Welke betekenis heeft robots.txt onder de AVG?

"Robots.txt para Google Maps" by _k40s_ is licensed under CC BY-NC-ND 2.0

Een lezer vroeg me:

Er is de laatste tijd veel gedoe over het scrapen van Linkedin- en andere profielen in de context van de AVG. Wat is de rol van robots.txt hierbij?
Het robots.txt bestand is in 1994 ontwikkeld als vrijwillig protocol. Website-eigenaren geven aan welke robots waar ongewenst zijn, en robot-eigenaren checken hierop alvorens de robot los te laten.

Het protocol is vrijwillig: er is geen wet die eist dat je je eraan houdt. Er is nu wat auteursrechtelijke discussie over robots.txt als TDM opt out, en in 2018 speelde het bestandje een zijdelingse rol bij een discussie over “binnendringen” in het strafrecht. Dat is het wel zo’n beetje.

Scrapen van bergen profielen met persoonsgegevens is om vele redenen aantrekkelijk. De laatste tijd met name om mooie chatbots te kunnen trainen, maar ook het maken van matching-algoritmes voor personen en vacatures is een populaire natuurlijk. Sites zoals Linkedin hebben er een dagtaak aan ongewenste robots buiten te houden.

Robots.txt zou in die context een rol kunnen spelen, maar omdat het dus een vrijwillige standaard is, houden de eigenaren van bovengenoemde bots zich er natuurlijk niet aan en spelen dan mooi weer dat het om “openbare data” gaat en dat hun “gerechtvaardigd belang bij direct marketing (overweging 40 AVG)” dan zwaarder weegt.

Een indirecte rol zou je kunnen vinden in die belangenafweging. Je zegt dan, het feit dat robots.txt vermeldt dat die profielen niet bezocht mogen worden is een factor die wijst op een privacybelang dat tegen het commerciële belang van de scraper opweegt.

Dit is van dezelfde orde als een beding in de gebruiksvoorwaarden dat zulk scrapen verbiedt. Het kan, maar heel sterk vind ik het niet: die voorwaarde en die vermelding in robots.txt gaan niet over privacy van mensen, maar over een keuze van de website-eigenaar.

Arnoud

Sony verliest EU-rechtszaak over verkoop cheatsoftware voor PlayStation-games

Photo by Tima Miroshnichenko on Pexels

Sony heeft een rechtszaak tegen de Britse hardwarefabrikant Datel verloren. Dat meldde Tweakers vorige week. De cheatsoftware van Datel (Action Replay voor de PSP) schendt geen auteursrecht, omdat deze enkel de interne state van de game manipuleert en geen kopie van het spel maakt. En dat is dan weer het Hof van Justitie dat dat bepaalt.

Nu hebben we het vaker over cheatsoftware gehad, en daarbij was de conclusie vaak dat de cheatmaker fors moet betalen. De cheatsoftware dringt binnen in de server, de makers hebben de software gekopieerd, men zet aan tot schending van de EULA, haakjes genoeg voor gamerechthebbenden. Hier pakt het toch even anders uit.

De ELI5 is dat deze software geen kopie maakt en nergens inlogt, geen anticheatsoftware omzeilt en ga zo maar door. Tijdens het spelen van het spel wordt in het werkgeheugen van alles bijgehouden, zoals hoe veel punten je hebt, welke items je in je bezit hebt en ga zo maar door. Dat werkgeheugen kun je overschrijven, dat zijn gewoon tellertjes.

Action Replay doet precies dat: je typt een code in, dit is feitelijk een instructie over welke geheugenlocaties aan te passen (en naar welke waarde) en het systeem doet dat op de achtergrond. Daarvoor moet je wel aparte software installeren (ik dacht een hardwarekaartje, maar toen de griffier het speelde was het een usb-stick, overweging 17).

