Dwangbevel OM haalt honderden kraaksites offline

om-takedown-poster.jpgHet Openbaar Ministerie heeft met een dwangbevel honderden kraaksites offline laten halen, las ik bij Webwereld. Op één van die sites was een plaatje te vinden (zie hiernaast) dat volgens het OM majesteitsschennis (of iets dergelijks) opleverde. De politie eiste verwijdering, en op het laatste moment ging provider Leaseweb hiertoe zelf over. Zij moest daarbij grof handelen: in plaats van het plaatje zelf te deleten ging de hele server offline. Kan dat zomaar? Is daar niet een gerechtelijk bevel voor nodig?

Ja, dat kan, en nee, daar hoeft niet apart een rechtszaak over gevoerd. De wet biedt namelijk een aparte mogelijkheid voor Justitie om content offline te krijgen. Artikel 54a Strafvordering bepaalt dat een officier van Justitie kan bevelen dat zaken offline worden gehaald, op straffe van aansprakelijkheid van de provider zelf. Wel is er dan een machtiging van de rechter-commissaris nodig, en dat is toch een soort van onafhankelijke gerechtelijke toets.

Formeel is het dus correct wat hier gebeurt. Het bevel is met een machtiging van de R-C afgegeven, en die vond dus dat de afbeelding inderdaad strafbaar leek. Hoewel het dan wel bevreemdt dat in het bevel nergens de URL van het plaatje wordt genoemd maar alleen de gehele site, zodat je formeel wel de site offline móet halen vanwege die ene afbeelding.

En dat is gek. Het gaat hier om strafrecht, meer specifiek om het verbieden van een meningsuiting, toch niet bepaald een lichte categorie van overtredingen. Bij invoering van dit wetsartikel zei de minister dan ook:

De ontoegankelijkmaking van de gegevens moet redelijkerwijs kunnen worden gevergd. De verlangde maatregelen moeten derhalve in overeenstemming zijn met de eisen van subsidiariteit en proportionaliteit. Er mogen geen andere, minder verstrekkende mogelijkheden openstaan om een einde te maken aan de als onwenselijk ervaren situatie. En de verlangde maatregelen mogen niet verder strekken dan strikt noodzakelijk.

Een gehele site offline halen vanwege één afbeelding is niet proportioneel. Ook gaat het mij te ver om per direct naar de provider toe te stappen zonder de plaatser zelf eerst aan te spreken. In dit geval kon dat prima, diens identiteit was gewoon bekend.

Een ander belangrijk punt (zie ook het TILT-rapport) is dat nu de afbeelding weg is, er niet echt meer een reden lijkt te zijn voor het OM om de plaatser daarvan te gaan vervolgen. En dat wringt, want nu kan er niet meer worden getoetst door de rechter of het bevel inderdaad rechtmatig was. De provider kan niets doen (heeft geen juridische grond) en de plaatser zelf kan ook niet klagen als hij niet wordt vervolgd. Kortom, het voelt mij te veel als een handige shortcut om even snel zaken offline te krijgen.

Arnoud

Kun je in Nederland de rechtbank minachten?

contempt.pngEen lezer vroeg me:

In Amerikaanse televisieseries zie je soms dat rechters mensen de cel in gooien vanwege “minachting van de rechtbank”. Soms gaat het dan omdat ze de rechter beledigen, of omdat ze zich niet aan het vonnis houden. Kan dat bij ons ook?

“Minachting van de rechtbank” is net als “je hebt recht op één telefoontje na je arrestatie” zo’n typisch Amerikaans ding dat bij ons niet bestaat maar waarvan iedereen denkt van wel. Te veel rechtbankseries denk ik, in combinatie met dat het volstrekt logisch klinkt. Je moet toch kunnen laten weten dat je gearresteerd bent? En als je tegen een rechter minachtend bent, dan gooit ‘ie je achter de tralies want respect en zo.

