GeenStijl p0wned door Wendy van Dijk

wendy-reinout-geenstijl-fail-150.pngAcht jaar wachten, en dan is dit de zaak waarover shockblog GeenStijl struikelt? Sjonge.

In een tempo waar veel supersnelrechtzaken bij verbleekt, oordeelt de voorzieningenrechter binnen een dag na publicatie dat het GS-artikel dat “A een intieme relatie heeft gehad met B”, oftewel dat Wendy van Dijk foekie-foekie heeft gedaan met Reinout Oerlemans, onrechtmatig is jegens Van Dijk. “Onze bron zegt het dus is het zo” bleek onvoldoende onderbouwing om deze bewering te mogen doen op de populaire website. Vanwege de haast om het vonnis te executeren staat er op Rechtspraak.nl nog geen onderbouwing, die komt 2212 februari pas.

Van Dijk mag 7500 euro smartegeld naar huis nemen, een epic fail ten opzichte van de 100.000 die ze had geëist. Maar het blijft een substantieel bedrag voor immateriële schade geclaimd door een bekende persoonlijkheid.

In eerdere berichten was sprake van “inbreuk op het merk Wendy van Dijk”, wat mij deed vermoeden dat Van Dijk haar naam als merk had gedeponeerd, en ze via het merkenrecht zou gaan optreden. Maar Wendy van Dijk is geen merk (“Wie wordt de man van Wendy” wel) en vandaar dat ze het over de boeg van schending van de privacy en aantasting van de verzilverbare populariteit van Van Dijk gooide. En die is volgens de rechter evident geschonden door de kennelijk onjuiste of onvoldoende onderbouwde berichtgeving van GeenStijl.

Zonder onderbouwing is het erg lastig om te achterhalen hoe de rechtbank tot deze conclusie kwam. Ik vermoed dat de redenering was: “Van Dijk ontkent, GS weigert te zeggen waar ze de stelling op baseert en bovendien is het een rare website, dus achten we de claim in beginsel gegrond, en ze zoeken het in hoger beroep of de bodemprocedure maar uit.” En ja ik ben cynisch, want waarom is deze uitlating van GS anders dan wat je wekelijks in Privé of andere roddelbladen leest?

Arnoud

Forumbeheerder medeplichtig aan strafbare uitingen door leden

Een forumbeheerder kan strafrechtelijk aansprakelijk zijn voor uitlatingen van deelnemers, als hij nalaat deze te verwijderen terwijl hij dat wel had moeten doen. De voorzitter van de inmiddels opgeheven Nationale Alliantie, die ook moderator was op hun forum, kreeg dinsdag zes maanden voorwaardelijke celstraf en 120 uur taakstraf. Overigens niet alleen vanwege de racistische en discriminerende uitlatingen op het forum, maar ook o.a. voor het bezit van kinderporno en een stroomstootwapen.

Het strafbare feit was medeplichtigheid aan haatzaaien of discriminatie. Je bent medeplichtig aan een misdrijf als je opzettelijk gelegenheid of faciliteiten biedt tot het plegen van een misdrijf. Het opzetten van een forum waarop mensen strafbare uitingen kunnen doen, is het bieden van zulke faciliteiten. Maar was het opzettelijk? Was het met andere woorden de bedoeling van de beheerder dat mensen die dingen gingen zeggen op dat forum? Ja, lijkt de rechtbank te zeggen in het vonnis.

De verdachte heeft gefaciliteerd dat deze teksten openbaar werden gemaakt, nu hij de betreffende site als voorzitter van de Nationale Alliantie heeft opgezet, de rekeningen voor de instandhouding daarvan heeft betaald en heeft nagelaten deze teksten van het forum te verwijderen, hoewel hij daartoe uit hoofde van zijn bevoegdheden op het forum gehouden was in zijn functie als administrator/moderator. Naar het oordeel van de rechtbank is de opzet van verdachte zodoende gericht geweest op zowel het beledigen en aanzetten tot haat, discriminatie en geweld jegens Joden en Moslims als op de openbaarmaking daarvan. De betreffende website was immers voor iedereen vrij toegankelijk.

Die laatste zin doet denken aan de discussie van een half jaar terug over de openbaarheid van een website. Daarover bepaalde het Gerechtshof Amsterdam in juni al dat een website openbaar is (vlak nadat de Europese Kamer van de rechtbank Amsterdam in een eerder vonnis had gezegd dat forums ‘minder openbaar’ zijn dan andere websites).

