Gecorrigeerde Quote 500 ex parte offline gehaald door databankrecht

| AE 1326 | Intellectuele rechten | 1 reactie

925-logo.pngDe Quote 500, de jaarlijkse rijkenlijst van het maandblad Quote, moet onmiddellijk van de website 925.nl worden gehaald, meldde nu.nl vrijdag. 925, de website voor “de betere kantoorknuppel” (dat zijn mensen die graag goedemoggel zeggen), had de volledige Quote 500 overgetypt en voorzien van een inflatiecrisiscorrectie online gezet. Het gebbetje van 925 werd uiteraard niet op prijs gesteld bij Quote, dat meteen een deurwaarder langsstuurde. Niet met een dagvaarding, maar met een heus ex parte bevel (via Boek 9) waarin meteen een verbod stond met een dwangsom van 50.000 euro per dag. 925 koos eieren voor haar geld en haalde de lijst offline.

Kan dat zomaar? Ja, dat kan zomaar. Het ex parte bevel is een min of meer uniek instrument dat je bij evidente inbreuk op intellectuele eigendomsrechten kunt inzetten. Artikel 1019e van het wetboek van Rechtsvordering biedt een rechthebbende de mogelijkheid om een “onmiddellijke voorziening bij voorraad te geven op een bij verzoekschrift gedaan verzoek” om aan een bepaalde inbreuk een einde te maken.

De vermeende inbreukmaker wordt niet gehoord of zelfs maar gemeld dat het verzoekschrift is binnengekomen. De rechter doet ook inhoudelijk zelf weinig met het verzoekschrift. Een marginale toets, heet dat juridisch. Klinkt het verhaal aannemelijk, dan wordt het verbod toegewezen en dan horen we het wel van de gedaagde. Jaja, dat gaat ver, maar alles is geoorloofd in de strijd tegen terrorisme, kinderporno, drugshandel en inbreuk op auteursrechten – de 3 ruiters en de ene voetganger van de Internet-Apocalyps*.

Het bevel is gebaseerd op het databankenrecht – de Quote 500 is een databank met 500 {naam, rijkdom}-tupels, volgens Quote. Volgens de definitie van “databank” uit die wet gaat dat strikt genomen wel op. Ook een papieren databank kan een databankrecht hebben. Wel is voor elk databankrecht vereist dat er een “substantiële investering” is gedaan om deze samen te stellen.

Substantieel is de investering van Quote zeker: volgens eigen zeggen 269.000 euro per jaar, plus nog eens 850.000 euro drukkosten, specifiek voor het verzamelen, samenstellen en drukken van de Quote 500. Waarom specifiek? Omdat je anders geen databankrecht hebt. Volgens het William Hill-arrest moet de investering namelijk gericht zijn op het maken van de databank, en niet op het verkrijgen of creëren van de individuele gegevens.

Hier liggen de kosten voor het creëren van de gegevens sterk verweven met het in de databank verwerken van die gegevens. Om de Quote 500 te maken, moet je weten hoe rijk de rijkste 500 mensen zijn. Uitzoeken wat iemands vermogen is, is best veel werk. Heb je die 500 gegevens eenmaal, dan is het op een rijtje zetten daarvan verder triviaal. Is dat uitzoekwerk nu een investering in het creëren van de gegevens (hoe rijk is persoon X) of een investering in het creëren van de databank (wie staat er dit jaar op positie Y)? Het antwoord op die vraag zou een leuke aanvulling zijn op de jurisprudentie.

Wat denken jullie? Mijn eerste gedachte is: nee, geen databankrecht. De investering gaat over het vaststellen van de rijkdom van mensen, en is daarmee gericht op het creëren van de gegevens. Men moet -zo staat in het bevel zelf- “uitvoerig onderzoek doen in openbare registers waaruit de financiële positie van de betrokkenen blijkt”, plus nog interviews met de betrokkenen zelf. Dat doet me denken aan de NVM-makelaars, die ook uitvoerig werk moeten doen om beschrijvingen en gegevens van huizen in Funda te kunnen stoppen, maar desondanks geen databankrecht hadden.

Kan 925 nog iets doen, behalve boos napruttelen op het bretellenblog? Op zich wel: het bevel vermeldt dat de verweerder op 14 november om 10:00 bij de rechter mag verschijnen om uit te leggen dat het verbod onjuist is. Hij kan natuurlijk ook zelf een nog eerder eigen kort geding te starten.

Arnoud<br/> * Vrij naar Bruce Schneier en Terry Pratchett.