Afgaan op de juistheid van een wizard

| AE 4867 | Iusmentis, Regulering | 6 reacties

Intrigerend vonnis over rechten ontlenen aan een wizard op de site van het Openbaar Ministerie. Als de wizard zegt dat je een goede kans maakt (“waarschijnlijk gegrond”) maar de wet zegt van niet, wie wint er dan? Nou, de wizard. Want die moet (als ie bij het OM staat) gewoon zeggen wat de wet is. Dat blijkt uit een recent parkeervonnis want over weinig spijkers op laag water wordt zo veel geprocedeerd als parkeren en flitsen.

Ik spaar vonnissen waarin disclaimers direct of indirect een rol speelden, en ik dacht dus ook dat dit een mooie zou zijn. Maar de site van het OM hééft helemaal geen disclaimer. Ook geen proclaimer – de binnen de overheid gepromote variant op de disclaimer waarin je zegt wat je wél waar gaat maken.

In deze zaak had een vrouw een boete gekregen voor “parkeren in strijd met een parkeerverbod/parkeerverbodszone (bord E1)”. Naast de klacht dat de situatie onduidelijk was, had ze ook pas ruim na vier maanden de beschikking ontvangen. En nu heeft het OM de bezwaartest, een wizard waarbij je kunt zien of je bezwaar kans maakt. Als je die doorloopt en dan kiest voor “het duurde maanden voor ik de beschikking kreeg”, dan krijg je dit:

screencapture-doe-de-test

“Waarschijnlijk gegrond” klinkt voor mij als “in principe gaat u dat winnen” en dat is toch mooi om te horen. Maar de wet zegt nergens dat die termijnoverschrijding automatisch een afwijzing of zo van de beschikking moet opleveren, dus hoewel het OM het kwalijk vond dat dit zo in de wizard stond, mocht dat geen gevolgen hebben volgens de officier. Maar nee, zegt de rechter:

Aldus heeft de officier van justitie zelf de suggestie gewekt dat er wel gevolgen zijn verbonden aan het overschrijden van de termijn van 4 maanden. Onder die omstandigheden had de officier van justitie die verwachting ook dienen waar te maken.

Het beroep tegen de beschikking is dan ook gegrond en mevrouw hoeft geen boete te betalen.

Het vonnis was uit oktober en vandaag staat het er nog steeds, dus kennelijk vindt men het ook weer niet zó vervelend om dat uit die wizard te laten komen.

Arnoud

Voorlichting op gemeentewebsite Den Haag bindend bij parkeerboete

| AE 2176 | Informatiemaatschappij | 12 reacties

parkeren-den-haag-verboden-te-parkeren-asfalt-weg.pngZo, ik ben weer terug van vakantie. En gelijk een leuk vonnisje gevonden: welke rechten kun je ontlenen aan de website van een gemeente? In een rechtszaak over het parkeerbeleid van de gemeente Den Haag genoeg om geen parkeerboete te hoeven betalen in ieder geval.

Een burger had haar auto geparkeerd aan de Suezkade te Den Haag, een “plaats waar mag worden geparkeerd tegen betaling van parkeerbelasting” zoals dat zo mooi heet. Zij kreeg een boete, haar digitale parkeervergunning zou niet op de juiste manier zijn aangemeld en daarmee niet geldig zijn geweest.

In de beroepsprocedure voerde de parkeerder aan dat de voorwaarden van de vergunning niet meegestuurd waren in de envelop waarmee de parkeervergunning opgestuurd was. Ze was daarom op de website van Den Haag gaan kijken, en ze had de instructies daar keurig opgevolgd. Dat die instructies dan onvolledig zijn, kon toch niet haar schuld zijn?

De gemeente vond van wel: ze had gewoon even moeten bellen en dan hadden ze de voorwaarden keurig op kunnen sturen. Wie gaat er nou op internet kijken als er een stuk papier ontbreekt in een envelop? Gelukkig vindt de rechtbank dat argument net zo’n onzin als ik:

Met eiseres is de rechtbank van mening dat – uiteraard indien en voor zover dat voorhanden is – daartoe kan worden volstaan met het raadplegen van de informatie op de internetsite van de gemeente Den Haag.