Het spelgedrag verandert natuurlijk fundamenteel als je alle dingen kunt aanpassen (idspispopd), maar is dat auteursrechtelijk relevant? De advocaat-generaal had eerder de vergelijking getrokken met eerst het einde van een complexe misdaadroman lezen. Het Hof begint met te stellen dat auteursrecht eigenlijk gewoon gaat over het kopiëren van werken. Dát is niet de bedoeling. Maar dat gebeurt hier niet:

In casu merkt de verwijzende rechter op dat de software van Datel door de gebruiker op de PSP-console wordt geïnstalleerd en tegelijk met de spelsoftware wordt uitgevoerd. Hij voegt daaraan toe dat deze software noch de doelcode, noch de broncode, noch de interne structuur of de organisatie van de software van Sony die op de PSP-console wordt gebruikt wijzigt of reproduceert, maar enkel de inhoud wijzigt van de variabelen die tijdelijk door de spelletjes van Sony in het werkgeheugen van de PSP-console worden opgeslagen en die tijdens het verloop van het spelletje worden gebruikt, zodat het spelletje op basis van deze variabelen met de gewijzigde inhoud wordt uitgevoerd.
Er is dus geen sprake van wijzigen van het spel (zoals bij een patch) en ook wordt geen kopie (zoals bij een emulator) gemaakt. Dat werkgeheugen is gewoon een technisch iets, en daar mag je in rommelen. Er is dus geen sprake van auteursrechtinbreuk.

Natuurlijk zou het kunnen dat een speler de EULA schendt als deze de cheatsoftware gebruikt. Echter, daar kan het Hof van Justitie niets mee: inhoud van contracten staat los van auteursrechten, en daar waren geen vragen over gesteld.

Arnoud

Help, mijn docent zegt dat ik met ChatGPT heb gefraudeerd maar ik schreef alles zelf!

Photo by Jonathan Kemper on Unsplash

Een lezer vroeg me:

Ik zit op het vwo en moest een paper inleveren. Dat heb ik netjes gedaan, alleen zegt mijn docent nu dat dit uit ChatGPT komt en dat ik dus gefraudeerd heb. Dat is zeer zeker niet waar (ik haat die clichéformuleringen), maar hoe moet ik dat nu aantonen?
Ik hoop dat die beschuldiging van fraude met iets meer bewijs werd gedaan dan wat ik ooit las “ik vroeg het ChatGPT zelf en die zei van wel”. Want dat was klinkklare onzin.

Tegelijkertijd weet ik dat veel docenten overspoeld worden met ChatGPT-uitvoer, van werkstukken tot mails, voorstellen en wat heb je nog meer. Daar krijg je dan een neus voor, zeker als je het fors ziet afwijken van wat de leerling produceert wanneer deze geen directe internettoegang heeft. En dan snap ik dat een docent er bovenop springt.

Lastiger is de vraag wat voor bewijs er nodig is in de context van zo’n schoolopdracht. Enerzijds mag je van docenten verwachten dat ze meer aandragen dan “ik herken ChatGPT intuïtief”, anderzijds mag je van scholieren verwachten dat ze meer kunnen laten zien dan enkel hun finale paper.

Mijn voorstel zou dus zijn dat deze lezer zhaar bronnen, concepten en eerdere versies overlegt om te laten zien hoe de tekst tot stand gekomen is. Als dat niet lukt, dan zou een mondelinge discussie over de inhoud een alternatief kunnen zijn: wie zelf ergens een paper over schrijft, moet dat mondeling kunnen toelichten lijkt me. Dit is in ieder geval hoe het bij universiteiten lijkt te werken.

Jullie andere suggesties? Een betrouwbaar werkende genAI-detector ben ik nog niet tegengekomen. (Grammarly’s detector geeft mij zeer wisselende resultaten.)

Arnoud

 

Mag je liegen als je werkgever je vraagt of je het gesprek stiekem opneemt?

