Wanneer moet je een geband persoon teruglaten op je forum?

Van forums verwijderd (geband) worden is een regelmatig terugkerend onderwerp hier. Logisch ook: de gemoederen lopen hoog op en dan wordt er al snel met juridische taal gegooid. Hier weer een lastige die we nog niet gehad hebben.

Eén van onze bezoekers had nogal ongezouten en vaak grove meningen gepost op ons forum. Vanwege taalgebruik en klachten van anderen is zij na een paar waarschuwingen tijdelijk geband. Na die ban kwam ze weer terug en begon alles van voren af aan. Toen hebben we haar permanent verbannen, zoals ook in ons reglement staat. Toen kwam ze vanaf een ander IP-adres terug met een andere usernaam, die we vervolgens ook weer opgeheven hebben. Nu schrijft zij: “ik wil alleen maar op het forum kunnen posten. Jullie bans zijn een schending van mijn vrije meningsuiting en ik ga daar stappen tegen ondernemen.”

Als site-beheerders heb je natuurlijk het recht om je site in te richten zoals je wilt. Maar als je je site openstelt voor anderen, dan kun je niet zomaar meer eenzijdig bepalen hoe alles verloopt. Je moet dan rekening houden met de belangen van je bezoekers.

Een goed huisreglement is dan van wezenlijk belang. Daarin zet je wat je wel en niet gewenst acht op je forum, en wat je gaat doen als mensen zich daar niet aan houden. Na een waarschuwing een tijdelijke en daarna een permanente uitsluiting is bijvoorbeeld een prima regeling. Zolang maar duidelijk is wat de regels zijn.

Desondanks kunnen forumbeheerders of moderators niet zomaar elk bericht om elke reden verwijderen of aanpassen. Iemands meningsuiting is beschermd, en er moet dus een geldige reden zijn om dat te doen. Bij illegale bijdragen (belediging, racisme, inbreuk op andermans rechten) is er evident zo’n geldige reden aanwezig. Reclame mag ook zomaar verwijderd worden. En berichten die off-topic zijn, kunnen verplaatst of eventueel verwijderd worden. Maar inhoudelijk ingrijpen bij on-topic discussies zou zeer uitzonderlijk moeten zijn.

Wie zich echter aantoonbaar misdraagt en bij herhaling de regels overtreedt, mag van een forum worden uitgesloten. Belooft hij dan beterschap, dan mag het forum hem terugnemen maar dat hoeven ze uiteraard niet te doen. Dat is dan de keuze van de beheerders.

Arnoud

Te duur artikel geleverd: moet het terug?

Een blij verraste lezer mailde me:

Ik heb een processor via een webshop besteld, maar er is een duurdere geleverd. De factuur vermeldt gewoon het typenummer dat ik besteld had, dus ik denk dat het om een fout gaat aan hun kant. Ben ik verplicht de processor terug te sturen?

De winkel was verplicht om de juiste processor te leveren (binnen 30 dagen, tenzij anders afgesproken). Als ze die niet hebben, mogen ze een gelijkwaardig alternatief leveren. Tenminste, als dan in hun algemene voorwaarden vermeld is. Dat zou je dus even na moeten lezen, en als dat er staat, mag je er vanuit gaan dat dit een vervangend product is (art. 7:46f lid 3 BW). En dan mag je het gewoon houden. Maar ja, op die factuur staat niet “vervangend product” of zo, dus dat pleit er weer voor dat iemand het verkeerde doosje heeft gepakt in het magazijn.

In de meeste gevallen kom je dan uit op art. 7:17 BW, waarin staat dat het geleverde aan de overeenkomst moet beantwoorden. Volgens lid 3 is dat altijd het geval bij een “andere zaak dan overeengekomen”. De koper kan dan vervanging eisen (art. 7:21 lid 1 BW). De kosten van de vervanging komen voor rekening van de verkoper (7:21 lid 2 BW). Kortom, de zaak moet teruggestuurd en de winkel moet het juiste product aanleveren.

Zit je nog in de bedenktijd van zeven werkdagen na ontvangst, dan mag je ook de koop ontbinden (art. 7:46d BW). Ook dan moet het product terug, maar dan komen de kosten voor rekening van de koper. Dat zou ik dus niet doen in dit geval.