Wat hier wringt, is het stuk over nalaten te verwijderen. De rechtbank zegt hier dat de verdachte de uitlatingen faciliteerde door ze niet weg te halen terwijl hij dat wel moest. Maar hoe had de verdachte moeten weten dat hij ze weg had moeten halen? Volgens de rechtbank is dat eenvoudig:

Naar het oordeel van de rechtbank behoeft het geen betoog dat de in de tenlastelegging genoemde teksten onmiskenbaar beledigend en onnodig grievend zijn voor de betreffende groeperingen.

Dat doet denken aan het criterium uit de wet voor aansprakelijkheid van dienstverleners: wie weet van onmiskenbaar onrechtmatig materiaal op een site en die niet weghaalt, is aansprakelijk daarvoor.

Van een aantal teksten heeft de verdachte toegegeven dat hij ze had gelezen maar bewust had laten staan. Dat wordt hem aangerekend. Maar ook voor de teksten die hij niet had gelezen, wordt hij als medeplichtig aangemerkt. Dat verbaast me: kennelijk heb je een lees- en beoordeelplicht bij forums. En als je, zoals de verdachte zei “niet altijd evenveel aandacht aan het forum heeft besteed” of “dat het forum boven zijn hoofd is gegroeid”, dan heb je pech en moet je maar extra moderatoren inhuren.

Als ik de uitlatingen lees, dan snap ik wel dat de rechtbank deze als “van een stuitend laag bij de grondse aard en van een giftig karakter” aanmerkt. Dat ze onmiskenbaar onrechtmatig zijn, is waarschijnlijk ook wel te verdedigen. Maar om dan medeplichtig gehouden te worden terwijl je ze niet eens gelezen hebt?

Het is ondertussen wel duidelijk dat de oude regels over aansprakelijkheid van providers niet zomaar opgaan voor forumbeheerders. Maar hoe moet het dan wel?

Arnoud

Publiek debat over internetcensuur

adsl-filter-internet-censuur.pngHet schiften van internetverkeer is niet langer iets van landen met een dictatoriaal regime, maar komt ook in Europa op. Nu.nl schrijft over het artikel in het Tijdschrift voor Internetrecht van emeritus professor Dommering (IViR), waarin deze zich terecht boos maakt over de trend om steeds meer dingen op internet preventief te gaan filteren. Hij hoopt hiermee een publiek debat over nut en noodzaak van filteren op te zetten.

Waarom deugt filtering niet? Dommering ziet vier redenen waarom dat zo is:

  1. Filtering is preventieve controle op openbare informatiestromen. Dat valt onder het kopje “censuur” en dat is verboden onder onze Grondwet.
  2. Filteren is disproportioneel. Het is zowel ineffectief als te breed: er is te makkelijk omheen te gaan, terwijl er ook te veel legitieme informatie geblokkeerd wordt door zo’n filter.
  3. Het ontbreekt aan transparatie. Zwarte lijsten zijn meestal geheim en daarmee oncontroleerbaar.
  4. De gefilterden hebben geen eerlijk proces. Gebruikers die de toegang geweigerd worden via een filter, hebben meestal geen mogelijkheid om daartegen te protesteren. En belangrijker: mensen wiens site op de zwarte lijst gezet wordt, hebben die mogelijkheid niet.

Hij wijt de wens om toch te filteren aan de risicomaatschappij: er kunnen nadelige dingen te vinden zijn op internet, dus moeten we dat risico inperken door te gaan filteren. Ook merken de meeste mensen niet snel dat er een filter is, zodat er “niets aan de hand is”. Zwartgemaakte artikelen in de krant vallen iedereen op, en als een tijdschrift een week niet verschijnt wegens een verbod door de censor, merken alle abonnees dat meteen. Maar een willekeurige website?

Een loffelijk streven van Dommering dus, maar ik vraag me om precies die redenen wel af of dat debat er gaat komen. Er zijn namelijk hele nare dingen op internet te vinden, en tot nu toe is er weinig te merken van filters. Dus waarom zou de burger dan iets tegen filters moeten hebben?

(Excuses, deze was in de conceptmodus blijven hangen.)

Arnoud

Over productreviews en het bespreken van bedrijven

benzinepomp-prijs-vast.pngHet bouwen van vergelijkingssite is de laatste tijd populair, ik krijg er in ieder geval opvallend veel vragen over. Zou het met de crisis te maken hebben? In ieder geval, het levert leuke juridische kwesties op, zoals de vraag of je een bedrijf tegen diens zin in je vergelijker op mag nemen, en vooral de vraag wat je mag en moet doen met recensies.