Photo by Linda Xu on Unsplash

Liegen over de vraag of je een gesprek met je werkgever opneemt is verwijtbaar, maar geen grond voor ontslag op staande voet. Dat maak ik op uit een recent vonnis van de rechtbank Midden-Nederland. Het blijft een moeizame discussie: moet je verwachten dat werknemers dit gaan doen, mag je er tegen optreden als werkgever?

Het onderliggende conflict was bepaald niet mals: de werknemer zou “door haar houding en opstelling in korte tijd de samenwerking met haar leidinggevende bewust onmogelijk [hebben] gemaakt.” Ze zou regelmatig boze uitlatingen hebben gedaan, een agressieve non-verbale houding nemen en een conflictueuze manier van communiceren kiezen. En dus gesprekken stiekem opnemen.

De rechter ziet inderdaad een “zachts gezegd uitermate moeizame” arbeidsrelatie. Partijen stonden mijlenver van elkaar:

Terwijl [werkgever] van mening was dat zij er alles aan gedaan heeft om [werknemer] op haar gemak te stellen, voelde [werknemer] zich niet gehoord en onbegrepen. De keuze van [werknemer] om de gesprekken met [werkgever] – zonder enige vorm van overleg – op te nemen, is verwijtbaar. Daar staat tegenover dat uit de opnames van een deel van de gesprekken niet volgt dat [werknemer] tijdens die gesprekken beledigende uitlatingen heeft gedaan, zoals [werkgever] stelt.
Het suggereert dat het ergens toch niet de bedoeling is, je gesprek met je werkgever opnemen. En dat terwijl de werknemer had aangegeven dat zij
een goede reden voor de opnames had, omdat de gesprekken tussen haar en haar leidinggevende keer op keer door beiden anders werden geïnterpreteerd.
Het is dan toch volgens het boekje dat je gesprekken opneemt om achteraf te reconstrueren wat er is gezegd. Maar er lijkt meer te zijn geweest:
De verklaring die [werknemer] hiervoor tijdens de zitting heeft gegeven, dat zij de gesprekken achteraf wilde kunnen beluisteren, is onvoldoende. Zij had dit juist als reden kunnen noemen als zij om toestemming voor het opnemen had gevraagd. Uit de omstandigheid dat [werknemer] en [werkgever] in een week tijd al zes gesprekken hebben moeten voeren over de samenwerking, terwijl [werknemer] op dat moment nog maar zeer kort in dienst was en nog in haar inwerkperiode zat, kan geconcludeerd worden dat de basis tussen partijen te wankel is, om de verstoorde arbeidsrelatie te kunnen herstellen.
Ik vind dit wat moeilijk te volgen maar ik denk dat de rechter bedoelt, je greep te snel naar dit zware instrument. Dan verstoor je de prille balans, je escaleert dan té snel en maakt iets dan een arbeidsconflict (“dit gaat mis, ik heb bewijs nodig want ze gaan vast liegen over alles”) terwijl je nog in je eerste werkweken zat.

Ik heb er wél moeite mee dat de rechter hier zegt “je had het juist als reden kunnen noemen”. In een setting waarin de werkgever vraagt “neem jij dit gesprek op” is een antwoord “ja want ik wil bewijs” niet erg handig, maar bij “nee echt niet” zal je niet worden geloofd. Dat gesprek kan niet meer constructief eindigen.

Ook kan het intimiderend overkomen: als jij aan het opnemen bent mannetje, dan is het gesprek klaar en gaan we de ontslagprocedure starten. Dat lijkt me ook verre van wenselijk.

Arnoud

WP Engine en WordPress in juridisch straatgevecht over ‘machtsmisbruik, afpersing en hebzucht’

Photo by GoldBJJ on Pixabay

Hostingprovider WP Engine klaagt WordPress-moederbedrijf Automattic aan voor machtsmisbruik. Dat meldde Tweakers onlangs. De aanleiding: Automattic wil 8% van de omzet van WP Engine voor gebruik van het merk “WordPress”. En dat terwijl de WordPress-blogsoftware open source is.

