Eh, die meldplicht datalekken is dus voor het brakke bedrijf zelf, niet voor de ontdekker

Vele lezers vroegen me variaties op deze vraag:

Ik heb bij een [klant|leverancier|kennis|willekeurige website|app] een datalek ontdekt. Ik kan namelijk [vulmaarin] en daar ben ik best wel van geschrokken. Dit lijkt me een datalek in de zin van de AVG, ben ik nu verplicht dit te melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens?

Er is geen algemene meldplicht dat wanneer je ergens een datalek aantreft, je dit moet melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Sterker nog, er is op papier zelfs geen enkele reden om dat te doen. (Dit is anders dan bij aangifte van strafbare feiten, die iedereen mag doen die daar kennis van heeft.)

Inderdaad kent de AVG een meldplicht datalekken. Maar die geldt alleen voor verwerkingsverantwoordelijken die zélf een datalek hebben, niet voor partijen die elders een datalek ontdekken. Als je dus bij die [klant|leverancier|kennis|willekeurige website|app] een datalek ontdekt, dan is het dus genoeg om bij die partij een melding te doen (bij voorkeur bij de functionaris gegevensbescherming, als die er is) en dan moeten zij het zelf oppakken.

Dit geldt ook als je leverancier, partner of andere zakenrelatie van die [klant|leverancier|kennis|willekeurige website|app] bent. Mogelijk ben je dan een verwerker namens hen. Het ligt dan nog sterker: dan ben je juridisch gezien verplicht een melding te doen, maar ook dan moet het bij de verwerkingsverantwoordelijke. Als verwerker stap je niet naar de AP maar naar de klant dus. En ook dan moet de klant het oppakken en de melding doen bij de AP.

Heb je het idee dat die klant het niet goed oppakt, of weet je niet waar deze te bereiken, dan kun je bij de Autoriteit Persoonsgegevens een klacht indienen. Daarin beschrijf je dan het vermoedelijke datalek en het wat en hoe dat je hebt gevonden. Zij kunnen dat dan vergelijken met het datalek zoals dat een paar dagen later (hopelijk) wordt gemeld, of een onderzoek starten om zelf vast te stellen of er een datalek is geweest.

Natuurlijk kun je ook een journalist raadplegen. Een datalek bij een bedrijf of populaire internetdienst is al snel nieuwswaardig, en een journalist weet hoe je daar zorgvuldig bericht van doet (inclusief melden bij het bedrijf zelf). Bovendien kan een journalist je bronbescherming geven.

Arnoud

VoetbalTV spant rechtszaak aan tegen Autoriteit Persoonsgegevens wegens treuzelen

VoetbalTV is het wachten zat en sleept de Autoriteit Persoonsgegevens voor de rechter, las ik bij BNR Nieuwsradio. De privacytoezichthouder is anderhalf jaar geleden een onderzoek gestart naar het videoplatform, maar de resultaten laten nog altijd op zich wachten. Op het platform kun je amateurvoetbalwedstrijden uit heel Nederland bekijken, maar omdat men onzekerheid voelt of dat wel mag van de AVG, komt het niet op gang en dreigen de investeerders er nu mee te stoppen. De AP moet dus zeggen of het mag, maar dat duurt en duurt maar.

Het probleem is natuurlijk: mag VoetbalTV die beelden via internet uitzenden zonder dat ze van iedere voetballer toestemming heeft verkregen? Dat zou een onmogelijke opgaaf zijn (en u weet het: wie toestemming vraagt, is verkeerd bezig (of heeft een nieuwsbrief)) dus logisch dat VoetbalTV het gooit op het eigen legitiem belang, de grondslag waarbij zo ongeveer alles mag als je het maar goed genoeg onderbouwt.

VoetbalTV had zo’n onderbouwing maar de Autoriteit Persoonsgegevens was een onderzoek gestart waaruit ze concludeerde dat deze niet goed genoeg was. Alleen bleef het bij dat rapport; een formeel besluit in de zin van de Algemene Wet Bestuursrecht kwam maar niet. En dat is vervelend, want als zo’n onderzoek gestart wordt dan mag je niets tot het besluit genomen is. En dat duurt nu dus al anderhalf jaar, een onhoudbare toestand en nogal unfair naar VoetbalTV – ongeacht wat je van hun standpunt vindt.