Je kunt de winkel even bellen of mailen en kijken of je tot een gunstig compromis kunt komen. Terugsturen en een nieuw product sturen is voor hen ook het nodige werk met bijbehorende kosten. Misschien zijn ze wel bereid om het er bij te laten, of bieden ze aan dat je de dure processor mag houden tegen slechts een kleine bijbetaling.

Je zou er natuurlijk op kunnen gokken dat de winkel niet doorkrijgt dat ze het verkeerde hebben geleverd. Maar stel dat ze dat wel doen? Dan kunnen ze eisen dat je het teruggeeft. De processor is immers niet degene die je had gekocht, dus je houdt nu iets in bezit dat niet van jou is. En dat heet verduistering en is een misdrijf.

Mij is het nog nooit overkomen. Jullie wel?

Arnoud

[Powerpoint zondag] De kracht van de opening

Powerpoint zondag: een serie artikel over hoe je op een effectieve manier van Powerpoint gebruik kunt maken.

Niemand zit te wachten op een presentator die “iets gaat vertellen”. Het publiek komt om iets te leren, om iets te gaan doen met wat je vertelt. Alles draait dus om de boodschap die je het publiek mee wilt geven. En dat begint al meteen met de opening.

Wedding Toaster Number One, door prozacblues We staan op de Keukenbeurs bij de productpresentatie van een nieuwe broodrooster. “Goedemorgen, mijn naam is Hans de Vries, senior product manager bij de afdeling Keukenapparatuur van Kitchenette. Onze afdeling is als volgt georganiseerd. Naast de productlijn Snijden & Hakken hebben we sinds 2003 ook de nieuwe productlijn Bakken, die volgend jaar zal samengaan met de nieuwe business unit Braden en Frituren.” Bent u ook al doorgelopen?

Toch is dit precies hoe de meeste zakelijke presentaties beginnen. Jezelf voorstellen is natuurlijk prima, maar waar jouw afdeling zit in het grote bedrijf, en dat je in 1920 getransformeerd bent van een houtzagerij naar een bank, is zelden relevant voor je publiek. Als de eerste dertig seconden saai zijn, haken mensen af en dan krijg je ze niet meer terug. Dus begin met een pakkende opening. “Goedemorgen, ik ben Hans de Vries en ik ga er voor zorgen dat uw toast nooit meer zwart wordt.” Kijk, nu heb je mijn aandacht.

Stel jezelf in één zin voor en geef meteen de hoofdboodschap. Doe dat op een prikkelende manier. Een intrigerend lokkertje, een teaser werkt vaak goed. “Heeft u zich wel eens afgevraagd waarom de iPod wit is?”

Je kunt beginnen met een grap. Ik moest een keer een presentatie houden over information overload. Dan kon ik natuurlijk een overvol bureau laten zien. Maar dit werkte beter:

informationoverload.jpg

Een persoonlijke anekdote is een goede ijsbreker. Ik heb veel presentaties gegeven over softwareoctrooien, en begon die altijd met “Ik ben afgestudeerd in de informatica, dus ik weet wat software is. Ik heb doorgeleerd voor octrooien, dus ik weet wat een octrooi is. Ik heb alleen geen flauw idee wat een softwareoctrooi is.”

Een goede opening prikkelt dus je publiek, zodat men nieuwsgierig wordt naar de rest van het verhaal. En hoe je dat op een effectieve manier over de bühne krijgt, vertel ik de volgende keer.

Arnoud

Microsoft wil Yahoo! kopen, mag dat?

Microsoft wil internetbedrijf Yahoo overnemen voor 44,6 miljard dollar (omgerekend net geen 30 miljard euro), maar mag dat eigenlijk wel? Microsoft heeft al de nodige rechtszaken en andere procedures aan de broek wegens haar dominante machtspositie. Het bedrijf is een van de drie grootste bedrijven ter wereld in de markt voor zoekmachines en aanverwante diensten, naast Google en het Yahoo dat ze nu willen overnemen.

Als die markt van drie naar twee grote spelers teruggaat, zou je dat kunnen zien als slecht voor de concurrentie. Dat is al snel een reden om zo’n overname te verbieden. Hoe minder spelers, hoe minder concurrentie en daar is de consument niet bij gebaat. Update (3 februari) de eerste klacht is binnen: het duopolie Google/Microhoo is een te grote bedreiging voor de privacy.