Het is bepaald ongezellig tussen die twee, zoals Tweakers beschrijft:

De rechtszaak is de recentste stap in een serie van publieke verwijten in het conflict tussen WP Engine en Automattic en diens ceo Mullenweg. Volgens de uitbaters van het commerciële WordPress.com lift WP Engine mee op de naam en populariteit van het blogplatform, zonder bij te dragen aan de ontwikkeling van het onderliggende opensourceproject. In het verlengde daarvan noemde Mullenweg de hostingprovider een ‘gezwel voor WordPress’.
De onderliggende wrevel gaat over het gegeven dat WP Engine gespecialiseerde WordPress-hostingdiensten aanbiedt (vergelijkbaar met het Nederlandse Savvii waar ik tot volle tevredenheid deze blog host), terwijl ze geen bijdrage doet aan wat Automattic allemaal doet om WordPress een breed succes te maken.

Verplicht is dat niet, maar het zal ongetwijfeld steken dat een groot bedrijf je software inzet én meelift op je naam. Je kunt dat als een risico van open source in je businessmodel zien, en je kunt er een merkendispuut van maken.

Maar er speelt meer. De WordPress-installatie die op WP Engine draait, roept de plugin-winkel van WordPress (het bedrijf) aan. Dat is logisch, want zo is WordPress (de software) out-of-the-box geconfigureerd. Maar WordPress (het bedrijf) ziet dat als misbruik van hun server.

Ook niet te vergeten is dat het merk WordPress in handen is van een stichting, juist om te voorkomen dat het merk misbruikt zou worden door een bedrijf voor commercieel gewin in plaats van beschermen van de community rondom WordPress (de software).

En het blijft niet bij dit incident. Iets later meldde Tweakers dat WordPress.org de populaire plug-in Advanced Custom Fields van WP Engine heeft ‘geforkt’. De makers van die plug-in laten weten dat WordPress ACF ‘zonder toestemming’ heeft afgepakt. Het gaat niet zozeer over de software (die is open source) maar overname van het account, alle statistieken een positieve recensies die ermee geassocieerd zijn. Dit lijkt te mogen van de voorwaarden, maar bepaald ongepast is het wel.

Wat me vooral verbaast is hoezeer hier de emotie mee lijkt te spelen. Dit is geen zakelijk geschil meer. En dan hebben juridische stappen soms grote onbedoelde gevolgen. Het is vast onaardig om te zeggen dat ik de popcorn klaar zet?

Arnoud

Mag Tesla mijn automatisch-sturenfunctie afpakken als ik het stuur loslaat?

Een lezer vroeg me:

Ik heb een oude Tesla (2017) en daar is destijds extra betaald voor de Verbeterde Autopilot (€ 5800) en Zelfrijdende functie (€ 3500). Sinds de laatste software update dreigt de auto die functie uit te schakelen als hij vaker dan 3x “misbruik” van deze functie detecteert. Dus, als ik niet op tijd aan het stuur jutter noemt hij dat misbruik. Eerst wordt de autopilot voor de rest van de rit uitgeschakeld en na 3x dus helemaal. Toen de auto gekocht werd was alleen van “uitschakelen voor de rest van de rit” sprake. Nu suggereert de waarschuwing (ik heb ‘m niet kunnen vastleggen) dat deze, duurbetaalde, functie zomaar door Tesla kan worden afgepakt. Mag Tesla zomaar gekochte functionaliteit afpakken?
‘Afpakken’ is niet helemaal de juiste term. Het gaat om een veiligheidsmaatregel bij herhaaldelijk onjuist gebruik van de autopilot-functie. Dit is een tijdelijke maatregel: na vijf keer ingrijpen door het systeem kun je een week lang geen gebruik maken van deze functie.

