Persoonsgebonden domeinnamen worden opgeheven

Op 31 december 2007 zullen alle persoonsgebonden domeinnamen worden opgeheven. Dit zijn de nooit echt aangeslagen domeinnamen van het soort “jansen.173.nl”, zodat alle Jansens hun eigen naam konden registreren. Vanwege dat rare nummer deden de Jansens dat echter niet of nauwelijks. De enige mooie vond ik Bram Heerink alias de heer Www die met het nummer 112 er vandoor ging.

Als tegemoetkoming had SIDN gedacht aan 25 euro. Wel moeten mensen dan tekenen dat ze geen verdere juridische stappen tegen SIDN zullen ondernemen vanwege de opheffing. Arnout Veenman van ISPam is erg kritisch over dit voorstel:

De vraag is of de wijze waarop SIDN dat nu doet daar aan voldoet. Een tegemoetkoming van 25 euro in de kosten mag gezien worden als aardig, maar het is en blijft natuurlijk een fooi in vergelijking met het verlies dat veel houders zullen leiden. Daarnaast ben ik van mening dat een overgangsregeling, die bestaat uit over 5 maanden je domeinnaam kwijt raken en 25 euro krijgen wanneer je SIDN vrijwaart van juridische stappen tegen dat besluit, niet als een goede overgangsregeling kan worden gezien.

Maar ja, wat moet SIDN anders?

Arnoud

The Jem Report uitgesproken kritisch over GPL versie 3

Jem Matzan, een bekende auteur over open source in o.a. Linux Today, is uitgesproken kritisch over GPL versie 3. Onder de kop “GPLv3 license marks GNU’s decline” schrijft hij:

We will look back on this and say that June 29, 2007 was the day when the Free Software Foundation jumped the shark, creating an impassable chasm where there was already an uncomfortable rift between the Free Software Foundation and GNU Project, and the larger free software and open source worlds. The GPLv3 adds restrictions galore for developers and users alike, none of which are designed to be understood by the people who matter most — programmers and users. The FSF tells us that the new restrictions in the GPLv3, on patents, patent licensing, and hardware capabilities, are there to make us more free. That’s right — more restrictions are being forced on us so that we can be “more free.” If that sounds like a big steaming pile of nonsense to you, then I’m with you, brother.

Zo ver ga ik niet, maar de insteek bij GPLv3 vind ik wel degelijk erg negatief. Zoals ik al schreef, men is “tegen” van alles en niet zozeer “voor” iets. Als je niet uitkijkt, kan dat een sfeer oproepen van wij-hebben-gelijk en voor-afwijkende-meningen-is-geen-plaats en dat komt de samenwerking niet ten goede.

Een ander punt van kritiek is de begrijpelijkheid. Waar een programmeur met een beetje goede wil nog wel door GPL versie 2 heenkomt, zal dat met versie 3 niet meevallen. Hij is twee keer zo lang en drie keer zo moeilijk te begrijpen. Die nieuwe verboden vereisen de nodige moeizame juridische constructies.

UPDATE: (27 juli) vandaag publiceerde Livre mijn artikel GPL versie 3 is in feite tegen open source.

Arnoud

Top 10 innovatieve Nederlandse bedrijven heeft nauwelijks octrooien

Verrassend nieuws van IPEG: 70% van de top 10 innovatieve bedrijven (volgens de bizz/Syntens Innovatie Top 100) heeft geen octrooi op hun innovatie. Zelfs geen aanvraag!

IPEG schrijft enigzins verbouwereerd:

We need to check more thoroughly, but if true this is staggering. What does it tell us? A faulty view on what IP can do for your company? Maybe management thought they could keep the product characteristics secret. Isn’t that unbelievable naïve? Worst of all: all these innovations can be easily copied and used without any compensation to the originators of these innovative ideas. Is that what innovation is al about? Is that where Europe spends millions of euros on, to stimulate new inventive products and services which can be copied by anyone doing some reverse engineering?

