“Fotograferen is bij ons een strafbaar feit”, eh wat?

Een lezer wees me op de huisregels van Diergaarde Blijdorp die in niet mis te verstane termen fotograferen verbieden:

Je mag voor je privé-verzameling natuurlijk foto’s maken en de dieren en verblijven op film vastleggen, echter alleen voor eigen gebruik en zolang je de andere parkbezoekers niet belemmert. Publicatie van beeld- en/of geluidsmateriaal is verboden, tenzij er door Diergaarde Blijdorp vooraf schriftelijk toestemming is verleend. Als je beroepsmatig opnames wilt maken, dien je daarvoor altijd vooraf contact op te nemen met de Afdeling Communicatie van Diergaarde Blijdorp. Dit geldt niet voor trouwfoto’s. Als je beroepsmatig zonder toestemming van de afdeling Communicatie foto’s of filmmateriaal maakt en/of gebruikt, bega je een strafbaar feit en kun je juridisch vervolgd worden.

Strafbaar feit? ?_?

Het is op zich toegestaan dat een bedrijf (of persoon) regels stelt aan het fotograferen op hun privéterrein. Het ‘huisrecht’ oftewel eigendomsrecht op dat terrein gaat namelijk in principe boven het recht van anderen om informatie te vergaren. De Hoge Raad bepaalde in 2003 (na eerder in 1987) dat voetbalclubs

uit hoofde van hun eigendoms- of gebruiksrecht van het stadion of het terrein in beginsel de vrijheid [hebben] om aan hun toestemming tot het betreden ervan beperkingen te verbinden, ook met het oog op het tot stand brengen van radio- en/of televisieuitzendingen.

In uitzonderlijke omstandigheden (bij héle grote nieuwsfeiten) is het denkbaar dat het eigendomsrecht opzij gezet kan worden.

Blijdorp is een private organisatie, voor zover ik kan zien, en dus geldt ook voor hun deze regel. Maar het schenden van het eigendomsrecht levert alleen een onrechtmatige daad op, en niet (meteen) een strafbaar feit. Van erfvredebreuk of lokaalvredebreuk (een misdrijf, art. 138 Strafrecht) is pas sprake als je niet weggaat naar daartoe gesommeerd te zijn. In de context van het fotoverbod zou dus pas sprake zijn van strafbaar fotograferen als je niet ophoudt na sommatie én niet weggaat ook.

In theorie is er nog het strafbaar feit “zonder daartoe gerechtigd te zijn een portret openbaar maken” (art. 35 Auteurswet) maar dat speelt pas bij publicatie van dat portret. Je kunt fotograferen an sich niet verbieden met een beroep op je portretrecht. Nog even afgezien van het punt dat dat alleen geldt bij portretten en je prima in een dierentuin kunt fotograferen zonder portretten van mensen te maken.

(De regels voor het dierentuinabonnement zijn trouwens niet Van Dam-proof, maar dat is een andere discussie.)

Arnoud

Workshop domeinnamen en merkenrecht

Iedereen is vrij domeinnamen te registreren. De inhoud van de domeinnaam maakt daarbij niet uit. Zo kan het dus zijn dat er domeinnamen worden geregistreerd met daarin merknamen en handelsnamen van anderen, of domeinnamen die sterk op deze namen lijken. Degenen die eigenlijk recht hebben op deze naam treden hier vaak tegen op.

Maar’niet elke domeinnaam met een merk erin is automatisch op te eisen door een merkhouder en in sommige gevallen kunnen op elkaar lijkende handelsnamen online best naast elkaar bestaan.

Voor domeinnaamhouders én merkhouders is het belangrijk te weten wat precies de regels zijn. ICTRecht en BRight advocaten organiseren daarom op 6 december een middagworkshop over de regels rond domeinnamen. Deelname kost slechts 45 euro per persoon.

Programma

13.30-14.00 ontvangst

14.00-14.30 Merken en handelsnamen, inleiding (BRight)
Wat zijn merken en wat zijn handelsnamen? Welke soorten merken zijn er? Wat kan de merkhouder doen met een merk? Wat kan een bedrijf met een handelsnaam en waarom zou je een (veel duurder) merk registreren?