Persoonlijk had ik gezegd: wij brengen als nieuwsplatform sportverslaggeving, dat valt onder de informatievrijheid en dus de journalistieke exceptie, en dan is de AP in het geheel niet bevoegd. Want dan kun je verder en dwing je ze tot een onderbouwd besluit, immers ze kunnen je pas beboeten als ze een formeel besluit nemen. En dan vecht je dat dus weer aan met een beroep op hun onbevoegdheid.

Maar daar zit een fors financieel risico aan: dan ga je dus lanceren, komt drie maanden later dat besluit en legt men ondertussen een last onder dwangsom op dat je platform offline moet tot de uitspraak van de rechter er is. En hoe veel bitcoins John de Mol ook verdient naast zijn investeringen in dit platform, niemand heeft zin in het dragen van zulke financiële onzekerheden.

Bovendien klopt het principieel niet. Als er een onderzoek en een rapport is, dan moet er gewoon met gezwinde spoed een besluit komen. Zo werkt het bestuursrecht, dan kun je bezwaar maken en daarna naar de bestuursrechter als je het er echt niet mee eens bent. Er is geen enkele reden om dan anderhalf jaar te wachten.

In een heel andere zaak (pdf) las ik nog van een vrouw die dwangsommen bij de AP opeist omdat ze maar geen besluit kreeg tegen haar klacht dat haar gegevens ten onrechte voor kwaliteitsbenchmarking werden gebruikt. Die dwangsommen werden toegewezen, maar ze kreeg meteen ook een afwijzing van haar klacht.

Arnoud

Mag een KDV van de AVG camera’s inzetten in de slaapzaal?

Een lezer vroeg me:

Recent is mijn gezin overgestapt naar een ander kinderdagverblijf (AVG) voor onze dochter van anderhalf. Daarbij viel me op dat het nieuwe KDV geen camera’s in de slaapzaal had, alleen een microfoon gekoppeld aan een babyfoon in de speelzaal. De directeur vertelde me dat camera’s in slaapzalen niet mogen van de AVG. Dat kan toch niet waar zijn, is ieder KDV met een camera dan in overtreding?

Vragen als deze krijg ik regelmatig; het beeld dat de AVG van alles verbiedt is nogal hardnekkig en ik merk dat ik daar soms boos van word. Met als meest schandalige exponent dat falende burgemeesters kletsen over dat de AVG uitwisseling van gezondheidsinformatie over coronapatiënten zou blokkeren. Ik zat met gekromde tenen te lezen.

Cameratoezicht bij bedrijven -en dus ook scholen of kdv’s- mag inderdaad prima, mits je maar borgt wie er bij kan en waarom. (En randzaken als bewaren en beveiliging.) Livestreams naar alle ouders via de KDV-app lijkt me niet in orde, een opname die alleen bij calamiteiten wordt teruggekeken en liveview vanuit de speelkamer lijkt mij prima, even kort door de bocht.

De kern is natuurlijk de noodzaak. Moet dat echt, een camera? Bij een kdv zou je zeggen van wel: je kunt dan overal kijken zonder overal fysiek te hoeven zijn. Daar staat tegenover dat leidsters natuurlijk niet de hele tijd naar de beelden gaan kijken, babyfoons etc zijn er op gebouwd om pas bij geluid of beweging af te gaan. Dus dan kun je wel een camera hebben maar wat voegt dat toe? En dan kom je in het probleem van de noodzaak, wat voor nut dient een camera die niet wordt gebruikt?

Mogelijk dat men denkt dat ouders mee willen kijken,dat is een veelgehoord bezwaar van KDV’s (ik heb er een paar in de klantenkring). Zeker nu we vanwege corona overgaan naar app-gestuurd overleg, dan worden er ook foto’s in de app gedeeld. Ouders vragen dan ook om video, en met een beroep op de AVG kap je zo’n discussie snel af.

Arnoud

Oma moet van rechter foto’s kleinkinderen van social media verwijderen

Een oma moet de foto’s die ze van haar kleinkinderen op Facebook en Pinterest heeft geplaatst verwijderen, omdat dit zonder toestemming van de moeder gebeurde. Dat las ik bij Security.nl. Dit is weer zo’n vonnis dat tot vele misverstanden en broodjeaapverhalen gaat leiden. In de kern komt het (niet verrassend) erop neer dat als je iets publiceert op internet, je onder de AVG valt en dat als je geen goed verhaal hebt waarom je mag publiceren, je fout zit omdat je dan niet eens toestemming hebt gevraagd. Maar wie nu harde regels concludeert als “oma’s hebben toestemming nodig voor kleinkindfoto’s”, die zitten minstens zo fout.

