Is embedded software het einde van het concept ‘eigendom’?

| AE 7693 | Innovatie, Intellectuele rechten | 38 reacties

copyright-symbol-printed.pngVoertuigfabrikanten John Deere en General Motors willen het concept eigendom afschaffen, gilde Wired onlangs. In de VS staat de DMCA ter discussie: welke uitzonderingen op het auteursrecht moeten er in de wet blijven staan, en met name wat gaan we doen met de regels over het omzeilen van technische kopieerbeveiligingsmaatregelen in software. En de reden voor het gillen is de positie van Deere: je koopt weliswaar een tractor, maar de software krijg je slechts in licentie dus daar moet je van afblijven.

Het is decennialang het mantra geweest in software-auteursrechtland: je koopt geen software, je krijgt slechts een gebruiksrecht waarvan de scope niet verder reikt dan het de licentiehouder goeddunkt. Wie wil afwijken van dat contractueel gegunde recht, is eigenlijk maar een piraat.

Steeds vaker grepen softwareleveranciers ook naar technische maatregelen om kopiëren of aanpassen van hun software tegen te gaan. En om het hacken dáárvan weer tegen te gaan, staat sinds alweer heel wat jaartjes in de wet dat het verboden (‘onrechtmatig’) is om effectieve kopieerbeveiligingen te omzeilen of uit te schakelen.

Maar in de wet staat er niet bij dat dat alléén geldt wanneer je de software illegaal wilt kopiëren. Ook het uitschakelen van een beveiliging met een legitiem doel – zeg, omdat je een citaat uit het beschermde werk wilt kopiëren, of omdat je je tractor wil opvoeren met een softwarehack – is strikt gesproken verboden. En Deere en General Motors betogen nu dus dat dit niet alleen maar een ongelukkige lezing van de wet is. In prachtig ronkend auteursrechtenpropaganda heet het dan dat:

[Circumventing the protection may] make it possible for pirates, third-party developers, and less innovative competitors to free-ride off the creativity, unique expression and ingenuity of vehicle software.

Dat het in veel gevallen niet gaat om “minder innovatieve concurrenten” maar om mensen die hun legaal gekochte auto willen aanpassen, zeggen ze er dan niet bij. Die mensen hebben de auto wel gekocht, maar de software slechts in licentie gekregen.

In Europa koop je je software wél, zeker als hij embedded zit in een apparaat. Alleen: daarbij is het zeker niet gezegd dat je de software mag aanpassen. Het auteursrecht op dat exemplaar is uitgeput, maar dat betreft eigenlijk alleen het recht om dat ene exemplaar van de software opnieuw op de markt te brengen.

Het aanpassen van die software valt buiten de uitputting. Net zoals het strikt gesproken niet toegestaan is om in een boek correcties te maken of pagina’s eruit te scheuren en in te lijsten. Alleen dát vinden we doodnormaal. Waarom dan met aanpassen van software niet?

Natuurlijk, het aanpassen van embedded software in een apparaat zoals een auto kan gevaarlijk zijn. Maar dat reguleer je door in de Wegenverkeerswet op te nemen wat er wel en niet mag, zodat de overheid daar toezicht op kan houden. Niet door een auteursrechthebbende te laten bepalen óf je de software in je auto mag aanpassen.

Arnoud