Kan een model onder de AVG inzage in haar foto’s vorderen van de fotograaf?

| AE 12223 | Intellectuele rechten, Privacy | 46 reacties

Een lezer vroeg me:

Ik ben professioneel fotograaf en werk onder meer voor modellen. Portretten in opdracht dus, zoals dat in de Auteurswet heet. Een opdrachtgever krijgt van mij een paar foto’s, op basis van mijn professionele inschatting wat de ‘beste’ zijn. Nu is er een model dat op basis van de AVG “inzage in zijn persoonsgegevens” wil, oftewel een kopie van elke foto. Ik las dat een portretfoto inderdaad een persoonsgegeven is, dus kan dit zomaar? En gratis???
Het klopt dat een foto een persoonsgegeven is, en dat je in beginsel recht hebt op inzage in en kopieën van je persoonsgegevens. Dus ook een kopie van foto’s waar je (herkenbaar) op staat. Dat voelt hier wat ongepast, omdat hiermee het businessmodel van de fotograaf doorkruist wordt en er eigenlijk geen legitieme reden is voor het model om dit te eisen, gezien de afspraken over de fotosessie. (Jaja, ik weet het, je hebt geen belang nodig met artikel 15 AVG. Maar toch.)v

Ik zie twee opties om hier tegenin te gaan. Allereerst staat in de AVG dat het recht op inzage geen afbreuk mag doen aan andere rechten (artikel 15 lid 4), zoals het auteursrecht. Dan zoek je een compromis tussen inzagerecht en het exclusieve recht van de fotograaf. Dat kan bijvoorbeeld zijn dat je alle foto’s verkleind en/of met watermerk aanreikt: men kan dan controleren dat er niets raars op staat, maar er niet mee aan de haal gaan.

De tweede optie is dat je zegt dat deze foto’s vallen onder de exceptie van journalistieke en artistieke verwerkingen. Dan bestaat het recht van inzage in het geheel niet. Dit lijkt me een redelijke toepassing van die exceptie, maar zekerheid heb je er niet van totdat het ooit bij de rechter mocht komen.

Alles bij elkaar zou ik zeggen dat als je een redelijke gelegenheid biedt om de resterende foto’s te bekijken, al is het verkleind en met watermerk, dat je dan inhoudelijk aan de AVG voldoet.

Arnoud

Mogen mensen je kind buiten fotograferen en op Facebook zetten?

| AE 12181 | Informatiemaatschappij, Privacy, Uitingsvrijheid | 8 reacties

Een lezer tipte me over deze Viva-forumdiscussie:

Vorige week werd ik getagged op Facebook in een bericht van een winkelcentrum in de buurt. Hierop staat mijn kind in het midden met verder alleen een ander persoon die je alleen van De achterkant ziet weglopen. Mijn kind zie je vanaf de zijkant en precies midden in de foto. Nu hebben ze de foto “bewerkt” en heeft mijn kind accessoires op zichzelf gefotoshopt gekregen van de fotograaf. Dit als onderdeel van het onderwerp van het Facebook bericht. Mag dit zomaar geplaatst worden zonder mijn toestemming?
De foto blijkt dus te zijn gemaakt door een fotograaf die ingeschakeld was door het winkelcentrum, en de accessoires zijn dingen die in het winkelcentrum te koop zijn. Daarmee werd niet geprobeerd het kind anoniem te maken, het lijkt veeleerder te zijn gegaan om de foto lekker grappig te maken.

Juridisch gezien is dit een typisch gevalletje “portretrecht niet in opdracht”, of onder de AVG een belangenafweging-legitiem-belang (u weet het, portretrecht bestaat niet meer sinds de AVG). Inhoudelijk komt het altijd op het zelfde neer: hoe groot was het belang van het winkelcentrum om deze foto zo te mogen tonen, en hoe groot is het privacybelang van het kind waar de ouders voor verantwoordelijk zijn?

Het gaat wat ver om te zeggen dat een winkelcentrum géén belang heeft. Ook een bedrijf heeft vrijheid van meningsuiting, maar hoe meer het naar zuiver commerciële reclame neigt hoe minder dat belang mee zal wegen. Zeker in situaties als deze waarin je makkelijk even kunt vragen aan geportretteerden wat ze ervan vinden, of lokale acteurs vragen, enzovoorts.