De constructie van minachting komt uit het Engelse recht (common law), waar de rechter een veel belangrijker functie heeft (vroeger dan, in ieder geval) dan bij ons. Hij is volstrekt onafhankelijk en hij heeft grote vrijheden bij het voeren van zijn rechtszaken. Onderdeel daarvan is kunnen optreden tegen minachters. Traditioneel is het dan ook mogelijk dat hij eender welke straf oplegt die hem proportioneel voorkomt – met als meest extreme zaak de Beatty Chadwick-zaak, waarin een gedaagde veertien jaar(!!) de cel in ging omdat de rechter vond dat hij 2.5 miljoen moest betalen en hij bleef volhouden dat geld niet te hebben. En let wel: dat was niet een vonnis dat zei “2.5 miljoen of 14 jaar cel” maar een “u minacht het hof dus u gaat de cel in tot u betaalt”.

In Nederland hebben we die constructie niet. Respect spreekt vanzelf, en wanneer mensen een vonnis niet nakomen dan hebben wij een veel effectiever middel: de dwangsom. De winnende partij kan een in het vonnis genoemd bedrag incasseren (als soort van boete) wanneer de verliezer niet doet waartoe hij veroordeeld is. Dat werkt een stuk beter dan “minachten” en mensen in de cel stoppen, want het legt de prikkel waar hij hoort, bij de partijen.

Een dwangsom heeft het nadeel dat ‘ie erg hoog kan oplopen, als het bijvoorbeeld een bedrag per dag of per overtreding is. Daarom willen rechters er nog wel eens een maximum op zetten. Dat wil echter alleen niet zeggen dat als je dat bedrag betaalt, je verder van het vonnis af bent. Je bent en blijft verplicht om te doen wat in het vonnis staat.

Daar kwam Peter R. de Vries in 2010 achter toen hij een uitzendverbod kreeg met een dwangsom van 15.000 euro. Omdat hij het zó belangrijk vond om toch zijn boodschap te brengen, kondigde de misdaadverslaggever aan om ondanks het vonnis uit te gaan zenden. De dwangsom was dan maar de prijs die hij moest betalen. Maar dat viel verkeerd bij de rechtbank toen de geportretteerde snel een nieuw kort geding stond:

Bij het bepalen van de dwangsom is de rechtbank er tot voor kort altijd vanuit gegaan dat de media veroordelende vonnissen nakomen. De dwangsom werd dan ook meer beschouwd als een onderstreping van de veroordeling dan als een prikkel tot nakoming. Inmiddels is gebleken dat er bij deze gedaagden niet zonder meer vanuit kan worden gegaan dat de veroordeling wordt nagekomen.

Men verhoogde die dwangsom meteen naar een half miljoen euro.

In februari vond ik een vonnis waarin de rechtbank IBM er ook zwaar van langs gaf. Een personeelslid was ontslagen, maar ten onrechte, zo bepaalde de rechtbank eerder. Hij moest terug in dienst, op straffe van een dwangsom per dag die opliep tot 50.000 maximaal. Ok, duidelijk, alleen interpreteerde IBM dit als “betaal hem 50.000 euro en we zijn van hem af”. En dát schoot in het verkeerde keelgat:

Door het vonnis niet uit te voeren heeft IBM te kennen gegeven de rechtbank in zeer ernstige mate te minachten, welke attitude een concern als IBM geenszins past.

Ook het “sorry onze stagiair zat niet op te letten”-excuus ging niet op:

De kantonrechter heeft zich er ter terechtzitting van vergewist dat geen sprake was van een verkeerde inschatting van de juridische werkelijkheid op een te laag echelon in het concern van IBM. Met de mededeling dat de hoofddirectie op de hoogte was, moet worden aangenomen dat daar ook de verantwoordelijkheid ligt.

De dwangsom wordt aangepast naar 10.000 euro per dag met een maximum van vijf miljoen euro. Oh en meneer moet nog steeds zijn baan terugkrijgen. (Dat zal een gezellige boel worden daar.)

Arnoud

Wat mag er van het internationaal auteursrecht?

Een lezer vroeg me:

Ik vroeg mij af hoe het zit met het auteursrecht in andere landen (VS, Engeland, Spanje, Duitsland)? Is het zo dat het Nederlandse recht anders omgaat met auteursrechten of gelden dezelfde regels met betrekking tot citeren van foto’s, het citeren van nieuwsartikelen? En gelden dan dezelfde regels, 2 regels overnemen + een link naar de bron?

