Californië neemt antikritiekvoorwaardenwet aan, moeten wij dat ook?

| AE 6967 | Uitingsvrijheid | 17 reacties

De staat Californië heeft een wet aangenomen die antikritiekbedingen in algemene voorwaarden verbiedt, las ik in de Washington Post. Met zo’n voorwaarde proberen bedrijven te voorkomen dat men negatieve recensies krijgt, die de reputatie en inkomsten van bedrijven behoorlijk kunnen aantasten. Zou zoiets ook in Nederland nodig zijn?

De populariteit van recensiesites is zodanig groot dat je als bedrijf behoorlijk in de problemen kunt komen als je veel negatieve reviews krijgt. Dit zou zelfs zo ver gaan dat gasten allerlei gunsten eisen onder dreiging van een negatieve review. Logisch dus dat bedrijven zoeken naar opties hier wat tegen te doen, en een clausule als “U zult geen negatieve recensies achterlaten zonder onze toestemming” is natuurlijk een mooie.

Een berucht voorbeeld was de actie van KlearGear: wie een review over hen achterliet ergens, moest $3.500 betalen als boete wanneer het bedrijf naar haar mening last had van de review. Ook als de review geplaatst was voordat deze voorwaarde van kracht werd. Na veel kritiek (haha) werd dit geschrapt en het bedrijf heeft nog steeds last van de reputatieschade die dit hen opleverde.

Met de nieuwe wet wordt het per definitie onmogelijk zo’n clausule te handhaven. Heerlijk direct staat er:

A contract or proposed contract for the sale or lease of consumer goods or services may not include a provision waiving the consumer’s right to make any statement regarding the seller or lessor or its employees or agents, or concerning the goods or services.

Wie het toch doet, loopt een risico op $2.500 boete per contract waar het in staat of per poging tot handhaving daarvan.

Wij kennen een dergelijke clausule niet, maar ik denk niet dat het nodig is. Vrijheid van meningsuiting is een grondrecht, en veel grondrechten gelden ook tussen burgers onderling. Horizontale werking, noemen juristen dat. Hoe ver dat gaat, is elke keer weer lastig te zeggen. Zo is het vrij logisch dat het recht op privacy ook geldt als andere burgers je bespieden, maar minder logisch dat een andere burger je niet mag verbieden je mening te uiten.

Een contractuele clausule (of algemene voorwaarde) die neerkomt op “je mag je niet uiten over X of Y” zou een inperking van de vrijheid van meningsuiting opleveren. Of dat mag, hangt af van een afweging of je doel legitiem is en of je niet met mindere middelen (minder strenge afspraken) dat doel had kunnen halen.

Een legaal voorbeeld is een geheimhoudingsovereenkomst. Wie afspreekt dat hij iets geheim zal houden, moet dat doen. Dat dient (meestal) een legitiem doel: je krijgt toegang tot niet-publieke informatie, je mag iets zien of gebruiken dat het publiek nog niet kent of je mag meedoen aan iets geheims. En dan zit er voor de andere partij weinig anders op dan afspraken maken om te zorgen dat jij de informatie lekt.

Een anti-reviewbeding is een stuk minder legitiem. Vooral omdat het niet zozeer gaat om het beschermen van niet-publieke informatie, maar om het beschermen van de reputatie van de wederpartij. En de afspraak wordt ook nog eens verstopt in algemene voorwaarden, in plaats van een specifiek daarvoor geschreven contract dat men apart accordeert. Dat maakt doel en middelen een stuk minder gepast. De rechter kan dan het beding vernietigen wegens strijd met het grondrecht uitingsvrijheid.

Een interessante lijkt me nog als je zegt: je krijgt 50% korting als je belooft geen negatieve uiting te doen, en die 50% eisen we terug als je dat toch doet. Dan kun je kiezen als consument. Wie zou daar boeken of bestellen?

Arnoud

Franse moet schadevergoeding betalen om prominente negatieve recensie

| AE 6813 | Ondernemingsvrijheid, Uitingsvrijheid | 44 reacties

restaurant-recensie-reviewEen Franse rechtbank heeft een blogger veroordeeld tot een schadevergoeding van 1500 euro omdat een negatieve recensie van een restaurant te hoog in de Google-zoekresultaten verscheen, meldde Tweakers gisteren. De recensie was nogal negatief, maar hoewel mijn Frans wat roestig is kan ik er niet echt smadelijke teksten in ontdekken. Helaas is het vonnis niet online beschikbaar maar het lijkt erop dat de uitspraak met name is gedaan om dat de hoge ranking op de restaurantnaam het bedrijf nogal schade bezorgde. En dat is toch wel een opmerkelijke redenering.

