Gastbloggers gezocht, en onderwerpen voor mijn nieuwe boek!

| AE 8716 | Iusmentis | 10 reacties

boek-wetopinternet-arnoudengelfriet.jpgZoals elk jaar ga ik deze zomer er een paar weken tussenuit, en ik nodig dan ook hierbij graag mensen uit die een gastblog willen schrijven. Vrees niet, de tiradeweek blijft erin (suggesties welkom). Het onderwerp mag alles zijn zolang er maar een link met internetrecht is. Is het vergeetrecht dikke onzin, hoe beteugel je online trollen en is bitcoin een hype of juist een revolutie? Of: waarom bestaat internetrecht eigenlijk niet. Leef je uit – maar zonder voetnoten als het even kan.

Verder is mijn boek (De wet op internet) écht aan een update toe. De laatste editie is uit 2013 immers. En dan denk ik gelijk, een úpdate, kan ik niet beter een nieuw boek beginnen. Is dat version 2.0-syndroom of gewoon een goed plan, de focus in het internetrecht is immers een aardig eind verschoven. De hyperlinks- en filesharingruzies zijn wel zo ongeveer beslecht, online privacy wordt belangrijker en we zitten met een internet der dingen die zomaar uitgezet worden. Slimme contracten onderhandelen zichzelf en netneutraliteit blijft onder druk staan.

Welke onderwerpen zouden jullie willen lezen in een actueel boek over internetrecht?

Arnoud

Gastblog: Bitcoin: geld of geen geld?

| AE 7908 | Innovatie | 18 reacties

bitcoin-cc-by-sa-flickr-zach-copleyOmdat ik met vakantie ben vandaag een gastbijdrage. Vandaag: een bijdrage van Jos Visser over de status van de virtuele valuta Bitcoin in het financiële recht.

Met de opkomst van het Internet en de mogelijkheid om online producten en diensten te kopen ontstond de wens om met een veilig digitaal betaalmiddel te betalen. Die wens leek al in het midden van de jaren negentig in vervulling te gaan met DigiCash. Helaas was David Chaum, de ontwerper van DigiCash, even geniaal als moeilijk in de omgang en het Amsterdamse bedrijf ging dan ook ondanks interesse van diverse grote zakelijke partijen eind jaren negentig failliet. De wens om anoniem en veilig te betalen op het Internet leefde echter voort en in oktober 2008 publiceerde het mysterieuze genie Satoshi Nakamoto het ontwerp van een nieuwe digitale munteenheid: Bitcoin.

Wat Chaum niet lukte, lukte een grote groep van Bitcoin enthousiastelingen wel, en sinds de eerste Bitcoin transactie op 12 januari 2009 is er dan ook sprake van een gestage opmars van het aantal Bitcoin betalingen. De liefhebbers noemen Bitcoin “digitaal geld” en spreken in het verlengde daarvan over Bitcoin munten, de Bitcoin wisselkoers en Bitcoin portemonnees; allemaal woorden die met geld te maken hebben. Steeds meer web sites accepteren betalingen in Bitcoin en hier en daar zijn zelfs al Bitcoin geldautomaten te vinden. Maar, zo vraagt de jurist zich vervolgens af, is Bitcoin wel geld? En is het eigenlijk wel van belang om te weten of Bitcoin “geld” is? Als de koper ermee wil betalen, en de verkoper accepteert het, wat is dan het probleem? Boekenbonnen en ANWB cheques zijn toch ook geen geld?

Verreweg de meeste overeenkomst die we sluiten hebben als component een verbintenis om een bepaald bedrag in geld te betalen. Dit is zo gebruikelijk dat een hele afdeling in ons Burgerlijk Wetboek is gewijd aan “Verbintenissen tot betaling van een geldsom.” Die afdeling bevat het antwoord op vragen als: Wat te doen als de betaling te laat is of uitblijft? Moet de betaling in cash of mag er ook giraal worden betaald? Mag er in geld van een ander land worden betaald? Als Bitcoin geld is dan gelden die regels ook voor betalingen en betalingsverplichtingen in Bitcoin, en dat zou de acceptatie van dit digitale betaalmiddel een behoorlijke impuls geven.

