Open source als schild tegen patentaanvallen?

| AE 6389 | Intellectuele rechten | 35 reacties

hardware-software-computer-gollem-huh.jpgOpen source kan een schild zijn tegen patentaanvallen, las ik in deze Amerikaanse blog. Nu het zeker in de VS steeds populairder wordt om alles en iedereen aan te klagen met een octrooi, is het een goed idee eens na te gaan denken wat je kunt doen mocht zo’n claim op jouw bureau landen. En voor bedrijven die met open source actief zijn, is er een leuke truc: die patenthouder gebruikt ongetwijfeld open source, en schendt met grote waarschijnlijkheid de licentie. Want die uitspraak is namelijk voor vrijwel ieder bedrijf waar.

Mooie quote uit de blog:

Patent lawyers may be surprised to know that while today, most companies today use open source software, most of them struggle greatly with implementing the internal controls to coordinate their use of open source software with their patent portfolio management.

Dat is een héél nette manier van zeggen “de meeste bedrijven gebruiken gewoon open source, en niemand vraagt de bedrijfsjurist of patentafdeling of dat nog speciale consequenties heeft”. Wat overigens ook mijn ervaring is bij de meeste bedrijven die ik tegenkom en “iets met open source” zeggen te doen. (ADV: bent u nu een bezorgde bedrijfsjurist? Volg dan onze juristentraining Open source) Het leukste vind ik nog als er keihard bedrijfsbeleid is “wij gebruiken geen open source zonder schriftelijke toestemming van de CEO/bedrijfsjurist” en ondertussen de kernproducten of -diensten vrolijk op Linux draaien.

In het specifieke geval waar blogger Heather Meeker het over heeft, komt dit gerommel goed uit: de octrooihouder die bij jou een claim indiende, heeft er waarschijnlijk óók een potje van gemaakt. Dus ga even zoeken en je komt vast een opensourceinstallatie tegen in een van zijn producten. Met een beetje geluk betreft dat een regel code van jou, of van iemand die je kent en die best bereid is samen te werken met een tegenclaim op basis van auteursrechtschending.

Natuurlijk, het is een gok, maar een beredeneerde: over het algemeen zijn het concurrenten die elkaar beprocederen, en concurrenten die iets met open source doen, zullen al snel bij dezelfde categorie software uitkomen. Dus een goede kans dat de producten qua basissoftware overlappen.

Ook een mogelijkheid is om via de open source licentie van de software die zij gebruiken, een tegenclaim op tafel te leggen. Veel open source licenties vermelden namelijk expliciet dat je de software wel mag gebruiken, maar dan andere gebruikers niet meer lastig mag vallen met een patent waar die open source inbreuk op maakt. Wel vereist dit dat je als patentgedaagde inbreuk pleegt via die open source. Die patentlicentie uit de open source licentie geldt immers alleen bij gebruik van die open source zelf.

Helaas is dit middel geen remedie tegen de vele patenttrollen die er rondlopen. Een patenttrol is per definitie een partij die zelf niets doet (behalve procederen en geld eisen), dus daar zul je geen producten of diensten vinden waar open source in zit. Een tegenclaim is er dus niet te brouwen. Meer dan in de octrooiwet opnemen dat je alleen een verbod mag gaan halen bij de rechter als je zélf met een product op de markt bent, kan ik niet bedenken tegen dit fenomeen.

Arnoud

Wanneer is een internetpublicatie publiek?

| AE 4500 | Intellectuele rechten | 8 reacties

Wat op het internet staat, is publiek. Toch? Nou, niet helemaal. Je hebt publiek en publiek, zo blijkt uit een recente uitspraak van het Europees octrooibureau. Het ging hier om de vraag hoe publiek een publicatie moet zijn om te tellen als “prior art”, zodat een latere octrooiaanvraag op hetzelfde ongeldig verklaard moest worden. In deze testcase was de inhoud van de octrooiaanvraag zelf op diverse manieren op internet gezet, en het EOB moest beslissen wat genoeg was om het octrooi aan te kunnen vallen.

Allereerst de meest beperkte zaak: het is opvraagbaar bij een publiek toegankelijke server, maar je moet de URL weten want die staat nergens gepubliceerd. De vergelijking met de bibliotheek dringt zich op: een boek dat ergens in de bieb ligt, is “publiek toegankelijk” in de zin van de octrooiwet, ook als het boek niet in de catalogus staat. Je kunt de hele bieb aflopen in theorie, of het iemand vragen. Analogie: je kunt de URL raden als je genoeg tijd en moeite erin steekt. Maar zouden jullie ooit “http://www.gironet.nl/home/morozov/CIE/DISPLAY_DEVICE” geraden hebben?

