Honderden Nederlandse kinderen slachtoffer van website voor afpersers

Photo by Mark D'aiuto on Pexels

De persoonsgegevens van honderden Nederlandse kinderen zijn online te vinden op een gespecialiseerde website. Dat meldde RTL Nieuws onlangs. Ze gaan voorzien van (vaak onware) beschuldigingen, met als oogmerk die kinderen te dwingen tot betaling om de gegevens weg te krijgen. Strafbare doxing?

Veel mensen op internet kennen de term “doxing” als “de documenten (docs, dox) van iemand publiceren, iemands identiteit of adres bekend maken”. Omdat dit vaak gepaard ging met intimidatie, pesten of stalking is het strafbaar gesteld maar daarbij is wel als eis dat er iets van zo’n bijkomstigheid te vrezen is.

Het wetsartikel (art. 285d Sr) luidt:

Degene die zich persoonsgegevens van een ander of een derde verschaft, deze gegevens verspreidt of anderszins ter beschikking stelt met het oogmerk om die ander vrees aan te jagen dan wel aan te laten jagen, ernstige overlast aan te doen dan wel aan te laten doen of hem in de uitoefening van zijn ambt of beroep ernstig te hinderen dan wel ernstig te laten hinderen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Hier worden inderdaad persoonsgegevens gepubliceerd, zoals telefoonnummers en namen. Foto’s kan niet gezien dit een tekst-only website is. (Laten we de naam niet noemen.) Anderen kunnen daar opmerkingen aan toevoegen, en die zijn uiteraard beledigend, smadelijk of aanstootgevend. Ook worden de gepubliceerde contactgegevens gebruikt door anderen om overlast te geven, lastig te vallen en te bedreigen.

Doel van de publicatie is de slachtoffers aan te zetten om hen te betalen, waarna de vermelding wordt verwijderd. Afpersing noemen ze dat. Maar juristen zitten daar iets scherper in (art. 317 Strafrecht):

Hij die, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen, door geweld of bedreiging met geweld iemand dwingt hetzij tot de afgifte van enig goed dat geheel of ten dele aan deze of aan een derde toebehoort, hetzij tot het aangaan van een schuld of het teniet doen van een inschuld, hetzij tot het ter beschikking stellen van gegevens, wordt, als schuldig aan afpersing, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Iemand dwingen tot geld betalen is afpersing. Maar die dwang moet dan wel bestaan in geweld of bedreiging met geweld. “Betalen of ik publiceer over jou” heet afdreiging (art. 318 Sr):
Hij die, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen, door bedreiging met smaad, smaadschrift of openbaring van een geheim iemand dwingt hetzij tot de afgifte van enig goed dat geheel of ten dele aan deze of aan een derde toebehoort, hetzij tot het aangaan van een schuld of het teniet doen van een inschuld, hetzij tot het ter beschikking stellen van gegevens, wordt als schuldig aan afdreiging, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Dit gaat eigenlijk over het geval dat je zegt “geef me geld of spullen of ik zet die foto’s online”. Dit kennen we als sextortion als het gaat om seksueel getinte foto’s (voorbeeld uit 2023).

De complicatie hier is dat de gegevens al openbaar zijn. Althans technisch, iedereen kan het vinden als ze daar gaan zoeken. Maar voor mij is het nog steeds geheim, althans geheim genoeg om hier van afdreiging te spreken. Mensen moeten het maar weten te vinden, en het risico dat nieuwe mensen het vinden, dát is waar de afdreiger zijn inkomsten mee verdient.

Arnoud

Boete voor Fortnite-eigenaar vanwege het aanzetten van kinderen tot aankopen

(uit vonnis)

Gameontwikkelaar Epic Games International moet van de rechter de boete van 1,1 miljoen euro betalen die opgelegd is door Autoriteit Consument & Markt (ACM). Dat las ik bij Nu.nl. Ik zou epic fail moeten zeggen want het bedrijf krijgt werkelijk nergens gelijk.