“Geld” is zo’n begrip waarvan nergens precies gedefinieerd is wat het nu eigenlijk is. De artikelen in ons wetboek die gaan over verbintenissen tot betaling van een geldsom spreken uitgebreid over “geld”, “geldsom”, “geld dat gangbaar [is] in het land in welks geld de betaling geschiedt”, “Nederlands geld”, “buitenlands geld”, enzovoorts. Maar regels om aan te geven of iets geld is, of wanneer geld gangbaar is, ho maar. De bron van alle kennis, Wikipedia, zegt over geld: “Geld is enig object of enige toetsbare vermelding dat in een bepaald land of binnen een gegeven sociaal-economische context algemeen wordt aanvaard als betaling voor goederen en diensten en de terugbetaling van schulden.” Met deze definitie in de hand is het niet moeilijk in te zien dat de Euro, het Britse Pond en de Zwitserse Frank geld zijn. Maar is Bitcoin geld?

De wet bevat her en der ook verwijzingen naar het begrip “wettig betaalmiddel”. Wettige betaalmiddelen zijn die vormen van geld waaraan de wet schulddelgingskracht heeft gegeven. Dit betekent dat als je een schuld af wilt lossen, bijvoorbeeld omdat je net een brood hebt gekocht, en je komt aanzakken met een wettig betaalmiddel, dan heb je wettelijk gezien gepoogd te betalen. Als de schuldeiser die betaling niet accepteert komt het verzuim voor zijn of haar rekening. Een boekenbon is geen wettig betaalmiddel, maar het Engelse Pond en de Zwitserse Frank zijn dat (In Nederland) ook niet. Aan het betalen met een wettig betaalmiddel kleven overigens nog wel wat beperkingen. Zo hoeft een schuldeiser een betaling met meer dan 50 munten niet te accepteren. Ook kan vooraf de acceptatie van bepaalde vormen van betaling, bijvoorbeeld met een 200 of 500 eurobiljet, rechtmatig worden uitgesloten. Of iets een wettig betaalmiddel is of niet vloeit voort uit de wet, waarin her en der aan bepaalde munten en biljetten de status van wettig betaalmiddel wordt gegeven. Euromunten en -biljetten zijn natuurlijk een wettig betaalmiddel in Nederland. De Bitcoin wordt niet in de wet genoemd en is dus geen wettig betaalmiddel. Maar is het wellicht dan toch geld?

De rechtbank te Almelo zag zich indirect voor de vraag gesteld of Bitcoin “gangbaar geld” is. De zaak ging over een situatie waarin iemand 2.750 Bitcoins had gekocht maar er slechts 990 geleverd kreeg. Dit was sneu voor de koper aangezien de Bitcoins die op moment van het sluiten van de koopovereenkomst zo’n acht euro deden in 2014 voor meer dan 900 euro per Bitcoin van de hand gingen. Tel uit je verlies! De koper wendde zich vervolgens tot de rechtbank met het verzoek die schade te vergoeden en beriep zich daarbij op artikel 6:125 van ons Burgerlijk Wetboek. Dit artikel stelt dat schade die is ontstaan doordat “na het intreden van het verzuim de koers van het geld tot betaling waarvan de verbintenis strekt, zich ten opzichte van die van het geld van een of meer andere landen heeft gewijzigd” dient te worden vergoed. De koper stelde zich dus op het standpunt dat Bitcoins geld zijn, dat de overeenkomst er eentje was waarbij verkoper zich verplicht had tot betaling van een geldsom, dat hij door koper’s verzuim om alle gekochte Bitcoins te leveren wisselkoersschade had geleden, en dat het wetboek expliciet stelt dat die schade vergoed dient te worden.

Door het inroepen van artikel 6:125 zag de rechtbank zich voor de vraag gesteld of Bitcoins geld zijn in de zin van de genoemde afdeling uit het Burgerlijk Wetboek. Immers, indien Bitcoins geen geld zijn dan kan het ingeroepen wetsartikel het verzoek om een schadevergoeding niet schragen. Tot ontstentenis van Bitcoinend Nederland maakte de rechtbank korte metten met de stelling dat BItcoins een geldmiddel is zoals bedoeld in het Burgerlijk Wetboek. De rechtbank komt daarvoor met de volgende argumentatie:

