Zit je vast aan de voorwaarden van de antiplagiaatsoftware van je universiteit?

| AE 10417 | Auteursrecht | 45 reacties

Minister Van Engelshoven vindt het “onwenselijk” dat studenten de zeggenschap over hun werk kwijtraken als ze dat online op plagiaat laten controleren. Dat las ik bij Ad Valvas. Dit naar aanleiding van ophef dat je je rechten kwijt raakt door een scriptie of paper op plagiaat te laten checken. De voorwaarden van de plagiaatdienst (die je verplicht moet accepteren om de verplichte plagiaatcheck te doen) bepalen dat namelijk. Maar geen zorgen, aldus de minister: die voorwaarden zijn helemaal niet bindend gezien de raamovereenkomst tussen de universiteiten en de leveranciers van dergelijke software.

Dat onderwijsinstellingen met software naar plagiaat willen speuren, is op zich goed te begrijpen. Deze software maakt een snelle eerste check mogelijk, zodat je als docent of begeleider makkelijker kunt zien waar de problemen zitten. (Natuurlijk moet je dat wel nog handmatig controleren want de software kan legitieme citaten als plagiaat aanmerken.) En dat je die software niet zelf gaat ontwikkelen is ook niet meer dan logisch.

Het rare begint wanneer die ontwikkelende partij gebruiksvoorwaarden gaat hanteren richting de studenten, die dus verplicht zijn deze te aanvaarden omdat ze anders de verplichte plagiaatcontrole (zonder controle geen beoordeling) niet kunnen afsluiten. En dan bedoel ik niet perse of het raar is dat men een ‘nonexclusive, royalty-free, perpetual, worldwide, irrevocable license’ eist, maar algemeen: hoe kun je nou stellen dat mensen akkoord gaan met je voorwaarden als ze op straffe van niet afstuderen op die akkoordknop moeten klikken?

Juridisch gezien blijkt er echter niets aan de hand, aldus de minister:

Van SURF begrijp ik dat deze bepaling geen onderdeel uitmaakt van de licentieovereenkomst die onderwijsinstellingen sluiten met [de aanbieders]. … De medewerker of student die de dienst gebruikt onder de licentieovereenkomst van de instelling is zodoende niet gebonden aan de eindgebruikersovereenkomst waarin bovengenoemde bepaling is opgenomen.

De softwaredienst wordt immers juridisch gezien afgenomen door de onderwijsinstellingen, in dit geval met ondersteuning van SURF. Daarmee is de getoonde licentietekst betekenisloos, zoals overigens wel vaker bij online getoonde voorwaarden. Er is geen overeenkomst meer nodig, want het gebruiksrecht is al afgenomen. De klik op de akkoordknop heeft dus geen zin, juridisch gezien.

Is daarmee de kous af? Voor mij niet: waarom laat je die stomme popup dan toch steeds zien? Het wekt de indruk juridisch bindend te zijn (net als die disclaimerbordjes) maar is dat niet, dus dat hoort er niet te zijn. Maar of men bereid zal zijn die moeite te gaan doen?

Het onderliggende probleem is ingewikkelder: deze antiplagiaatbedrijven hebben die ingeleverde papers en scripties nodig om een effectieve controle te doen. Een groot deel van de plagiaatkwesties is immers dat een student iets inlevert dat een collega eerder gemaakt heeft. Dat kan enkel en alleen worden geconstateerd door eerdere papers te bewaren en daarmee te vergelijken. Dus die eis van een license is op zich noodzakelijk om plagiaatcontrole te kunnen doen. Ook over universiteiten heen, want dat uitwisselen van papers gebeurt niet alleen binnen dezelfde instelling. Ik weet niet hoe dát op te lossen.