De vrouw en haar dochter hebben vanwege een ruzie al ruim een jaar geen contact meer met elkaar. De dochter heeft drie minderjarige kinderen, waarvan de oma dus foto’s op Facebook en Pinterest publiceerde. De moeder maakte daar bezwaar tegen omdat zij nooit toestemming had gegeven. Ook de vader had aangegeven niet te willen dat de oma dit deed.

Toen zij desondanks daarmee door bleef gaan, stapte de dochter naar de rechter. Ze hanteerde daarbij de AVG als vordering, omdat een publicatie van een foto immers telt als een verwerking van persoonsgegevens onder die wet. En je kunt er veel sneller mee rondkomen dan de klassieke vordering op grond van schending portretrecht.

Voor juristen is het totaal niet vreemd dat een publicatie van informatie over iemand op internet telt als “verwerking van persoonsgegevens”. Dat weten we al sinds 2003, toen het Hof van Justitie bepaalde dat “Deze bijeenkomst gaat niet door omdat mevrouw Lindqvist haar been gebroken heeft” op je website zetten onder de Wbp valt. Maar omdat de Wbp geen tanden had, trok niemand zich daar wat van aan.

De AVG heeft wél tanden, ook privaatrechtelijk: een verbod met dwangsom of een schadeclaim zijn prima te eisen. En deze wet heeft een brede scope. Een belangrijke uitzondering is daarbij wel de zuiver huishoudelijke en persoonlijke verwerking, zeg maar je eigen adresboek of digitale fotomap. Die valt buiten de AVG. Alleen kun je je afvragen of een publicatie op internet nog wel “persoonlijk” is, als willekeurige anderen deze kunnen zien. Daar had de oma niets over gezegd, het was niet duidelijk hoe afgeschermd de foto’s waren. En dan ga je als rechter maar uit van “ze zijn publiek” en dan val je dus buiten de uitzondering.

Dan gaat het mis:

In de UAVG is bepaald dat voor het plaatsen van foto’s van minderjarigen, die de leeftijd van 16 jaren nog niet hebben bereikt, toestemming van hun wettelijke vertegenwoordiger(s) is vereist.

Dat is niet wat in de UAVG staat en het is een van de hardnekkigste misverstanden. Artikel 5 UAVG zegt dat als toestemming nodig is, je bij minderjarigen toestemming van de ouders moet hebben. En dat is nadrukkelijk wat anders dan dat toestemming nodig is voor een verwerking. De AVG kent immers zes grondslagen, niet alleen de grondslag toestemming. Als jij een rechtsgeldige overeenkomst met een minderjarige hebt en daarvoor is verwerking van zijn persoonsgegevens nodig, dan is ouderlijke toestemming voor die verwerking niet aan de orde. (Concreet: een kind van 12 bestelt bij jou een doos Lego en jij geeft zijn adresgegevens aan PostNL voor het vervoer. Ouderlijke toestemming niet nodig, niet voor de verwerking en niet voor de bestelling an sich.)

Het is natuurlijk wel een vraag welke grondslag de oma dan had kunnen aanvoeren. De enige optie zou het eigen gerechtvaardigd belang zijn, wat neerkomt op dat oma een journalistiek belang zou inroepen (“verspreiding van feiten, ideeën en opvattingen”, niet voorbehouden aan media-organisaties). Maar zelfs bij een hardnekkig pleitbevechter voor een ruimhartige journalistieke exceptie in de AVG als ik zie ik niet hoe publicatie van die foto belangrijker is dan de privacy van het kind. In ieder geval niet in deze situatie waarin er kennelijk ook een ouder-kind conflict is.