Auteursrecht is in grote lijnen hetzelfde, omdat internationale verdragen zoals de Berner Conventie deze voorschrijven. Daarbinnen is er wel ruimte voor afwijkingen. Zo hebben ze in Italië geen auteursrechten voor toegepaste kunst, en in Nederland en Duitsland wel.

Fair use is het belangrijkste verschil. In de VS mag je op grond van “fair use” alles doen dat je met een goed verhaal kunt verdedigen als maatschappelijk nuttig, terwijl je in Europa echt een concrete uitzondering (parodie, citeren) moet kunnen aanwijzen in de wet. Dat sluit aan bij de juridische systemen: de VS is gebaseerd op rechtersrecht (common law), waarbij binnen ruime grenzen de rechter de praktische invulling en vooruitgang van het recht bepaalt, terwijl in Europa we veel liever alles direct uit het wetboek halen en de rechter alleen in enkele twijfelgevallen de doorslag zou moeten geven.

Ik ben er trouwens nog steeds niet uit of fair use nu een goed idee is of niet, maar dat terzijde.

Citaatrecht (waar de vraagsteller naar vroeg) ligt Europees vast, maar is wel een recht dat sterk aan interpretatie onderhevig is. De Europese regels gaan niet verder dan dat het mag mits het “naar billijkheid geschiedt en door het bijzondere doel wordt gerechtvaardigd”, en natuurlijk mits je de bron én de naam van de auteur noemt. Maar wat is ‘naar billijkheid’? En hoe meet je of er sprake is van een rechtvaardiging?

Daar komt bij dat er in de internetcontext lang niet overal geprocedeerd is over deze vraag. Bij ons is het een uitgemaakte zaak, want we weten uit de huizenzoekmachinejurisprudentie dat een kort stukje met klein fotootje en hyperlink in principe een citaat is. Maar in België mocht het overnemen van een kort stukje uit een nieuwsbericht door Google News niet, omdat dat niet gebillijkt was door het doel.

Wat mij betreft wordt het dan ook de hoogste tijd voor één Europees auteursrecht, zodat we maar één keer ons zorgen hoeven te maken over de vraag of iets mag. En niet 27 keer in elke lidstaat apart.

Arnoud

Een digitale schoenendoos met bonnetjes voor de curator

Dit gaan we steeds vaker krijgen: faillissementsproblemen in de cloud. Waar een bedrijf vroeger hooguit voor stroom en elektriciteit afhankelijk was van derden voor het dagelijks functioneren, is nu (naast koffie) de internettoegang en de gehoste diensten absoluut cruciaal. Maar als een bedrijf failliet gaat, zal zo’n leverancier natuurlijk meteen de stekker eruit trekken want die ziet zijn facturen niet meer betaald. En dat is dan weer heel pijnlijk voor de curator, want daarmee gaan zijn mogelijkheden voor een doorstart verloren. In 2009 bepaalde een rechter al eens dat een SaaS-dienstverlener soms verplicht kan zijn door te gaan met leveren, ondanks openstaande facturen. En nu lag er de vraag bij de rechter, wat te doen als de dienst al gestaakt is?

Het failliete bedrijf had zijn administratie in de cloud gestopt bij Vict. Na het faillissement was op zeker moment die stekker eruit gehaald, waarna de (zo te lezen virtuele) server dus niet meer beschikbaar was. De data stond nog ergens op een backup, dat wel. En daar wilde de curator graag bij, want voor hem is die administratie zeer belangrijk.

Zó belangrijk zelfs dat de Faillissementswet apart regelt dat hij een vérgaande bevoegdheid heeft (artikelen 92 en 93a) om bij die administratie te kunnen. Ook als deze bij derden ligt. Hij zou dus bij de boekhouder de schoenendoos met bonnetjes mee kunnen nemen, om eens wat te noemen.