Arnoud

Beveiligingsbedrijf Kaspersky wil ‘nepexpert’ Nieuwsuur voor de rechter slepen

| AE 10390 | Meningsuiting | 22 reacties

Deze blockchain is smartBeveiligingsbedrijf Kaspersky wil Rian van Rijbroek, co-auteur van het boek ‘De wereld van Cybersecurity en Cybercrime’, voor de rechter slepen. Dat meldde RTL Nieuws onlangs. Het bedrijf is van plan haar aan te klagen wegens laster, omdat Van Rijbroek in de media zegt dat ze het Nederlandse kantoor van Kaspersky heeft gehackt. Men schrok bij Kaspersky zo van deze opmerking dat een intern onderzoek is uitgevoerd, dat liet zien dat het onwaar is: er is geen smart blockchain hack aangetroffen. De voorgenomen rechtszaak voelt een tikje als een overreactie, maar kan het überhaupt, iemand aanklagen voor zo’n opmerking?

Smaad en laster gaan over reputaties, en bedrijven hebben die net zo goed als privépersonen. Dus het is mogelijk een bedrijf te besmaden, hun eer en goede naam aan te tasten door bepaalde beweringen te doen. Het verschil tussen smaad en laster is dat je bij laster wéét dat hte niet waar is, die bewering. Bij smaad is het mogelijk dat je denkt dat het waar is (of zelfs dat het écht waar is). Het gaat er uiteindelijk om dat de uitlating nodeloos grievend is, even plat gezegd zoiets zég je niet, het is bedoeld als afzeiken of voor gek zetten, nergens voor nodig.

Gezien de uitgebreide kritiek op Van Rijbroek en haar boek ligt het voor de hand dat ze niet daadwerkelijk bij Kaspersky heeft ingebroken, nog even los van dat je bij zo’n beveiligingsbedrijf wel zou verwachten dat ze daar iéts van hebben gemerkt. Daarmee is het waarheidsgehalte van de opmerking marginaal, en dan kan het smaad opleveren.

Alleen heb ik dan één vraagteken: de uitlating moet er wel voor zorgen dat andere mensen gaan denken dat Kaspersky een waardeloos bedrijf is, dat dat zomaar gehackt kan worden zonder dat ze het merken. Smaad moet immers iemands reputatie aantasten. Oftewel, de uitlating moet wel enigszins geloofwaardig zijn. En gezien de reputatie van Van Rijnsbroek kun je daar natuurlijk twijfels bij hebben. Wie gelooft dat, als zij zegt Kaspersky te hebben gehackt?

Mogelijk speelt dan mee dat Nieuwsuur gezien wordt als een respectabel en gezaghebbend televisieprogramma, waardoor de mensen inderdaad geneigd zouden zijn haar te geloven. Zo’n redactie checkt dat toch, wat iemand beweert? En als je dat zwaar laat wegen, dan is er dus inderdaad een reële kans op reputatieschade en daarmee zou een smaadclaim mogelijk zijn.

Ben wel benieuwd wat het verweer gaat zijn. Stel het is waar, dan moet je bewijs overleggen dat je Kaspersky hebt gehackt. Daarmee stel je jezelf wel bloot aan een vervolging wegens computervredebreuk, een misdrijf met tot 4 jaar cel. Is het niet waar, dan is je enige verweer nog dat niemand jou zou geloven, dat het geen geloofwaardige opmerking was. Maar je eigen reputatie gaat natuurlijk wel een tikje stuk als je die positie inneemt. Blijft over “het is waar maar ik kan/wil het niet bewijzen, dus ik aanvaard dit vonnis voor het groter geheel”.

En ja, dit gaat over dat boek waarin ook stukken tekst van mij (over computercriminaliteit) zijn overgenomen “zonder bronvermelding”. Ik begrijp dat het boek nu voorzien wordt van een duidelijker bronvermelding, dus ik ben heel benieuwd hoe dat eruit gaat zien. Maar raar blijft het.