Daar komt nog bij dat Microsoft een dominante positie (bijna-monopolie) op de desktop heeft, met XP en Vista. Elke integratie van Microhoo Search (of hoe het dan ook maar gaat heten) in Windows is dan al heel snel misbruik van die dominante positie om de concurrentie op de markt voor zoekdiensten te verpesten. En ook dat mag niet.

Aan de andere kant, Microsoft en Yahoo kunnen afzonderlijk niet tegen de gigant Google op. Een consolidatie van deze ‘kleintjes’ zou dan een machtsblok kunnen zijn waardoor Google minder dominant wordt in deze markt. En dat is juist een reden om de overname toe te juichen.

Ars Technica kwam halverwege januari met een uitgebreide analyse over de businesskant van een overname als deze.

Wat denken jullie? Een tweede machtige partij die tegenwicht voor Google kan bieden, of wederom een vorm van misbruik van de machtspositie van Microsoft?

Arnoud

De fair use policy (FUP) van providers als oneerlijke handelspraktijk

Onbeperkt spareribs eten, maar u moet het wel redelijk houden. Dat vind ik niet echt onbeperkt, u wel? Toch is dat feitelijk hetzelfde als wat veel internetproviders gebruiken: onbeperkt internetten, maar met een fair use policy (FUP). Deze zegt dan dat het internetverkeer “redelijk” moet zijn of “niet veel meer dan het gemiddelde van alle klanten” of iets van die aard.

Bij de aankondiging van mijn artikel Contracten met internetproviders werd in de reacties de vraag gesteld:

Als een provider een Fair Use Policy hanteert, is het dan nog redelijk dat de provider adverteert met “geen datalimiet” en “onbeperkt internettten”? Ik vermoed zelf van niet, want er is wel een datalimiet en het internetten is niet onbeperkt.

Nu komt er binnenkort verbod op oneerlijke handelspraktijken. Als deze wet er door is, is het verboden om als handelaar iets te doen waardoor

het vermogen van de gemiddelde consument om een geïnformeerd besluit te nemen aanmerkelijk wordt beperkt en de gemiddelde consument daardoor een besluit over een overeenkomst neemt of kan nemen dat hij anders niet had genomen.

Hieronder vallen bijvoorbeeld trucs als elke week opheffingsuitverkoop of een stuntaanbieding die om vijf over negen al is uitverkocht “maar we hebben nog wel veel andere mooie producten”. Maar het gaat niet alleen om dat soort malafide zaken. De regels zijn algemener. Zo mag je geen misleidende omissie hebben in je advertentie: geen essentiële informatie weglaten die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen.

Als voorbeelden hiervan noemt het wetsvoorstel:<BR/> a. de voornaamste kenmerken van het product, in de mate waarin dit gezien het medium en het product passend is;<BR/> d. de wijze van betaling, levering, uitvoering en het beleid inzake klachtenbehandeling, indien deze afwijken van de vereisten van professionele toewijding;

De toegestane hoeveelheid dataverkeer van een internetabonnement lijkt mij een zeer essentieel kenmerk. Dit bepaalt voor een groot deel hoe duur een abonnement is. En om abonnementen te kunnen vergelijken, moet je weten wat je bij elk abonnement mag.

Bovendien is “fair use policy” bepaald geen duidelijke omschrijving van de wijze van uitvoering de overeenkomst. Hoe weet ik zelfs maar wanneer ik meer gebruik dan mijn medegebruikers?

Een provider moet dus volgens dit wetsvoorstel aangeven wat er nu precies mag. Een vage omschrijving als “in alle redelijkheid” laat essentiële informatie weg en is daarmee misleidend.

UPDATE (7 februari 2008) omdat de Richtlijn al ingevoerd had moeten zijn, is tegenwoordig “richtlijnconforme interpretatie” van de regels uit de Richtlijn van kracht. Dat maakt het mogelijk om een bestaande wetsbepaling zo uit te leggen dat de uitkomst net is of de Richtlijn al wel ingevoerd is. Voor de FUP heb je nu al de mogelijkheid om deze algemene voorwaarde te vernietigen door te zeggen dat die onredelijk bezwarend is. Een richtijnconforme uitleg van deze eis (conform de richtlijn oneerlijke handelspraktijken dus) moet er dan toe leiden dat de FUP onredelijk bezwarend is omdat essentiële informatie weggelaten wordt. Meer hier.