Het EOB concludeert terecht dat de enkele werkende URL nog geen “publicatie” oplevert. Je moet het als publiek wel kunnen vinden, en dat impliceert dat je geen bizar hoge moeite moet hoeven doen. Alle sites ter wereld brute forcen is bizar hoog natuurlijk. Een heel makkelijk te raden URL (zoals bij Wikipedia, dat een vaste structuur hanteert) is wellicht wel “publiek”.

Met een zoekmachine het kunnen vinden levert wél een publicatie op. Vakmannen weten immers hoe zoekmachines werken en zullen daar met trefwoorden gaan zoeken naar een oplossing voor hun technische problemen. Als je met dat zoeken het document kunt vinden, dan is het document publiek toegankelijk.

De trefwoorden moeten wel op een of andere manier betrekking hebben op de technologie uit het document. Het is in theorie mogelijk dat je een pláátje van de uitvinding hebt dat alleen met een willekeurige ongerelateerde zoekterm geïndexeerd is (lk8zhd94j87hir.gif), of iets dergelijks. Dat vinden ze dan géén publicatie want niemand die zoekt naar de uitvinding zal dat plaatje vinden.

Wel moet worden bewezen dat het document “voldoende lang” in de database van de zoekmachine zat. Anders is de kans dat het gevonden kon worden, te klein. En daarmee ontstaat er een probleem als het document tussentijds wordt aangepast maar dat nog niet is opgepikt door de spider (of de database nog niet bijgewerkt is). Stel je altavistat op het oude document, en in de tussentijd is het document vernieuwd en uitgebreid. Is dan ook de uitgebreide, nieuwe informatie publiek? Het EOB zegt van wel, mits de algemene test (vindbaar met normale, relevante keywords) maar voldaan is.

In een variant was het document slechts 20 minuten beschikbaar. En dan is in theorie denkbaar dat net de spider langskwam, maar dát bewijzen lijkt me zo goed als onmogelijk.

In deze testcase was de vraag óf iets te vinden was, gemakkelijk te beantwoorden. Een notaris had (in vertrouwen) alles gezocht en vastgelegd, en een notariële akte als bewijs overlegd. Daarmee kon worden gefocust op de vraag hóe het bewijs moest worden gezien en wát het precies bewees, en niet óf er wel bewijs was.

In de praktijk zal volgens mij juist de vraag óf iets te vinden is, het probleem zijn. Bij sommige sites is Google erg snel (hier komt ‘ie elke dag langs) maar bij andere zal het heel wat minder vaak gebeuren. Maar hoe weet je dat, als de site van een willekeurige derde is? De Google cache biedt wellicht nog aanvullend bewijs van wat men aantrof op die datum, maar lang niet alles is gecachet. Vooral oude versies niet.

Arnoud

Kan het Zweedse Minecraft een Amerikaans patent schenden?

| AE 4477 | Intellectuele rechten | 10 reacties

minecraft-patent.pngDe Zweedse Minecraft-ontwikkelaar Mojang wordt aangeklaagd door het Amerikaanse bedrijf Uniloc voor patentinbreuk, las ik bij Tweakers. Markus Persson, de bedenker van het concept, vond dit grappig want wat heeft hij als Zweeds bedrijf immers te maken met Amerikaanse patentwetgeving?

Nou, toch iets meer dan je zou denken. Het enkele feit dat jij als bedrijf niet in de VS gevestigd bent, maakt niet dat je automatisch niets met de Amerikaanse wetgeving te maken hebt. Waar het om gaat, is of je de gepatenteerde producten of werkwijze toepast (verhandelt, verkoopt, bedrijfsmatig inzet, etc) in de VS. Dat is ongeveer hetzelfde criterium als bij ons, en het wordt ook op dezelfde manier ingevuld: wat doe je precies en in hoeverre is daaruit af te leiden dat je je specifiek op de VS richt?

Wie bv. adverteert in Amerikaanse tijdschriften, prijzen in US dollars vermeldt en “free shipping in Continental USA” vermeldt, valt onder de Amerikaanse patentwetgeving. Idem voor verkoop van apps in een appstore van een Amerikaans bedrijf zoals Google of Apple. Een Nederlandstalige site waar toevallig een Amerikaan iets kan bestellen daarentegen niet. Bij een generieke Engelstalige site waar iedereen lid kan worden is het een grijs gebied.