Arnoud

Europese toezichthouders verklaren cookiemuur verboden

De Europese koepelorganisatie van nationale autoriteiten voor gegevensbescherming hebben gezegd dat cookiemuren niet zijn toegestaan. Dat las ik bij Tweakers. De EDPB (want zo heet ‘ie) heeft haar richtsnoeren over toestemming herzien onder de AVG (waarom Tweakers dat “een verordening” noemt, ontgaat mij) en komt daarin tot de conclusie dat het écht écht écht vrij gegeven moet zijn en dat een cookiemuur dat niet doet. En nee, dit is niet “maar een mening” die desgevraagd bij de rechter zou kunnen standhouden of niet.

De European Data Protection Board (EDPB) is het onafhankelijk Europees orgaan dat erop toeziet dat de AVG consequent wordt toegepast en dat de samenwerking tussen de gegevensbeschermingsautoriteiten van de EU bevordert. Dit omdat we niet één Europese toezichthouder hebben. Deel van hun werk is het uitgeven van richtsnoeren (artikel 70 AVG) waarin ze aangeven hoe de AVG moet worden uitgelegd of toegepast.

Die richtsnoeren zijn inderdaad geen wet, maar het komt erg dicht in de buurt. De ‘mening’ van de EDPB is zeer zwaarwegend en wordt in ieder geval door de individuele toezichthouders nauwlettend gevolgd, waardoor je dus vrij zeker weet dat je aangesproken kunt worden als jij als bedrijf dit niet volgt.

En daarbij komt dat een boete (of last onder dwangsom) van een toezichthouder niet een vrijblijvend advies is waar de rechter dan het laatste woord over heeft – een beetje rare framing vind ik dat altijd. Toezichthouders zijn tóezichthouders, zij leggen verboden op of eisen boetes. Inderdaad kan de rechter toetsen of een toezichthouder goed te werk is gegaan, maar dat is niet hetzelfde als wanneer ik een schadeclaim neerleg en de rechter toetst of ik gelijk heb. Of zelfs maar de strafrechter die toetst of de officier van justitie wel echt de juiste verdachte te pakken heeft. Het is marginale toetsing; had de toezichthouder dit kúnnen beslissen of is dit apert onredelijk. Zit de boete binnen de gepubliceerde bandbreedte, dat werk.

Ja sorry ik erger me aan die manier van praten over toezichthouders omdat het hun positie reduceert en men daardoor gaat denken “we merken het bij de rechter wel, alle kansen zijn nog open”. Nou, vergeet het maar. Met een richtsnoer als dit zou ik geen argument meer weten waarom jij als bedrijf gewoon een cookiemuur neer kan zetten die botweg zegt “of de cookies, of geen site voor jou”.

Maar laten we eerlijk zijn: dat argument was er al nooit, al sinds de regel was dat cookies (tenzij functioneel) toestemming nodig hadden en toestemming vrijwillig gevraagd moest worden. “Je hóeft onze site niet binnen” heb ik nooit een sterk verhaal gevonden.

Arnoud

Ik word gefotografeerd als ik iemands huis fotografeer, mag dat?

Een lezer vroeg me:

Ik fotografeer graag huizen. Wanneer ik een huis zie dat voldoet en waar ik een gevoel bij krijg dan neem ik vanaf de openbare weg, vaak staand op mijn auto, foto’s. Nu iedereen dus thuis zit ben ik afgelopen week al meerdere malen aangesproken door enkele buurtgenoten van het desbetreffende huis die vervolgens mij + nummerplaat gaan fotograferen met hun mobieltje. Waarschijnlijk om een beetje stoer te doen of het door te sturen naar de politie. Dat is toch de omgekeerde wereld? Waar sta ik juridisch?

Het is inderdaad toegestaan om vanaf de openbare weg huizen (of andere objecten, of zelfs dieren) te fotograferen wanneer je daar zin in hebt. Dat valt onder de vrijheid van informatiegaring, deel van de vrijheid van meningsuiting (artikel 10 EVRM). Je doel bij de foto’s of het artistiek niveau van de resultaten doet er niet toe.

Portretrecht, de AVG of je eigendomsrecht inroepen als huiseigenaar gaat hem niet worden. Ook dat het onprettig voelt dat iemand met een camera voor je huis staat is geen argument. Alleen als je mensen op de foto zet dan kan privacy in beeld komen, en bij heel vaak op dezelfde plek komen fotograferen héél misschien het argument stalking maar die zie ik eerlijk gezegd niet.