Want prijzen zijn leuk, maar als lezer wil je toch liever weten wat nu de beste winkel, de handigste telefoon of het grappigste spel voor je spiksplinternieuwe Wii (jaja, kerstkado) is. En nog liever hoor je waar je de slechtste service, botste horken of langste levertijd krijgt, zodat je die winkels kunt mijden. En dan wordt het pijnlijk, want winkeliers hebben weinig behoefte om in zo’n overzicht te staan. Welke grenzen heb je nu als beheerder van zo’n site?

Het staat iedereen vrij zijn mening te geven over een winkel, of die winkel daar nu op zit te wachten of niet. Je mag dus gerust een platform bieden voor meningen over winkels, of over bedrijven of producten natuurlijk. Als beheerder ben je niet aansprakelijk voor die meningen, mits je ze maar niet vooraf modereert of controleert. Wel moet je optreden bij (terechte) klachten.

Als een bedrijf komt klagen, zal dat meestal zijn omdat iemand negatieve kritiek heeft. Negatieve kritiek mag, maar die moet wel gefundeerd zijn in de feiten. Het is dus een goed idee om bij recensies de eis te voeren dat negatieve kritiek op jouw verzoek onderbouwd kan worden met bewijs. Het bedrijf de mogelijkheid van een weerwoord bieden is ook erg belangrijk, als een bedrijf zich niet kan verdedigen tegen kritiek, heeft het sneller een juridische claim. In het Garagetest-vonnis zorgden deze maatregelen dat het forum niet aansprakelijk was voor negatieve recensies.

Verder: je mag bedrijfs- of productlogo’s tonen, mits je dat maar op een nette en zakelijke manier doet. Toon ze dus bij alle bedrijven of producten uit een categorie, en vermijd alles waarmee mensen kunnen denken dat jij een zakelijke band met het bedrijf hebt. Houd logo’s dus klein en zet ze niet vlak naast je eigen logo. En vraag je af of je dat logo echt wel nodig hebt. Kun je niet volstaan met het gewoon typen van de naam?

Een ander goed idee is het monitoren van IP-adressen van plaatsers. Daarmee kun je mensen herkennen die onder verschillende namen steeds hetzelfde bedrijf afkraken – of juist ophemelen. Het zal niet de eerste keer zijn dat een bedrijf zichzelf de hemel in prijst onder naam van een zogenaamd tevreden klant. Of juist de concurrent consequent de grond in boren. Met zo’n controle kun je dat opsporen en tegengaan (bv. met een IP-ban). Je moet trouwens wel in je privacyverklaring melden dat je dit soort dingen doet.

Je hoeft dus geen toestemming te vragen aan een bedrijf om het bedrijf of diens producten in je vergelijkingssite op te nemen. Het kan wel, alleen kun je je afvragen waarom een bedrijf daar toestemming voor zou geven. Zeker als je in het contract zet dat je ook negatieve kritiek zult plaatsen. Als bedrijf zou ik niet weten waarom ik dat zou accepteren. Dit bleek in 2004 bij Telecomvergelijker een probleem bijvoorbeeld.

Komt er ondanks alles een klacht, al dan niet in dure juridische taal met veel “verzoek en voorzover nodig sommeer” en “mogelijk onrechtmatig”, haal dan eerst eens diep adem. Als je je aan bovenstaande houdt, loop je weinig risico. Onderzoek de klacht, en informeer zo nodig bij de klager of het wel klopt wat hij schreef. Bied het bedrijf aan een weerwoord te plaatsen, het liefst bij de recensie zelf in plaats van onderaan als reactie nummer 385 (zoals ik deed bij RWE Energie). En bekijk dan hoe je het op een minnelijke manier kunt oplossen.

Hoe zouden jullie omgaan met klachten van boze bedrijven? Stel dat de klager terugmailt dat het echt waar is maar verder weinig medewerking vertoont, wat doe je dan?

Arnoud

De journalistieke verwerking onder de WBP

sms-belasting-telefoon.pngDe belastingtelefooon maar dan anders. Dat was het idee achter een SMS-dienst van het Finse bedrijf Satamedia: voor 2 euro kun je per SMS de gegevens uit ieders belastingaangifte opvragen. Geheel legaal, want in Finland zijn belastingaangiftes openbaar beschikbaar(!). Maar er is toch wel een verschil tussen een document inzien bij de belastingdienst of diezelfde gegevens laagdrempelig ontsluiten via een SMS, vond de Finse privacywaakhond. Zij stapte naar de rechter, en die verwees door naar het Europese Hof van Justitie.