De onderliggende reden ligt bij de Amerikaanse toezichthouder NHTSA, die in december 2023 met Tesla na een terugroepactie afspraak dat ze een “Suspension Policy” zouden invoeren:

Introduced a Suspension Policy that will restrict Autosteer usage for one week if improper usage is detected. Improper usage is when you, or another driver of your vehicle, receive five “Forced Autopilot Disengagements.”
Het probleem was dat mensen deze automatische stuurfunctie aanzetten en dan het stuur loslaten en/of niet meer naar de weg kijken. Daar komen ongelukken van, vandaar dat de toezichthouder eiste dat hier een effectieve controle met sanctie voor ingeprogrammeerd zou worden.

In Europa hebben we natuurlijk niets te maken met de Amerikaanse National Highway Traffic Safety Administration, daar is deze update aan de auto een gewone, vrijwillige verandering van de fabrikant. Dat mag, tenzij de verandering in gaat tegen de verwachting die je als koper van zo’n auto redelijkerwijs mocht hebben.

In de handleiding bij Autosteer staat natuurlijk

“Autosteer is a hands-on feature. You must keep your hands on the steering wheel at all times. … Failure to follow these instructions could cause damage, serious injury or death.”
Hier staat nu ook uitgelegd hoe deze sanctieregeling werkt, maar dat stond er natuurlijk niet toen de vraagsteller de feature kocht (2017), want die regeling is pas eind 2023 ingevoerd.

Mag je redelijkerwijs verwachten dat een autofabrikant extra veiligheidsmaatregelen neemt om (mogelijk dodelijke) ongevallen te voorkomen? De vraag stellen is ‘m beantwoorden: natuurlijk mag dat.

Het zit hem in redelijkheid en proportionaliteit, is deze manier van afstraffen van kennelijk misbruik een gepaste reactie? Ik neig naar ja: het is nu eenmaal écht niet gewenst dat je je ogen van de weg haalt of het stuur loslaat, ongeacht wat de reclame over zelfrijdende auto’s je wijs wil maken. Auto’s en andere weggebruikers zijn daar niet voor gemaakt. De sanctieregeling is daarbij getrapt opgebouwd en beperkt je een relatief korte tijd.

De enige twijfel die ik heb, zit hem in hoe accuraat de gevaardetectie van Tesla is. Ik lees her en der verhalen dat hij ‘zomaar’ een sanctie oplegt, maar die komen vaak uiteindelijk toch neer op “ik keek maar éventjes naar de Spotify-instellingen” of “ik deed één yoga-oefening” en niet naar “ik hield de handen op het stuur en keek naar buiten, maar toch”.

Arnoud

Mag je jezelf SAP-specialist noemen als je dat bent (maar SAP je niet kent)?

Photo by Alice on Unsplash

Een lezer vroeg me:

Ik vroeg me af of een softwarebedrijf mag eisen dat hun productnaam niet gebruikt mag worden in een functietitel. Ik Stel (fictief) dat ik bijzondere expertise heb in adviseren over SAP. Ik ga voor mezelf beginnen als consultant, en hanteer daarbij de titel “SAP consultant” of “SAP specialist”. Heb ik dan een merkrechtelijk probleem?
In de kern draait merkenrecht om verwarring, in het bijzonder verwarring door associatie. Oftewel: denken mensen dat jij werkt bij of erkend bent door SAP? Als mensen bij die titel denken dat jij iets met SAP te maken hebt, dan is het merkinbreuk. Als je zegt, iedereen weet dat je dan een onafhankelijke consultant bent met toevallig expertise in SAP, dan is het geen merkinbreuk.

Als ik even snel zoek, dan kom ik de functie “SAP Consultant” tegen in de generieke Nationale Beroepengids, al zeggen die dan weer “De SAP consultant is in dienst van het van oorsprong Duitse bedrijf SAP”. Ik zie op vele banensites vermeldingen voor deze categorie, en lang niet altijd inclusief een arbeidscontract met SAP.