Arnoud

Nieuw op Iusmentis: Merkengrappen, persiflages en parodiërende reclame

Persiflages, parodieën en andere grappen over merken worden vaak gemaakt. Vaak leuk bedoeld, maar niet altijd toegestaan. Zeker als de maker commerciële of concurrerende motieven heeft, is zo’n merkengrap al snel inbreuk op het merkrecht.

Een grap wordt leuker als het over iets bekends gaat, dus grappen over merken of reclames zijn populair. Zo kun je een bedrijfslogo met Photoshop bewerken tot het reclame voor softdrugs wordt, of een erotische parodie maken op een keurig reclamespotje. Daarbij gebruik je echter wel een merk van het bedrijf achter het origineel. De merkenwet kent alleen geen recht op parodie zoals de auteurswet dat wel heeft.

Gebruik van andermans merk kan merkinbreuk zijn. En niet alleen wanneer je het merk (of een verwarrend gelijkend teken) commercieel gebruikt. Ook niet-commercieel gebruik kan inbreuk zijn, als het de reputatie van het merk aantast, of profiteert van de reputatie van het merk. Bijvoorbeeld door het merk alleen maar de grond in te boren. Er moet een geldige reden zijn om het merk in de parodie, persiflage of grap te gebruiken. De vrije meningsuiting is het bekendste voorbeeld.

Lees verder in Merkengrappen, persiflages en parodiërende reclame.

Arnoud

Afgifte persoonsgegevens door providers toegestaan, maar niet zomaar

Europese landen mogen geen ongenuanceerde regels hanteren dat internetproviders persoonsgegevens van klanten altijd moeten afgeven bij rechtszaken, zo oordeelde het Europese Hof van Justitie gisteren. Een instantie als BREIN, of iemand die zich beledigd voelt, heeft dus niet per definitie recht op persoonsgegevens van een klant. Zij zal moeten aantonen dat afgifte gezien de specifieke omstandigheden van de zaak echt noodzakelijk, redelijk en proportioneel is.

Voor Nederland betekent dat dat er niets verandert aan de huidige praktijk. Bij ons moeten providers persoonsgegevens van klanten afgeven wanneer deze mogelijk iets illegaals doen en er geen snellere manier is om achter klantgegevens te komen. Dat blijkt uit het arrest HR Lycos/Pessers, waarin provider Lycos de persoonsgegevens moest afgeven van de klant die Pessers beledigd en besmaad zou hebben.

De HR oordeelde destijds dat afgifte niet altijd moest, maar alleen als de rechter

een nauwgezette afweging [heeft] gemaakt van alle betrokken belangen, waaronder het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de websitehouder (r.o. 5.4.3).

En dat is precies het soort afweging die het Europese Hof nu zegt dat je moet maken. De HR haalde dit uit art. 8 sub f van de Wet Bescherming Persoonsgegevens, en die WBP is de implementatie van de Europese privacywetgeving.

Hoewel de meeste media het gelijk hebben over “muziek uitwisselen mag nu anoniem”, is dit arrest niet speciaal voor filesharing. Het gaat om de vraag of iemand, ongeacht onderwerp, de persoonsgegevens van een klant van een provider mag eisen omdat hij die klant een proces wil aandoen. Dat speelt vaak bij filesharing, maar ook bij smaad, schending van portretrecht en andere onrechtmatige dingen is deze vraag relevant.

De aanleiding voor de zaak was een Spaans geschil over illegale muziekverspreiding via KaZaA. Promusicae, zeg maar de Spaanse BREIN, had bij de Spaanse rechter de persoonsgegevens opgeëist van een klant van internetprovider Telefónica. Deze weigerde dat met een beroep op de Spaanse privacywetgeving. Omdat zowel de wetgeving over auteursrecht als die over privacy uit Europese richtlijnen komt, en op dit punt dus een botsing ontstond tussen Europese regels, stelde de Spaanse rechter een zogeheten prejudiciële vraag aan het Europese Hof van Justitie over hoe deze wet nu moet worden uitgelegd.

De Spaanse rechter krijgt de bal nu dus netjes terug en moet gaan afwegen of het echt de beste oplossing is als Telefónica nu de persoonsgegevens afgeeft aan Promusicae. In het geval van Lycos/Pessers bleek dat achteraf trouwens niet zo zinvol: de beledigende klant bleek vervalste persoonsgegevens opgegeven te hebben.