14:30-15.15 Merken versus domeinnamen (ICTRecht)

Wanneer is gebruik van een merk in een domeinnaam merkinbreuk/handelsnaaminbreuk? Kan een merkhouder zomaar elke domeinnaam opeisen waar zijn merk in zit? Maakt de inhoud van de site nog uit?

15.15-15.30 pauze

15.30-16.00 Legaal gebruik van merk online (ICTRecht)

Waar liggen de grenzen van merken en handelsnamen? Welke rechten heb je als verkoper van merkproducten, of als concurrent die vergelijkende reclame wil maken.

16.00-17.00 Merkinbreuk bij de rechter (BRight)
Wat te doen bij (vermeende) inbreuk? Naar de rechter of arbitrage bij WIPO/SIDN? Welke specifieke processuele regelingen zijn er op dit gebied? En hoe zit dat met de proceskosten?

17.00 uur Borrel

Locatie

De workshop vindt plaats bij Seats2meet te Utrecht, Moreelsepark 65 (Hoog Catharijne, Kantoren Hoog Overborch, 2e etage).

Inschrijven

Inschrijven voor de workshop kan via ICTRecht of per e-mail naar info@ictrecht.nl onder vermelding van “Workshop domeinnamen”. U ontvangt na de workshop een factuur voor de 45 euro deelnamekosten. Indien u na deelname aan de workshop een opdracht geeft aan ICTRecht of BRight zullen de kosten van 45 euro op de kosten van de opdracht in mindering worden gebracht.

Als deelnemer kunt u verder het boek De wet op internet van ICTRecht-partner Arnoud Engelfriet bestellen met 20% korting. Vermeld bij uw inschrijving dat u het boek wenst te ontvangen. U ontvangt het boek dan bij de workshop.

Wat voor workshops of seminars zouden jullie nog meer interessant vinden?

Arnoud

Ondertussen bij ICTRecht: generatoren, generatoren, generatoren

generator.pngNee, dit is geen reclamepraatje, ik ben gewoon enthousiast. Sommigen is het misschien al opgevallen: bij ICTRecht hebben we generatoren ontwikkeld waarmee je volautomatisch passende juridische documenten genereert.

Voor het moment hebben we disclaimers, webwinkelvoorwaarden, geheimhoudingscontracten en Wet Van Dam-clausules, maar natuurlijk komt er meer aan. (Suggesties welkom.)

Tevens lanceerden we onlangs Webwinkelrecht, een gespecialiseerde nichevariant van ICTRecht gericht op -goh- webwinkels. Er zitten ook hier meer sites in het vat. Deze bieden concreet advies én producten (zoals generatoren maar ook starterspakketten) voor die specifieke niches, zodat we die heel precies kunnen bereiken.

Onze inspiratie voor deze stappen is het boek End of Lawyers van Richard Susskind. Hij bepleit al sinds halverwege de jaren negentig een transformatie van het juridisch beroep. En terecht: waar zo ongeveer elke dienstverlener onherkenbaar is veranderd de afgelopen decennia, werkt de advocaat of jurist nog steeds net zoals in 1648: ontvang je cliënt in een keurig kantoor, adviseer deskundig en verstrek een keurig op maat gemaakt document, en factureer voor de gemaakte uren.

Natuurlijk zijn er wel dingen veranderd, en niet alleen het uurtarief. Informatie is veel eenvoudiger uit bronnen te halen, je kunt e-mailen of pingen met je cliënt en met internationale teams kun je grote klussen afhandelen waar de eenpitter uit de Gouden Eeuw niet van had kunnen dromen. Maar fundamenteel blijft het: maatwerk leveren op basis van facturatie per uur.