Maar kan hij van een clouddienstverlener verlangen dat die de serveromgeving terug gaat zetten én de data restaureert omdat hij er anders niet bij kan? Nee, dat niet:

De bevoegdheid van de curator gaat naar het oordeel van de voorzieningenrechter echter niet zover dat de curator aanspraak kan maken op meer dan de (leesbare) administratieve gegevens (de bekende schoenendoos met bonnetjes) van de gefailleerde. Het is in beginsel de taak van de curator om vervolgens zo nodig orde aan te brengen in die gegevens. Daarvoor kan hij derden inschakelen. Voor die diensten zal hij dan wel moeten betalen.

Bijgevolg moet de curator dus Vict gewoon betalen als hij wil dat Vict iets doet. Eventueel kan de curator per direct de harddisk met de backup krijgen (“enkele tienduizenden pagina’s!”, ja met uitroepteken) maar dan mag hij zelf het formaat daarvan uitpuzzelen en er chocola van maken. Maar wil hij de administratiesoftware zelf terug in de lucht (in de wolk?) dan kost dat gewoon geld.

Op zich had de rechter ook anders kunnen oordelen. Artikel 37b Faillissementswet bepaalt dat een leverancier zijn contract niet mag opzeggen bij faillissement van de klant, als het gaat om afleveren van gas, water, elektriciteit of verwarming, benodigd voor de eerste levensbehoeften of voor het voortzetten van de door de gefailleerde gedreven onderneming. De diensten moeten wel “benodigd” zijn, oftewel zonder die diensten moet het bedrijf niet door kúnnen gaan. Bij gas en elektra is dat vrij evident, maar ik zie het wel gebeuren dat e-mail en de cloudgehoste administratie of Office-software er ook onder gaat vallen. Jullie ook? En wat nog meer?

Update (2 april 2013) in hoger beroep bevestigd. Het Gerechtshof zegt:

Gegeven het feit dat de curator de overeenkomst tussen Retera en Vict niet gestand heeft willen doen, kan Vict naar het voorlopig oordeel van het hof, gelet op het hiervoor overwogene, niet worden gehouden om de voor haar uit die overeenkomst voortvloeiende werkzaamheden toch voort te zetten.De artikelen 92 en/of 93a Fw noodzaken Vict daartoe in ieder geval niet. Niet valt in te zien dat Vict voor de door de curator verlangde werkzaamheden niet de – commerciële- vergoeding zou mogen verlangen die door Vict en Retera daarvoor was overeengekomen.

Arnoud

Rectificeren op Twitter, hoe doe je dat?

twitter-vonnis-rectificatie.pngOpmerkelijk: de rechtbank vonnist tot rectificatie op Twitter. Alleen is de rectificatietekst zelf langer dan 140 tekens, zodat dit dus niet gaat passen. Wat nu?

De zaak zelf is niet zo heel ingewikkeld. Maar waarom de samenvatting het kopje “Internetterreur” moest bevatten, is mij niet helemaal duidelijk. Het ging om een mevrouw die boos was op Total Telecom (een aanbieder van 0900nummers en domeinregistraties), en op zijn blog en Twitter diverse uitlatingen deed van het soort:

“[eiser sub 2] licht mensen op met nep site mediumWillem”
“Total Telecom SA ([eiser sub 2] van o.a. sex en Astro TV/Koffieleutjes/Spirittv verliest WEER van [Y] EN mijn blog EN mij, contactverbod stalkers+dwangsom”
“@Paso2011doble en spirit tv is ook van sexlijn exploitant [eiser sub 2] die heeft een contactverbod “””.dwangsom ivm smaad van de [X]”

De blog werd in Amerika gehost (via WordPress.com) en Twitter is ook een Amerikaans medium, maar de rechter had er (terecht) geen enkele moeite mee om dit onder Nederlands recht aan te pakken. Het is immers evident dat deze mevrouw zich met blog en tweets op Nederland richt, en zo dus in Nederland schade aanricht.

Er was geen enkel bewijs voor deze stellingen, en tsja dan ga je voor de bijl. Ook het argument “dat Total Telecom c.s. haar op ongeoorloofde wijze overal in betrekt en zij dagelijks honderden dreigementen ontvangt” gaat niet op. Dat is geen reden om zelf terug te gaan dreigen of roepen. Mevrouw moet dan ook gewoon rectificeren (en ” 1.391 proceskosten betalen).