Remy Chavannes wees al eerder op het lastige aan zo’n belangenafweging. Wat vaak gemist wordt, is

(…) het bredere belang om niet lichtvaardig te worden geconfronteerd met informatieverstrekkingsverzoeken van beweerdelijk beschadigde derden. Dergelijke verzoeken brengen immers onderzoeks- en juridische kosten met zich mee, terwijl de beslissing om al dan niet te voldoen aan het verzoek steeds juridische en publicitaire risico’s met zich brengt

Ziijn voorstel voor een John Doe procedure is m.i. een betere oplossing.

Via Volledig bericht, pardon Boek 9.

UPDATE: zie ook de blog van Lex Bruinhof die tot dezelfde conclusie komt.

Arnoud

Andermans site scrapen, wanneer mag dat?

Voor Netters, een community voor webbouwers, schreef ik een juridische analyse over scrapen, hergebruik van stukjes content van andermans site.

Scrapen is een vorm van uitbesteden. Een zoekmachine bouwen is veel werk. En dat geldt niet alleen voor algemene zoekmachines zoals Google, maar ook voor speciale zoekmachines voor huizen, auto’s, contactadvertenties en noem maar op. Veel van dat werk zit hem in het verzamelen en onderhouden van de content. Hoe houd je je database up-to-date, wanneer verwijder je een te koop staand huis en bij welke advertenties moet je ingrijpen omdat er iets illegaals wordt verkocht? Erg fijn dus als je al dat gedoe kunt uitbesteden, en jij je alleen bezig hoeft te houden met zoekresultaten tonen – en natuurlijk de advertenties er omheen.

Maar ja, dan moet die advocaat wel een recht in stelling kunnen brengen. Zomaar iets laten verbieden gaat meestal niet. Dus wat valt er juridisch te doen tegen scrapen? Of omgekeerd, wat mag je scrapen van andermans site?

Lees verder in Andermans site scrapen, wanneer mag dat? bij Netters.

Arnoud

Hoe kom je onder een opzegtermijn uit?

Er is veel klein leed bij internetgebruikers in hun relatie met de provider, zo blijkt uit de vele reacties over mijn artikel over contracten met internetproviders. Eén van de gemailde vragen ging over de opzegtermijn: deze lezer had een jaarabonnement met een opzegtermijn van drie maanden. Die had hij met een week gemist. Zit hij nu werkelijk voor weer een jaar vast aan het contract?

Als je snel bent, en je provider een beetje coulant, zou een weekje te laat opzeggen geen probleem moeten zijn. Maar dat is een gunst en geen recht: als de voorwaarde drie maanden zegt, moet je voor die tijd opzeggen. Meestal.

Want drie maanden opzegtermijn is wel erg lang voor een jaarabonnement, zeker omdat een provider meestal vrij weinig hoeft te doen om een abonnement te beëindigen. Hooguit moet er een ADSL- of kabelmodem terug, en daar is echt geen drie maanden voor nodig.

De wet stelt dan ook regels over lange opzegtermijnen. Op de zogeheten grijze lijst van “vermoedelijk onredelijk bezwarende” algemene voorwaarden staat dit:

Vermoedelijk onredelijk bezwarend is een beding dat de wederpartij aan een opzegtermijn bindt die langer is dan drie maanden of langer dan de termijn waarop de gebruiker de overeenkomst kan opzeggen.

Inderdaad, meer dan drie maanden. De provider zit hier dus precies op de grens, zo lijkt het. Maar nee. Het feit dat meer dan drie maanden in principe verboden is, betekent niet dat een opzegtermijn van drie maanden dus toegestaan is. Je mag de grijze lijst niet a contrario toepassen, zoals juristen dat noemen.

Wel is het zo dat nu de bewijslast bij de klant ligt. Die moet aantonen dat drie maanden onredelijk bezwarend is. Als de termijn meer dan drie maanden was, dan werd de bewijslast omgekeerd en moest de provider aantonen dat de termijn juist wel redelijk was. Wat meestal niet lukt; zie bijvoorbeeld LJN AU0617 waar een opzegtermijn van maar liefst negen maanden ongeldig werd verklaard.

Als het de klant lukt om aan te tonen dat de opzegtermijn onredelijk lang is, dan zal de rechter de bepaling over opzegtermijn in zijn geheel schrappen (“vernietigen”). Je mag dan zelfs 1 dag voor het einde van het contract nog opzeggen. Maar omdat voor elkaar te krijgen, moet je vrees ik wel naar de rechter, want het bedrijf zal zich niet snel laten overtuigen door zo’n argumentatie.