In haar arrest (gevonden via SOLV Advocaten) bepaalt dat Hof nu dat publicatie van openbare gegevens, ook als het persoonlijke informatie is, in principe onder de uitzondering voor journalistieke verwerkingen valt. Daarmee is het kranten en andere media toegestaan om zulke publieke bronnen te verzamelen en tot artikelen te verwerken. En zoals ik het lees, valt ook een zoekmachine onder de definitie van “journalistiek”.

In Finland zijn belastingaangiftes kennelijk openbaar. Het bedrijf Markkinapörssi zag daar een leuke scoop in en publiceerde elk jaar een serie uittreksels in de krant Veropörssi. Een soort van Quote 500 maar dan groter zeg maar. De informatie in die publicaties omvat de voor” en achternaam van ongeveer 1,2 miljoen natuurlijke personen met een inkomen boven een bepaald bedrag, alsmede op 100 EUR nauwkeurig de hoogte van hun inkomen uit kapitaal en arbeid en gegevens over hun vermogensbelasting. Deze informatie wordt meegedeeld in de vorm van een alfabetische lijst per gemeente en per inkomenscategorie.

Zusterbedrijf Satamedia bood de informatie uit de krant weer als SMS-dienst aan. En dat vonden de Tietosuojavaltuutettu en de Tietosuojalautakunta, de Finse privacywaakhonden met toch wel hele leuke namen, toch net iets te ver gaan. Zij spanden een rechtszaak aan, en dit leidde tot vragen aan het Europese Hof van Justitie, omdat het hier ging over de uitleg van de journalistieke exceptie op de (Finse) Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Voor het Hof was het duidelijk dat de gegevens in kwestie persoonsgegevens zijn. En het op een rijtje zetten van belastinginformatie is een ‘verwerking’ in de zin van de wet, ook als je alles uit openbare bronnen haalt. Logisch, die termen zijn zeer breed bedoeld en je moet je best doen om gegevens te gebruiken zonder dat dat juridisch gezien een verwerking is. Maar mag het?

Het Hof loopt keurig de uitzonderingen (persoonlijk gebruik, openbare veiligheid, opsporing etcetera) langs en constateert dat die niet opgaan als een bedrijf die gegevens te koop aanbiedt. En dan komen we bij de hamvraag: is dit een journalistieke verwerking?

Het commerciële karakter doet niet ter zake, aldus het Hof, want een nieuwsmedium kan best (mede) commerciële motieven hebben. Je bent in ieder geval journalistiek bezig wanneer je

de bekendmaking aan het publiek van informatie, meningen of ideeën tot doel hebt, ongeacht het overdrachtsmedium. Deze activiteiten zijn niet voorbehouden aan mediaondernemingen en kunnen een winstoogmerk hebben.

En dat is een breed criterium, waar je al snel aan voldoet. Dat wil niet zeggen dat je dus alles maar mag publiceren, want ook journalisten zijn gebonden aan de WBP. Maar journalisten staan nu wel sterker wanneer iemand een publicatie middels een beroep op de WBP zou willen tegenhouden.

Wat me trof aan deze definitie, is dat een zoekmachine er ook onder lijkt te vallen. Die heeft immers ook tot doel om het publiek bepaalde informatie beschikbaar te stellen. Is Google daarmee nu een journalistiek medium geworden? Dat zou nogal wat zijn: Google zou dan geen plicht meer hebben om informatie uit haar index te verwijderen wegens privacyschending, omdat die plicht immers niet geldt voor journalistieke publicaties.

Zouden jullie je belastingaangifte in de krant willen eigenlijk? Ik vind het nogal een inbreuk op de privacy eigenlijk. Waarom zouden de Finnen hiervoor gekozen hebben?

Arnoud

De journalistieke hack van Revu

Staatssecretaris Jack de Vries (Defensie) gaat aangifte doen bij Justitie tegen de redactie van het tijdschrift Revu, meldde nu.nl donderdag. Het tijdschrift had via een “virtueel beveiliger” toegang tot het privé mailaccount van de staatssecretaris weten te krijgen, en vervolgens een forward kunnen installeren zodat nieuwe mails naar een aparte mailbox werden doorgestuurd. Tenminste, als ik Webwereld goed begrijp. Security.nl voegt toe dat men via een botnet het wachtwoord heeft gebruteforced.