De privacy op de openbare weg is niet heel groot, maar zeker ook niet nul. Weliswaar mag iedereen je fotograferen op de openbare weg – en zo’n winkelcentrum is openbare weg ook al is ‘ie in privé eigendom – maar de publicatie daarvan moet nog steeds door die belangenafweging heen. En zeker bij kinderen mag je meer dan normaal verwachten dat ze met rust gelaten worden.

Een interessante zijsprong is nog of fotograferen in het winkelcentrum verboden is, zie de stickers bij de deur. Dan zou ik zeggen, dan heb je een hógere privacyverwachting. En dan maakt het niet uit dat de fotograaf voor het winkelcentrum werkte; je mag je onbefotografeerd wanen na zo’n sticker en het winkelcentrum moet dan meer dan normaal waarschuwen en opvolgen.

Alles bij elkaar neig ik naar: nee, deze publicatie moet eraf want er is niet even gevraagd of het kan.

Arnoud

Je ex-werknemer mag zo snel mogelijk van de bedrijfsbus af

| AE 11347 | Ondernemingsvrijheid | 12 reacties

Tot hoe lang na uitdiensttreding mag je als werknemer worden ingezet als ‘gezicht’ van het bedrijf? Die vraag stond centraal in een conflict tussen een oud-werknemer van een pakketbezorger en de werkgever. Deze foto werd gebruikt bij persberichten over de dienst, maar op zeker moment ook aangebracht als foto op bezorgbussen en vrachtwagens. Daar maakte de werknemer na uitdiensttreding bezwaar tegen, omdat hij toen niet meer met deze werkgever geassocieerd wilde worden. En dat recht heb je onder het commercieel portretrecht. Weg dus met die foto in de folder, en ga maar krabben op je bus.

Uit het vonnis haal ik dat de werkgever fungeert als onderaannemer voor PostNL Extra@Home, de speciale bezorgdienst voor grotere producten van PostNL waarbij ook een installatieservice kan worden afgenomen. Om dat te illustreren, had men een mooie foto gemaakt van twee installateurs bezig met het afleveren van een televisie, zie de thumbnail hiernaast. Maar na uitdiensttreding had de man er geen zin meer in dat zijn foto steeds maar gebruikt bleef worden. In eerste instantie verliep de discussie minnelijk: hij vroeg een vergoeding voor gebruik van zijn portretrecht, en het bedrijf onderhandelde daar zakelijk over, maar de discussies liepen na geruime tijd spaak. Enkele jaren later pakte de man het opnieuw aan via een advocaat, waarna de werkgever aangaf dat er al geschikt was en dus niets meer betaald hoefde te worden. Daarop stapte de man naar de rechter voor een verbod met schadevergoeding.

Uitgangspunt van de man was dat de foto’s specifiek waren gemaakt voor intern gebruik ten behoeve van een presentatie aan medewerkers over een nieuwe bedrijfstak van de werkgever en niet voor de promotionele of commerciële doeleinden waarvan in het onderhavige geval sprake is. De werkgever stelde daar tegenover dat hij als werknemer toestemming had gegeven voor het gebruik van zijn beelden, zonder dat er aan die toestemming beperkingen waren verbonden. Met dat stuk is de rechter snel klaar: er was geen duidelijk bewijs van toestemming, met name was er geen ondertekend stuk.

De rechtbank gaat vervolgens verder op het ‘redelijk belang’ uit het portretrecht (artikel 21 Auteurswet). Dit doet wat vreemd aan anno 2019, nu een foto een persoonsgegeven is en de AVG daarop van toepassing is. De AVG vervangt daarmee het klassieke portretrecht, omdat Europees recht immers nationaal recht vervangt. Maar allereerst dateert het gebruik van de foto van vóór de AVG, en ten tweede roept de man geen privacygrondslag in voor zijn argument: hij maakt bezwaar tegen de associatie met het bedrijf, hij wil niet langer het ‘gezicht’ van deze dienstverlening zijn. Dat is een aparte grond, los van de privacy.

Deze grond is al in 1997 apart erkend in het Discodanser-arrest (HR 2 mei 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC2364, NJ 1997, 661). De Hoge Raad formuleerde hierin de norm dat een geportretteerde in beginsel steeds een redelijk belang zal hebben om zich te verzetten tegen gebruik van zijn portret ter ondersteuning van een commerciële reclame-uiting. De geportretteerde zal door het publiek immers geassocieerd worden met het betreffende product of de dienst, waarbij het publiek in het algemeen – en doorgaans terecht – ervan uit zal gaan dat het gebruik van het portret niet zal zijn geschied zonder toestemming van de geportretteerde en de opname van het portret in de reclame-uiting zal opvatten als een blijk van publieke ondersteuning van het product of de dienst door de geportretteerde. Op deze gronden is het op een dergelijke wijze gebruiken van een portret in beginsel aan te merken als een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de geportretteerde (strijd met artikel 8 EVRM).

