Hoe maak je een product van je juridische dienstverlening? #legaltechtuesday

| AE 12348 | Innovatie | 4 reacties

Het gaat langzaam, maar de trend is onvermijdelijk: juridische dienstverlening gaat naar standaardisatie toe. Klanten verwachten meer dan alleen zuiver maatwerk, met name omdat ze de prijs er niet meer voor over hebben. Alternatieve dienstverleners, van accountants tot verzekeraars, bieden dan ook meer en meer producten aan die op prijs concurreren met dat maatwerk van de traditionele juridische aanbieders. Alleen, wat is dan een product, een dagvaarding met een streepjescode voor de kassa?

Al eerder schreef ik over wat commodificatie heet. Traditioneel leverden juridisch adviseurs volledig maatwerk, net als de kleermaker van vroeger die met een rol stof voor elke klant perfect maatwerk leverde. Slimme kantoren standaardiseren het proces en leveren maatwerk op basis van standaardclausules of snel aan te passen modelcontracten. Zij hebben half-affe broeken en jasjes in de kast en knippen de stof bij voor de klant. Standaardisatie is steeds verder te trekken, en het onvermijdelijke eindpunt is het product: een volkomen standaard stukje dienstverlening, tegen een vaste prijs en bij meerdere aanbieders in vrijwel identieke vorm te krijgen.

Aha, denkt u misschien: die snap ik wel, dat is gewoon je dienst tegen een vaste prijs aanbieden. Nou is een vaste prijs wel noodzakelijk voor een product, maar het is zeker niet genoeg. Het product moet ook vastomlijnd zijn, anders is die prijs niet meer dan een schatting van het werk maal het uurtarief (met de belofte daar niet overheen te gaan).

Een juridisch product voldoet aan de volgende eisen:

  • De dienst is standaard, echt een commodity oftewel uitwisselbaar product. De dienst moet dus met geen tot nauwelijks maatwerk te leveren zijn. Een claim tot schadevergoeding vanwege vertraging met de trein is bijvoorbeeld standaard, een schadevergoeding eisen bij een misgelopen verbouwing is te zeer maatwerk.
  • De dienst moet eenvoudig toegankelijk te maken zijn, de doelgroep moet zonder moeite deze kunnen inroepen. In de praktijk betekent dat vaak een app of online dienst, waar men de benodigde gegevens invult en de resultaten direct ontvangt.
  • Levering moet schaalbaar zijn. Ongeacht het aantal klanten dat de dienst afneemt, moet de kwaliteit en snelheid hetzelfde zijn. Dat is waar het bij juridische diensten vaak misgaat: die gaan uit van een persoon die de dienst levert. Natuurlijk kun je meer juristen inzetten op dezelfde dienst (“wij hebben nu zés procesadvocaten”) maar dat kent een natuurlijke grens.
  • De prijs moet vast te bepalen zijn, of in ieder geval per onderdeel vast. Een product moet bij elke klant hetzelfde kosten. Hooguit wanneer men een optionele extra wil (niet alleen een aanvraag invullen maar ook indienen, bijvoorbeeld) mag dat een vast, extra bedrag kosten.
In de praktijk wordt een juridisch product eigenlijk altijd neergezet als een softwaredienst, zoals een app. Dit is een van de mooiere voorbeelden van legal tech: het transformeren van juridische dienstverlening met technologie. Wat is nu een meer fundamentele transformatie dan een maatwerkdienst omzetten in een standaardproduct?

Voor een juridische dienstverlener kan productizatie bedreigend voelen, en met reden. Een standaardproduct zal per stuk minder geld opleveren dan de maatwerkdienst van voorheen, en bovendien risico’s geven zoals een incomplete of inadequate dienstverlening met alle klachten van dien.

Er zijn echter diverse manieren om deze bedreiging het hoofd te bieden. De eerste manier is het product als leadgeneratie in te zetten. Het product is dan eigenlijk de eerste helft, de intake van de eigenlijke dienstverlening. Bij sommige klanten is de dienst eigenlijk niet meer nodig, want die klanten voldoen aan het standaardprofiel. Andere klanten hebben veel dienstverlening nodig, en daar tussen is ook het nodige mogelijk. Vaak is een vaste prijs voor meerwerk, zoals nalopen van alle details, goed mogelijk.

Een iets verder gaande aanpak is om de productverkoop duidelijk los neer te zetten van de maatwerkdienstverlening. Een aparte juridische entiteit, waarbij doorverwijzen (“wilt u meer?”) natuurlijk mogelijk is. Zo staat de goedkope productverkoop naast, maar duidelijk los van, de high-end dienstverlening. Dat kan natuurlijk als volledig apart merk, maar het kan ook prima naast elkaar. De Albert Heijn is er groot mee geworden: AH Basic, daarna het ‘echte’ huismerk en dan het Excellent merk.