In 2024 beboette de toezichthouder de exploitant van het populaire Fortnite. Dit omdat kinderen rechtstreeks werden aangemoedigd om geadverteerde producten te kopen of om hun ouders of andere volwassenen daartoe over te halen. Zie bijvoorbeeld het plaatje hiernaast met de knop “I want the battle pass”. Ook termen als “Check it out”, “Get it now”, “Get [naam item]’’ of “Grab it’’ zijn vrij duidelijk gericht op kopen-kopen-kopen.

Maar er was meer, zoals te lezen was in het originele Sanctiebesluit met de boete:

Bij het aanbod in de Item Shop wordt onder andere gebruik gemaakt van timers (in combinatie met roulerend aanbod). Timers duiden op een beperking in tijd om te beslissen over een aanbod. Het roulerend aanbod na afloop van de timer wijst op (kunstmatige) schaarste. Kinderen zullen logischerwijs denken dat items in de Item Shop na afloop van de timer niet meer beschikbaar zijn en dat kan gevolgen hebben voor hun aankoopbeslissing.
Zo’n manier van druk uitoefenen is ook een vorm van agressief of oneerlijk handelen als bedrijf jegens consumenten, dus dan al helemaal jegens kinderen.

Epic’s argument in beroep bij de rechter: dat is geen aanzetten tot koop want je moet nog een heel bestelproces door. Nope, zegt de rechter:

Die stappen doen er immers niet aan af dat er op het eerdere scherm al uitingen staan die rechtstreeks aanzetten tot aankoop. De verbodsbepaling beoogt te voorkomen dat kinderen rechtstreeks aangespoord worden om te kopen. De bepaling ziet niet op kinderen voldoende gelegenheid bieden hun opties te overwegen voordat zij tot aankoop besluiten. Ook is in dit verband – zoals de ACM terecht stelt – niet relevant of de aankoop daadwerkelijk is gedaan.
Epic had verder nog betoogd dat de term “kind” te ongenuanceerd werd toegepast: iedereen onder de 18. Er zijn vele gradaties “kind” en zij wilde daarom een principiële uitspraak over dat begrip:
Epic betoogt … dat de ACM bij het begrip kind onterecht uitgaat van een homogene groep “tot 18 jaar”. Zij voert – onder verwijzing naar literatuur, soft law en een uitspraak van een Duitse rechter (procedure bij het Landgericht Berlin (LG Berlin) – aan dat de ACM bij de beoordeling van reclame-uitingen onderscheid zou moeten maken tussen kinderen tot en met 15 jaar en jongeren (adolescenten) van 16 jaar en ouder.
Dat onderscheid vanaf 16 kennen we bijvoorbeeld uit de AVG, dus helemaal uit de lucht gegrepen is dit niet. Maar de rechter ziet nergens hoe Epic in haar implementatie dat onderscheid maakt. Het is bijvoorbeeld niet zo dat die aanprijzingen alleen getoond worden bij zestienplussers, bijvoorbeeld. Dus ze maken net zo goed reclame bij de jongere groep.

Uiteindelijk blijft dan gewoon een serie dark patterns over (zoals de rechter het terecht omschrijft) waarmee kinderen worden aangespoord om dingen te kopen in het spel. Dat heeft de ACM adequaat onderbouwd en ook de hoogte van de boete is prima gemotiveerd.

Arnoud

 

Politie waarschuwt via eigen nepwebshop voor ticketfraude op Marktplaats, mag dat?

Photo by sbgonti on Pixabay

De Nederlandse politie heeft een nepwebshop opgezet om burgers bewust te maken van de gevaren van ticketfraude. Dat las ik bij Tweakers. De site doet zich voor als ticketplatform waar mensen “snel en eenvoudig toegang [kunnen] krijgen tot uitverkochte evenementen”. Maar wie een ticket wil kopen, krijgt meteen “Ai… je trapte er (bijna) in” te horen. Diverse mensen vroegen me of dat wel mag.

De site was een behoorlijk succes, zo te lezen:

Meer dan 300.000 keer zagen mensen tussen 30 oktober 2025 en 11 januari 2026 een advertentie van TicketBewust.nl langskomen op Marktplaats. Ruim 30.000 mensen klikten erop en bekeken de advertentie. 7402 keer werd er doorgeklikt naar de nepwebshop. 3432 keer probeerden mensen, ondanks de ingebouwde aanwijzingen dat het om een nepwebshop gaat, ook echt een kaartje te bestellen.
Het is niet de eerste keer dat men zoiets doet. Vrijwel exact een jaar geleden werd onthuld dat de electronicadozenschuiver Pakjedealsnu een politiesite was. En in alweer 2013 hadden we de Taskforce Opsporing Vuurwerkbommenmakers die pretendeerde illegaal vuurwerk te verkopen.