Volgens het BW kan een geldsom giraal (per giro of bank) en chartaal (cash) worden voldaan. Bitcoin betalingen lopen niet via een bank of een bankachtige instelling, en dus kunnen Bitcoin betalingen niet als een vorm van girale betaling worden gezien. Voor chartale betaling dient er volgens de wettekst sprake te zijn van “gangbaar geld”. De bedoeling van de wetgever (zoals afgeleid uit de parlementaire discussie ten tijde van de invoering van het wetboek) was dat de vraag of iets “gangbaar geld” is hoofdzakelijk afhangt van de vraag of het een wettig betaalmiddel is. Bij de invoering van de Euro is wettelijk vastgelegd dat deze met uitsluiting van alle andere geldmiddelen het enige wettige betaalmiddel in Nederland is. Daabovenop komt dat de Minister in antwoord op kamervragen zich op het standpunt heeft gesteld dat Bitcoin geen wettig betaalmiddel is.

“QED”, aldus de rechtbank: Bitcoins zijn geen geld. Niet leuk voor de koper die zijn eis tot een hoge schadevergoeding afgewezen zag worden.

Bitcoin-minnend Nederland was natuurlijk niet blij met deze uitspraak en zinde dan ook op mogelijkheden om in hoger beroep te gaan, daarbij ondersteund door diverse juristen die de uitspraak van de rechtbank niet deelden. Helaas bleek de gedaagde in de originele rechtszaak met de noorderzon te zijn vertrokken, zonder achterlating van geld of goederen waarop de koper bij winst in het hoger beroep beslag zou kunnen leggen. De koper zag dan ook al aankomen dat hij zelfs bij winst in een hoger beroep naar zijn schadevergoeding zou kunnen fluiten. Om die reden zag hij dan ook geen heil in een dure tweede rechtsgang. De Bitcoin gemeenschap is vervolgens een inzamelingsactie gestart om het hoger beroep te financieren: https://bitcoinisgeld.org. Op moment van schrijven loopt dat hoger beroep en is het wachten op de uitspraak van het hof.

Dus: Bitcoin is vooralsnog geen geld. Wat is Bitcoin dan wel? Volgens de rechtbank Almelo dient Bitcoin te worden gezien als een ruilmiddel. Weliswaar een ruilmiddel met een waarde, zoals bijvoorbeeld goud of een nationale bioscoopbon, maar geen wettig betaalmiddel. Nu heeft in ons rechtssysteem een uitspraak als deze geen sterke precedentwerking, maar geheel zonder gevolgen is hij ook weer niet. Het wachten is dus op de uitspraak in het hoger beroep. Mocht dit ook ongunstig uitvallen dan kan er eventueel nog cassatie bij de Hoge Raad worden ingesteld. En als dat vervolgens ook nog ongunstig uitvalt ligt het laatste woord bij regering en parlement om de wettelijke regelingen aan te passen. We wachten vol spanning af.

P.S.

Q: Maar Jos, wat vindt jij er nu van? Is Bitcoin geld of niet?<br/> A: Ik vind het dictum van de rechtbank wel correct, maar de redenering is niet erg sterk. Daar kan wat mij betreft nog wel een en ander aan worden verbeterd. Onze Grondwet zegt in artikel 106 “De wet regelt het geldstelsel.” Alhoewel over grondwetartikelen altijd wel te discussiëren valt lijkt dit artikel me toch maar voor een uitleg vatbaar. Het komt mij voor dat de gedachte dat Bitcoin geld zou zijn voortspruit uit de nogal vage en over diverse wetten en regelingen verspreide definitie van wat geld en wettige betaalmiddelen nu eigenlijk zijn. Opschoning en verduidelijking van die wet- en regelgeving zou wellicht aanbeveling verdienen. Over de vraag of Bitcoin geld zou moeten zijn ben ik nog niet uit. Ons monetaire systeem lijkt in ieder geval niet verenigbaar met het proces van Bitcoin mining. Ik snap dat het sommige Bitcoin volgelingen juist daarom te doen is, maar ik weet het nog zo net niet…

Jos Visser is software engineer bij Google en studeert rechten aan de Open Universiteit.

Gastblog: Gebruik van modelcontractbepaling vergt extra justificatie. Omgekeerde wereld?

| AE 7898 | Privacy | 10 reacties

cloud-flag-usaOmdat ik met vakantie ben vandaag een gastbijdrage. Vandaag: Marc Steenbergen over de Europese modelbepalingen voor export van persoonsgegevens.