Ook Intellectual Asset Magazine maakt zich zorgen:

In some ways small companies without IP rights suit big business – it makes it much easier to appropriate good ideas from them and/or to strike very beneficial deals. But on another level, SMEs that do not get IP are very bad news for the major players. Why? Well, for a start, patent reforms are going to be much harder to achieve in Europe while SMEs do not focus on IP. Until the small guys get serious about the subject in an EU where they make up the overwhelming majority of businesses, IP will be easy to characterise as something that interests only multinational corporations, with all the attendant difficulties that causes people seeking to improve the European patent system. Helping SMEs to understand why IP is so important would be of great benefit to Europe’s big companies because it would mean bringing on board a very powerful ally when they seek to make their case for change.

Arnoud

‘Open voor business’ nu ook verkrijgbaar als PDF

Livre meldt dat het boek ‘Open voor business’ van Jaap Bloem en Menno van Doorn nu ook als PDF-bestand (onder een Creative Commons-licentie) te downloaden is.

Het boek begint met de relatie tussen open source en open innovatie duidelijk te maken. De auteurs zien consumentgeleide innovatie als de sleutel om deze brug tussen open source en open innovatie te bouwen. Uitgangspunt van open innovatie is tenslotte openstaan voor anderen. En waarom zouden dat geen ‘consumenten’ kunnen zijn? Mag je die mensen eigenlijk nog wel ‘consument’ noemen als ze bijdragen aan productontwikkeling en niet alleen maar braaf consumeren wat je ze aanbiedt?

Een boekbespreking bij Kennisland vat het boek als volgt samen:

In zeven hoofdstukken geven de auteurs vorm aan hun vermoeden door de lezer mee te nemen langs voorbeelden van open innovatie, een overzicht van de softwaremarkt, drijfveren in de open-sourcegemeenschap, open sourcecultuur, en de vraag hoe ‘open’ de toekomst zal zijn. Uiteindelijk formuleren Bloem en Van Doorn dertien lessen voor open innovatie. Belangrijkste boodschap is dat gebruikerservaring in open innovatie centraal hoort te staan, serieus genomen moet worden, en dat open business gebouwd wordt rond een meedenkende en meeproducerende massa consumenten.

Arnoud

Providers plakken advertenties op webpagina’s

Advertenties op webpagina’s zijn niets nieuws, maar wat te denken van advertenties toegevoegd door uw provider? Middels een klein stukje software op de proxy kan aan elke door de klant opgevraagde webpagina een advertentie worden toegevoegd. Geheel transparant: de klant ziet het verschil niet en de maker van de webpagina merkt er niets van.

De vraag is natuurlijk: mag dat?

Mij lijkt van niet. Een webpagina is een auteursrechtelijk beschermd werk. Daar advertenties (of wat dan ook) onder plakken is een wijziging van dat werk, en dat mag niet zonder toestemming van de maker. Zeker niet als je profiteert van die wijziging. Een virus er uit halen is één ding, maar geld verdienen gaat echt een stuk verder.

Een provider mag webpagina’s tijdelijk opslaan (cachen). Dat scheelt in het netwerkverkeer en maakt het sneller voor de gebruiker. Maar de provider mag de pagina daarbij niet wijzigen.

Voorbeelden en discussie bij Slashdot.

Arnoud

‘Communities worden in de toekomst steeds belangrijker’ (via Livre)

Kunnen bedrijven profiteren van het open source model? En dan niet alleen voor ontwikkeling van producten, maar ook voor optimalisatie van hun bedrijfsmodel. Livre meldt over een onderzoek in opdracht van Twynstra Gudde over het organisatiemodel van open source communities.

In het kader van dit onderzoek hebben zij met een groot aantal mensen gesproken uit open source communities, bedrijfsmatige organisaties en mensen die commercie en open source hebben weten te combineren. Eén van hun conclusies? ‘Communities worden in de toekomst steeds belangrijker’.

Het onderzoek vond plaats onder leiding van Ruben van Wendel de Joode, die eerder gepromoveerd was op open source communities. Ejn van de opvallendste conclusies in dit kader was is dat open source communities zelforganiserend zijn.