Natuurlijk mag je je mening geven over een etentje in een restaurant, en dat mag je best negatief doen ook. Vrijheid van meningsuiting is een grondrecht, ook in Frankrijk. Er zitten wel grenzen aan: je recensie moet een basis in de feiten hebben, voldoende ergens op gebaseerd zijn. Als je een haar in de soep vindt dan is dat natuurlijk iets om over te schrijven, maar om dan gelijk álles af te kraken met de grofst mogelijke bewoordingen (“en de eigenaar zal wel vreemd gaan want niemand van het personeel had die kleur haar”) zou wel iets te ver gaan.

Maar goed stel even dat de recensie op zich door de beugel kan en dat het puur is dat de recensieblog zó hoog in Google staat. Het restaurant heeft daar last van: mensen zien op link 1 een negatief verhaal, en zijn dan snel klaar met hun conclusie. Is dat dan dom van die mensen of gewoon een gevalletje jammer-dan? Of heb je als hoogingooglerankende blogger een grotere verantwoordelijkheid?

We weten dat als je een belangrijke positie inneemt, je meer moet uitkijken met wat je schrijft. Als de recensent van de Consumentenbond een apparaat ten onrechte afkraakt omdat ‘ie hoofdpijn heeft, dan mag dat de Bond best worden aangewreven. Maar dan gaat het volgens mij nog steeds om fouten in de recensie zelf. Iets dat niet klopt, dat onnodig overdreven is of uit zijn verband wordt gerukt.

Maar is dat wezenlijk anders dan de grond in geschreven worden door een ouderwetse bekende recensent in de krant zoals Johannes van Dam? Weinig restauranthouders zouden bij een dergelijke negatieve recensie naar de rechter zijn gestapt, volgens mij. En de krant rankte best wel hoog als het ging om meningen vormen. Pre-internet dan natuurlijk.

Arnoud

Kun je vanwege negatieve recensies alsnog van een contract af?

| AE 6125 | Uitingsvrijheid | 21 reacties

google-review-recensie-overnemen.pngVia Twitter kreeg ik een intrigerend vraag binnen:

Kan je van een online gesloten overeenkomst af, als je na sluiten van deze overeenkomst bijzonder slechte en negatieve recensies leest?

Het gebeurt wel vaker. Je vindt een webshop die precies heeft wat je zoekt, alles ziet er normaal uit en de prijs is goedkoop maar niet heel gek. Je bestelt, alles gaat goed, maar na een week of drie heb je nog neits ontvangen. En dan ga je mailen en bellen maar reageert de winkel niet meer. Dan googel je de bedrijfsnaam, en hola, TROS-forums, Klachtenkompas, OpgeletOplichters en wat al niet meer voor forums en plekken waar je je winkel niet wilt zien staan. Wat nu?

Juridisch gezien is dit een lastige. Natuurlijk, je hebt de Wet koop op afstand dus je mag die koop annuleren. Maar als je ondertussen al wel vooruit betaald had, dan gaat dat niet veel opleveren waarschijnlijk. (Als het bedrijf echt een oplichter is en niet toevallig een eenmanszaak die langdurig ziek is geworden.)

Het kan ook onschuldiger: je hebt een hostingcontract afgesloten en je ziet dat het bedrijf slecht bekend blijkt te staan. Dan wil je wellicht meteen weg om de problemen voor te zijn. Maar het bedrijf laat je niet gaan want er is een jaarcontract en die recensies noemt hij laster van boze ex-klanten of concurrenten . Juridisch gezien is “bij nader inzien” als argument alleen haalbaar als je daarmee kunt onderbouwen dat sprake is van dwaling (art. 6:228 BW). Van dwaling is sprake in drie situaties:

  1. indien de dwaling te wijten is aan een inlichting van de wederpartij, tenzij deze mocht aannemen dat de overeenkomst ook zonder deze inlichting zou worden gesloten;
  2. indien de wederpartij in verband met hetgeen zij omtrent de dwaling wist of behoorde te weten, de dwalende had behoren in te lichten;
  3. indien de wederpartij bij het sluiten van de overeenkomst van dezelfde onjuiste veronderstelling als de dwalende is uitgegaan, tenzij zij ook bij een juiste voorstelling van zaken niet had behoeven te begrijpen dat de dwalende daardoor van het sluiten van de overeenkomst zou worden afgehouden.