De Data Protection Directive (officieel “Directive 95/46/EC on the protection of individuals with regard to the processing of personal data and on the free movement of such data”) is de richtlijn binnen de Europese Unie met betrekking tot het verwerken van persoonlijke data. Sinds 1995 is dit een belangrijke onderdeel van Europese wetgeving over privacy en mensenrechten. In Nederland is de richtlijn omgezet in de Wet bescherming persoonsgegevens. In België geldt de Privacywet.

De huidige EU Data Protection Directive 95/46/EC houdt geen rekening met belangrijek aspecten zoals globalisatie en technologsiche ontwikkelingen zoals social networks, cloud computing, etc. De Europese Commissie heeft daarom bepaald dat een nieuwe richtlijn noodzakelijk is, die tevens een belangrijke rol kan spoelen in het bereiken van een “single digital market” binnen de EU. De verwachting is dat er in de loop van 2016 een definitief akkoord zal zijn over de nieuwe General Data Protection Regulation, die vanaf dat moment voor alle landen in de Europese Unie zal gelden.

Om gegevensuitwisseling tussen de Verenigde Staten (VS) en Europa mogelijk te maken waarbij door Amerikaanse bedrijven voldaan wordt aan de EU Data Protection Directive 95/46/EC is het VS-EU Safe Harbour mechanisme in het leven geroepen. Amerikaanse bedrijven die voldoen aan het Safe Harbour framework zijn daarmee compliant met de EU Data Protection Directive 95/46/EC. Amerikaanse organsiaties die gebruik willen maken van het Safe Harbour mechanisme moeten onder regulering staan van de Federal Trade Commission of het Department of Transportation, waardoor bv. financiele instellingen en non-profit organisaties er geen gebruik van kunnen maken. En het bepalen of een Amerikaans bedrijf voldoet aan de Safe Harbour vereisten is iets wat dat bedrijf zelf mag doen (“self certification”). Met andere woorden: de slager keurt zijn eigen vlees. Dat is voor veel Europese bedrijven geen situatie waardoor men de vereiste zekerheden verkrijgt. Zo heeft de Duitse data protectie autoriteit recent verkaard dat zij er geen voorstander van zijn om data overdracht op basis van Safe Harbor goed te keuren. En de Europese Commissie heeft zich uitgesproken voor een update van de Safe Harbor afspraken.

Naast het Safe Harbor mechanisme zijn er nog twee andere mechanismen om veilige gegevensoverdracht te waardborgen: EU Model Clauses en Binding Corporate Rules.

Binding Corporate Rules zijn gedragsregels, gedefinieerd en gecontroleerd door nationale Europese autoriteiten, die door multi-nationale bedrijven geïmplementeerd dienen te worden om al het interne grensoverschrijdende dataverkeer in vereenstemming te laten zijn met de Europese wetgeving. De EU Model Clauses zijn standaard contracten voor de overdracht van data tussen EU en niet-EU landen. De Europese Raad en het Europees Parlement hebben de Europese Commissie begin van deze eeuw de bevoegdheid gegeven om te beslissen op grond van artikel 26 van Richtlijn 95/46/EG dat bepaalde modelcontractbepalingen voldoende waarborgen bieden met betrekking tot de bescherming van de privacy en de fundamentele rechten en vrijheden van personen, alsmede ten aanzien van de uitoefening van de bijbehorende rechten. De Europese Commissie heeft tot nu toe twee sets van modelcontractbepalingen vastgesteld: een set voor de overdracht van data controllers (“verantwoordelijken”) binnen de EU naar data controllers buiten de EU en een set voor de overdracht van data controller binnen de EU naar buiten de EU gevestigde data processors (“verwerkers”).

De afgelopen periode is het nodige te doen geweest rondom deze EU Model Clause. Sommige bedrijven gebruiken de EU Model Clauses al sinds ze beschikbaar gesteld zijn, in 2001. Andere partijen deden dat tot kort geleden niet, maar hebben recentelijk de terms & conditions van de EU Model Clauses geincorporeerd in eigen (cloud) contracten. Vervolgens hebben ze de Europese autoriteiten voor gegevensbescherming gevraagd om deze contracten goed te keuren. Nadat deze goedkeuring verkregen was, konden deze bedrijven het niet laten om luid van de kanseel te schreeuwen dat ze goedkeuring hadden gehad van de Europese Unie, met statements als “It is the only enterprise cloud that meets EU privacy law standards and be approved by the EU’s data protection authorities.” Dit heeft geleid tot verwarring in de markt omdat sommige eindgebruikers de perceptie kregen, of de perceptie werd aangepraat, dat alleen deze bedrijven compliant zouden zijn met de Europese wetgeving. Terwijl deze bedrijven in feite een probleem hebben opgelost wat ze jarenlang gehad hebben, daar waar andere bedrijven al die jaren lang al compliant waren aan de vereiste Europese wetgeving.