Arnoud

Antiplagiaattool Ephorus bruikbaar als bewijs bij examenopstel

| AE 5607 | Aansprakelijkheid | 19 reacties

detectie-ephorusEen één voor plagiaat toekennen nadat met Ephorus een match van 93% was vastgesteld, mag. Dat bepaalde de Raad van State onlangs in een rechtszaak van een scholier die bij een examenopdracht met deze tool betrapt was. Natuurlijk ging het niet alléén om Ephorus, de rector had nader onderzoek uitgevoerd. Ik ben heel benieuwd of meelezende forensisch experts een geloofwaardig weerwoord kunnen produceren op de bevindingen daarvan.

De scholier had een opstel ingeleverd (“Vettaks onzin!”) dat door het antiplagiaatprogramma Ephorus was gescand met een score van 93% overeenstemming met een opstel dat op 23 februari 2012 door een andere eindexamenkandidaat was ingeleverd. Dat is een stevige aanwijzing voor plagiaat, maar je kunt niet een besluit (zoals uitsluiting of een cijfer) opleggen uitsluitend op basis van wat een computerprogramma zegt.

Verder onderzoek dus. Stap 1: wat staat er in de bestandseigenschappen van meneers opstel? De naam van de eerdere mevrouw. Eh, oeps. En inhoudelijk was het ook vrij snel klaar:

Vergelijking van de twee opstellen wijst uit dat het door [de scholier] ingeleverde opstel, afgezien van de titel, een beperkt aantal woorden en de laatste paar zinnen, identiek is aan het opstel van een eindexamenkandidate, die haar opstel twee weken eerder heeft ingeleverd. Zelfs een taalfout komt overeen.

De scholier had nog aangedragen dat hij echt de auteur was, omdat hij het al in februari 2012 op internet had gezet, dus een week voor het inleveren van die collega-scholiere. Daar was alleen geen bewijs van (en, vraag ik me dan af, waarom zóu je). Bovendien is het dan bepaald onlogisch dat de naam van een ander in de bestandseigenschappen terechtkomen, lijkt mij.

Goed, in theorie zou iemand anders na het inleveren die eigenschap hebben kunnen wijzigen, maar een dergelijke theorie klinkt nogal onwaarschijnlijk en vereist dus stevig bewijs. Het recht werkt niet met mathematische zekerheden maar met waarschijnlijkheden – en zaken die onwaarschijnlijk zijn op het niveau “kóm nou” mag je gewoon negeren.

Meneer mag nog wel door met zijn examens, de 1 telt voor 12% mee en het is dus mogelijk dat hij alsnog slaagt.

Arnoud

Mijn idee is gestolen!

| AE 5134 | Innovatie | 16 reacties

Een lezer vroeg me: Ik heb een tijd terug een bedrijf een voorstel gedaan voor een idee waar zij veel geld mee kunnen verdienen. Maar afgezien van een standaard bedankmailtje hoorde ik niets meer van ze. En vorige week zag ik ineens dat ze doodleuk met mijn idee de markt gaan betreden! Oké het is… Lees verder

Wanneer is overnemen plagiaat?

| AE 5124 | Auteursrecht | 11 reacties

Is het heruitgeven van een bewerking van een studieboek met alleen je eigen naam erop een vorm van plagiaat? Nee, oordeelde het College van Bestuur van de Universiteit van Amsterdam in een zaak over een basisboek rechten. Een hoogleraar had een leerboek, samengesteld door zijn voorganger, grotendeels overgenomen, onder een andere titel uitgegeven met alleen… Lees verder

Hergebruik van andermans idee, mag dat?

| AE 525 | Auteursrecht, Innovatie, Meningsuiting | Er zijn nog geen reacties

Een lezersvraag over de mogelijkheid andermans idee te hergebruiken: In een Amerikaans boek kwam ik iets interessants tegen. Een bekende designer heeft een systeem ontworpen waarmee hij alle vrouwen in kan delen in 48 types (wel zo gemakkelijk toch?). Helaas doet hij hier verder weinig mee (hij heeft dus alleen dat boek geschreven). Ik vind… Lees verder