Presentatie van iPhone is prior art voor diezelfde iPhone

| AE 5978 | Intellectuele rechten | 12 reacties

iphone-patentDe originele presentatie van de iPhone door Steve Jobs heeft ervoor gezorgd dat een patent in Duitsland ongeldig is verklaard, las ik bij Nu.nl. Die presentatie telt als ‘prior art’ omdat hij vijf maanden voor de indieningsdatum van het Europese octrooi is gedaan. Formeel geldt dit alleen in Duitsland maar er is geen reden waarom andere Europese octrooirechters tot een andere uitspraak zouden komen.

Eén van de belangrijkste eisen voor een octrooi is dat je uitvinding nieuw is, oftewel nog niet bekend bij het publiek. Als mensen er zonder geheimhouding te schenden kennis van kunnen nemen, dan is de uitvinding bekend. Met een NDA in beperkte kring de uitvinding delen kan dus, maar zodra het product vrij verkrijgbaar is dan is de uitvinding bekend. En ga je op een podium staan en laten zien hoe de uitvinding werkt, dan natuurlijk ook. De uitvinding is dan prior art oftewel stand der techniek.

In de VS zijn de regels iets anders. Kort gezegd kan een presentatie of publicatie van de uitvinder zelf nooit als prior art aangemerkt worden, mits hij maar binnen 12 maanden voor de indieningsdatum van de octrooiaanvraag wordt gedaan. De presentatie van Jobs zat binnen die periode, dus dan krijg ik het vermoeden dat de Amerikaanse octrooigemachtigde van Apple geen probleem zag en de presentatie clearde – zonder met zijn Europese collega te overleggen.

Of men dacht, het laten zien is niet erg want iets is pas prior art als bekend is hóe het werkt. Dát iets werkt, zonder details, telt niet als prior art. De replicator van Star Trek is geen prior art voor welke 3d printer dan ook. Maar de communicator die captain Kirk openklapt om met Scotty te praten, is wél prior art voor een clamshelltelefoon die het gesprek aanneemt zodra je hem opendoet. Je ziet hoe het werkt, en de technische invulling is dan verder triviaal.

De leukste prior art case in deze context vind ik de Donald Duck als prior art-case, hoewel dat verhaal ondertussen best een broodje-aapstatus heeft gekregen. Helaas lijkt het onmogelijk te zijn hier nog definitief antwoord op te krijgen: het dossier bij het Nederlands octrooibureau is vernietigd, de uitvinder is onbereikbaar en de octrooigemachtigde ook. Maar sommige verhalen zijn zo leuk dat je ze niet moet kapotchecken.

Arnoud

“Google patenteert eigen homepage”

| AE 1746 | Intellectuele rechten | 6 reacties

google-homepage-patent.pngGoogle’s minimalistische homepage (“zoekstartpagina” volgens Webwereld) is gepatenteerd, meldden diverse media donderdag. Daarmee zou het bedrijf concurrenten zoals Bing of Yahoo! dwars kunnen zitten als die hun veel te drukken startpagina’s willen uitkleden om zo eindelijk eens marktaandeel te veroveren.

Wat je daarbij echter zelden ziet, is het nummer van het patent want dat had in dit geval veel duidelijk gemaakt: het gaat om een zogeheten design patent, herkenbaar omdat het nummer (D599372) begint met een “D”.

Een design patent heet bij ons een “modelrecht”, en komt neer op bescherming voor het uiterlijk, de vormgeving van een product. Zoals Octrooicentrum Nederland het omschrijft:

Dit uiterlijk wordt bepaald door bijvoorbeeld de kleur, de vorm of het materiaalgebruik van het voortbrengsel. Essentieel hierbij is dat het model nieuw is en een eigen karakter heeft.

Het gaat hier dus nadrukkelijk niet om de techniek achter de homepage of hoe inventief het is om niets op je homepage te zetten. Het criterium is enkel en alleen of je iets nieuws hebt bedacht dat als uiterlijk van een product kan dienen. En dat mag dus best iets triviaals zijn. Nog trivialer dan de Auteurswet eist trouwens, drie rechte strepen op een schoen kunnen prima een beschermd modelrecht zijn maar ze zijn (waarschijnlijk) niet creatief genoeg om een auteursrecht te claimen.

