Duitser verantwoordelijk voor versleuteld verkeer via zijn p2p-node

| AE 4745 | Aansprakelijkheid, Auteursrecht | 37 reacties

Een gebruiker van een anoniem versleuteld p2p-netwerk is door de Duitse rechter verantwoordelijk gehouden voor het feit dat auteursrechtelijk beschermde muziek zijn node passeerde. Dat meldde Tweakers zaterdag. Het gaat om een “einstweilige Verfügung”, zeg maar een kortgedingvonnis, maar intrigerend is het wel. De achterliggende redenering gaat namelijk érg ver.

Retroshare is een peer-to-peer, pardon een friend-to-friend netwerk waarbij je naast chatten en dergelijke ook bestanden kunt delen, maar alleen met mensen die je als vriend hebt toegevoegd. Al het verkeer verloopt volledig encrypted over het netwerk, zodat niemand weet wat een vriend van een vriend met een vriendin van een vriendin uitwisselt. De eiser in deze zaak had ontdekt dat via het IP-adres van de gedaagde zijn muziekwerk te downloaden viel, als ik het goed lees omdat Retroshare ook een anonimiseringsfaciliteit heeft waarbij (net als Tor) de transmissie via willekeurige derden in het netwerk verloopt. En zoals dat gaat in Duitsland, stuur je dan een claimbrief en pak je door als het antwoord je niet bevalt.

De rechtbank begint met vast te stellen dat de gedaagde niet zelf auteursrechten schendt of daar medeplichtig aan is. Klaar, zou je zeggen. Maar nee, hij is wél aansprakelijk onder de gewone regels van de onrechtmatige daad, want:

Indem es der Antragsgegner anderen Teilnehmern des RetroShare-Netzwerks ermöglichte, seinen Anschluss zur Weiterleitung des streitgegenständlichen Titels zu benutzen, hat er für die angegriffene Verletzung gleichwohl einen adäquat-kausalen Tatbeitrag geleistet.

Oftewel: als jij een situatie schept waarin mensen auteursrechten kunnen schenden, en dat gebeurt, dan draai jij op voor de consequenties. Een vorm van gevaarzetting, als het ware. Als deze node er niet was geweest, dan had de schending niet plaatsgevonden en dus mogen we jou aansprakelijk stellen. Daar zit ergens wel wat in, maar het houdt compleet geen rekening met de werkelijkheid dat dat uitwisselen tóch wel gebeurt, ook als deze node er niet was geweest. Dus of je dan nog kunt spreken van een causaal onmisbare schakel?

Tevens pakt de rechtbank een eerdere uitspraak van de hoogste Duitse rechter erbij: als aanbieder van een Wifi-netwerk ben je aansprakelijk voor misbruik daarvan, als je niet genoeg gedaan hebt om dat misbruik te voorkomen. Die lijn kun je doortrekken naar mensen die software als Retroshare inzetten:

Gemessen daran ist dem Antragsgegner eine Prüfpflichtverletzung vorzuwerfen, denn er hat bewusst eine Software eingesetzt, die es anderen Teilnehmern des RetroShare-Netzwerkes ermöglichte, rechtswidrig Dateien über seinen Anschluss öffentlich zugänglich zu machen, ohne dass er dies in irgendeiner kontrollieren konnte.

Oftewel: wie software aanzet waarmee rechten geschonden kunnen worden en daarbij geen enkele maatregel inbouwt of neemt om schendingen zelfs maar te verminderen, is aansprakelijk als er vervolgens inbreuken plaatsvinden. En ja, dat geldt dus ook als je niet kunt zien wat er wordt uitgewisseld omdat alles encrypted is. Daarom moet meneer op straffe van een dwangsom verhinderen dat het nog een keer gebeurt. En de enige reële manier om daaraan te voldoen is de stekker eruit.

Dit is dus precies waarom we eind jaren negentig een beperkte aansprakelijkheid voor internetdienstverleners hebben ingevoerd, want deze redenering kun je 1-op-1 loslaten op accessproviders. Die doen immers ook niets om inbreuken door hun gebruikers tegen te gaan. Maar om voor mij onverklaarbare redenen komt die aansprakelijkheidsbeperking totaal niet aan de orde in dit vonnis. In die uitspraak van het hoogste Duitse hof werd alleen geoordeeld dat een Wifi-aanbieder geen provider is, maar mijn Duits zal wel niet goed genoeg zijn want ik snap ‘m niet. En van deze Engelstalige Duitse blog begrijp ik dat die uitspraak nu al leidt tot een roep om duidelijke coverage van Wifi-aanbieders zoals hotels of congresorganisatoren.

Persoonlijk zie ik niet hoe je niet onder die definitie kunt vallen. De eis is dat je niet filtert en je niet actief bemoeit met de inhoud, daar voldoet deze meneer evident aan. Hooguit zou je discussie kunnen krijgen over de vraag of wel sprake is van een “dienst van de informatiemaatschappij”. Als je zegt “alleen bedrijven kunnen diensten leveren” dan verklaar je dus burgers die zelf iets leveren juridisch buiten die bescherming. Maar het wil er bij mij niet in dat dát de bedoeling zou zijn geweest.

Arnoud