Navraag bij de EU 29 Working Group door partijen die sinds 2001 al exact de door de EU vastgelegde modelcontracten gebruiken, heeft (natuurlijk!) geresulteerd in de schriftelijke bevestiging dat zij compliant zijn met de Europese wetgeving. Wat logisch is, want dat is nou juist het principe van die model clausules!. En dergelijke schriftelijke bevestigingen worden dan weer gebruikt om eindgebruikersorganisaties duidelijk te maken dat de standaard EU Model Clause, “used ever since 2001”, toch echt voldoende is.

Eigenlijk vind ik dit best raar: er is een standaard. Een bedrijf heeft zich jarenlang niets gelegen laten liggen aan de EU Model Clause, besluit haar leven te beteren, incorporeert de EU Model Clause in haar contracten, vraagt confirmatie dat dit okee is, krijgt deze ook, en gebruikt dit voor tendentieuze marketingcommunicatie. Waardoor vervolgens partijen die vanaf dag 1 de standaard Eu Model Clause gebruikten gedwongen worden nog eens additioneel gaan uitleggen aan het publiek dat zij de standaard al sinds 2001 gebruiken, en dat de Europese autoriteiten dit nog eens expliciet hebben bevestigd dat dit die standaard goed is. Maar ja, het onderwerp data privacy is een uiterst gevoelig onderwerp, en terecht. Laten we daarom vooral goed en duidelijk, en feitelijk, blijven communiceren over de daartoe in het leven geroepen wetgeving. Want zoals Jim Barksdale, ex-CEO van Netscape ooit zei: “If we have facts ,let´s look at the facts. If we have opinions, let´s go with mine”.

Marc is Business Development Executive bij IBM. Dit artikel representeert zijn eigen mening en staat los van de opinie van zijn werkgever.

Gastblog: Een glasvezel langs je flatraam. Moet je dat pikken?

| AE 7892 | Innovatie | 23 reacties

Omdat ik met vakantie ben vandaag een gastbijdrage. Vandaag: Michel Arts over de gedoogplicht om kabels langs je raam te moeten tolereren. Op veel plaatsen wordt op dit moment glasvezel aangelegd. Dat gaat niet altijd zonder problemen. In flats heb je het probleem dat je mogelijk geen glasvezel kan krijgen als je onderbuurman, de huisbaas… Lees verder

Gastbloggers gezocht!

| AE 6776 | Iusmentis | 10 reacties

In augustus ga ik drie weken met vakantie, maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat mijn blog in die periode stilligt. Vandaar deze oproep: wie wil van de zomer op dit blog een gastpost publiceren? Het onderwerp mag alles zijn zolang er maar een link met internetrecht is. Je eigen ervaringen als webwinkelier in… Lees verder

Gastauteurs gevraagd!

| AE 5650 | Iusmentis | 8 reacties

Over een paar weken ga ik weer met vakantie, en net zoals vorige jaren heb ik dan geen gelegenheid om te bloggen. Maar wel houd ik jullie graag voorzien van relevante content. Dus: wie heeft er zin om een gastbijdrage te doen? Het hoeft niet moeilijk juridisch complex te zijn: je eigen mening over het… Lees verder

Gastblog: Bits of Freedom heeft uw hulp nodig

| AE 4809 | Internetrecht | 15 reacties

Vandaag ben ik jarig, en ik heb besloten een dagje vrij te nemen van bloggen. Vandaag een gastblog van Karin Spaink over Bits of Freedom. Als jullie bij wijze van verjaardagscadeau een donatie willen doen aan deze digitale burgerrechtenvoorvechter, dan zou ik dat heel erg waarderen. Bits of Freedom heeft een boel bereikt. Daar ben… Lees verder