Moet GeenStijl het IP-adres van haar reaguurders afgeven?

| AE 7796 | Ondernemingsvrijheid, Regulering | 32 reacties

vordering-geenstijl-126nd-gegevensEen dikke vette vordering/machtiging/bevel van het Arrondissementsparket Amsterdam en een echte officier van justitie. Of GeenStijl even naam, adres, woonplaats alsook historische gegevens en ip-adressen van een drietal reaguurders wil overhandigen. Dat schreef het shockblog eerder deze week. Nee, was de reactie. Maar eh, heb je zo veel te willen dan als er een bevel van de officier ligt met een vordering tot afgifte?

De vordering tot afgifte van gegevens is gebaseerd op artikel 126nd Strafvordering. Bij verdenking van een ernstig misdrijf (zoals gedefinieerd in art. 67 Strafrecht) mag de officier van Justitie gegevens vorderen die van belang zijn voor het onderzoek. Voor een vordering als deze is wel vereist dat de rechter-commissaris toestemming geeft, maar die is er.

De vordering noemt zelf niet wat het strafbare feit zou zijn. Gezien de aard van de comments zou het kunnen gaan om beweerdelijke groepsbelediging (discriminatie) art. 137c Strafrecht, en dat is een ernstig misdrijf, zo staat in dat artikel 67, als je dat “in vereniging” doet. En er zijn hier drie mensen die gezamenlijk reaguren.

Klaar als een klontje dus, zou je zeggen. En dan kun je wel stoer doen als stijlloos blog, maar afgeven ga je.

Nou, niet per se. Het gaat hier niet om zomaar een vordering aan zomaar iemand die gegevens heeft, maar om een vordering aan een journalistiek medium. Want wat je ook van GS mag vinden, ze zijn journalistiek bezig. En dán mag je niet zomaar gegevens vorderen; journalisten hebben recht op bescherming van hun bronnen. Het beleid van het OM is dan ook

In ieder geval lijkt het toepassen van dwangmiddelen gerechtvaardigd als dat het enige effectieve middel is om een zeer ernstig delict op te helderen. Het moet dan gaan om die misdrijven waarbij het leven, de veiligheid of de gezondheid van personen ernstig is geschaad of in gevaar kan worden gebracht. Daarvan zal in beginsel sprake zijn bij het opsporen van de verdachte van bijvoorbeeld een reeks van ernstige zedenmisdrijven, het traceren van een hoeveelheid explosieven of het inrekenen van een voortvluchtige moordenaar.

en ja dat is juridisch bindend tegen het OM te werpen.

Je kunt je natuurlijk wel afvragen in hoeverre hier sprake is van een journalistiek relevante bron. Het ligt wat anders dan in de Crimesite-zaak waarbij IP-adressen van potentiële getuigen werden gevraagd in verband met een misdrijf dat elders werd gepleegd (een mishandeling op straat). Hier gaat het om informatie over de dader vanwege een uiting die ze op de site zelf hebben gedaan. Het voelt wat gek om in dat verband te spreken van een brón die de journalist wil beschermen.

Arnoud