De site zit vol met aanwijzingen, zoals dat je alleen “uitverkochte” tickets kunt kopen en het vestigingsadres dat bij een politiebureau uitkomt. En de stagiair mocht helemaal los bij Trustpilot om 1-sterrecensies namens “Ben de Klos” en anderen te componeren.

Weinig mis mee, zou ik zeggen. Het past keurig binnen de algemene voorlichtende en helpende taak van de politie. Omdat er niet werkelijk transacties worden afgesloten, hoeven we ook geen discussie over misleiding of oplichting te voeren. Tevens wordt zo keurig de AVG omzeild: je kunt niet eens persoonsgegevens invullen om te bestellen.

Arnoud

 

 

Wat is er juridisch te vinden van de overname van Solvinity door een Amerikaans bedrijf?

Een lezer vroeg me:

Welke juridische risico’s zie jij met betrekking tot het feit dat Solvinity, het cloudbedrijf waar de overheid zowel Digid en Mijn Overheid heeft ondergebracht, door een Amerikaans bedrijf wordt overgenomen?
Zuiver juridisch bekeken is hier weinig over te zeggen. Het probleem is vooral praktisch en beleidsmatig: dit is “niet handig” om het zachtjes uit te drukken. Maar er is geen wet die dit verbiedt, of die maakt dat het gebruik van deze diensten nu onmogelijk of zeer moeilijk wordt.

Natuurlijk, de AVG (en tot op zekere hoogte de Data Act) verbieden overdracht van gegevens naar buiten de EU, en in Europa gevestigde bedrijven mogen geen gehoor geven aan bevelen onder de CLOUD Act (art. 48 AVG). Maar binnen die grenzen opereren is vooral een papieren kwestie: afspraken vastleggen, service level agreements herzien en auditbevindingen documenteren. Als dat goed uitgewerkt wordt, dan zit je juridisch goed.

Het probleem is dat de zorgen over wat hier mis kan gaan, eigenlijk ongrijpbaar zijn voor de bestaande juridische toetsingskaders. De kern van de angst is niet “er wordt vandaag een wet overtreden”, maar “we creëren een afhankelijkheid die ons morgen kwetsbaar maakt”. Het is juridisch niet verboden je land kwetsbaar te maken voor buitenlandse druk of invloed.

Iedereen snapt intuïtief dat het ongelukkig is als vitale digitale overheidsinfrastructuur onder de zeggenschap van een buitenlandse – en zeker Amerikaanse – moeder komt te vallen. Maar dat gevoel laat zich niet eenvoudig vertalen naar: dit mag niet of dit had voorkomen moeten worden. Of nou ja: dat kan wel, maar dan moet er een (Nederlandse of Europese) wet komen die dat expliciet zegt. Clouddiensten aan de overheid mogen slechts geleverd worden door een concern naar Nederlands recht, zoiets.

Probleem daarmee is dat dat dan weer tegen algemene regels over eerlijke behandeling bij aanbestedingen aanloopt. Binnen de huidige kaders kun je dit probleem niet adresseren, totdat het een keer echt is misgegaan. Want pas dan is te betogen dat deze partij uitgesloten moet worden, dat deze overname niet mag, et cetera.

En het gegeven dat Microsoft de mailbox van de hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof heeft geblokkeerd? Ook daar kun je niet heel veel mee, vrees ik. Het flauwe antwoord is: we weten niet precies waarom, tevens gaat het niet om een EU-instantie dus kun je niet zeggen dat Europees recht geschonden wordt. Ook hier weer, dit is te vaag om met juridische regels naar een verbod te leiden. De enige route is een duidelijke politieke keuze, die dan in een nieuwe wet vastgelegd kan worden. Koopt Nederlandsche Cloud.