In theorie is het mogelijk om die inbreuk te rechtvaardigen met beroep op een ander grondrecht. Dit zal meestal de uitingsvrijheid (artikel 10 EVRM en artikel 7 Grondwet) zijn. In dit geval is dat niet sterk, het gaat om een reclame-uiting en geen redactionele boodschap. Daarbij is niet van belang of de foto’s al dan niet schadelijk zouden zijn voor zijn reputatie en/of dat de werknemer een verzilverbare populariteit geniet of niet. Bovendien had de werkgever dit niet nader onderbouwd.

Welke lessen zijn hier nu uit te trekken? Allereerst natuurlijk dat je als werkgever duidelijke afspraken moet maken én op papier moet zetten. Daarbij zal al snel het argument te berde komen dat onder de AVG werknemers geen toestemming kunnen geven, vanwege het ontbreken van het ‘vrije’ karakter vanwege de afhankelijkheidsrelatie tot de werkgever. Dit vonnis danst daar mooi omheen: het gaat om een niet-persoonsgegevens gerelateerde kwestie, namelijk het commercieel portretrecht. Daarbij staat een belangenafweging voorop, en toestemming is een factor binnen de belangen die moeten worden afgewogen. De mate van vrijheid bij die toestemming kan daarin worden meegenomen, maar is niet in zijn eentje doorslaggevend.

Wel denk ik dat in het algemeen het ophoudt zodra de werknemer uit dienst gaat. Het kan niet waar zijn dat een werkgever goede sier blijft maken met een foto van een ex-werknemer. Zo dat al niet volgt uit privacy of portretrecht, zal het toch volgen uit gewoon de open norm van goed werkgeverschap. Zoiets doe je niet. (Eventuele historische documenten zoals oude brochures of een reeds gepubliceerd filmpje met datum daargelaten.) Als werkgever zul je dus altijd een plan paraat moeten hebben om dergelijke uitingen te vervangen wanneer de gefilmde werknemers uit dienst gaan.

Arnoud

Een skin in je spel kan ook portretrechtinbreuk zijn

| AE 9616 | Ondernemingsvrijheid | 13 reacties

Voetballer Edgar Davids heeft een rechtszaak gewonnen tegen League of Legends-ontwikkelaar Riot Games, las ik bij Tweakers. Een van de te koop zijnde skins voor spelpersonages lijkt wel heel erg op de bekende voetballer met dreads en bril, en dat was voor de rechtbank genoeg om van portretrechtinbreuk te spreken. Dat men online gezegd had… Lees verder

Tweede Kamer wil agent niet meer herkenbaar in beeld, eh nee vergeet het maar

| AE 9118 | Uitingsvrijheid | 25 reacties

De Tweede Kamer vindt dat politieagenten voortaan niet meer herkenbaar in beeld mogen worden gebracht, las ik bij het AD. Men spreekt zelfs van het tegengaan van ‘treitervloggers’ die kennelijk agenten hinderlijk volgen. Maar de motie, die oproept tot een wetsvoorstel, gaat verder dan dat: agentenportretten mogen dan niet meer worden uitgezonden waar dan ook… Lees verder

Bouwvakkers filmen vrouw die naakt door huis loopt, mag dat?

| AE 9108 | Privacy | 38 reacties

Een 28-jarige inwoonster uit De Lier is door bouwvakkers gefilmd terwijl ze naakt in haar keuken liep. Dat meldde het AD vorige week. Uiteraard gaat dat dan de socialemedias rond. Een betrokkene is door zijn werkgever geschorst, maar ik kreeg er vragen over: de vrouw stond achter een raam zonder rolgordijn en het filmpje was… Lees verder

Dochter klaagt ouders aan wegens babyfoto’s op Facebook

| AE 8933 | Privacy | 15 reacties

Een achttienjarig meisje uit Oostenrijk heeft haar ouders aangeklaagd omdat die zonder haar toestemming babyfoto’s op hun Facebook-account hadden gepost. Dat meldde Het Nieuwsblad onlangs (dank, Koen). De ouders van de vrouw (sinds wanneer zijn volwassenen ‘meisjes’?) publiceerden dagelijks babyfoto’s van hun dochter, al vanaf dat zij elf was. Dit ondanks aandringen van de dochter…. Lees verder