Susskind bepleit dat dit anders moet. Net zoals de kleermaker grotendeels vervangen is door de kledingzaak met standaardproducten, zal ook de juridische dienstverlening die kant op gaan. In zijn terminologie:

susskind-bespoke-commoditized.png

Traditioneel zitten juridisch adviseurs bij het ‘bespoke’ model, waarbij alles maatwerk is, net als de kleermaker van vroeger. Slimme kantoren standaardiseren, en leveren maatwerk op basis van standaardclausules of snel aan te passen modelcontracten. Nog een stap verder ga je door ‘systemized’ oftewel systematisch/geautomatiseerd documenten te genereren, waar wij dus zitten met onze generatoren.

Dit leidt tot allerlei combinaties van standaard en maatwerk: die broek moet een paar centimeter uitgelegd, bij mijn shirt graag extra lange mouwen of ik wil mijn initialen geborduurd op de manchetten. De Suit Supply dus. En ICTRecht wil graag de juridische Suit Supply zijn.

De volgende stappen zijn het ‘packagen’ en ‘commodificeren’ van juridische producten, zodat ze eenvoudig af te nemen zijn als standaardproducten voor de klant(*). Daar past Webwinkelrecht.nl dus precies in. Maar je kunt ook denken aan producten zoals “onbeperkt advies voor een vast bedrag per maand” zoals rechtsbijstandsverzekeringen bieden (en wij ook trouwens), onze starterspakketten met gebundelde juridische documenten of snel een betaald adviesje op een 0900-nummer zoals de Jurofoon biedt.

Het blijft een grote uitdaging want standaardiseren en automatiseren van juridische producten is niet eenvoudig. Minstens zo lastig is het verkopen van die producten, omdat veel mensen niet gewend zijn dat ze voor een vast bedrag een juridisch product kunnen krijgen. “Algemene voorwaarden zijn toch heel duur” is een veelgehoorde reactie, of juist “Ik kan ze toch gratis van de KVK-site plukken”. Oftewel: “Jullie zijn toch kleermakers” of juist “bij de Wibra zijn overhemden acht euro“. Ik troost me met de gedachte dat onze prijzen tegen onze concurrenten worden aangehouden: “Bij ICTRecht kosten algemene voorwaarden op maat maar 700 euro, dus waarom bij jou 3000?”

Komend jaar zullen we nog meer diensten gaan lanceren en andere producten in de markt gaan zetten om deze visie verder uit te dragen. Want ik ben er van overtuigd dat dit dé manier is om een succesvol juridisch kantoor neer te zetten. En ik hoor graag hoe jullie daar over denken.

Eén van de dingen waar ik bijvoorbeeld mee zit, is het gratis advies. Ik geef via deze blog en via mijn contactformulier veel gratis adviesjes. Per stuk kost dat weinig tijd, maar alles bij elkaar is het toch wel enkele uren per week. De regel daarbij is “als ik mag bloggen, is het gratis”, maar misschien moet ik daarvan maken “als ik besluit erover te bloggen dan is het gratis”. Alleen, geld vragen per adviesje stuit me tegen de borst: ik ga niet factureren voor vijf minuten werk. Maar wanneer dan wel? Of hoe kan ik toch op een of andere manier daar een inkomstenstroom genereren?

Arnoud<br/> * Het verschil tussen klant en cliënt is ongeveer 200 euro per uur.

Nieuw op Iusmentis: Bescherming van een handelsnaam

Helaas kom ik minder vaak toe aan artikelen schrijven dan ik zou willen. Vooral omdat ik ook op ICTRecht het nodige schrijf, en natuurlijk omdat ik ook weer een boek in de steigers heb staan. Maar afgelopen weekend had ik dan toch weer even zin en tijd om wat te schrijven, ditmaal over het handelsnaamrecht.

De naam van een bedrijf is beschermd als handelsnaam. Concurrenten mogen deze niet gebruiken. Handelsnamen zijn wel regionaal beperkt, ook bij gebruik op internet.