Rectificeren is op een blog niet zo’n probleem, je zet gewoon een nieuwe blog neer en die maak je eventueel ‘sticky’ zodat ie blijft zitten bovenaan op pagina 1. Maar op Twitter? Oordeel zelf, hoe krijg je dit in een tweet?

Rectificatie: De voorzieningenrechter te Almelo heeft bij vonnis van 18 april 2012 geoordeeld dat ik, [gedaagde], wonende te [woonplaats], onrechtmatige en ongegronde uitlatingen heb getwitterd met betrekking tot Total Telecom en de heer [eiser sub 2].
De voorzieningenrechter te Almelo heeft mij bij dat vonnis tot rectificatie hiervan veroordeeld;

Uw uitdaging voor vandaag: herschrijf dit tot rectificatietweet mét bit.ly linkje in 140 tekens? Strekking moet hetzelfde zijn, overbodige informatie mag eruit, algemeen bekende afkortingen zijn toegestaan. Voor “eiser sub 2” mag u “directeur Jansen” of vergelijkbare term gebruiken als u dit binnen de strekking nodig vindt. Twitlonger en multitweets (1/3, 2/3, 3/3) zijn niet toegestaan, het moet en zal één gewone tweet zijn.

Update: (27 april) van advocaat Filip Van Eeckhoutte (van de eiser) kreeg ik de originele tekst van de gevraagde rectificatietweet:

Rectificatie: ik verklaar dat ik onrechtmatige en ongegronde uitlatingen heb getwitterd met betrekking tot Total Telecom en de heer [directeur].

Dat past net!

Arnoud

ISP’s moeten data copyrightschenders vrijgeven van Europees Hof

aw-hell-naw.jpgInternetserviceproviders kunnen worden gedwongen gegevens van hun klanten over te dragen aan antipiraterijorganisaties en copyrighthouders, las ik bij Webwereld. In het arrest (C-461/10) bepaalt de hoogste Europese rechter dat gegevens die een ISP moet bewaren op grond van de Wet bewaarplicht, afgegeven kunnen worden aan private partijen die auteursrechtclaims vermoeden.

De Zweedse wet bepaalde (op grond van de Auteursrechthandhavingsrichtlijn) dat een provider gedwongen kan worden tot afgifte van NAW-gegevens van gebruikers, als een eisende auteursrechthebbende “duidelijke bewijzen kan overleggen dat inbreuk is gemaakt”. De vraag was echter of dat zo wel mocht, omdat die NAW-gegevens eigenlijk alleen bewaard werden op grond van de Wet bewaarplicht. En die zegt dat dergelijke gegevens alléén mogen worden afgegeven in het kader van ernstige misdrijven en wel alleen aan de bevoegde autoriteiten. Auteursrechtwaakhonden die inbreuk ruiken, vallen daar niet onder.

In de richtlijn over de Wet Bewaarplicht staat:

De lidstaten nemen bepalingen aan om te waarborgen dat de overeenkomstig deze richtlijn bewaarde gegevens alleen in welbepaalde gevallen, en in overeenstemming met de nationale wetgeving, aan de bevoegde nationale autoriteiten worden verstrekt.

Je zou dus zeggen dat afgifte aan niet-autoriteiten daarmee eenvoudigweg niet mag. Maar nee. Het Hof neemt haar oude Promusicae-zaak erbij, waarin werd bepaalt dat er geen Europese regels zijn die verbieden dat private partijen NAW-gegevens mogen opeisen. Je moet het als land zorgvuldig regelen, maar het mag wel. Bij ons is het Lycos/Pessers-arrest de zorgvuldige regeling, we hebben geen aparte wet hierover maar een HR-arrest is formeel goed genoeg.

Het Hof trekt dit nu door en concludeert dat óók de Wet bewaarplicht niet zo’n verbod bevat. De redenering is erg formeel: de Wet bewaarplicht gaat over strafrecht, en dit is civiel recht. Dus hoeven we niet te kijken naar wat die Wet bewaarplicht toestaat of verbiedt; elk land mag zelf weten hoe zij civielrechtelijk willen regelen wanneer een partij NAW-gegevens op kan eisen.