Het doet denken aan die zaak van half oktober, waar een ex-vennoot zakelijke mails liet doorsturen naar een eigen Google Mail account. Dat mocht niet, en het lijkt me duidelijk dat hier net zo goed sprake is van computervredebreuk. Jezelf toegang verschaffen tot andermans beveiligde mailbox is strafbaar, en het doorsturen lijkt mij de strafverzwarende omstandigheid van het kopiëren van gegevens.

Revu beroept zich op het landsbelang:

We wilden laten zien hoe makkelijk het is om binnen te dringen in mailadressen en dat vrijwel iedereen te hacken is. Zelfs iemand van de overheid. Hopelijk schroeven ze naar aanleiding van het artikel de beveiliging op. Wij hadden geen kwaad in de zin, maar er zijn genoeg anderen die dat wel hebben.

Een klassiek antwoord, maar wel fout. Ook journalisten mogen de wet niet breken, zelfs niet om aan te tonen dat sprake is van een misstand. In 1995 werd een journalist tot voor de Hoge Raad schuldig verklaard aan valsheid in geschrifte omdat hij onder valse naam rijbewijzen had aangevraagd (en gekregen). Het verweer dat hij wilde aantonen dat de uitgifte van rijbewijzen niet klopte, werd niet geaccepteerd. Wel kreeg hij een lagere straf opgelegd dan normaal, maar of dat nu kwam omdat hij de rijbewijzen niet had gebruikt of omdat de rechters toch gevoelig waren voor de persvrijheid, is mij niet duidelijk.

Die journalist had nog enig verhaal: de minister had namelijk eerder nog gezegd dat die uitgifte in orde was, en hij had maar 1 manier om aan te tonen dat de boel toch echt fout zat. De situatie hier vind ik heel wat minder sterk. Er was geen enkele reden of aanwijzing om die mailbox te hacken. De Vries had niets gezegd dat kon suggereren dat hij onoorbare dingen zou doen met zijn privé mailbox of dat hij sterk tegen het gebruik van privé mailboxen zou zijn of iets dergelijks. Ik kan dus geen enkele goede reden bedenken om deze hack uit te voeren. Behalve dan om leuk te scoren met je tijdschrift, maar dat is geen journalistieke reden.

Wat vinden jullie? Persvrijheid of gewoon crimineel gedrag? En zou het anders liggen als in die privé mailbox allerlei staatsgeheime documenten zaten?

Arnoud

Bob Sijthoff blijft in Wikipedia, althans voorlopig

wikipedia-bob-sijthoff.pngWat een leuk verjaardagskadootje! Bob Sijthoff mag in Wikipedia blijven staan, vonniste de rechtbank Utrecht gisteren. Eind november spande de zakenman een rechtszaak aan tegen de Nederlandse Wikimedia vereniging en stichting met als eis dat zijn vermeend onrechtmatige lemma uit de vrije encyclopedie verwijderd zou worden.

Sijthoff legde de verantwoordelijkheid voor het onderhoud van Wikipedia bij Wikimedia Nederland, omdat “zij immers een platform biedt” en de moderatoren zou benoemen. De auteur, ene Jacob H., zou bekend zijn bij Wikimedia omdat kort na zijn klacht bij de vereniging Jacob het lemma aanpaste. Maar de vereniging en stichting wijzen er terecht op dat alle juridische verantwoordelijkheid bij de Wikimedia Foundation in de VS liggen. Sijthoff krijgt dan ook nul op het rekest:

Uit vorenomschrevene volgt dat niet voldoende aannemelijk is geworden dat Wikimedia Nederland c.s. zelfstandig tot verwijdering van het artikel in staat is danwel invloed kan uitoefenen op verwijdering van het artikel door Wikimedia Foundation of een ander verantwoordelijke zodat dit gedeelte van de vordering zal worden afgewezen.

Ook de eis tot afgifte van de persoonsgegevens van Jacob H. wordt afgewezen, omdat Wikimedia Nederland die simpelweg niet heeft. Sijthoff wordt vervolgens in de proceskosten veroordeeld. Wat me brengt op het punt dat de advocaten van Wikimedia, Struik en Briët van CMS Derks Star Busmann deze zaak pro bono hebben gedaan, wat wel een complimentje waard is.

Wel jammer is dat de rechter nu niet aan de inhoudelijke vraag toekomt of het lemma nu wel of niet door de beugel kon. Ik ben benieuwd of Sijthoff nog door gaat pakken richting de club die hij eigenlijk vanaf dag 1 had moeten hebben, maar ik vermoed van niet. Zijn actie tegen de Nederlandse clubs heeft al genoeg stof doen opwaaien binnen de Nederlandstalige pers en blogosfeer. Een actie tegen de Amerikaanse stichting voegt daar alleen maar een hoop Engelstalige publicaties aan toe, en het is de vraag of Sijthoff daarop zit te wachten.