De handelsnaam is een ietwat apart recht in de intellectuele-eigendomswereld. Je hoeft hem niet aan te vragen; het gebruik van die naam is genoeg om er bescherming voor te krijgen. En dat geldt óók als de naam beschrijvend is (in tegenstelling tot merken), hoewel je bescherming minder sterk wordt naarmate je handelsnaam beschrijvender is. En als laatste geldt de bescherming alleen in de regio’s waar het bedrijf daadwerkelijk actief is

Handelsnaamrecht geldt ook voor internet. Met een handelsnaam kan een bedrijf dus een domeinnaam opeisen die daar verwarringwekkend veel op lijkt. Wel moet de domeinnaamhouder deze dan wel als bedrijfsnaam gebruiken. Een domeinnaam die niet meer is dan een ‘vestigingsadres’ van een bedrijf onder een andere naam, kan niet via een handelsnaamrecht worden opgeëist.

Lees verder in Bescherming van een handelsnaam op Iusmentis.com.

Waar moet ik nog meer achtergrondartikelen over schrijven?

Arnoud

Hoe kom je van de Telefoongids af?

stapel-telefoonboeken.jpgIeder jaar opnieuw propt dat televerkoopteam dat de Telefoongids volbelt met advertenties weer een complete boom in uw brievenbus, schreef GeenStijl gisteren. Ik verbaas me ook elke keer weer waarom ik nog dat papieren ding krijg, en ik ben lang niet de enige. De gids komt zelfs binnen bij mensen met een NEE/NEE sticker op de deur, dus nu wordt het juridisch interessant: mag dat wel, dan? Of moet het zelfs van de Telecommunicatiewet?

Om met dat laatste te beginnen: nee, het bezorgen van papieren gidsen moet helemaal niet van de Telecommunicatiewet. Die wet bevat inderdaad regels over gedrukte telefoongidsen. Artikel 9.1 bepaalt dat voor iedereen tegen een betaalbare prijs en met een bepaalde kwaliteit een gedrukte telefoongids beschikbaar moet zijn. Het Besluit Universele Dienstverlening en Eindgebruikersbelangen (Bude) werkt dit nader uit. Zo moet in ieder geval naam, adres, postcode, plaats en telefoonnummer in de gidsvermelding staan en moet de gids ten minste eenmaal per jaar geactualiseerd worden.

Nergens staat echter dat iedere Nederlander een gids onder de neus geduwd moet krijgen. Dat is een manier om te zorgen dat die gids beschikbaar is, maar niet de enige. Op aanvraag toesturen is ook een manier. Via de telecomprovider opt-in of opt-out vragen bij aangaan abonnement ook. Maar verboden is het op zich ook niet.

Wél is er sinds enkele jaren het uitgebreide spamverbod. En dat lijkt me óók voor papieren reclame te gelden, maar dan omgekeerd: je mag ongevraagde commerciële uitingen versturen totdat de ontvanger zich afmeldt (artikel 11.7 lid 5 Tw). Voor telefonie is dat geregeld via het Bel-me-niet-register, maar voor de post is zo’n register er niet. Ja, er is het Postfilter maar dat heeft geen wettelijke status – een bedrijf is niet verplicht dat filter te controleren. Wel moet de bezorger de NEE/NEE of NEE/JA sticker honoreren, want de wet zegt dat je “via het Bel-me-nietregister of anderszins” je bezwaar kunt uiten.

Je kunt je natuurlijk afvragen of een telefoongids wel onder “ongevraagde commerciële uiting” valt. Het is primair een naslagwerk. Maar hij staat wel vol advertenties, en dat geeft het toch weer een commercieel karakter. Als iemand ongevraagd telefoongidsen met advertenties ging rondmailen, zou iedereen meteen op de achterste benen staan en roepen dat dit spam is.

Wie van de gids afwil, kan dat via dit afmeldformulier doorgeven. Waarom je daar je telefoonnummer en e-mailadres moet doorgeven, is me echter een raadsel. De zin eronder zegt

Uw gegevens worden alleen gebruikt voor de verwerking van uw afmelding en niet voor andere doeleinden.

maar hoe gebruik je mijn e-mailadres bij het verwerken van de mededeling “ik wil geen telefoongids voor mijn deur gedumpt”?