Situatie 1 zou je actieve misleiding kunnen noemen: de verkoper zegt iets dat gewoon niet klopt of misleidend is, en daardoor liet jij je overhalen. Dan is het logisch dat je de overeenkomst moet kunnen annuleren. (De melding moet wel relevant zijn; dat de koper in werkelijkheid ongetrouwd is, is bv. niet echt van belang voor een koopovereenkomst.)

Situatie 2 is tegen slimme verkopers die dan denken, oké dan zeg ik wel niets want dan misleid ik dus niemand. Wel dus: zwijgen terwijl je had behoren te praten is óók een grond voor dwaling.

Situatie 3 heet “wederzijdse dwaling” en die bepaling moet ik altijd drie keer lezen voor ik ‘m weer snap. Beide partijen gingen uit van dezelfde aanname, en die aanname bleek onjuist. Maar als de aanname wél juist zou zijn geweest, dan is de vraag of de verkoper had moeten weten wat voor invloed dat had moeten hebben op de koper. Het standaardvoorbeeld is als koper en verkoper beiden denken dat een oud uitziende vaas een goedkoop prul is, en achteraf blijkt dit een antieke vaas van onschatbare waarde. Hoewel in die situatie de Hoge Raad tóch geen dwaling wilde aannemen.

Nu gaat het hier niet om een mededeling of zwijgen van de verkoper, noch om een wederzijdse foute veronderstelling. Ja, tenzij je zegt, de verkoper had moeten zeggen dat hij slechte recensies had maar ik vind niet dat je dat behoort te doen.

Er is een uitzonderingsgrond bij dwaling. Als de oorzaak “op grond van in het verkeer geldende opvattingen, schending van onderzoeksplicht of zaken die uitsluitend op de toekomst betrekking hebben, voor rekening van de dwalende moet komen”, dan is een beroep op dwaling onmogelijk. Ik zou persoonlijk zeggen, je kunt ook vooraf een bedrijf even googelen, dat lijkt me voor internethandel een normaal deel van je onderzoeksplicht. Doe je dat pas achteraf, dan moet je niet piepene.

De twitterende vraagsteller kwam nog met de suggestie van 6:263 BW waarin staat dat als er “na het sluiten van de overeenkomst te harer kennis gekomen omstandigheden” zijn waardoor je mag vrezen dat er niet wordt nagekomen, je je verplichtingen mag opschorten. Concreet: je hoeft niet te betalen als je redelijkerwijs mag denken dat er niet geleverd gaat worden. Maar die eis haal je niet snel. Bovendien, bij de meeste webshops héb je al betaald dus er valt niet veel meer op te schorten.

Wat vinden jullie? Is reputatiegoogelen iets dat je normaal vooraf moet doen? Of behoor je te kunnen annuleren als je achteraf rare recensies ontdekt?

Arnoud

Een contractuele boete tegen negatieve uitlatingen over een bedrijf

| AE 6139 | Uitingsvrijheid | 11 reacties

Een boete van drieduizend euro als je negatief over een bedrijf schrijft. Kan dat zomaar? Bij Techdirt las ik over een Amerikaans bedrijf dat dit daadwerkelijk doet. En dan niet in de vorm van aangifte van smaad of zo, nee gezellig een zelfbedachte boete in de algemene voorwaarden voor iedere negatieve uitlating die je over… Lees verder

Wanneer gaat een klacht van kritisch over in smadelijk?

| AE 6002 | Ondernemingsvrijheid, Uitingsvrijheid | 13 reacties

Een lezer vroeg me: Ik heb een aantal negatieve reviews over mijn aannemer geplaatst op sites als Klacht.nl, omdat ik erg ontevreden ben over het werk. Nu heeft hij een advocaat ingeschakeld die zegt dat ik smaad pleeg door dit te publiceren. Maar de feiten klóppen gewoon. Mag ik niet eens meer kritisch zijn over… Lees verder