Op de website stonden enkele voorwaarden vermeld, zoals het moeten plaatsen van een parkeerschijf en niet langer dan twee uur aaneen parkeren, maar nu net niet de voorwaarde dat je de bezoekersvergunning na aanvraag nog eens moet aanmelden. Dat was waar de gemeente de boete op baseerde, maar de rechtbank verwijst deze eis naar de prullenbak:

Nu in de digitale gebruiksinstructie niets staat vermeld over het aanmelden van de digitale vergunning, behoefde eiseres niet te weten dat dit een noodzakelijke voorwaarde was. Eiseres heeft naar het oordeel van de rechtbank niet hoeven te twijfelen aan de op internet door de gemeente gegeven informatie. Dit geldt temeer daar de op internet – en op Schermprint I – weergegeven informatie en voorwaarden voldoende specifiek en uitgebreid zijn.

Het zou leuk zijn geweest als de rechtbank ook nog wat had gezegd over de proclaimer van de gemeente, want erg ‘pro’ vind ik die niet:

De gemeente Den Haag garandeert echter niet dat de inhoud van het Platform volledig, accuraat en juist is. … De informatie op dit Platform is uitsluitend bedoeld als algemene informatie en voor algemeen gebruik. Er kunnen geen rechten aan de informatie op het Platform worden ontleend. De gemeente Den Haag is niet aansprakelijk voor enige schade die is of kan ontstaan als gevolg van (blablabla).

Het idee van een proclaimer was toch juist vermelden “wat lezers en gebruikers wél kunnen verwachten”?

Prachtig hoe dat dan gaat: oh, we moeten een proclaimer, dan nemen we de aanbevolen proclaimertekst over maar laten we Juridische Zaken er even naar kijken. En die typt er dan toch weer precies die standaarddisclaimerzinnen in over die er nu net uitgegooid waren. Argh! Ik heb zo’n hekel aan copypastejuristerij.

Afijn, de rechtbank is gelukkig recht door zee: op de site staat het duidelijk en ondubbelzinnig, dus als burger kun je daar rechten aan ontlenen. Of de rechtbank (net als heel Nederland) vergeten is de disclaimerproclaimer te lezen of deze bij voorbaat al aperte onzin vond, weet ik niet, maar de uitkomst is hoe dan ook terecht.

Update (25 november) zie ook deze zaak over een verouderd postadres van de Belastingdienst dat nog op hun website stond. Ook daar mocht de burger vertrouwen op de site.

Update (30 september 2011) zie ook deze strafzaak waarin informatie op gemeentewebsites meewoog bij de vraag of verdachte “redelijkerwijze had kunnen vermoeden” (waar het om het primair tenlastegelegde gaat) of het “wist of redelijkerwijs had kunnen weten” van het subsidiaire tenlastegelegde. De gemelde informatie was onjuist maar dat bleek alleen uit recente nieuwe inzichten. Vrijspraak.

Update (12 juli 2012) voor het mogen heffen van parkeerbelasting op een extra koopavond in Nijmegen is de enkele vermelding daarvan op de website niet genoeg. Koopavonden moeten ook ter plaatse kenbaar zijn gemaakt.

Update (22 december 2013) dit vonnis moedigt disclaimers aan (ben ik bang) door te oordelen dat een uitgebreide webpagina over wat je verzekering dekt, bóven de verzekeringsvoorwaarden gaat.

(…) de tekst op de website van AnderZorg (ten aanzien van de vraag of kosten van plastische chirurgie onder de basiszorgverzekeringen vallen) uitgebreid is en uit niets blijkt dat de opsomming en tekst niet limitatief of niet volledig zou zijn. De conclusie is daarom dat [eisende partij] er op grond van de tekst van de website vanuit mocht gaan dat die tekst de volledige aard en omvang van de door haar gesloten zorgverzekering met AnderZorg, in elk geval voor wat betreft de kosten van plastische chirurgie, betrof.

Arnoud<br/> Foto: Conanil, CC-BY 2.0