het uitfaseren van Skype for Business is en het mensen pushen naar Teams – maar je kunt het ook zien als meegroeien met wat de markt wil. (In de jaren tachtig werkte Zoom heel anders.) Zeggen dat het enkele toevoegen al machtsmisbruik is, gaat mij dus wat ver.

Ik zie in de klacht van Slack wel dingen als dat je Teams niet zomaar kunt deïnstalleren, en dat er geen aparte prijs voor wordt gerekend. Dát gaat inderdaad net wat verder, want zo maak je het nodeloos net wat moeilijker om over te stappen. Slack zal dan altijd voelen als iets waarvoor je extra betaalt terwijl er al een prima gratis product bij Office zit. En dát is dan het wegpesten van de concurrent.

Arnoud