Arnoud<br/> Foto: huppetee weg ermee die telefoongids! van ‘CatChat.nl’.

De voorintekening voor het boek “Security” is geopend!

Over ongeveer vier weken is het te koop: ons boek Security: Deskundig en praktisch juridisch advies. We leggen nog de laatste loodjes aan de layout, maar de voorintekening is bij deze geopend!

Wie nu al het boek bestelt, krijgt het direct na levering door onze drukker in huis voor slechts 19,95 (inclusief BTW) en zonder verzendkosten (als je in Nederland woont).

Het boek telt zeven hoofdstukken:

  • Computervredebreuk
  • Virussen en malware
  • Aftappen van gegevensverkeer
  • Privacy en persoonsgegevens
  • Monitoren van ICT
  • Ethisch hacken
  • Forensisch onderzoek

In elk hoofdstuk bespreek ik in duidelijke taal wat de wet er over zegt en wat dat betekent voor de praktijk. Is portscannen computervredebreuk? Mag je virussen verspreiden die malware juist verwijderen? Is Lektober legaal? Is identiteitsdiefstal strafbaar? (De antwoorden, in willekeurige volgorde: ja, nee, nee, nee.)

Bekijk ook de previews die we al eerder twitterden: de cover, pagina 2 en pagina 84.

Het boek kost 19,95 euro. Voorintekenen gebeurt via ICTRecht. Bij bestelling van ALLE boeken betaalt u 98,77 euro inclusief BTW en géén verzendkosten.

Arnoud

“Weet u een onderwerp voor mijn scriptie?”

scriptie-essay-huiswerk.jpgRegelmatig krijg ik mails van studenten en scholieren die bezig zijn met een “scriptie over internet” of iets specifieker de juridische aspecten daarvan, en dan van mij een onderwerp willen. Leuk, alleen heb ik géén idee waar iemand over zou moeten schrijven. Sinds kort ben ik part-time docent bij de VU, dus dit gaat alleen maar meer worden.

Natuurlijk, ik kan allerlei onderwerpen bedenken (van 3D printen versus auteursrecht tot het bestrijden van internetoplichting) maar ik vind niet dat je als afstudeerder een onderwerp aangereikt moet krijgen. Afstuderen is bedoeld om te laten zien dat je de kennis beheerst en kunt toepassen. Het onderwerp van je scriptie moet dus iets zijn dat je zelf ligt en waar je zelf mee aan de slag wilt. Ik ga dus geen onderwerpen aandragen. Wel denk ik graag mee over onderzoeksvragen, want die zijn een stuk lastiger om scherp te krijgen als je dat zelf nooit eerder hebt gedaan.

Een goede onderzoeksvraag is voor mij een open vraag, dus niet “Is het auteursrecht handhaafbaar” maar “Hoe kan auteursrecht worden gehandhaafd”. En die vraag moet te vertalen zijn naar concrete deelvragen, die je dan per hoofdstuk kunt beantwoorden. De antwoorden op de deelvragen moeten achter elkaar geplakt dan weer de hoofdvraag beantwoorden. Bij de Universiteit van Tilburg staat hierover een goede handleiding online.

Desondanks kan ik me goed voorstellen dat mensen inspiratie zoeken om ergens mee aan de slag te gaan. Daarom: weten jullie onderwerpen waar een afstudeerder mee aan de slag zou kunnen?

(Het zou leuk zijn als het vragen zijn waarbij het antwoord niet “dat hangt van de omstandigheden van het geval af” of vergelijkbare zouteloze analyses dan wel samenvattingen van de rechtspraak oplevert. Ik vind een samenvatting van hoe het zit niet academisch, tenzij het leidt tot nieuw inzicht of een vuistregel die praktisch bruikbaar is.)