Die huiseigenaren of buurtgenoten die gaan “terugfotograferen” zitten dus iets lastiger in de race, want zij maken nadrukkelijk wel foto’s van een herkenbaar persoon. Dat is ook vrije informatiegaring maar zij moeten rekening houden met de belangen van de persoon die ze op de foto zetten.

De vraag daarbij is dus met welk doel zij dat doen. Stoerdoen is een zuiver particulier doel en dat valt buiten de AVG. Daar is juridisch dus niets tegen te doen. Als ze de foto’s gebruiken voor het geval de fotograaf iets raars blijkt te gaan doen (een inbraak plannen, stalking, kidnapping, ik noem eens een dwarsstraat) dan is dat ook nog te rechtvaardigen. Maar ander doelen zouden niet toegestaan zijn, denk aan de foto preventief op Twitter zetten “wie kent deze rare man met telelens”.

Arnoud

Toch geen 500 euro schadeclaim onder de AVG

Wie onder de AVG schade wil claimen, moet wel aantonen dat hij daadwerkelijk schade heeft geleden. Dat besliste de Raad van State onlangs. Daarmee is die zaak uit 2019 van tafel, waarin een man 500 euro kreeg omdat zijn naam en e-mailadres aan allerlei gemeenten werd doorgegeven in strijd met de AVG. De rechter vond “verlies van controle over zijn persoonsgegevens” genoeg grond om van immateriële schade te spreken, maar de Raad van State (de hogerberoepsrechter in gemeentezaken) vond dat er echt wel iets van een onderbouwing moet zijn. Enkel in je grondrechten aangetast zijn, is niet genoeg.

Dat laatste is in lijn met een Hoge Raad-arrest uit 2019, dat niet over de AVG ging maar wel over wanneer immateriële schade toegekend kan worden. Enkel dat je in een grondrecht aangetast wordt, is niet genoeg. Dat kan immers van zeer gering tot zeer ernstig zijn, en om ze allemaal voor schadevergoeding in aanmerking te laten komen, gaat dan veel te ver. Er zijn wel mogelijkheden:

In beginsel zal degene die zich hierop beroept de aantasting in zijn persoon met concrete gegevens moeten onderbouwen. In voorkomend geval kunnen de aard en de ernst van de normschending meebrengen dat de in dit verband relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat een aantasting in de persoon kan worden aangenomen.

De Raad van State borduurt hierop voort en stelt dat je inderdaad moet onderbouwen dat je enige schade hebt geleden. De rechter mag daar dan met de dikke duim een bedrag van maken, maar enkel “de AVG is geschonden dus ik wil geld” gaat hem niet worden. Ook niet als je artikel 82 AVG erbij haalt, want daar staat alleen dat je recht hebt op vergoeding van geleden schade, niet dat er per definitie schade ís als de AVG is geschonden.

Het is overigens ook weer niet onmogelijk: in een andere zaak kende de RvS wél 500 euro schadevergoeding toe wegens AVG-schending. Het ging hier wel om medische gegevens die ook nog eens in een klachtprocedure tegen de betrokkene werden gebruikt. Daarbij “ligt het voor de hand” dat er schade moet zijn geleden.

Arnoud

Wat gaan we doen met die corona-app van de overheid?

De Nederlandse overheid is van plan om twee apps te gebruiken om besmettingen met het coronavirus te traceren. Dat meldde Tweakers eergisteravond. De eerste app “vertelt je of je in de buurt bent geweest van een andere gebruiker, die besmet blijkt te zijn. Je krijgt dan het advies om binnen te blijven en het verzoek om een tweede app te gebruiken”, aldus de minister. Die tweede app is bedoeld om makkelijk contact te houden met een dokter in de buurt. Het roept natuurlijk de nodige privacyvragen op, inclusief de onvermijdelijke dooddoener dat privacy zou moeten wijken voor volksgezondheid. Helaas is er nog veel onduidelijk hoe het werkt, zodat het lastig is precies te zeggen of dit nu goed gaat of niet.

Een oud gezegde in de IT luidt: ongeacht het probleem is de oplossing een database. Dat zou hier ook vrij voor de hand liggen, zeker als er met haast aan een app wordt gebouwd. De app stuurt door waar je bent geweest, dat wordt centraal opgeslagen en zodra bekend is dat persoon X besmet is, kijk je in die database welke personen bij hemhaar in de buurt waren en stuur je iedereen een quaraintaineverzoek.