Natuurlijk zal er in de markt altijd behoefte blijven aan zuiver maatwerk. Maar vergis u niet: die markt wordt kleiner en kleiner, want steeds meer klanten ontdekken dat een standaard product eigenlijk ook wel goed is. Net zoals veel mensen liever hun pak als confectie aanschaffen, met hooguit beperkte aanpassingen zoals uitleggen van de broekspijpen, dan dat ze naar een kleermaker gaan. De kleermaker zal zeker blijven bestaan, maar steeds meer een niche worden. Het grote marktaandeel – en dus de grote omzet – zal verplaatsen naar die confectieverkopers.

Arnoud

Gaat GPT-3 het contractenschrijven van ons overnemen? #legaltechtuesday

| AE 12321 | Innovatie | 6 reacties

Opmerkelijk nieuws uit de technologiewereld: de Engelse krant The Guardian had een column gepubliceerd die geheel door een robot geschreven was. Die robot heet GPT-3, en hoewel bleek dat de column wel gewoon eindredactie had ondergaan was de tekst behoorlijk lastig te herkennen als van een robot afkomstig. GPT-3 is geschreven als algemene tekstschrijfdienst, en is daarmee in alle sectoren inzetbaar. Ook de juridische?

GPT-3, oftewel Generative Pre-trained Transformer 3, is een taalvoorspellend neuraal netwerk ontwikkeld door de Californische stichting OpenAI dat is getraind op 500 miljard tokens afkomstig van het gehele internet. In gewone taal: GPT-3 heeft internet in haar geheugen geladen en schrijft nu zinnen gebaseerd op dit onvoorstelbaar grote voorbeeld van alle mogelijke menselijke kennis.

Hiermee kun je de dienst bijvoorbeeld een vraag stellen, waarna deze een antwoord componeert dat griezelig vaak gewoon klopt. Feitelijke vragen over welk onderwerp dan ook blijken geen probleem. Maar het neuraal netwerk kan ook gedichten componeren, al dan niet in de stijl van Shakespeare, en zelfs software schrijven op basis van een omschrijving van wat de software moet doen.

Eerdere modellen in deze trant liepen vaak tegen de lamp doordat ze onzin produceerden, of niet ver van het bronmateriaal af wisten te stappen. Maar GPT-3 ontstijgt haar voorgangers fundamenteel; slechts zelden valt op dat de tekst niet door een mens geschreven is.

Dit riekt naar wat technologen general AI of artificial general intelligence noemen: de hypothetische intelligentie van een machine die de capaciteit heeft om elke intellectuele taak die een mens kan begrijpen of te leren. Als een computer iedere tekst kan schrijven die we nodig hebben, zou je die computer dan intelligent kunnen noemen?

Misschien wel. Daar staat natuurlijk tegenover dat die computer niet écht nadenkt, althans niet op de manier waarop mensen nadenken. Heel oneerbiedig naar haar ontwikkelaars toe zeg je hier dat GPT-3 herschikt en produceert wat zij eerder heeft aangetroffen. Er is geen eigen creatieve inbreng, er is alleen zó veel invoer dat het lijkt op iets nieuws. Dit is iets te kort door de bocht, want GPT-3 kijkt niet alleen maar naar voorbeeldzinnen maar ook naar thema’s en woordgebruik in de breedte. Maar er zit inderdaad nul woord- of zinsbegrip in.

Juristen produceren ook veel teksten, met name natuurlijk in contractenland. Maar ook een dagvaarding is natuurlijk een behoorlijke lap tekst. Met genoeg voorbeelden zou GPT-3 ook in staat moeten zijn om dergelijke teksten te schrijven. Moeten wij daar nu bang voor zijn, gaat deze tekstrobot ook ons werk vervangen?

Nee, dat denk ik niet. En niet omdat het opstellen van dergelijke teksten zo creatief is dat zelfs een met 500 miljard tokens  geladen Artificial Intelligence ze niet kan maken. Nee, juist omdat teksten zo standaard zijn dat dit volgens mij niet eens nodig zou moeten zijn. Waarom elke keer opnieuw dezelfde onderwerpen beschrijven met nieuwe taal? Zelfs een robot zou daar weinig trek in hebben.

Ik heb het al vaker gezegd, maar het blijft de moeite van het herhalen waard: juist door de opkomst van steeds meer van dit soort technologie zal meer standaardisatie ontstaan. Dan hoef je niet meer in detail op te schrijven welke aansprakelijkheid je uitsluit of welke eis je stelt, maar kun je simpelweg verwijzen naar variant X of model Y. En een robot weet dan wat je bedoelt en kan dat gericht aanvullen. Dat is de toekomst van juridische teksten.

Arnoud

Moet je als programmeur verstand van rechten hebben? #legaltechtuesday

| AE 12301 | Innovatie | 8 reacties

Vorige week blogde ik Moet je als jurist leren programmeren? en dat gaf vele leuke reacties, waaronder via Linkedin de vraag:

Vice versa, zou je ook kunnen stellen dat software ontwikkelaars enige basiskennis van de juridische praktijk moeten hebben ?
Grappig genoeg hoor je die een stuk minder vaak. Maar de observatie is een hele scherpe, ik denk zeker wel en zelfs méér kennis dan omgekeerd juristen van het programmeerveld.