Arnoud

Grok gemeld bij Franse autoriteiten voor maken deepfakes en kindermisbruikbeeld

(Screenshot via Spitfire News)

Franse ministers hebben bij justitie en de mediatoezichthouder Arcom melding gemaakt van illegale content die door xAI’s Grok gegenereerd zou zijn. Dat las ik bij Tweakers. De AI-bot maakt zonder enige guardrail seksualiserende deepfakes van geplaatste foto’s, ook van duidelijk minderjarigen.

Bij Reuters leggen ze uit:

A review of public requests sent to Grok over a single 10-minute-long period at midday U.S. Eastern Time on Friday tallied 102 attempts by X users to use Grok to digitally edit photographs of people so that they would appear to be wearing bikinis. The majority of those targeted were young women. … “Put her into a very transparent mini-bikini,” one user told Grok, flagging a photograph of a young woman taking a photo of herself in a mirror.
Natuurlijk, wie zo’n prompt stuurt is eenvoudigweg strafbaar bezig. Zowel bij minderjarigen als bij meerderjarigen – in veel landen, waaronder Nederland, is het maken van nonconsensual deepfakes een strafbaar feit op zich, zeker wanneer die een seksuele lading krijgen.

Het probleem is, zoals altijd, dat die mensen niet of nauwelijks op te sporen zijn. Daarom bepaalt de Digital Services Act dat óók de dienstverleners hiervoor aansprakelijk zijn, tenzij ze hun best doen om dergelijke contentgeneratie te verhinderen. Guardrails, in het jargon. Daarvan blijkt bij Grok in het geheel niets; de prompt geciteerd hierboven is echt meer dan genoeg.

Ik zie bij Tweakers vele reacties van de strekking “dit kan met Photoshop ook, waarom wordt dat niet aangepakt”. Een systeem dat met zo’n eenvoudige prompt complexe en specifieke handelingen kan uitvoeren, is wezenlijk anders dan een algemene tool waarbij je zelf cognitieve vaardigheden in moet zetten voor een specifiek resultaat.

Het probleem is niet dat er theoretisch een eindresultaat mogelijk is, maar dat Grok dat resultaat automatisch, direct en op schaal produceert. Wie in Photoshop een geloofwaardige seksuele deepfake wil maken, moet weten wat hij doet: selecties maken, lagen maskeren, belichting aanpassen, anatomie reconstrueren. Dat vergt tijd, kunde en intentie. Grok doet dat allemaal zelf, in één stap, op basis van een paar woorden. Dat is geen neutrale tool meer, dat is functionele automatisering van een strafbaar handelingstype.

Een vergelijking is misschien die tussen het lockpicking-setje en de slotenmaker die langskomt om een deur open te maken als dienst. Natuurlijk kun je met dat setje ergens inbreken, maar triviaal is dat niet, en je hebt zelf de nodige kennis en ervaring nodig. Die slotenmaker brengt die zelf mee, en opent de deur die jij aanwijst. Volgens mij is het niet controversieel dat de slotenmaker even controleert of jij daar wel woont.

Het gaat me wat ver om de aanbieder van Grok per definitie aansprakelijk te houden voor alles dat er uit komt. Juist omdat het user-driven content is, kun je niet verder gaan dan een zorgplicht. En dat is dan ook wat de DSA eist.

Arnoud

 

“Canadees databevel dreigt een gat te slaan in Europese soevereiniteit”

Een Canadese rechtbank heeft de Franse cloudprovider OVHcloud bevolen om klantgegevens die in Europa zijn opgeslagen over te dragen, las ik bij The Register. Dit ondermijnt mogelijk de claims van de provider met betrekking tot de bescherming van digitale soevereiniteit.

Zoals The Register uitlegt, heeft de Canadese politie (RCMP) in april 2024 een bevel gegeven aan de Franse cloudprovider OVHcloud om abonnee- en accountgegevens te verstrekken gekoppeld aan vier IP-adressen op OVH-servers in Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Australië. Dit als deel van een Canadees strafrechtelijk onderzoek.