Kan dit patent bij ons ook verleend worden? Dat is een goeie vraag. Het belangrijkste struikelblok zal zijn of een homepage een ‘product’, of beter gezegd een ‘voortbrengsel’ is in de zin van het Beneluxverdrag voor de Intellectuele Eigendom. Je kunt namelijk een nieuw ontwerp alleen beschermen als dit het uiterlijk van een twee- of driedimensionaal voorwerp is. Maar in artikel 3.1 van dat verdrag staat onder andere:

Computerprogramma’s worden niet als voortbrengsel aangemerkt.

Volgens dit boek was daarbij de overweging dat “het moeilijk denkbaar is een computerprogramma als een voortbrengsel met een te beschermen uiterlijk te beschouwen”. Wat is immers de buitenkant van een computerprogramma? Tsja, ik zou zeggen dat de interface op het scherm het uiterlijk is, maar dat ligt kennelijk complexer.

Je kunt dus het uiterlijk van een computerprogramma, bv. de skin van MSN Messenger, niet via een modelrecht beschermen. Daarvoor zul je echt auteursrecht moeten proberen te claimen op bijvoorbeeld de icoontjes of het kunstzinnige karakter van de plaatsing van alle interface-elementen. (Misschien dat daarom steeds meer programma’s zo’n niet-standaard en daarmee volstrekt onbruikbare interface hebben?)

Voor een website zal dan wel hetzelfde gelden denk ik. Wat is de buitenkant van een website?

Oh ja, bij SearchEngineLand schrijft iemand dat “[p]lenty of search engines prior to Google’s 1998 launch had clean pages”. Iemand enig idee welke? De meeste sites waren voor zover ik me kan herinneren juist hartstikke druk met portaltoestanden en knipperende banners.

Arnoud

De (il)legaliteit van audio/video codecs

| AE 1629 | Intellectuele rechten, Ondernemingsvrijheid | 17 reacties

media-player-classic-video-audio-codec.pngOp het NedLinux forum mailde men mij over een interessante vraag:

De vraag is alleen (wat me bezig houdt), in hoevere is de codecs die niet officieel aangeschaft zijn illegaal ? Ik bedoel…. hoe is dat geregeld in Nederland ? Ik zie dat Frankrijk al erg moeilijk doet als je VLC gebruikt of Mplayer.

Een codec is een stuk software waarmee audio of video ge(de)codeerd kan worden. Wie alleen naar de radio luistert en DVD’tjes koopt in de winkel en die afspeelt op zijn DVD-speler, heeft daar niet zo veel mee te maken. Maar als je muziek en films gaat downloaden dan kom je allerlei rare formaten tegen en moet je de bijbehorende codecs gaan installeren. Sommige codecs zijn makkelijk te vinden, voor anderen moet je op vage Russische sites rondspeuren.

Maar mag dat nou zomaar? Dat is een moeilijke vraag, want er spelen een heleboel aspecten mee.

Auteursrecht op de codec<br/> Ten eerste is er de vraag of die codec zelf (de DLL dus) wel legaal verspreid mag worden. Er zijn gevallen genoeg bekend van simpelweg gestolen codecs: mensen kopen software waar codecs bij zitten en zetten die gewoon op internet. Zo zijn er complete collecties met Windows Media A/V codecs, die echter gewoon uit de C:WindowsSystem directory van iemands Windows-PC afkomstig zijn. Ook enkele Quicktime-codecs zouden op die manier verkregen zijn.

Wordt een codec op die manier verspreid, dan is het niet toegestaan om die te downloaden en te gebruiken. De thuiskopie-uitzondering geldt niet voor software en dus ook niet voor codecs. Dat je toevallig ergens een Windows-licentie hebt liggen, verandert daar niets aan lijkt mij; die hoort bij jouw aangeschafte Windows en kun je niet zomaar van toepassing verklaren op alle Microsoft-software die je downloadt.

Octrooien op de algoritmen<br/> Ten tweede implementeren veel codecs namelijk beschermde algoritmen. De octrooihouders hebben geen licenties gegeven voor die codecs, zodat vrije verspreiding niet zomaar mogelijk is. Voor persoonlijk niet-commercieel gebruik hoef je je geen zorgen te maken, octrooi-inbreuk is alleen mogelijk als je commercieel bezig bent.

