Mag Twitter haar eigen huisregels opzij zetten op grond van de vrijheid van meningsuiting?

| AE 11373 | Uitingsvrijheid | 11 reacties

Twitter gaat vanaf donderdag tweets van politici die de regels voor gebruik van het sociale netwerk overtreden, niet langer verwijderen. Dat meldde Tweakers onlangs. Het moet daarbij gaan om een tweet die het Amerikaanse sociale netwerk normaal zou verwijderen, maar die afkomstig is van een politicus en die dus beschikbaar moet blijven voor het publieke debat. Dergelijke tweets krijgen een speciale markering en blijven buiten de gewone weergave, je moet er dus nadrukkelijk naar op zoek gaan. Dat doet wat raar aan, als ik iets fouts zeg dan wordt het weggehaald en de grote jongens mogen dat blijven zeggen in strijd met de regels?

Vrijheid van meningsuiting op social media, pardon platforms, is natuurlijk een lastig verhaal. Freedom of the press belongs to those who own one, zei Amerikaans journalist H.L. Mencken ooit. Je mag zeggen wat je wilt, de overheid mag je daarin niet zomaar belemmeren, maar anderen hoeven niet mee te helpen om jouw mening te verspreiden. Koop maar een drukpers, begin maar een radiostation.

Met internet is het allemaal veel makkelijker geworden om je mening te verspreiden. Tientallen platforms zijn beschikbaar om dat te kunnen doen, waarbij de regels vaak zo laks, pardon transparant en uitingsvriendelijk mogelijk opgezet zijn. Zeg wat je wilt, bij klachten grijpen we eventueel in maar verder mag alles. Dat heeft die platforms geen windeieren gelegd.

Natuurlijk heeft elk platform ook huisregels – de EULA of TOS geheten. Al sinds Compuserve kwamen er dergelijke gedragsregels. Vaak nogal generiek – houd het netjes, geen gescheld – maar soms ook heel specifiek over wat er wel of niet mocht. Mensen konden elkaar daarop aanspreken, en moderatoren konden ingrijpen bij gesignaleerde of geconstateerde overtredingen.

Daarbij was altijd al snel de kritiek dat er ongelijk werd behandeld. De een mocht alles zeggen, de andere gebruikte een uitroepteken te veel en werd geband voor schelden. De waarheid daarbij laat ik even voor wat die is, maar dit voorbeeld van Twitter maakt het wel heel bont: ja, we weten dat dit bericht tegen de regels is, we zouden het ook weghalen maar deze persoon vinden we zo belangrijk dat we het toch laten staan.

De onderbouwing van Twitter is creatief: als zulke belangrijke personen zulke regelschendende dingen zeggen, dan is dat op zichzelf nieuws en je moet oud nieuws kunnen terugzoeken. Zoiets. Anders krijg je volgend jaar discussie of politicus A dan wel Bekend Persoon B dit nu echt gezegd heeft of niet, of die screenshots echt zijn of nep, enzovoorts. En dat is dan van belang bij bekende personen, omdat daar die discussie redelijkerwijs te verwachten is en Twitter dus een taak heeft om daar in ieder geval de feiten beschikbaar te stellen.

Een creatief verhaal, waar ik wel wat in zie. Daar komt bij dat volgens mij nog nooit is bepaald of clubs als Twitter nu werkelijk iedereen even streng moeten behandelen. Huisregels zijn juridisch algemene voorwaarden – regels waarmee ik als gebruiker te maken heb als ik op dat platform actief ben. Ik kan ze niet inroepen tegen andere gebruikers, ik ben geen partij bij hun contract. Tenzij je zegt dat de belofte dat anderen óók zich aan de regels houden, deel is van mijn contract (een contractuele toezegging van Twitter). Dan kan ik eisen dat er wordt gehandhaafd. Maar een dergelijke belofte kan ik niet halen uit de Twitter-regels.

Arnoud

Waarom is fakenieuws eigenlijk niet gewoon strafbaar?

| AE 9102 | Regulering, Uitingsvrijheid | 31 reacties

krant.jpgEen lezer vroeg me:

Sinds de verkiezing van Trump is er veel te doen over fakenieuws en hoe dat geholpen zou hebben bij de verkiezing. Maar waarom wordt er niet opgetreden tegen al dat nepnieuws? Het is toch valsheid in geschrifte, compleet verzonnen ‘nieuws’ uitbrengen alsof het serieus en waar is?

Ik vrees dat dit juridisch wel érg ingewikkeld zou worden. Inderdaad is valsheid in geschrifte strafbaar, maar het gaat dan wel om een specifieke handeling (art. 225 Strafrecht):

Hij die een geschrift dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk opmaakt of vervalst, met het oogmerk om het als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken, wordt als schuldig aan valsheid in geschrift gestraft, met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Het moet allereerst dus gaan om een geschrift. Oké, elektronisch telt ook, dus daar is aan voldaan bij zo’n nepsite. Maar dan komt het: het geschrift moet bestemd zijn om tot bewijs van een of ander te dienen. En daar gaat het mis. ‘Bewijs’ betekent hier niet “er wordt iets verteld als waarheid”, het geschrift moet de functie van bewijsstuk hebben. Een diploma, een identiteitskaart, een bioscoopkaartje, dat soort zaken. Een onware mededeling is dus niet strafbaar onder dit artikel.