Het bevel werd in eerste instantie gegeven aan de Canadese dochter, maar die kan technisch noch organisatorisch bij die gegevens. Heise vertelt verder:

Nevertheless, on September 25, the Ontario Court of Justice, presided over by Judge Heather Perkins-McVey, ruled that the French parent company must hand over the data to the Canadian authorities. Her reasoning is based on a broad interpretation of “virtual presence”: since OVH operates globally and offers services in Canada, the company is subject to Canadian jurisdiction, regardless of where the physical servers are located.
Dit is problematisch voor het Franse bedrijf, omdat artikel 48 AVG én Frans recht (de Blocking Statute) het afgeven van zulke gegevens verbiedt tenzij er een in Europa geldig bevel is gegeven. De Franse wet zet er zelfs celstraf en een boete tot 90.000 euro per overtreding op. Maar de Canadese rechter zal dit als contempt of court zien, met vergelijkbare strafmogelijkheden.

De zaak doet sterk denken aan waar mensen bij de US Cloud Act bang voor zijn. Ik blijf moeite houden met de vanzelfsprekendheid waarmee mensen aannemen dat bedrijven dan de Amerikaanse (of Canadese) regels gaan volgen omdat hun wet dat zegt.

Praktisch zie ik het ergens nog wel: wie banger is voor economische sancties van de Yanks dan voor boetes van de EU kan eieren voor z’n geld kiezen. Maar in het openbaar dat hardop zeggen kan ik me niet voorstellen bij een beursgenoteerd bedrijf.

De Canadese zaak kan dus een mooie testcase worden, als in het (nu lopende) hoger beroep wordt bepaald dat de Canadese rechter dat bevel inderdaad mag geven. En zuiver naar Canadees recht kijkend zie ik niet waarom niet. Dat recht hoeft immers geen rekening te houden met wat een ander land in hun wet heeft staan.

Arnoud

 

‘Regering NL greep in bij Nexperia, omdat Chinese topman bedrijf leeg trok’

Photo by Ludovic Delot on Pexels

De Nederlandse regering greep in bij chipfabrikant Nexperia, omdat de Chinese topman bezig was de Europese tak van het bedrijf leeg te trekken. Dat meldde Tweakers vorige week op gezag van onderzoek van NRC. Daarvoor werd een nooit eerder gebruikte wet ingezet, wat mij als jurist natuurlijk de oren deed spitsen.

NRC licht toe:

Nexperia, dat een hoofdkantoor in Nijmegen heeft, maakt goedkope chips die in allerlei elektronica zit. De wafers, ronde schijven waarop deze chips gemaakt worden, worden geproduceerd in Manchester en Hamburg. Het merendeel van die chips wordt verwerkt door een ‘back-end’ fabriek in het Chinese Dongguan.

[Eigenaar Zhang “Wing” Xuezheng] wilde de productie van wafers volledig naar China halen, en onderbrengen bij een andere onderneming van hem, WingSkySemi. Daarvoor eigende hij zich de recepten toe voor de productie van chips uit de Nexperia-fabriek in het Britse Manchester, die ‘mosfets’ – simpele schakelaars – maakt.

Dit zou op zeer korte termijn gebeuren, en onder meer als gevolg hebben dat 40% van het Europese personeel zou worden ontslagen. Het onderzoekscentrum in München zou worden gesloten. Omdat het ministerie vreesde dat “cruciale technologische kennis en capaciteiten” verloren zou gaan, greep men in met een bevel onder de Wet beschikbaarheid goederen.

De Wbg komt uit 1952 en heeft een Koude Oorlog-motivatie. Iedere miniser mag bevelen uitvaardigen als dat “noodzakelijk is ter verzekering van het beschikbaar blijven van goederen ter voorbereiding op noodsituaties”. Achterliggend doel was onder meer hamsteren bij consumenten te voorkomen, maar ook om productie en continuïteit van de industrie te waarborgen.

De goederen hier waren de machines en andere activa van het bedrijf in Europa. Als die verloren zouden gaan voor Europa, dan zou “de Europe auto-industrie, consumentenelektronica en defensie” in gevaar komen. Het bevel verhindert de mogelijkheid tot verplaatsing of eigendomsoverdracht van die machines.