Deze leverancier heeft vele certificeringen, waarbij ook de term “consultant” valt. Maar altijd in combinatie met andere termen, zoals “SAP Certified Associate – Enterprise Architecture Consultant”. Die pagina lezend geeft mij het gevoel dat SAP zelf de term “SAP Consultant” niet te monopoliseren vindt.

Bij het Europees Merkenbureau zie ik ook zo gauw geen merk waar “SAP” en “consultant” in staat. SAP zelf is natuurlijk wel een beschermd merk, maar in combinatie met een generieke term is dat gebruik toegestaan om naar SAP te verwijzen – hier geef ik consultancy over, hier heb ik verstand van.

Het is dan weer wel af te raden om duidelijk logo’s van SAP te gaan gebruiken op je site. Dat wekt indirect toch weer een indruk van erkenning of een zakelijke relatie met het bedrijf, en dan kom je alsnog bij merkinbreuk uit.

Arnoud

Hoge Raad: tekst ‘bestellen’, ‘bestelling plaatsen’ of ‘bestelling afronden’ bij webwinkelen niet voldoende duidelijk voor consument

Photo by micheile henderson on Unsplash

Wanneer blijkt uit de tekst op de bestelknop van een webwinkel voldoende duidelijk dat de consument een betalingsverplichting aangaat, zo las ik op de site van de Hoge Raad. In twee parallelle arresten worden bestelknoppen met de tekst ‘bestellen’, ‘bestelling plaatsen’ of ‘bestelling afronden’ afgekeurd: consumenten kunnen hun bestelling (mogelijk) gratis annuleren als dat de enige tekst was.

We kwamen deze kwestie van de zomer nog tegen bij de bestelknop van de VakantieDiscounter. Een consument had een reis geboekt, en wilde daar weer vanaf. Dat mocht niet vanwege de eigenlijke reden, maar wél omdat de boekingsknop alleen de tekst ‘DOORGAAN’ bevatte. Daarmee was niet duidelijk dat je op dat moment definitief zou boeken. (Dat je de stap daarna bij de bank kwam, was te laat: wie de betaling dan annuleert, schendt alleen de betalingsverplichting.)

Dit kwam als een verrassing, vooral omdat deze mensen niet misleid waren of niet geleverd kregen of iets dergelijks. Hoezo heb je dan achteraf nog recht op je geld terug? Dat is waar de ene zaak over gaat. Een vrouw had zich ingeschreven voor de opleiding doktersassistent, en wilde na enige tijd er toch mee stoppen.

De bestelknop bevatte alleen de tekst ‘schrijf je nu in’. Partijen waren het er over eens dat die tekst niet voldeed aan de wet, maar de opleider vond dat de vrouw dan wél (een deel van) het lesgeld moest terugbetalen, waarbij “een korting op de betalingsverplichting van de consument van één derde in beginsel redelijk te achten [is].”

In de andere zaak hanteerde de bekende webshop Bol.com alleen de tekst ‘bestelling plaatsen’ op de bestelknop. De Hoge Raad ziet dat er wisselend gedacht wordt over die tekst, en zet een harde lijn in: de wet eist expliciete aandacht voor de betalingsverplichting die bij de bestelling hoort. Het punt is dus niet “let op, je gaat nu definitief akkoord” maar “let op, je moet nu betalen”.

De wet zegt dat “bestellen met betalingsverplichting” geacht wordt te voldoen. Die enorm lange tekst past natuurlijk niet op een knop (het Duitse origineel Zahlpflicht wel), maar de taalkundigen zullen hun best moeten doen iets beters te verzinnen. Wat ik jammer vind, is dat de Hoge Raad niets zegt over een tekst “Met betalingsverplichting” onder de knop “Nu bestellen”.