Arnoud

Wat staat er in uw bedrijfsreglement over bloggen?

internetten prive op het werkIeder zichzelf respecterend bedrijf heeft wel een gedragscode of reglement over privé-internetgebruik op het werk. Hoewel privé-internetten op zich moet kunnen, mag een bedrijf daar wel grenzen aan stellen. Porno kijken is een bekend voorbeeld, maar ook overmatig downloaden kan verboden worden. Maar hoe zit het met bloggen?

Er zijn maar bar weinig bedrijven die in hun reglement iets opnemen over publicaties die werknemers op internet doen. Via hun blog, via een forum of andere kanalen. Toch zou dat wel moeten. Internetten wordt steeds actiever. Mensen consumeren niet alleen maar braaf Buienradar, Nu.nl en een paar andere leuke websites, maar publiceren zelf dingen. En daar hoor je rekening mee te houden als bedrijf.

Vorige maand studeerde Mieke Kreunen af op dit onderwerp. In haar afstudeerscriptie ‘De juridische valkuilen voor de Werknemer 2.0‘ (pdf) keek zij naar de impact op de werksituatie van online actief zijn. Een aanrader, en dat zeg ik niet alleen omdat ze mijn bloggids citeert alsof het een juridische bron is.

Wat kun je doen als bedrijf? Verbieden en blokkeren zal vaak de eerste reflex zijn, maar dat is nergens voor nodig en in sommige gevallen zelfs niet toegestaan. Er moet wel een werkgerelateerde reden zijn om bloggen door een werknemer te verbieden. Je kunt er ook gebruik van maken, bijvoorbeeld door de bloggende werknemer te laten reageren op negatieve dingen over het bedrijf (niet als PR-handpop natuurlijk). Of om simpelweg bij te houden wat mensen vinden over het bedrijf.

Heeft jullie bedrijf een reglement over internetgebruik? En staat daar wat in over publiceren?

Arnoud

WBP gebruikt tegen publicatie op website

Voor zover mij bekend de eerste keer dat iemand met succes de Richtsnoeren persoonsgegevens op internet weet in te zetten om zijn naam van internet te krijgen. Op NJBlog bespreekt Folkert Jensma een in juli gewezen vonnis over de grenzen van de meningsuiting. De website Kleintje Muurkrant had in een bericht de naam van een zakenman genoemd en in herinnering gebracht dat hij ooit gehoord was in een strafrechtelijk onderzoek naar Johan de V. alias ‘de Hakkelaar’. De man begon een rechtszaak omdat daarmee zijn persoonsgegevens onterecht op internet terechtkwamen en bovendien zijn privacy geschonden was.

Voor deze verwerking was geen toestemming, en dus moet de site laten zien dat er een noodzaak was om de gegevens te publiceren. Maar dat lukt ze niet. De connectie die men rapporteerde, was gedateerd en weinig relevant, zo staat in het vonnis. Een opmerkelijke motivatie volgt:

Het zou te dol voor woorden zijn als iedereen die ooit in een strafrechtelijk onderzoek is gehoord maar nooit is vervolgd, dat nog decennia later in besmuikte zin op internet tegengeworpen krijgt.

De rechter benoemt de publicatie als een “hetze” en wijst de vordering toe. Al in juli meldde Peter Olsthoorn hierover:

Hiermee gaat de rechter ver in de journalistieke beoordeling. Je kunt je afvragen of die niet te ver gaat. In elk geval is het een vonnis om goed rekening mee te houden. Zeker voor Kleintje Muurkrant. Moet dat voortaan meer bronnen gaan noemen en/of om wederhoor gaan vragen?

Wat ik persoonlijk zorgelijker vind, is de grondslag van dit vonnis. De Wet Bescherming Persoonsgegevens gaat niet over dit soort dingen. Een publicatie waarin iemand besmaad wordt, behoort niet als verwerking van persoonsgegevens gezien te worden. Het is smaad, belediging, laster, aantasting van iemands goede naam, wat dan ook, maar het heeft niets te maken met iemands naam in een kaartenbak stoppen.

De WBP stelt (te) strenge eisen aan verwerkingen op internet, en al helemaal wanneer het gaat om publicaties in journalistieke context.

Arnoud