Zoals Bits of Freedom al schrijft, indirect is het natuurlijk wel een ontzettend oprekken van de bewaarplicht. Want al die gegevens zijn er gewoon een half jaar tot een jaar lang, en kunnen daarmee langs de civielrechtelijke weg worden opgeëist. En dat is toch hoogst opmerkelijk, als die wet eerder verkocht is met het argument dat de gegevens echt echt echt alleen voor ernstige misdrijven zullen worden gebruikt.

Arnoud

Kan een hoster een schadeclaim bij zijn klanten leggen voor overlast?

Een lezer vroeg me:

Naar aanleiding van je recente blog over omgaan met overlast door hostingklanten vroeg ik me af wat ik kan doen met de schade die mij als hoster het oplevert als ik klantoverlast moet gaan oplossen. Het kost me tijd immers om de rommel op te ruimen, bijvoorbeeld het legen van de mailqueue of het proberen afgemeld te worden bij de spamblacklists. En ik heb ook reputatieschade als het openbaar wordt dat een klant van mij dit deed. Kan ik deze verhalen?

Als een klant de regels van het contract schendt, dan kun je als hoster zeker je schade verhalen op die klant. Het probleem is alleen (zoals altijd): wat is je schade? Je kunt niet zomaar een getal uit je duim zuigen, je moet met bonnetjes onderbouwen wat het je gekost heeft. En dat zal niet meevallen bij hosting.

De tijd die je als hoster kwijt was om de rommel op te ruimen is wellicht een aanknopingspunt. Maar een gegeven dat dit altijd mag, is het niet. Het is namelijk ook gewoon je werk om te zorgen dat de systemen netjes werken, dus het zal niet meevallen de tijd specifiek voor deze rommel opruimen te scheiden van de tijd voor algemeen systeembeheer.

Een andere insteek is het “positief contractsbelang”, zeg maar het geld dat je had gekregen als men wél netjes de overeenkomst was nagekomen. Dat zijn dus de vaste maandelijkse kosten (maar natuurlijk niet de heffingen voor gigabytes boven de fair use limieten). Bij consumenten mag dit overigens niet zomaar, omdat het verboden is consumenten een onevenredig hoge schadevergoeding op te leggen bij ontbinding.

Praktisch gezien kun je als hoster veel discussie voorkomen door een boeteclausule op te nemen in je algemene voorwaarden. Hierin zet je dan specifieke bedragen op bepaalde overtredingen, en die bedragen dienen dan ter compensatie van je eigen overlast. Je mag dan niet meer én de boete én de schade vorderen. En als je zegt dat iemand iets moet doen op straffe van een boete, dan kun je niet de boete eisen en oók eisen dat hij alsnog dat iets gaat doen.

Het valt me op dat boetebedingen erg zeldzaam zijn in hostingvoorwaarden. Hier en daar zie ik wel “administratiekosten” bij zaken als afsluiten wegens overlast, maar echt expliciete clausules met “Indien klant X doet is hij een direct opeisbare boete van E verschuldigd” zie ik eigenlijk nooit. Je vraagt je af waarom. Omdat ze de constructie niet kennen? Omdat ze denken dat de klant dat te onvriendelijk vindt? Omdat in de VS zulke boetes zelden legaal zijn en iedereen bij de Amerikaanse collega’s inspiratie haalt? Omdat de KVK-modelvoorwaarden die clausule niet hebben?

Arnoud

Welke belasting wordt geheven op virtuele goederen?

Een lezer vroeg me:

Onlangs bepaalde de Hoge Raad dat virtuele goederen in eigendom gehouden kunnen worden. Moet ik ze dan ook aangeven als bezit? Of moet ik bij bedrijfsmatige handel daarin BTW in rekening brengen en afdragen?

In februari bepaalde de Hoge Raad dat virtuele goederen te stelen zijn omdat het ‘goederen’ zijn. Formeel mag je die regel niet doortrekken naar andere rechtsgebieden, zodat je niet automatisch kunt zeggen eigenaar te zijn van je virtuele harnas – of dat je bezittingen hebt in de zin van box 3 van de belastingaangifte. Maar dat doet iedereen lekker toch.