Wing zelf is ondertussen ook afgezet als bestuurder, maar dat is niet op grond van dit bevel gebeurd. De Ondernemingskamer bepaalde op 13 oktober dat Wing belangenconflicten had met zijn andere bedrijf en daar niet zorgvuldig mee omging. Ook werd de governance van Nexperia niet goed ingericht nadat het ministerie haar zorgen had uitgesproken. Juridisch heet dat samen dan “dat gegronde redenen bestaan voor twijfel aan een juist beleid en een juiste gang van zaken” en dan mag een CEO geschorst worden.

In mijn boek Wetwijs in het digitale decennium bespreek ik wetgeving als de Critical Raw Materials Act (CRMA, Verordening 2024/1252) en de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames, die bedoeld zijn om bij geopolitieke spanningen of zorgen over soevereiniteit in te grijpen. Deze konden tegen Nexperia echter niet gebruikt worden, omdat het bedrijf al voor invoering daarvan in buitenlandse handen was.

Arnoud

Chatbots geven vertekend stemadvies, mag dat van de AI Act (en de AVG)?

Bron: Onderzoek Autoriteit Persoonsgegevens

Een onderzoek van de Autoriteit Persoonsgegevens laat zien dat chatbots niet neutraal functioneren in vergelijking met traditionele stemhulpen, zoals Kieskompas en StemWijzer. Dat meldde de toezichthouder vorige week. Goed om te weten, maar het riep bij velen de vraag op: is daar juridisch wat aan te doen, bijvoorbeeld vanuit de AVG of AI Act?

Uit het persbericht:

De AP vergeleek 4 bekende chatbots met de online stemhulpen Kieskompas en StemWijzer. Uit het onderzoek blijkt dat de chatbots opvallend vaak op dezelfde 2 partijen uitkomen, ongeacht de vraag of opdracht van de gebruiker. In ruim 56% van de gevallen staat de PVV of GroenLinks-PvdA bovenaan. Bij één chatbot is dat zelfs in meer dan 80% van de gevallen zo. Andere partijen, zoals D66, SP, VVD of PvdD, komen veel minder vaak als eerste keuze naar voren. Sommige partijen, zoals BBB, CDA, SGP of DENK, zelfs bijna nooit.
Het plaatje hiernaast (klik voor groot) illustreert het effect scherp. Deze chatbots zijn geen databanken met kennis, of zelfs maar analysemachines die verkiezingsprogramma’s lezen en daar een match mee maken. Cynische ik ziet in deze resultaten een simpele vertaling van de links/rechts dichotomie op basis van gescheld op Reddit en elders.

Bij totstandkoming van de AI Act is gesproken over het risico van verkiezingsbeïnvloeding. Daarom staat als hoogrisico aangemerkt

AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het beïnvloeden van de uitslag van een verkiezing of referendum of van het stemgedrag van natuurlijke personen bij de uitoefening van hun stemrecht bij verkiezingen of referenda.
De discussie bij de grote chatbots is echter altijd of deze wel ‘bedoeld’ zijn voor specifieke dingen. Als je alles er mee kan, zijn ze dan voor alles bedoeld of nergens voor? Bovendien, is hier wel spraken van “beïnvloeden” als je een op basis van een vraag een taalpatroon oplepelt met als strekking dat GroenlinksPVDA goed bij je past?

De AVG dan maar, het duizenddingendoekje van het ict-recht? De AP zelf waagt zich er niet eens aan. Ik denk dat je nog net kunt zeggen dat hier sprake is van profileren: mensen stoppen er informatie over zichzelf in, en de chatbot correleert dat met een politiek standpunt. Maar omdat dat vervolgens niet tot een besluit leidt, is daar AVG-technisch weinig mis mee.

Het theoretisch standpunt (en de reden dat ik de AVG ‘duizenddingendoekje’ noem) is dat verwerking van persoonsgegevens juist moeten zijn (art. 5 lid 1 punt d AVG) en deze conclusie dat vrij zeker niet is, of hooguit dan per ongeluk. Daarmee is de verwerking dan onrechtmatig. Maar zo absoluut wil ik ‘juist’ niet lezen.