Ook hier kwam natuurlijk het punt: wat doe je met de gevolgen van de overeenkomst, als die vernietigd wordt door rechtsgeldig klagen over die knop? Als je zegt “er hoeft geen geld terug” dan heeft de winkel geen prikkel om de site aan te passen. Maar als je zegt “ongeacht omstandigheden moet altijd het volledige bedrag terug”, dan straf je winkels wel weer érg hard, zeker in situaties waarin de consument eigenlijk niet geraakt is en ook al gewoon genoten heeft van de overeenkomst.

Een bijkomende uitdaging is dat men duidelijke regels wil  voor de webshop-incassopraktijk, waar vaak geen verweer wordt gevoerd. Kantonrechters moeten dan toch de wet toetsen (“ambtshalve”), en gaan dan na of die knop wel voldoet. Dan is het handig als men een simpele regel heeft die in het algemeen toegepast kan worden over wat dan te doen met het te betalen bedrag.

Daarom komt de HR met de op zich simpele regel: een korting van één derde op de betalingsverplichting van de consument is in beginsel redelijk. Dus als niemand er een punt van maakt, dan is dat het. Als er specifieke zaken aangedragen worden, dan mag de rechter het opnieuw bekijken.

Ik heb het vaker gevraagd, maar wat zouden jullie op je bestelknop zetten met dit arrest in het achterhoofd?

Arnoud

“Tesla roept Cybertrucks terug”, althans doet over-the-air update

Photo by Luke Miller on Pexels

Tesla start een terugroepactie voor de Cybertruck vanwege een te trage weergave van de achteruitrijcamera. Dat meldde Tweakers vorige week. De reacties klonken ergerlijk: de fabrikant brengt een over-the-airupdate uit, dus je hoeft niet met je Tesla terug. Bewuste propaganda van Teslahatende media?

Een willekeurige greep uit de reacties:

Het is geen terugroepactie, er hoeft niks terug naar de garage of dealer. Je auto update zijn firmware in de nacht via wifi / 5G op je eigen oprit en de volgende ochtend rij je gewoon weer weg. Als je dit een recall noemt, dan wordt je Windows / MacOS laptop ongeveer 2 x per maand ‘ge-recalled’.
Het heet natuurlijk een ‘recall’ of terugroepactie omdat dit de juridische bevoegdheid is van de toezichthouder. Dat is hier de de Amerikaanse verkeerstoezichthouder National Highway Traffic Safety Administration, die in haar rapport schetst wat er aan de hand was:
On September 12, 2024, as part of an internal compliance audit involving a MY 2024 Tesla Cybertruck, Tesla identified a potential FMVSS 111, S6.2.3 noncompliance. … On September 19, 2024, having completed its assessment, Tesla determined that a noncompliance exists and made a voluntary recall determination. … Beginning on or shortly after September 19, 2024, at no cost to customers, affected vehicles received an over-the-air (OTA) software remedy that ensures the back-up camera display complies with the two-second response time, as per FMVSS 111, S6.2.3.
Tesla heeft, zo lees ik bij Autoweek, het hoogste aantal recalls per autofabrikant in de VS. Dat is inclusief de dingen die met een OTA worden opgelost, en waarvoor je gewoon thuis kan blijven. Inderdaad, net zoals met je telefoon of laptop die een update krijgt.

Waarom noemen we dat niet ook een terugroepactie of recall? Inderdaad dus omdat het juridisch zo heet, maar ook omdat er een iets serieuzere ondertoon in zit dan ‘gewoon’ een bugfix. Anders gezegd, iets is een recall omdat er iets mis is, en wel iets dat mens of goed in gevaar kan brengen. Daarom die specifieke procedure met die zware term. Het triggert mensen dat er echt wat is, zodat ze actie ondernemen en zich bewust zijn van het probleem.