Arnoud

Mijndomein wint ook in hoger beroep van konijn

nijntje-nijn-eleven.pngDe “Nijn-Eleven”-tekening is een rechtmatige parodie, aldus het Gerechtshof Amsterdam eerder deze week. De uitgeverij van de kinderboeken met het schattige konijn had internetprovider Mijndomein aangeklaagd toen deze een aantal grappig bedoelde spotprenten over het dier niet wilde verwijderen. In eerste instantie won Mijndomein over vijf van de zeven afbeeldingen, maar verbood de rechter juist de grappigste. Het Hof vindt nu echter ook deze door de beugel kunnen.

Eind 2009 had Mercis, de uitgever van de Nijntje-kinderboeken, hostingprovider Mijndomein voor de rechter gesleept omdat deze geen gehoor hadden gegeven aan een sommatie tot weghalen van zeven tekeningen waarin Nijntje op de hak werd genomen. Deze zouden het auteursrecht van Dick Bruna schenden. Mijndomein (overigens een klant van mijn bedrijf; ze werden hier bijgestaan door Kennedy van der Laan) vond deze klacht niet terecht: deze tekeningen vielen onder de parodie-uitzondering en daarmee zijn ze geen inbreuk op het auteursrecht. En als er geen inbreuk is, hoeft er ook niets weggehaald te worden.

De rechter was het daar in december 2009 grotendeels mee eens, maar verbood wél twee van de zeven tekeningen omdat die de grenzen van de parodie-uitzondering te buiten gingen. Deze tekeningen waren namelijk niet zelfgemaakte imitaties maar copypastewerk uit een originele Nijntje-tekening. De bekende Nijn-Eleven cartoon is bijvoorbeeld gewoon een kopie van Nijntje vliegt met twee flatgebouwen in de Bruna-stijl. Omdat je voor een parodie niet meer mag overnemen dan nodig is om je punt te maken, vond de rechter dit te ver gaan. Oftewel: je mag wel parodiëren maar dan moet je zelf tekenen, niet copypasten.

Het Hof vernietigt deze redenering. Het gaat er niet om of je copypaste dan wel zelf tekent, het gaat erom of je aan het bespotten dan wel grappenmaken bent. Dat kan prima door een gecopypasted origineel te bewerken, zoals in de Nijn-Eleven cartoon is gebeurd. En daarmee zijn alle zeven cartoons toelaatbaar:

Dat gebruik is, objectief bezien, in overeenstemming met hetgeen naar de regels van het huidige maatschappelijk verkeer redelijkerwijs geoorloofd is, ook indien daarbij in aanmerking wordt genomen dat Bruna zich als geestelijk vader van Nijntje erdoor beledigd voelt, in verband waarmee hij zijn hierna nog te bespreken persoonlijkheidsrechten in het geding brengt. Aan Mercis c.s. kan worden toegegeven dat niet iedere als “humor” gepresenteerde associatie van Nijntje met drugs, seks, terrorisme, racisme, of andere onderwerpen die niet als “braaf” worden beschouwd, een toelaatbare parodie oplevert.

Ook had Mercis zich beroepen op de merkenrechten op het hoofd van Nijntje. Een gedeponeerd merk mag je niet zomaar gebruiken, ook niet voor nietcommerciële doelen, zo staat in de merkenwet. Maar bij een parodie is er óók onder de merkenwet ruimte. Deze parodieën hadden een humoristische bedoeling, concurrentiemotieven ontbraken en geen mens zal denken dat deze tekeningen van Bruna zelf zijn. Daarmee is er geen kans op verwarring (en profiteren daarvan) en dus is er geen sprake van merkinbreuk.

Mercis moet niet alleen de cartoons tolereren maar ook de advocaatkosten van Mijndomein betalen – een dikke 35 duizend euro.

Meer hele sterke Nijntjeparodieën bij Retecool.

Arnoud

Vacature: ICTRecht zoekt juridisch adviseur certificering

Ingezonden mededeling van wervende aard 🙂

ICTRecht zoekt een medewerker voor het certificeren van websites (ja, nog eentje).

De werkzaamheden bestaan uit controle en beoordeling van meerdere websites per dag, met name webwinkels, op naleving van relevante wet- en regelgeving. Het gaat om een functie van ongeveer 24-32 uur per week, startend met een contract voor een halfjaar, met mogelijkheid tot een vast contract. Werkdagen kunnen in overleg worden bepaald.

