Ik heb toestemming van DigiD! Maar wat moet ik daarmee?

| AE 2920 | Iusmentis, Ondernemingsvrijheid | 13 reacties

digid.pngHelemaal vergeten te melden: ik heb toestemming om het beeldmerk van DigiD te mogen tonen, dus bij deze –>

Eind november blogde ik over het product DigiD Machtigen, waarbij ik algemene voorwaarden aantrof die me nogal verbaasden. Allereerst überhaupt waarom horen er “algemene voorwaarden” bij een overheidsdienst?

En meer specifiek, waarom bepalen die algemene voorwaarden dat het een ieder “op welke wijze dan ook”, dus ook voor vrije nieuwsgaring, verbiedt een merk te gebruiken dat geen merk is?

Mijn gevoel zegt me dat hier een dienstverlener lekker proactief meedacht en een setje algemene voorwaarden bij elkaar copypastte, want ja een online dienst die moet algemene voorwaarden hebben. (Ja, zo komen ze echt ook bij ons binnen: “hebben jullie voorwaarden voor ons, mag heel generiek zijn maar gewoon dat ik gedekt ben”). Maar ja, krijg dat maar eens bewezen.

Wat mij helemaal specifiek van mijn stoel deed vallen, was dit artikel:

10.1 Het merk DigiD Machtigen mag zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het ministerie van BZK niet worden gebruikt op welke wijze dan ook.

Er ís alleen helemaal geen gedeponeerd merk “DigiD Machtigen”. Bij het Benelux Merkenregister weten ze van niets. Er is wel een merk “DigiD” (0762759) en het logo (0777710) is ook beschermd, maar dat is wat anders dan “het merk DigiD Machtigen”.

Puur omdat het kon, mailde ik de helpdesk met de vraag om toestemming. Dat duurde lang, maar na een keertje herinneren kreeg ik mét excuses een beleefde toestemming:

U heeft verzocht om toestemming voor het gebruik van het beeldmerk DigiD ten behoeve van uw juridische blog over de gebruiksvoorwaarden van DigiD Machtigen. Hierbij verleent Logius u toestemming om het beeldmerk DigiD voor bovengenoemd doeleinde te gebruiken.

Een kniesoor die erop gaat wijzen dat de voorwaarden over het merk “DigiD Machtigen” gingen en ik nu ineens toestemming voor het beeldmerk van DigiD als zodanig heb. Of dat Logius bij mijn weten geen bevoegd vertegenwoordiger is van de merkhouder (de Staat der Nederlanden, Ministerie van BZK, Projectdirectie GBO.Overheid).

Was dit nu nodig? Nee, natuurlijk niet. Er is geen enkele grond waarop een overheidsinstantie – of een overheidsautomatiseerder – een burger kan verbieden naam of logo van een overheidsorgaan te gebruiken bij een meningsuiting over dat orgaan. Geen enkele. Ook het merk niet. En daarom ergerde ik me er zo aan dat de voorwaarden dit zo categorisch verbieden. Ik snap werkelijk niet hoe de betrokken jurist dat kon opschrijven. Je chéckt dat soort dingen toch?

Arnoud