Meer algemeen loop je al heel snel tegen de vrijheid van meningsuiting aan. Naast gewone verslaggeving is ook de satire en parodie een belangrijk deel van de uitingsvrijheid. En een nepbericht wordt meestal onder die noemer gebracht. Zo hebben wij in Nederland natuurlijk al jaren het geweldige De Speld: nepnieuws maar wel altijd met een duidelijke hint én een grappige ondertoon. Geen twijfel over dat dat legaal is, ook al zijn er regelmatig mensen die de Speld voor waar aannemen. Dat noemen we “er in trappen” maar dat maakt het bericht niet strafbaar.

Alleen is er nooit echt gedacht aan de situatie dat mensen opzettelijk legitiem uitziende berichten gaan maken die echt nep zijn en zonder een spoortje van humor of poging daartoe. Natuurlijk, je had altijd mensen die leugens verkondigde, maar die kwamen niet door het filter van krant of televisie heen. Dat loste zichzelf dus altijd wel op. En een krant die een vals bericht verspreidde, rectificeerde dat (meestal vrijwillig, anders via de rechter) en dan kwam het weer goed. Of het bleek een grap en dan lachten we erom. Deze situatie is dus echt nieuw: echt keihard nepnieuws dat gepresenteerd wordt als volkomen echt, en niet eens een poging om het onder satire te rangschikken.

Ik zou het lastig vinden als officier van justitie hier wat aan te doen. Waar begin je? Wanneer zeg je, dit is geen poging tot humor meer maar echt volksverlakkerij? Hoe vermijd je de schijn van vooringenomenheid, je treedt wel op tegen dat fakenieuws over Mark Rutte maar niet tegen dat over Wilders. Hoe ga je om met de reactie, je snapt de grap niet. Nee, ik zou mijn handen er niet aan willen branden.

Arnoud

Wanneer is een blogger journalist?

| AE 6311 | Uitingsvrijheid | 9 reacties

Bloggers zijn net zo hard beschermd als journalisten onder de wet, las ik bij BoingBoing. Een Amerikaanse hogerberoepsrechtbank bepaalde dat een onderscheid tussen massamedia (“institutional speakers”) en andere meningsuiters onwerkbaar is. Daarmee won de blogger een geschil over smaad. Ik blijf het gek vinden dat zoiets nieuws is. Journlistiek is immers geen beroep maar een handelwijze.

De wet kent geen speciale regels die alleen voor journalisten gelden. Ook een politieperskaart geeft geen speciale rechten – behalve dat je dan afgezette plaatsen mag betreden bij bv. calamiteiten. De vrijheid van meningsuiting is een grondrecht, en dat grondrecht geldt voor alle burgers. De wet kent dan ook geen definitie van journalistiek, maar alleen van de vrijheid van meningsuiting in het algemeen.

De meest expliciete definitie is die van het Europese Hof in het Satamedia-arrest:

[Van journalistiek is sprake] bij de bekendmaking aan het publiek van informatie, meningen of ideeën tot doel hebt, ongeacht het overdrachtsmedium. Deze activiteiten zijn niet voorbehouden aan mediaondernemingen en kunnen een winstoogmerk hebben.

Ook een burger of groep mensen met een website vallen onder deze definitie. Eerder had onze Hoge Raad in het arrest Van Gasteren/Hemelrijk geconstateerd dat:

Inmiddels kan echter (mede) door de opkomst van het internet niet nauwkeurig meer worden omschreven wat in de hier bedoelde zin is te verstaan onder “de pers” omdat daardoor ook voor particulieren de mogelijkheid is ontstaan zich buiten de tot dan toe bestaande media tot een breed publiek te richten.

En het Gerechtshof Arnhem kwam in een zaak over Flitsservice.nl met de conclusie dat de term journalistiek ook geldt “voor degene die op een daarvoor ingerichte en aan het geinteresseerde publiek bekende internetsite berichten, opinies en foto’s plaatst met het doel dat publiek over het desbetreffende onderwerp te informeren”.

Het maakt dus niet uit of je je beroep maakt van journalistiek bezig zijn, of dat je dat voor de lol doet. En ook niet of je dat op gedrukt papier doet dan wel op een blog (of op Twitter). Journalist ben je niet, journalistiek doe je.

Journalistiek doen wil echter niet zeggen dat alles mag. Je moet ook dan rekening houden met de belangen van anderen. Zo kun je iemands privacy schenden of smaad plegen door over een persoon te schrijven. Je kunt strafbare feiten plegen bij je onderzoek (of bij de publicatie daarvan). Daarom vind ik het niet heel verrassend dat een blogger voor smaad aangeklaagd wordt. Het kan zijn dat hij wint of verliest – maar of hij van journalistiek zijn beroep heeft gemaakt, is daarbij irrelevant.

Waarom het dan toch nieuws is, zo’n zaak? Geen idee eigenlijk. Ik vermoed omdat het iets met internet is, waardoor het als nieuwig/verrassend feitje gebracht kan worden. De ondertoon bij zulke berichten is vaak “voor de eerste keer bepaalde de rechter dat”. Wat vaak onzin is. Maar ja.

Arnoud

“Torrents zijn een mensenrecht”

| AE 5101 | Intellectuele rechten, Uitingsvrijheid | 76 reacties

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft een uitspraak gedaan die stelt dat het auteursrecht indruist tegen het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, riep GeenStijl vrijdag. Ze verwijzen naar een blog van Rick Falkvinge, piratenpartijoprichter, die spreekt van een “direct conflict” tussen het auteursrechtmonopolie en de mensenrechten waardoor niemand… Lees verder