Ontwikkelaars in de communities geven aan, dat ze zelf kiezen wat ze willen doen. De bevindingen uit dit onderzoek laten zien dat het individuele keuzegedrag van ontwikkelaars, welke nauwelijks beïnvloed wordt door instituties, leidt tot verassend intelligente patronen op een collectief niveau. De aanwezigheid van zelforganisatie is belangrijk omdat het betekent dat de communities niet of nauwelijks maakbaar en kopieerbaar zijn.

Voor een bedrijf wordt het dus nog een hele uitdaging om te profiteren van zulke communities. Top-down mensen verplichten in een community samen te werken, zal niet snel lukken. Maar een bedrijf zou wel de ruimte moeten bieden waardoor communities kunnen ontstaan. Wiki’s aanbieden, tijd bieden om aan gezamenlijke projecten te werken, enzovoorts. Want, zo las ik in Computable:

Het gebrek aan bruikbare informatie uit de bedrijfsdata komt vooral doordat deze op verschillende plaatsen en op versnipperde wijze wordt opgeslagen. Er wordt gebruik gemaakt van spreadsheets, databases en datawarehouses. Alleen in het laatste geval (bij slechts een derde van de ondervraagden) is de informatie centraal opgeslagen en heeft het bedrijf snel en efficiënt toegang tot alle soorten informatie.
Een wiki blijkt een uitgelezen manier te zijn om informatie bij elkaar te krijgen en tot een min of meer leesbaar document te verwerken. En in een bedrijfsomgeving spelen de problemen waar Wikipedia last van heeft als het goed is minder. Bedrijfsinformatie is toch van een andere orde dan politiek.

Arnoud

Het interoperabiliteitsoctrooi

Een opvallend nieuw idee: het interoperabiliteitsoctrooi. Twintig jaar bescherming, maar geen exclusiviteit. IBM stelt voor om een nieuw soort octrooi in te voeren dat de octrooihouder alleen het recht geeft om royalties te vragen voor het gebruik van de uitvinding. Bij een octrooi zoals we dat nu kennen, kan de octrooihouder ook gewoon weigeren om gebruik door derden toe te staan, of zelfs de betreffende activiteit van de inbreukmaker via de rechter stil laten leggen.

Joff Wild van IAM vat samen waarom IBM dit graag wil:

The benefits of such a system would be manifold, Kappos believes. “No-one would need to be worried about having their business closed down if they were accused of infringing an EIOP because a licence would always be available – this would make it less important to obtain translations and far less likely there would be litigation, so costs would come right down. It also means that there would be a patent which was aligned with interoperability and global collaboration.” Crucially, the EIOP would not replace the existing system in Europe, but would instead co-exist with it – so companies could choose whether to register or not.

Het idee komt uit de EPO scenarios voor de toekomst.

Arnoud

Bijblad bij de industriële eigendom nu digitaal

Het juridische tijdschrift Bijblad bij de industriële eigendom is nu elektronisch beschikbaar voor iedereen met een papieren abonnement.

Het Bijblad bij de Industriële Eigendom (BIE) is een uitgave van Octrooicentrum Nederland. Het is een vakblad waarin jurisprudentie, actualiteiten, artikelen, boekbesprekingen, berichten en officiële mededelingen op het gebied van het intellectuele/industriële eigendomsrecht worden gepubliceerd.

Arnoud

Creatieve akte van overdracht van auteursrecht

Een auteursrecht wordt overgedragen door een akte, een ondertekend geschrift waarin staat welke rechten nu precies worden overgedragen.

Wat denkt u hiervan?

De rechter vond het goed genoeg:

Het is derhalve duidelijk dat de akte is ondertekend door de maker, die blijkens de akte alle rechten op de strik heeft overgedragen aan Starform. Het auteursrecht op de (stickervellen met) strik(jes) komt gelet hierop Starform toe.”

Gevonden via Boek 9. Ook de inhoudelijke bespreking van de zaak staat daar.

Arnoud

Driestappentoets voor Nederlandse thuiskopieregeling

SP-kamerlid Arda Gerkens heeft kamervragen gesteld over de thuiskopie. (UPDATE: zie de antwoorden) Planet meldt dat de vragen ingegeven zijn door de angst dat onze thuiskopieregeling, die downloaden van illegaal aangeboden muziek en films toelaat, wel eens door “Brussel” ongedaan gemaakt kan worden.