Je zou een andere term kunnen bedenken (“verplichte update” of “mandatory security fix”) maar die heeft bij het beoogde publiek niet die associatie van urgent, gevaar, actie vereist. En het voelt wat overdreven om dan heel hard die associatie te gaan bouwen enkel om te voorkomen dat een OTA oplossing meegeteld wordt in dezelfde kolom als de terug-naar-de-dealer oplossing.

Arnoud

 

Mag mijn werkgever mijn laptop afpakken als ik weer begin met werken?

Free-Photos / Pixabay

Een lezer vroeg me:

Na een tijd ziek te zijn geweest, ben ik maandag begonnen met reïntegreren op het werk. Alleen heeft de werkgever direct mijn laptop ingevorderd, en krijg ik nu een ouderwetse desktopcomputer. De reden “we moeten weer aan elkaar wennen”. Is dit juridisch toegestaan?
Wie nu denkt “ja, want die laptop is eigendom van de werkgever”, die moet het vak arbeidsrecht opnieuw gaan doen. Je moet als werkgever actief behulpzaam zijn bij het reïntegreren van de werknemer, naast dat je werknemers de middelen moet geven om hun werk te kunnen doen. Artikel 7:658a lid 1 BW verplicht de werkgever om de inschakeling van de arbeidsongeschikte werknemer in het arbeidsproces te bevorderen. Dit omvat het treffen van maatregelen en het geven van voorschriften die redelijkerwijs nodig zijn voor een succesvolle reïntegratie. Zomaar de spullen innemen botst daar natuurlijk heel hard mee.

Ook vanuit het goed werkgeverschap (art. 7:611 BW) zou ik dit problematisch vinden. Dit principe impliceert dat de werkgever de werknemer in staat moet stellen zijn werk naar behoren uit te voeren, inclusief het verstrekken van de nodige hulpmiddelen. En ook om niet zomaar grote veranderingen door te voeren in een gevoelige situat

Er kan een reden zijn waarom de werknemer geen laptop meer nodig heeft en een desktopcomputer volstaat. In dat geval kan de werkgever dat prima omruilen. “Moeten wennen aan elkaar” vind ik dan wel wat mager, mede omdat het klinkt als “we denken dat je niet kunt thuiswerken” en dat komt een reïntegratietraject natuurlijk niet ten goede. Maar als er inderdaad geen reden voor thuiswerk is (wat bij reïntegratie prima kan), dan is dit een optie.

De werkgever moet dan wel kunnen aantonen dat deze beslissing in lijn is met het reïntegratieplan en de behoeften van de werknemer. Ten eerste kan het zijn dat de werknemer, als onderdeel van het reïntegratietraject, voorlopig uitsluitend op kantoor werkt om directe begeleiding en ondersteuning te krijgen van collega’s en leidinggevenden, waardoor een vaste werkplek met desktopcomputer meer geschikt is voor deze fase van het herstelproces. Ten tweede kan de overstap naar een desktopcomputer onderdeel zijn van een ergonomisch verantwoorde werkomgeving. Deze opstelling biedt vaak betere mogelijkheden voor het instellen van een ergonomisch correct werkstation, inclusief een groot, verstelbaar beeldscherm, een aangepast toetsenbord en een ergonomische muis.

Het zou kunnen dat de werkgever vermoedens heeft dat de werknemer ongewenste dingen doet met de laptop, zoals het bedrijven van een side business tijdens werktijd of het delen van vertrouwelijke bedrijfsinformatie met concurrenten. Echter, louter vermoedens zijn geen juridische grondslag om de werkmiddelen van een werknemer in te nemen, zeker niet tijdens een reïntegratietraject. De werkgever dient eerst concrete bewijzen te verzamelen en de juiste procedures te volgen voordat zulke ingrijpende maatregelen genomen kunnen worden. Bovendien staat een dergelijke actie haaks op de wettelijke verplichting om de reïntegratie te bevorderen en kan het zelfs gezien worden als een vorm van belemmering in de uitvoering van het werk.

Arnoud