Sinds maart vorig jaar is er de Verordening politieke reclame. De definitie van dat begrip is nogal breed:

“politieke reclame”: de productie, plaatsing, promotie, publicatie, aanlevering of verspreiding, op welke wijze dan ook, van een boodschap … die van invloed kan zijn op en bedoeld is om het resultaat van een verkiezing of referendum, stemgedrag of een wetgevings- of regelgevingsproces op Unie-, nationaal, regionaal of lokaal niveau te beïnvloeden.
Ik zie zeker hoe deze vertekende chatbot-uitkomsten de potentie hebben om verkiezingen te beïnvloeden, gezien hoe massaal wij Sjet alles vragen en denken dat het antwoord waar is.

Tegelijk twijfel ik of het ‘reclame’ te noemen is, want hoewel het niet nodig is dat de reclame vanuit een politieke actor komt, is wél vereist dat deze “gewoonlijk tegen vergoeding of via interne activiteiten of in het kader van een politieke reclamecampagne wordt overgebracht”. Stemwijzers en stemadviezen zijn gewoonlijk juist niet als reclame bedoeld. Maar het is natuurlijk te makkelijk om met het label “stemwijzer” aan de reclamewetgeving te ontkomen.

De verordening is van toepassing sinds 10 oktober 2025, zodat als we dit politieke reclame vinden, OpenAI en consorten transparant moeten zijn over het wat en hoe. Maar komen we terug bij de discussie: is het oplepelen van een tekst op verzoek wel te zien als een intentie, een bedoeling?

Arnoud

Het is verboden om producten met verborgen kill-switches te verkopen, maar waar staat dat in de wet?

Bron: Wikimedia

Het is verboden om op de Europese markt producten met verborgen kill-switches aan te bieden waardoor apparaten op afstand zijn uit te schakelen. Dat las ik bij Security.nl. Men vaart op antwoorden op Kamervragen over vermeende geheime communicatieapparatuur in Chinese zonne-omvormers, die killswitchfunctionaliteit zouden realiseren. Iedereen in mijn bubbel heeft zonnepanelen en vroeg dus: welke wet?

De bron voor de ophef lijkt een Reuters-artikel van mei 2025:

However, rogue communication devices not listed in product documents have been found in some Chinese solar power inverters by U.S experts who strip down equipment hooked up to grids to check for security issues, the two [sources] said. … The rogue components provide additional, undocumented communication channels that could allow firewalls to be circumvented remotely, with potentially catastrophic consequences, the two people said.
Ik kwam de zorgen ook tegen in vakblad Energate:
If the inverters are not controlled via the smart meter gateways, but via the manufacturer’s backend systems, a completely different risk situation arises, according to Borchardt. This is because it is then possible for the inverter manufacturers to switch off a large number of systems in one fell swoop, as the case of the Chinese company Deye shows. This inverter manufacturer shut down systems in the USA, Great Britain and Pakistan in rows last autumn following licensing disputes.
Het gaat nadrukkelijk niet expliciet om ingebouwde technieken die de inverters uitschakelen of bricken (of doen ontploffen, ik zeg het maar even). De kern van de zorg is dat er communicatieapparatuur in de omvormers zitten waarmee op afstand ieder soort instructie gegeven kan worden. Inclusief dus “doe of je een baksteen bent”.

Is dat illegaal? De Kamervraagantwoorden lopen kort langs de Cyber Resilience Act en de Radio Equipment Directive, die inderdaad beiden strenge security-eisen stellen. Maar die zeggen niets over een door de fabrikant zelf ingebouwde achterdeur.

Toch zegt de minister dan:

Op de Europese markt is het verboden om (heimelijk) functionaliteit in te bouwen (zowel software en hardware) die niet in de technische documentatie is beschreven. Het is verboden om producten aan te bieden die ‘verstopte’ functionaliteiten bevatten om apparaten op afstand aan of uit te zetten. Deze eisen gelden ook voor producten die afkomstig zijn van een fabrikant die buiten de EU is gevestigd, zodra deze producten op de Europese markt worden aangeboden.
Frustrerend dat ze er niet even bij zetten om welke wet het gaat. Voor de hand ligt dat men ‘gewoon’ op de informatieplichten voor verkopers van fysieke producten doelt. Een zonnepaneelinverter met de mogelijkheid tot uitschakelen op afstand is niet wat je mag verwachten als koper, zeker omdat dit niet in de documentatie staat.