Richtlijn 2001/29/EG bevat nieuwe regels over auteursrecht die alle EU-lidstaten moeten invoeren. Nationale wetten die in strijd zijn met die regels, moeten worden aangepast. Deze richtlijn staat weliswaar toe dat een lidstaat een thuiskopie-regeling hanteert (artikel 5 lid 2), maar zo’n regeling moet dan wel aan de zogeheten Berner driestappentoets voldoen. Dat wil zeggen, de drie eisen die de Berner Conventie stelt aan beperkingen op het auteursrecht. Een land mag dus alleen beperkingen op het auteursrecht invoeren die aan die drie eisen voldoen.

De drie eisen zijn:

  1. de beperking mag alleen gelden voor bepaalde bijzondere gevallen
  2. er mag geen afbreuk worden gedaan aan de normale exploitatie van werken of ander materiaal
  3. de wettige belangen van de rechthebbende mogen niet onredelijk worden geschaad.

Dit zijn zelfs voor juristen vaag omschreven criteria. Advocaat en auteursrecht-expert Kamiel Koelman bijvoorbeeld was in 2006 uitgesproken kritisch over deze toets:

De driestappentoets is het resultaat van een diplomatiek compromis. Hij is geschreven om internationaal overeenstemming te bereiken. De toets is niet ontwikkeld om als criterium te dienen bij beantwoording van de vraag of gebruik in een voorliggend geval onder het verbodsrecht behoort te vallen en is daarvoor dan ook niet geschikt.

Het grootste probleem is dat de toets alleen uitgaat van de belangen van de rechthebbende. Een groot maatschappelijk belang bijvoorbeeld kan niet eenvoudig in deze toets worden meegewogen. De enige mogelijkheid daarvoor is door te stellen dat dat belang het “redelijk” maakt om de belangen van de rechthebbende te schaden. Dat is niet automatisch het geval.

Hoe zou nu onze thuiskopie-regeling passen in deze toets?

De beperking mag alleen gelden voor bepaalde bijzondere gevallen: kopiëren in de privésfeer is waarschijnlijk wel te zien als zo’n “bijzonder geval”. De wetgever moet een bepaald algemeen belang nastreven met de regeling. En het doel van onze thuiskopie-regeling is te voorkomen dat wat mensen thuis doen, ineens een strafbaar feit zou worden.

De wettige belangen van de rechthebbende mogen niet onredelijk worden geschaad: omdat de thuiskopie-regeling een vergoeding kent (op lege dragers), is hieraan voldaan. Het is vrij geaccepteerd dat een beperking waar een vergoeding tegenover staat, aan deze eis voldoet.

Er mag geen afbreuk worden gedaan aan de normale exploitatie van werken of ander materiaal: hier zal waarschijnlijk het knelpunt zitten. Wat is “normale” exploitatie en wanneer doet een beperking daar afbreuk aan? Je kunt betogen dat een uitzondering op het auteursrecht de normale exploitatie niet aantast, omdat het tenslotte een uitzondering op auteursrecht is. Maar dan betekent deze zin niets. Een uitzondering mag omdat het geen afbreuk doet omdat het een uitzondering is. Dat is een cirkelredenering.

Je kunt ook uitgaan van de mogelijkheden om geld te verdienen, wat toch een doel is van het auteursrecht. Zoals Koelman het zegt: als het niet reëel is om te verwachten dat de maker daar geld mee kan verdienen, dan mag het gebruik onder een beperking vallen. Dat klinkt redelijk.

Alleen: dankzij Internet kan nu zowat elke vorm van gebruik in theorie worden gecontroleerd en afgerekend. In plaats van een thuiskopie te downloaden, kunnen mensen tenslotte ook via Internet een origineel kopen. Daarmee doet de regeling afbreuk aan de normale exploitatie. Zeker als de thuiskopie van een illegale bron gemaakt wordt. Dus maakt zo’n theoretische mogelijkheid het nu verboden om dit via een beperking gratis toe te staan?

Het kan nog wel even duren voor er antwoord komt.

Arnoud