Nadeel: dan heb je dus een database waar van iedere Nederlander in staat waar ie is geweest, en dat zal onvermijdelijk leiden tot feature creep en ander ongewenst gebruik. Want niets zo permanent als een noodoplossing (de noodgebouwen van mijn vwo-school stonden al 10 jaar toen ik brugwup was, en werden vijf jaar geleden gesloopt). En ik hoop dat ook de “privacy moet even wijken voor de volksgezondheid/ de economie”-mensen het met me eens zijn dat dit geen handige oplossing is.

Hoe moet het dan wel? Nou ja, uit gaan van het minimale, beginnen met privacy en dan kijken waar je aan moet knabbelen. Bijvoorbeeld heel simpel, de app houdt lokaal bij wie hij heeft gezien, en pas bij een besmetting wordt er -op peertopeer wijze- informatie uitgewisseld tussen telefoons. Ik hoef niet te weten wie er in Groningen besmet is als ik in Amsterdam thuis blijf, dus er hoeft geen database te zijn waarin mijn locatie en die van die Groningse opgeslagen is.

Is er een besmetting, dan wordt een unieke code voor het slachtoffer verspreid onder appgebruikers (zeg maar een pushbericht) en je telefoon kan dan nagaan of je die persoon in de buurt hebt gehad. Hier gaan techneuten dan los met hashing en zero knowledge proofs; ik vat dat even samen met dat je dan niet meer weet dan “je was in de buurt van een besmet iemand” en dat kan zodanig dat je niet eens een persoonsgegeven hebt in de vorm van iemands serienummer. Een uitwerking hiervan is al beschikbaar ook: Pan-European Privacy-Preserving Proximity Tracing.

Op Twitter las ik het voorstel voor, ahem, ‘Covimon Go‘ van André Koot. Die zet de toegang tot informatie voorop, wie mag erbij en waarom. Dergelijke systemen zijn bekend bij onder meer Pokemon Go, vandaar de naam. Je hebt dan niet meer nodig dan “Op deze geo heeft het afgelopen uur iemand met de status ‘besmet’ rondgehangen.” in de centrale database, en die informatie kan dan worden ontvangen door iedereen die daar ook recent geweest is. Je hebt dan niet eens een login of zelfs maar een identifier nodig.

Probleem blijft natuurlijk: hoe weten we dat iemand de status ‘besmet’ heeft? Met weinig testen is dat heel ingewikkeld, en dan heb je ook nog eens de vals positieven zoals de automobilist die naast een besmette fietser stond bij het stoplicht of bij de buren in de flat met dikke muur er tussen.

Verder werkt dit natuurlijk alleen als genoeg mensen (ik zou zeggen 80% van de bevolking) meedoen met deze app. Dat zal een heel eind lukken op vrijwillige basis, genoeg mensen willen immers weten of ze op een onveilige plek zijn geweest – en misschien kan de app zelfs zeggen, blijf even weg van locatie X want daar is net een besmetting gemeld.

Het verplicht stellen vanuit de overheid lijkt me een heel ander verhaal. Dat kan onder de AVG alleen onder de voorwaarde van artikel 6 lid 1 sub e AVG:

De verwerking is noodzakelijk voor de vervulling van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen;

Onder “algemeen belang” kun je ook de volksgezondheid rekenen, dus dat gaat op papier goed. Vervolgens krijg je de eis (lid 3) dat een en ander in een wet moet zijn uitgewerkt die ook nog eens de nodige waarborgen kent en de vereiste details uit de AVG (zoals bewaartermijn) uitwerkt. Vereist is ook dat de maatregel (dus het verplichte karakter) evenredig is met het belang dat de wet wil dienen.

Het komt dus neer op de vraag: moet je dit echt van iedereen eisen (de mensen zonder smartphone even uitgezonderd natuurlijk). Wat levert het op dat we niet op andere wijze kunnen bereiken, bijvoorbeeld door te zeggen: blijf gewoon binnen, zoals we nu al doen. Ik moet zeggen dat ik dat echt niet weet.

Arnoud

Heb ik recht op een kopie van mijn oude werkmailbox?