Een andere vraag is wat de patenthouder kan doen met een voor hem gunstig vonnis als de gedaagde niet in de VS gevestigd is. Er is geen verdrag bijvoorbeeld tussen Amerika en Zweden (of de EU) dat tenuitvoerlegging van Amerikaanse octrooivonnissen mogelijk maakt in Zweden. Dus stel Minecraft verliest, dan is er bar weinig te halen financieel gezien. Heel misschien is er iets te verzinnen met inbeslagname van servers van het bedrijf die in een Amerikaans datacenter staan, maar meer zou ik zo niet weten.

Heb je wél bezittingen in de VS, of komen die er later te staan (je bedrijf breidt uit over een paar jaar) dan zijn die via dat vonnis alsnog op te eisen en te gelde te maken. Wuif dus zo’n octrooiclaim nooit zomaar weg, want ook jaren later kan het nog tot problemen leiden.

Arnoud

Kun je in Amerika nog steeds alles patenteren?

| AE 2975 | Intellectuele rechten | 16 reacties

In Amerika kun je zo ongeveer alles patenteren, is al een tijdje de vaste opvatting. Dit is gebaseerd op twee uitspraken van het US Supreme Court van medio jaren negentig: eerst een biotech-arrest waarin “anything under the sun that is made by Man” patenteerbaar werd verklaard, en daarna een software-arrest waarbij het criterium “nuttig, concreet… Lees verder

Amerikanen gooien (eindelijk) octrooirecht op de schop

| AE 2697 | Intellectuele rechten | 10 reacties

Zo, dat werd tijd. De America Invents Act (voorheen Patent Reform Act of 2011) is door de Senaat goedgekeurd en door Obama getekend. Dit is de belangrijkste aanpassing aan de Amerikaanse patentwet in decennia, hoewel het dan ergens wel weer jammer is dat het weinig van de problemen met patenten oplost. De belangrijkste wijziging is… Lees verder

Komen er weer softwarepatenten aan in Europa?

| AE 2672 | Intellectuele rechten | 25 reacties

Richard Stallman in de bocht. Ik las een artikel in de Guardian waarin de vrijesoftwarevoorman de noodklok luidt over de bedreiging van het softwareoctrooi. Eén stukje schoot me echt in het verkeerde keelgat: de plannen om een trans-Europees octrooi in te voeren zouden een sneaky manier zijn om stiekem toch weer softwareoctrooien te legaliseren. Al… Lees verder

“Invasie van patenttrollen verwacht na Microsoft/i4i-arrest Supreme Court”

| AE 2582 | Intellectuele rechten | 15 reacties

Microsoft moet i4i 300 miljoen dollar betalen voor patentschending, nadat alle bezwaren zijn verworpen, meldde Webwereld vrijdag. Er wordt voor een invasie van patenttrollen gevreesd, omdat de Supreme Court de bewijsregels in patentrechtszaken wel heel pro-patenthouder lijkt te formuleren. Het patent van i4i is geldig, omdat Microsoft geen “helder en overtuigend” bewijs van het tegendeel… Lees verder

3D dinsdag: Zou een 3D Pirate bay legaal zijn?

| AE 2574 | Innovatie | 14 reacties

Worden 3D-printers de nieuwe Napster? Met die vraag in het achterhoofd bespreek ik elke dinsdag een aspect van het intellectueel eigendomsrecht en waar dat botst met de mogelijkheden van 3D printen. Op basis van deze blogs en jullie feedback daarop wil ik hier uiteindelijk een boek van maken. En natuurlijk publiceer ik dan geen comments… Lees verder

3D dinsdag: Het auteursrecht

| AE 2539 | Innovatie, Intellectuele rechten | 16 reacties

Worden 3D-printers de nieuwe Napster? Met die vraag in het achterhoofd bespreek ik elke dinsdag een aspect van het intellectueel eigendomsrecht en waar dat botst met de mogelijkheden van 3D printen. Op basis van deze blogs en jullie feedback daarop wil ik hier uiteindelijk een boek van maken. En natuurlijk publiceer ik dan geen comments… Lees verder

3D dinsdag: Het octrooirecht

| AE 2509 | Innovatie, Intellectuele rechten | 11 reacties

Worden 3D-printers de nieuwe Napster? Met die vraag in het achterhoofd bespreek ik elke dinsdag een aspect van het intellectueel eigendomsrecht en waar dat botst met de mogelijkheden van 3D printen. Op basis van deze blogs en jullie feedback daarop wil ik hier uiteindelijk een boek van maken. En natuurlijk publiceer ik dan geen comments… Lees verder