Ik hoor nu een aantal mensen “jamaar softwarepatenten zijn niet geldig in Europa” denken. Nou is dat een heel grijs gebied, maar als we het hebben over audio/video-coderen zit je toch aan de witte kant van dat gebied. Het manipuleren van audiovisuele signalen is een vorm van technologie en valt daarmee onder de octrooiwetgeving. Er zijn dan ook genoeg octrooien op dit gebied, die in rechtszaken ook gewoon overeind blijven. Het verkopen van audio/video-afspeelsoftware of apparaatjes met zulke codecs erin betekent dus dat je een octrooilicentie moet kopen.

En ja, open source codecs hebben daar een probleem. Want de meeste van die octrooilicenties voorzien niet in de mogelijkheid dat de licentienemer de codec gaat doorleveren aan derden die ook weer kopieën van de codecs gaan maken. En de GPL heeft weer een bepaling dat die octrooilicentie daar wél toestemming voor moet geven, anders mag je de software in het geheel niet verspreiden. Een soort van Mexican standoff dus.

Kopieerbeperkingen omzeilen<br/> Ten derde willen sommige codecs nog wel eens kopieerbeperkingen negeren. Het beroemdste voorbeeld is DeCSS, waarmee de beveiliging op DVD-inhoud omzeild kan worden. Nu is dat strikt gesproken geen codec, maar als je een codec voor DVD content wilt gebruiken, kom je niet ver zonder deze functionaliteit.

Het omzeilen of uitschakelen van “effectieve” kopieerbeveiligingen is verboden, net als het verspreiden van hulpmiddelen die daar speciaal voor gemaakt zijn. Volgens een Finse rechtbank zou DVD-beveiliging CSS niet effectief zijn omdat het zo eenvoudig te breken bleek. Daarom was DeCSS niet verboden.

Oh ja, dat verbod geldt zowel in Amerika (onder de DMCA) als bij ons in Europa onder de Auteursrechtenrichtlijn en artikel 29a Auteurswet.

Sommige codecs voor Windows Media (WMV/WMA) omzeilen de DRM-functies die Microsoft er in gebouwd heeft. Dat was in één geval in ieder geval aanleiding voor Microsoft om een rechtszaak te beginnen, maar een jaartje later trokken ze die weer in. Overigens zonder uit te leggen waarom, dus dat schiet niet erg op.

Er is dus niet een duidelijk ja/nee-antwoord te geven op deze vraag. Het hangt af van de codec, waar deze vandaan komt en welk algoritme er gebruikt wordt. Codecs die bv. bij Fluendo te koop zijn, mag je legaal gebruiken. Die zijn door het bedrijf zelf ontwikkeld, zodat je voor auteursrechtschendingen niet bang hoeft te zijn. Die codecs komen ook met een octrooilicentie en omzeilen geen kopieerbeveiligingen.

Ook de Ogg Vorbis- en Theora-codecs zijn legaal, om dezelfde redenen. Al heeft niemand ooit kunnen bewijzen dat deze technieken octrooivrij zijn.

Download je van voornoemde vage Russische site een gratis exemplaar van de commercieel verkochte DivX-codecs, dan zit je in het donkergrijs tot zwarte gedeelte van dat grijs gebied. En heb je waarschijnlijk ook een Trojan of drie op je PC.

Arnoud

Nu ook spam in octrooiaanvragen

| AE 354 | Intellectuele rechten, Iusmentis | Er zijn nog geen reacties

Ja dat las u goed: er worden octrooiaanvragen ingediend met als enige doel reclame maken voor de octrooi- en licentiediensten van de aanvrager. Kijk maar: Explore interesting inventions inside, conceived by our genius idea generator. Discover history’s most effective method in conceiving novel uses for existing electronic technology. License huge domains of intellectual property from… Lees verder

Grootste schadevergoeding in octrooizaak ooit ongeldig verklaard

| AE 338 | Intellectuele rechten | Er zijn nog geen reacties

Het vonnis van anderhalf miljard dollar wegens octrooiinbreuk door Microsoft is ongeldig verklaard, meldt de Financial Times. In maart werd Microsoft veroordeeld wegens inbreuk op twee octrooien die zouden lezen op het MP3-compressieformaat. De schadevergoeding van anderhalf miljard was een record. Dat kan nu dus weer doorgehaald worden. Judge Brewster threw out the verdict on… Lees verder