Dit omdat software steeds vaker gewoon juridische dingen oplost, denk aan het bestellen van producten, het maken van afspraken, het vastleggen van contracten etc. Vaak zie je dat het daar juridisch nét rammelt, of naar Amerikaans voorbeeld gebouwd wordt. En dat is niet alleen irritant voor juristen die het toevallig zien (ik heb tegenwoordig speciale sloffen waar mijn tenen in kunnen krommen) maar ook gewoon kostbaar voor je klant.

Simpel voorbeeld: vrijwel iedere websitebouwer die een bestelformulier of aankoopscherm bouwt, zet daar een vinkje bij waarmee de algemene voorwaarden kunnen worden aanvaardt. Doet iedereen, zal wel moeten en de documentatie legt het ook niet uit. Maar het is fout: zo’n vinkje is helemaal niet nodig om mensen aan je voorwaarden te binden.

Over de AVG en hoe dat uitpakt, daar kan ik een boek over schrijven, zo veel fouten worden daarin gemaakt. Toestemming vragen waar dat niet hoeft, privacyverklaringen laten accorderen, plugins van derden neerzetten en denken dat dat zomaar mag, zo kan ik nog wel even doorgaan. Handig om te weten.

Maar het kan ook subtieler. Denk aan een site waar mensen dingen mogen posten. Natuurlijk kun je dan claims krijgen wegens bijvoorbeeld auteursrechtinbreuk, en daar moet je dan wat mee. (Ook trouwens met privacyclaims en andere dingen.) Maar dat betekent niet dat je zomaar alles weghaalt. Je houdt rekening met de rechten van je gebruikers, zoals wanneer ze een parodie posten of een citaat gebruiken en meer niet. Weten dat dit kan, lijkt me wel het minste dat je van een developer kunt vragen.

Natuurlijk hoef je als ontwikkelaar zeker niet een mr-titel te hebben. Ik denk dat het niet goed mogelijk is om én het IT-veld én het juridische veld allebei goed bij te houden, op het niveau dat beiden eisen als je het echt goed wil doen. Maar de basiskennis, ja die moet er zijn. Programmeren doe je niet in een vacuüm waar anderen juridische lucht in pompen.

Arnoud

Moet je als jurist leren programmeren? #legaltechtuesday

| AE 12261 | Innovatie | 11 reacties

Code as law. Met dat mantra is de toon gezet: steeds vaker speelt software en online dienstverlening een steeds belangrijker rol in de juridische praktijk. Software maakt beslissingen, software selecteert of wijst af. Of functioneert anderszins op onnavolgbare wijze. Ga er maar aan staan met een juridische analyse of claim: de mindset die hoort bij… Lees verder

De lawyerbot van de toekomst wijzigt gewoon zelf je documenten even #ndalynnweek

| AE 12114 | Informatiemaatschappij | 2 reacties

Artificial Intelligence is wat een computer bijna kan, las ik ooit als definitie van die term. Want op het moment dat de computer het kan, is het gewoon een ding dat een computer kan. Er is maar een korte periode waarin een computer iets kan laten zien dat we nog echt nieuw vinden. Ik heb… Lees verder

Met een lawyerbot de markt op, of hoe je juristen overtuigt je dienst af te nemen #ndalynnweek

| AE 12109 | Innovatie | Er zijn nog geen reacties

Mijn grootste fout bij de lancering van NDA Lynn was dat ik mezelf erbij verkocht. Iets preciezer: als je de bevindingen van Lynn te lezen kreeg, stond er bij dat je voor 99 euro een human review kon kopen. Hartstikke stom natuurlijk – Lynn klopt gewoon, waarom zou je nog een mens nodig hebben. (En… Lees verder

Als je een legal tech kantoor wilt hebben, moet je klein beginnen #legaltechtuesday

| AE 12083 | Innovatie | 4 reacties

De grootste fout die softwareontwikkelaars maken: versie 3.  Dat is namelijk de versie waarbij men besluit de oude rommel eens weg te gooien en hélemaal opnieuw te beginnen. Lekker een schone lei, al die rare dingen het raam uit en een mooie, strakke set code. Dat kost alleen ontzettend veel tijd en je gaat alle… Lees verder

Legal tech invoeren vereist een cultuurverandering en dus leiderschap #legaltechtuesday

| AE 12023 | Innovatie | 3 reacties

Is nu, tijdens deze crisis, het moment om naar legal tech over te gaan? Dat dacht ik in mijn vorige column. We werken al op een andere manier, dus waarom niet naast thuiswerken ook met nieuwe tools gaan werken? Nou ja, dat was misschien toch wat makkelijk gedacht. Want thuis versus op kantoor werken is… Lees verder

Hoe ga je als kantoor daadwerkelijk over naar inzet van legal tech? #legaltechtuesday

| AE 11942 | Innovatie | 1 reactie

Sinds de coronacrisis begon, lees ik veel over advocatenkantoren en bedrijfsjuristen die legal tech inzetten. Het begon met massaal digitaal ondertekenen van contracten, wat natuurlijk een heel logische stap is, en nu zijn we bij Zoom-onderhandelingen en gebruik van Google Docs om samen documenten door te nemen of te reviseren. Een virus als de grote… Lees verder