Ik kan nergens ontdekken hoe virtuele goederen worden gezien. De belastingtelefoon kon me ook niet verder helpen. Niemand lijkt te weten of virtuele goederen deel van je vermogen zijn of hoe ze gewaardeerd zouden moeten worden als dat zo is. Nog even afgezien van het punt dat de Belastingdienst niet echt kan achterhalen óf je dergelijk vermogen hebt.

Hooguit zou men kunnen zien dat je een creditcardtransactie met zeg Linden Labs hebt, en dan het vermoeden uitspreken dat je ter waarde van die transactie aan virtuele goederen in Second Life bezit. Maar als je in-game handelt en daarmee je virtuele vermogen verhoogt, zie ik niet hoe de Belastingdienst dat kan achterhalen.

BTW is ies anders. Als ondernemer moet je BTW heffen en afdragen op alle producten en diensten die je levert. Het maakt niet uit of je fysieke producten verkoopt. Ook gewoon wat juridisch praten is een dienst en daar moet BTW over geheven worden. Ik twijfel er dus geen seconde aan dat je BTW moet afvragenafdragen voor transacties waarbij je geld krijgt voor iets met virtuele objecten, ongeacht wat dat iets is en ongeacht of die objecten als fysieke goederen aan te merken zijn.

In Korea is men al wat verder: daar wordt expliciet BTW geheven op transacties in virtuele omgevingen die met echt geld plaatsvinden. En mede naar aanleiding daarvan heeft onze Belastingdienst gemeld scherp op te gaan letten wat er in Second Life gebeurt. Maar meer dan “we kijken er naar” lijkt dit niet te zijn geweest.

Wie heeft in zijn belastingaangifte virtueel vermogen opgenomen?

Arnoud

Wat zegt de wet over versiebeheer bij algemene voorwaarden?

Een lezer vroeg me:

Ik heb een geschil met een webdienst-aanbieder en nu wil ik ze op grond van de algemene voorwaarden aanspreken. Maar die kan ik nergens meer vinden. Ik vind wel een tekst met voorwaarden, maar dat is volgens mij niet de versie die ik destijds had geaccordeerd. Is een website verplicht oude versies van hun algemene voorwaarden aan te bieden? Of anders gezegd, hoe kan ik bij een geschil de tekst achterhalen van de algemene voorwaarden?

Bij een webdienst moet men die als download aanbieden bij het sluiten van het contract. Men kan niet volstaan met verwijzen naar de website of de KVK – behalve als het apert onredelijk is dat iedereen een stuk papier meekrijgt. De Albert Heijn hoeft niet bij iedere aankoop papier te overhandigen, en de NS-automaat ook niet. Dat geeft zó veel overlast, dat willen we niet.

De wet zegt niets over versiebeheer, omdat dat eigenlijk niet aan de orde behoort te zijn. De voorwaarden die voor jou gelden, zijn namelijk de voorwaarden die ze jou overhandigd hebben bij contractsluiting.

Wat wél iedereen vergeet: bij online overeenkomsten is het verplicht om de wederpartij uit te leggen of de overeenkomst gearchiveerd wordt en hoe je als klant een kopie kunt opvragen (art. 6:227b BW). Op die manier kan de klant dus de toepasselijke voorwaarden te pakken krijgen.

Dat archiveren is bij betaalde diensten eigenlijk altijd verplicht op grond van de belastingwetgeving, want je moet als dienstverlener kunnen aantonen welke rechten en plichten je naar klanten toe hebt. Bij een gratis dienst is dit discutabel, maar ook dan zou ik altijd aanraden om op zijn minst mensen een bevestigingsmail te sturen met daarin de overeenkomst – én de algemene voorwaarden natuurlijk.

Of dit artikel te gebruiken is om achteraf een kopie van de voorwaarden te eisen, is onduidelijk. Ik zou dus bij elke dienst die ik afneem, de voorwaarden zélf kopiëren en bewaren. Dan kun je daarmee in het geweer komen.

Je kunt ook een iets agressievere manier hanteren: op het moment dat een dienstverlener zich op de voorwaarden beroept, meld je dat die nooit ter hand zijn gesteld en daarom ongeldig zijn. En dan mag hij bewijzen dat hij wél destijds jou de voorwaarden als downloadlink heeft aangeboden. Ik wens hem veel succes, want geen hond die screenshots heeft van hoe de site eruit zag toen klant X zich registreerde.