Omdat men nadrukkelijk spreekt van ‘verboden’ vermoed ik echter dat het iets specifieker gaat over het CE-keurmerk en de bijbehorende Europese standaarden. Bij markttoelating in Europa moeten zonnepanelen en omvormers gekeurd zijn, en deel daarvan is dat de technische documentatie (dat is een vakterm in die context) van A tot Z vermeldt wat het apparaat kan. Dat is dan hier niet het geval, zodat de omvormer niet aan de wet voldoet en dus de markt niet op mag.

Ik ben vast heel cynisch als ik denk, men wil stoer en sterk klinken met “dat is in héél Europa verboden” en dan doet het minder sterk aan als je zegt “omdat dat in strijd is met artikel 4 lid 3 van de markttoezichtverordening”.

Arnoud

Musk zet Nederlandse waakhond RDW onder druk: ‘erg frustrerend’

Tesla-baas Elon Musk hoopt op snelle toestemming van de Nederlandse en Europese toelatingsautoriteit om zijn lane switch-feature van het Autopilot-systeem toe te laten. Dat meldde BNR onlangs. De kennelijke bedoeling is om zo snel Europa in te kunnen: als onze RDW een auto typegoedkeurt, mag het in de hele EU de weg op.

Het gaat om de Tesla Model Y met ‘FSD Unsupervised’, de opvolger van haar Full-Self Driving (FSD) feature waarbij menselijk toezicht wél nog nodig is. Zoals Tesla het uitlegt in die typische toon die ik sterk met ChatGPT associeer (wat vast komt omdat het machinevertaald ronkend Engels is):

De momenteel beschikbare Autopilot-, Enhanced Autopilot- en Full Self-Driving-functies vereisen actief toezicht van de bestuurder en maken de auto niet autonoom. Volledig autonoom rijden is afhankelijk van het behalen van een betrouwbaarheid die menselijke bestuurders ruimschoots overtreft en die door miljarden gereden kilometers is bewezen. Daarnaast is het ook afhankelijk van wettelijke goedkeuring, wat in sommige landen meer tijd kan vergen.
Na de nodige heisa over de term “FSD” die dus niet betekent dat het ding volledig zelf rijdt, werd dit “FSD Supervised”. En de logische opvolger is dan FSD Unsupervised. Kennelijk zal op 28 juni een Tesla voor het eerst autonoom de fabriek verlaten en naar de koper toe rijden. En dat moet in Europa ook, maar daar is een toelating voor nodig.

Om toelating vragen doe je via X, want daar komt dan genoeg herrie in de media (en in de Linkedin-boxen van de RDW-directie) dat men op hoog niveau bij de RDW streng gaat kijken:

Als één EU-land een dergelijk systeem goedkeurt, moeten andere landen dat volgen. Dat maakt de rol van de RDW cruciaal, weet ook Musk. ‘Het is zeer frustrerend en schadelijk voor de veiligheid van mensen in Europa; rijden met de geavanceerde Autopilot resulteert in vier keer minder verwondingen! Verzoek daarom uw bestuursorganen om de veiligheid van Tesla in Europa te versnellen’, zegt hij in zijn tweet.
De timing is opvallend, zoals dat dan heet, omdat heel recent nog bekend werd dat er in 2015 wat raars gebeurde: Tesla’s FSD werd door de RDW goedgekeurd, ondanks dat de regels alleen automatische ondersteuning toestaan die zeer korte tijd en op een lage snelheid konden ingrijpen.
De door de RDW en Tesla gevonden ‘achterdeur in de regelgeving’ maakte goedkeuring toch mogelijk. “Je kon de regels zo interpreteren dat er stond: het systeem maakt één manoeuvre, gevolgd door nog een manoeuvre, en nog één, enzovoorts”, aldus de betrokken ambtenaar. “En als je dat aan elkaar knoopt kan de auto voor een langere periode rijden. De meesten van ons zagen deze uitleg als een maas in de wet.”
In een reactie maakt de RDW duidelijk dat hier geen sprake is van een ‘maas’ in de wet, zoals de Zweedse toezichthouder lijkt te betogen. De wet is in ieder geval verduidelijkt sindsdien.

De druk is wellicht te begrijpen gezien het doel om nog in 2025 de Europese markt te betreden met FSD Unsupervised.

Arnoud