Mag je een merknaam noemen in een kritisch artikel over een bedrijf?

| AE 6496 | Ondernemingsvrijheid, Uitingsvrijheid | 13 reacties

logo-startersleningOh noes, las ik bij Das Kapital. De financiëlenieuwssite kreeg een blafbrief van een internetondernemer omdat men in een kritisch artikel het had gewaagd een screenshot te tonen, de geregistreerde merk- en handelsnaam te noemen en ook nog eens te línken naar de site. Een tactiek die ik vaker zie: in plaats van inhoudelijk in te gaan op de kritiek, beroept men zich op een auteursrecht of merkrecht in de hoop zo de hoster of uitgever te laten schrikken en snel actie te nemen.

Het artikel van Das Kapital zette vraagtekens bij een SBS6-programma waarin de diensten van Starterslening.nl aan de orde kwamen. Zo wordt er verwezen naar de leningen middels de term ‘subsidie’, en wordt gesteld dat kopen goedkoper is dan huren. Das Kapital kwam met argumenten, en tegen argumenten zijn natuurlijk altijd tegenargumenten in te brengen, maar in plaats van tegenargumenten kwam er bij de provider van Das Kapital een notice/takedownbrief die spreekt van “illegale content en inbreuk op onze merk- en handelsrechten”.

Wat er precies illegaal is aan de content van DK is me onduidelijk; het enige dat ik uit de brief kan halen is dat een screenshot van de video van Starterslening.nl wordt gebruikt en dat de handelsnaam wordt genoemd. Ook spreekt de brief van merknamen, maar een woordmerk van Starterslening kan ik niet ontdekken bij het BBIE. Het enige merk dat ik vond, is het hiernaast getoonde beeldmerk. En niet voor niets is dit een beeldmerk: een generieke kreet als “starterslening” voor, eh, leningen aan starters, krijg je echt niet als merk vastgelegd. Zo’n huisje op zich wel, maar geeft geen rechten op een generieke term die bij het huisje geschreven is.

Maar Arnoud, mag jij dan dat gedeponeerde Merk® daar wel tonen zonder uitdrukkelijke voorafgaande schriftelijke toestemming van de directie van Starterslening.nl®TM©? Ja, dat mag ik, en wel om dezelfde reden als dat Das Kapital een screenshot uit de reclamevideo mag tonen: het citaatrecht. Ter illustratie of onderbouwing van een betoog mag je tekst of beeld van derden gebruiken, ook als dat als merk is vastgelegd. Het merkenrecht is bedoeld om te verhinderen dat concurrenten bij je naam (of logo) gaan aanhaken, niet om te verhinderen dat mensen over je praten. Dat Das Kapitaal een advertentiegesponsorde uitgave is, is daarbij niet relevant.

Waarom gebruiken mensen dit soort tactieken? Tsja. Mijn gedachte daarbij is dat sommige mensen denken dat een merk of auteursrecht een absoluut recht is – logisch, want die term staat in de juridische handboeken. Alleen betekent hij daar “een recht dat je tegen iedereen kunt inzetten, en niet alleen tegen één specifiek persoon (een relatief recht)”. En niet “een recht dat zonder nuance te allen tijde boven alle andere rechten gaat”. Oftewel: een merk/auteursrecht zou je een juridische joker geven waarmee je elke discussie wint: hela, je noemt mijn Merk®, dat mag niet, haal maar weg. En door dat op te fleuren met wat juridische taal heb je dan een reële kans dat de wederpartij denkt, oh jee, weghalen dus maar. Zeker als je naar een hoster mailt, waar niet per se juridische kennis aanwezig is en niet iedereen zin heeft in discussies met blafbriefschrijvers.

Maar het is onzin. Serieus. Kritiek leveren mag, mits die kritiek natuurlijk voldoende basis in de feiten heeft. Is de kritiek voldoende onderbouwd, dan mag ook de naam van de betrokken partij worden genoemd of relevante screenshots/teksten/citaten worden opgevoerd. Vaak is dat zelfs onvermijdelijk: de onderbouwing veréist meestal dat je man en paard noemt, omdat deze anders niet verifieerbaar is.

En over dat linkverbod kan ik kort zijn: linken is legaal, punt.

Arnoud