Misschien aardig om gelijk een mini-poll te houden: ik heb dertig dagen opzegtermijn bij mijn provider, en jullie?

Arnoud

Computerinbraak door persbureau Novum Nieuws

Het persbureau Novum Nieuws is veroordeeld voor computervredebreuk. Novum, opgericht als concurrent voor ANP, bleek regelmatig ingebroken te hebben op de servers van het ANP om zo toegang tot ANP-nieuws te krijgen. Daarbij maakte het bedrijf gebruik van inlogcodes van McPro, RTV Utrecht en Sky Radio. Het gebruik van andermans inlogcode (gebruikersnaam en wachtwoord) is een vorm van computervredebreuk. Bij mijn weten is dit de eerste keer dat een rechtspersoon (bedrijf) veroordeeld wordt voor dit misdrijf.

Er was nog wat discussie over welke vorm van computervredebreuk het nu was, maar de rechtbank maakte daar korte metten mee. Het OM had ten laste gelegd dat een “technische ingreep” (een computerkraak of exploit) was gebruikt, maar het bedrijf verweerde zich door te zeggen dat men gewoon een bestaand wachtwoord had gebruikt. Dat vond de rechter juist, maar ook gebruik van andermans wachtwoord is een strafbaar feit. En terecht.

De rechtbank legde het bedrijf een geldboete op van € 4.000 (waarvan € 2.000 voorwaardelijk). Dit is lager dan de eis van 11.250 euro. Het OM had onvoldoende onderbouwd hoe zij tot haar eis kwam. Bovendien nam de rechtbank het ANP kwalijk dat zij kennelijk te weinig had gedaan om zich te beschermen tegen dit soort ongeautoriseerd gebruik door derden. Er zijn tenslotte genoeg eenvoudige technische maatregelen om dit te voorkomen, zoals het beperken van het aantal IP-adressen dat gebruik mag maken van de dienst.

In haar motivatie is de rechtbank hard:

Novum heeft zeer kwalijk gehandeld door zich ten behoeve van haar nieuwsgaring via aan derden verleende inlogcodes de toegang te verschaffen tot de Artos nieuwsserver van het ANP en daarvan ook veelvuldig gebruik te maken. Wetende dat aan haar als opkomend concurrent van het ANP geen toegang tot die server zou worden verleend, heeft Novum die toegang gezocht en gevonden via een bevriende relatie, de eigenaar/directeur van de zaak McPro. Na afloop van het contract tussen McPro en het ANP is Novum gebruik gaan maken van de inlogcodes die aan RTV Utrecht en Sky Radio waren verleend (periode [E]). Aldus van de informatie van het ANP profiterend heeft Novum haar eigen positie in haar concurrentie met het ANP willen versterken.

De oprichter/voormalig commercieel directeur en de voormalig hoofdredacteur werden veroordeeld tot een boete van € 2000, waarvan € 1000 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Ook deze eis is lager dan de geëiste voorwaardelijke taakstraf van 80 uur met een proeftijd van 2 jaar. Hoewel zij niet persoonlijk de ‘hack’ pleegden, gebeurde dit wel onder hun feitelijke leiding en daarom werden ook zij vervolgd.

Een eerder kort geding van ANP tegen Novum werd in juli 2005 door het Gerechtshof Amsterdam afgewezen omdat het bewijs niet duidelijk genoeg was. ANP moest, aldus het Hof, maar een bodemprocedure beginnen. ANP heeft er echter voor gekozen aangifte te doen van computervredebreuk.

Update (17 december 2009): in hoger beroep bevestigd. Veroordeling voor Novum zelf en voor de hoofdredacteur als leidinggevende maar vrijspraak voor directeur vanwege onvoldoende directe betrokkenheid.

Update (15 november 2011): in cassatie veroordeling hoofdredacteur in stand gehouden want motivatie Hof niet onbegrijpelijk.

de verdachte – hoewel daartoe bevoegd en redelijkerwijs gehouden – [heeft] geen maatregelen genomen om te voorkomen dat met de inlogcodes zou worden ingelogd op de nieuwsserver van het ANP, de aanmerkelijke kans heeftaanvaard dat van die inlogcodes gebruik zou worden gemaakt om onbevoegd toegang te verkrijgen tot de server van het ANP.

Arnoud