Een lezer vroeg me:

Ik heb de afgelopen 10 jaar bij 6 werkgevers gewerkt. Graag zou ik een kopie van mijn persoonlijke emailboxen bij deze bedrijven willen. Het gaat hier om outlook pst bestanden. Het gaat dus om een kopie van mijn persoonlijke zakelijke mailbox bij de betreffende ex-werkgevers. Hoe kan ik dat onder de AVG bewerkstelligen?

Volgens de AVG heb je recht op een kopie van je persoonsgegevens (artikel 15). Als je die zelf hebt geupload op basis van toestemming of overeenkomst, dan kun je die kopie zelfs in een machine-leesbaar formaat verlangen (artikel 20). Dat laatste zal hier niet spelen, een mailbox voldoet niet aan die criteria. Maar een printout van de mails zou in principe tot de mogelijkheden behoren. Als ze er nog zijn.

De eerste vraag is dus altijd of je ex-werkgever die bestanden nog heeft. Er is geen bewaarplicht voor dergelijke mailberichten (of mailboxen), dus het staat ze vrij die weg te gooien na einde dienstverband. Wat er niet is, kun je ook niet opvragen en je kunt op dat gemis geen schadeclaim baseren.

Zijn ze er wel, dan heb je dus in beginsel recht op een kopie. Een mail van of aan jou bevat immers jouw persoonsgegevens, al is het maar je naam of e-mailadres. Maar ook zaken als wat er aan je werd gevraagd of wat je antwoord was, zijn te zien als persoonsgegevens. Dat begrip is immers veel breder dan enkel de administratrivia over jou.

Ik zeg “in beginsel”, want lid 4 van artikel 15 zegt enigszins cryptisch:

3. Het in lid 3 bedoelde recht om een kopie te verkrijgen, doet geen afbreuk aan de rechten en vrijheden van anderen.

De strekking van dit lid 4 is dat jouw inzageverzoek geen rechten van anderen mag schenden, zoals hun privacy (denk aan de collega met wie je mailt) of intellectuele rechten zoals bedrijfsgeheimen of auteursrechten. Echter, dat betekent niet dat men eenvoudigweg “ja ho privacy van collega’s” of “oh noes bedrijfsgeheim” mag zeggen en dan inzage weigeren. Overweging 63 bij de AVG eist dat er een belangenafweging plaatsvindt met een poging ergens een middenweg te vinden.

Wat die middenweg moet zijn bij je zakelijke mailbox, dat weet ik zo net nog niet. Het praktische probleem dat ik zie, is vooral dat die mailbox zelden zo gestructureerd is dat je de persoonlijke mails eruit kunt lichten. De hele pst mailbox afgeven voelt als te veel voor het verzoek, en eisen dat de werkgever maar even door de mailbox heengaat om de relevante dingen te vinden, is ook weer disproportioneel. Maar “dat is heel veel werk” is dan weer geen argument onder de AVG (artikel 12 lid 5). Alleen als het echt buitensporig veel werk is, mag je weigeren.

Ik denk dat voor mij de hoofdvraag zou zijn om wat voor mails het dan precies gaat. Als je bedoelt “alle mails die vanaf mijn voornaam punt achternaam at bedrijfsnaam punt extensie zijn verzonden en ontvangen”, dan zou ik daar toch die bedrijfsgeheim-uitzondering tegenaan gooien. Dergelijke mails zijn primair zakelijk en dus bedrijfsvertrouwelijk. De meer persoonsgebonden mails (zeg, je correspondentie met de bedrijfsvertrouwenspersoon, de kattenbelletjes met je partner, de naar kantoor gemailde vakantiefoto’s om in kleur te printen) kan ik moeilijk als zakelijk vertrouwelijk zien, maar die uit een grote mailbox vissen zonder verder enige structuur zou ik wel buitensporig vinden.

Samenvattend denk ik dat een ex-werkgever dit dus mag weigeren. Tenzij je altijd heel braaf je privémails in een apart mapje hebt gestopt en het verzoek beperkt tot dat mapje (dat je dus bij naam noemt, met uitleg van de criteria van wat daar in ging). Alleen: dat mapje hoorde op de dag na einde dienstverband te zijn gewist, want er was nooit enige reden om dit te bewaren. Dus netto krijg je dan nog steeds niets, volgens mij.

Arnoud

Dat mag dus toch niet, persoonsgegevens van je leden verkopen?