Wij zoeken iemand die”

  • “kennis heeft van consumenten-/internetrecht
  • “beschikt over goede communicatieve vaardigheden
  • “leergierig is ingesteld, secuur werkt en beschikt over een gezonde dosis humor

Inhoudelijke vragen kunnen worden gesteld aan Maarten Braun via info@ictrecht.nl. Sollicitaties kunnen worden ingezonden tot 22 september 2011 naar hetzelfde e-mailadres, dit mag dan t.a.v. Chanty Morata. Graag ontvangen wij hierbij een korte motivatie, je curriculum vitae, je cijferlijst en natuurlijk je contactgegevens.

De gesprekken zullen plaatsvinden in de week van 26 september 2011

Telefonisch zijn wij bereikbaar op 020 663 1941.

Acquisitie naar aanleiding van deze vacature wordt niet op prijs gesteld.

ICTRecht B.V. staat voor deskundig, praktisch en concreet juridisch advies op het gebied van internet en ICT. Wij zijn jong & dynamisch en bieden veel ruimte voor originaliteit en eigen initiatief.

Een curieus takedownverzoek op een foto van een aap

aap-foto-publiek-domein-hoor.jpgZit er auteursrecht op de foto hiernaast? Je zou zeggen van wel: leuke camerahoek, kleurspel, precies goede moment gekozen om af te drukken.

Alleen: de maker is in dit geval de afgebeelde aap die de camera had geleend (via) van fotograaf David Slater. Het beest bleek geïntrigeerd door de reflectie van hemzelf in de lens, en drukte door zuiver toeval precies op het beste moment op het knopje.

Het nieuwtje werd opgepikt door Techdirt, dat zich verwonderd afvroeg waarom er op deze foto’s een copyrightnotice stond. Immers, een aap kan toch geen rechten bezitten?

Aardige discussie voor de vrijmibo, maar het wordt leuker: niet gehinderd door enige juridische kennis stuurde het fotoagentschap van Slater een takedownbevel:

These images are being used without David’s or our permission, therefore can I ask you remove these images from your site immediately.

Navragen hoe meneer Slater aan de auteursrechten zou zijn gekomen – een aap is niet handelingsbekwaam immers, dus hoe tekent hij die akte – leverde de volgende draaikontreactie op:

You have blatantly ‘lifted’ these photographs from somewhere – I presume the Daily Mail online. On the presumption that you do not like to encourage copyright theft (regardless of who owns it) then please remove the photographs.

Hier begrijpt iemand het auteursrecht niet. Er is geen eigenaar van deze foto, aangezien de aap geen rechten kan hebben en er geen enkele bemoeienis van Slater was bij het totstandkomen van de foto.

Maar zelfs als de aap het in opdracht van Slater handelende werktuig was (zeg maar een harige afstandsbediening), dan nog kan er geen sprake zijn van inbreuk. Het tonen van zo’n opmerkelijke foto is een vorm van beeldciteren, zeker wanneer je de foto ook nog eens als startpunt van een discussie neemt over auteursrechten.

Het gemak waarmee auteursrechtproponenten menen dat alles maar onder hun rechten moet vallen, en dat elk verweer een smoesje is van een vuile inbreukmaker, begint me steeds meer de keel uit te hangen. Maar dat wist u al.

Update (19/7): via Boek9 een vonnis over inbreuk op auteursrechten op luchtfoto’s.

De rechtbank stelt voorop dat Aerodata als de maker van de luchtfoto’s ingevolge artikel 1 Auteurswet het uitsluitend recht heeft die luchtfoto’s openbaar te maken en te verveelvoudigen. Anderen mogen dit niet dan met de voorafgaande toestemming van Aerodata.

Jammer dat niet betwist is of er wel auteursrechten op de foto’s zit. Immers een camera onder een vliegtuig hangen lijkt me niet creatief. Maar misschien hing er wel iemand uit het raam met een camera?

Arnoud