Arnoud

Ex parte verboden moeten echt gewoon kapodt

piratenpartij.jpgDe Piratenpartij eist onmiddellijke opschorting van de opgelegde Pirate Bay-blokkade, las ik bij Webwereld. Haar reverse proxy voor de verboden magnetindexsite werd via een ex parte verbod auteursrechtinbreukmakend verklaard, wat nogal bizar is aangezien TPB zélf geen auteursrechten schendt. Ondertussen opent GeenStijl alvast een eigen stijlloze proxy.

In januari moesten Ziggo en XS4All de Pirate Bay blokkeren. De rechter vond dat de meest gepaste manier om een einde te maken aan het illegaal uploaden door abonnees van die providers. De rest van internet vond dat niet, en de mirrors en proxies doken dan ook overal op bij wijze van burgerlijke ongehoorzaamheid.

Al snel wist Brein de Haagse rechter te overtuigen dat dit écht auteursrechteninbreuk was, waarmee ze een ex parte verbod kon krijgen en zodoende zonder vervelende tegenargumenten die sites kon sluiten. Buitengewoon stuitend allemaal, en Joris van Manen is een heel naar advocaatje met zijn “puberproxies”. De arrogantie straalt er vanaf: een beetje ons zelfgebouwde juridisch raamwerk gaan zitten doorkruisen met een internetprotest, wat zullen we nou krijgen kinders.

De Piratenpartij had ook een proxy, en hoewel ik had gedacht dat de rechter bij een politieke partij wel iets meer rekening zou houden met de politieke vrijheid van meningsuiting, was ook daar het ex parte verbod snel verkregen. Wel met een soort van weerwoord (een “grijsmaking”) maar de praktijk leert dat wie een ex parte vraagt, een ex parte krijgt. Goed dus van de boekanierspartij dat ze in het geweer komt in een échte procedure.

Wat ik dan wél weer buitengewoon ergerlijk vind in deze procedure is dat iedereen nu begint te roepen dat generieke proxies ineens verboden zouden zijn omdat je er TPB mee zou kúnnen bezoeken. Ik zag alweer tientallen mails en tweets van mensen die wijzen op Google Translate als proxy en wanneer Brein zou “durven” Google aan te pakken. Ik snap de frustratie maar dat slaat dus nergens op.

Ja, Brein eist dwangsommen vanwege het feit dat de Piratenpartij nog steeds de toegang tot TPB faciliteert, in strijd met het ex parte verbod. Maar dat is niet omdat ze “zomaar” een proxy aanbiedt. De PP bood een specifieke proxy aan die maar één ding kon – TPB toegankelijk maken. En toen dat niet mocht, zetten ze er gauw een generieke proxy op met een onschuldige glimlach “Tsja je kúnt natuurlijk naar een verboden site maar wij moedigen dat verder niet aan of zo hoor”. Ehm, giecheltoets? Kom nou jongens, zo maak je het alleen maar makkelijk voor Brein om met oneigenlijke argumenten het geschil te winnen.

Burgerlijke ongehoorzaamheid juich ik toe bij domme vonnissen, zeker in dit geval waarbij ex parte iets werd toegewezen waarvan iedereen (behalve advocaatje Van Manen, maar die wordt betaald wat anders te vinden) weet dat het op tegenspraak nooit zou worden toegewezen. En dat hele ex parte ding moet gewoon kapodt – of in ieder geval teruggebracht tot zijn juridische proporties: als laatste redmiddel bij dreigende inbreuk. Niet als makkelijke oplossing bij onrechtmatig handelen, en al helemaal niet forumshoppend naar een rechter die altijd zo’n verzoek zal toewijzen.

diep ademhaalt

Ok. Dit is niet goed voor mijn bloeddruk. Ik hoop écht dat de PP het gaat winnen. Zeker omdat Brein dan in hoger beroep gaat en we dan een stevig stukje jurisprudentie kunnen krijgen over wat er wel en niet mag met het ex parte misbaksel.

Arnoud