De KNLTB heeft van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) een geldboete gekregen van ruim een half miljoen euro voor het verstrekken van persoonsgegevens aan twee commerciële partners. Dat meldde het AD onlangs. De tennisbond gaat in beroep tegen de sanctie. De verstrekking is in strijd met de AVG, omdat er geen invulling van het eigen gerechtvaardigd belang mogelijk is wanneer je niets meer doet dan persoonsgegevens verstrekken tegen betaling. En ja, ik dacht dat het wel mocht maar ik ga dus toch proberen enigszins objectief een analyse te maken van de zaak. Want stiekem worden hier toch een paar best fundamentele standpunten ingenomen die laten we zeggen voor de markt een tikje verrassend waren.

In maart vorig jaar kwam in het nieuws dat de KNLTB op zoek was naar extra bronnen van inkomens, en haar ledenlijst als een waardevol betaalmiddel ziet. Daarom is besloten om die ledenlijst eens commercieel te activeren, door ze aan (ongetwijfeld zorgvuldig geselecteerde) partners te geven. Deze mogen dan bellen of brieven sturen met reclame, totaal maximaal drie keer per kwartaal. E-mail is uitgezonderd, daarvoor moeten leden een aparte opt-in geven vanwege het spamverbod uit de Telecomwet. (En daar ging het overigens ook bij mis, uit het boetebesluit blijkt dat er wél zonder opt-in mailadressen zijn verhandeld. Maar dat terzijde.)

Een aantal leden pikte dat niet, en diende klachten in bij de AP. Die trad vervolgens zeer voortvarend op, inclusief een mediaoptreden van de voorzitter waaruit je zou kunnen afleiden dat een boete onvermijdelijk was. (De AP betreurt die gang van zaken maar stelt desondanks gewoon objectief te hebben gehandeld.) Na onderzoek kwam men dan ook direct met een boete aanzetten. Wat dus mag onder de AVG én de boetebeleidsregels van de AP zelf, als de overtreding ernstig genoeg is. En dat is dus hier het geval, aldus de toezichthouder.

Inhoudelijk komt het vooral neer op de vraag: wanneer mag je zonder opt-in commercieel handelen in persoonsgegevens? Daar is naar de letter van de AVG een antwoord op: als je je kunt beroepen op een eigen gerechtvaardigd belang, en daarbij een privacyafweging hebt gemaakt die in jouw voordeel afweegt. Een voorbeeld van zo’n afweging is dat je camera’s in kan zetten om je terrein te bewaken, maar dat je inzage in de beelden beperkt tot politie in geval van strafbare feiten. Het onderliggende belang is dan het beschermen van je eigendomsrecht.

De AP komt nu met het strenge standpunt dat commerciële belangen nooit gerechtvaardigd kunnen zijn. Die zijn namelijk niet als zodanig in de wet erkend, in tegenstelling tot zeg eigendomsrecht of de vrijheid van meningsuiting. Er is natuurlijk het grondrecht van de ondernemingsvrijheid, maar dat vindt men te onbepaald en generiek om als grondslag te kunnen dienen voor de handel in persoonsgegevens. Daarmee is er dus eigenlijk nóóit een rechtvaardiging te verzinnen om in persoonsgegevens te handelen, als ik even tussen de regels samenvat.

Daar komt bij dat tot 2007 de leden bij lid worden niet expliciet werden gemeld dat dit zou gaan gebeuren. Voor die categorie gaat het nog iets erger mis: de doelbinding tussen de oorspronkelijke verzameldoeleinden (de lidmaatschapsovereenkomst) en het nieuwe doel (de handel) ontbreekt volledig. En dan mag je simpelweg de gegevens niet inzetten voor het nieuwe doel, ook niet als je daar een mooie grondslag-redenering voor weet te verzinnen. En nee, dat krijg je ook niet recht door je privacystatement aan te passen, want de gegevens hád je dan al. Je moet het dus echt opnieuw vragen, maar in die situatie is het onvermijdelijk dat je toestemming gaat vragen.

En ja, ik vind dit controversiële standpunten, ik zou zelfs zeggen gedurfd. Het betekent natuurlijk de doodsteek voor datahandel, dus daarom volgt hoe dan ook bezwaar en daarna beroep bij de rechtbank. Maar het boetebesluit legt de pijn bloot van hoe datahandel werkt en hoe hard het eigenlijk niet klopt. Dus ik ben benieuwd.

Arnoud