Terugblik: Stilzwijgende verlenging aan banden gelegd?

| AE 9563 | Informatiemaatschappij | 5 reacties

Vanwege mijn vakantie deze week geen nieuwe blogs. In plaats daarvan een terugblik op de afgelopen tien jaar: ik heb vijf populaire blogs geselecteerd en kijk er anno 2017 graag nog eens naar met jullie.

Vandaag: Stilzwijgende verlenging aan banden gelegd?, over de Abonnementenwet (ook wel de “Wet-Van Dam”) die in 2009 ingevoerd werd om stilzwijgende verlengingen van sportschoolabonnementen, tijdschriften en dergelijke in te korten: altijd per maand opzegbaar, behalve kranten en maandbladen elk kwartaal.

Lidmaatschappen en abonnementen kunnen binnenkort niet meer stilzwijgend verlengd worden, meldde Nu.nl donderdag. Een initiatiefswetsvoorstel van PvdA-Tweede Kamerlid Martijn van Dam heeft als doel die praktijken sterk aan banden te leggen. Het voorstel moet nog door Tweede en Eerste Kamers, maar er zit in ieder geval schot in. Een goede zaak lijkt mij. Volgens onderzoek van Maurice de Hond ergert 54% zich aan jaarlijkse stilzwijgende verlenging en heeft 40% een abonnement waar men eigenlijk al vanaf had gewild.

Dat “binnenkort” was in 2009 wat optimistisch, de wet werd pas in 2011 van kracht en toen kregen we ook nog eens een stevige discussie over overgangsrecht. Want bedrijven vonden dit niet leuk en trokken alles uit de kast om maar niet mee te hoeven in deze wet. Want hoewel Van Dam bij invoering in de memorie van toelichting had gezegd

Deze wijziging voorziet niet in overgangsrecht. Daardoor is deze wijziging ook van toepassing op reeds gesloten overeenkomsten.

werd er in de maanden daarna toch flink geroepen dat er wél overgangsrecht geldt. Er is immers de Overgangswet Nieuw Burgerlijk Wetboek, die in 1969 (ja, 69) is aangenomen om de overgang van het ‘oude’ BW naar wat we nu hebben mogelijk te maken. In die wet werd geregeld hoe de nieuwe wet zou uitpakken voor bestaande contracten en andere zaken. Prima, dat was nodig destijds, maar is die wet werkelijk ook geldig voor álle wijzigingen van het BW die na 1969 doorgevoerd werden?

Nee, natuurlijk niet, maar als een serieus kijkende advocaat dit beweert, dan gaan mensen daar toch even over nadenken. En dat creëert de gewenste onzekerheid waardoor men mensen nog een forse tijd aan jaarlijkse verlenging kon houden. Ten onrechte: in april 2013 vonniste de rechtbank dat de Wet Van Dam gewoon van toepassing was vanaf 1 december 2011, ook voor lopende overeenkomsten.

Dit soort grappen gaan we nog vaker zien. De eerstvolgende keer wordt mei 2018, wanneer de AVG van kracht wordt. Deze is al in 2016 aangenomen, en er is twee jaar gegund om compliant te worden met deze wet. Maar je wéét gewoon dat er hele hordes gaan gillen in 2018 dat dit onverwacht was en dat er nu overgangsrecht of soepele handhaving moet komen. Ergerlijk.

Arnoud

Zijn voorwaarden ook algemene als ze in het contract zelf staan?

| AE 7622 | Informatiemaatschappij | 9 reacties

pen-contract-ondertekenen-algemene-voorwaardenEen lezer vroeg me:

Ik wilde opzeggen bij mijn sportschool maar dat mocht maar eens per jaar. Ik wees ze op de Wet Van Dam, omdat ik al jaren lid ben en ze steeds stilzwijgend verlengen. Alleen, nu zegt de sportschool dat die regels niet gelden, omdat ze niet met algemene voorwaarden werken maar alleen met contracten. En inderdaad, de opzegtermijn staat in een document van 1 A4 waar “Contract” boven staat en niet “Algemene voorwaarden”. Maar zó simpel kan het toch niet zijn?

Nee, zo simpel is het zeker niet. Wat de sportschool denkt, hoor ik wel vaker: dat regels over algemene voorwaarden alleen gelden als het gaat om dingen die in een apart document staan waar “Algemene voorwaarden” boven staan, al dan niet gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel.

Zo werkt het niet. Algemene voorwaarden zijn volgens de wet (art. 6:231 BW) “bedingen die zijn opgesteld teneinde in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen”. Dat staat dus los van in welk document ze staan of welke kopjes er boven staan. Het gaat er alleen om of je diezelfde bedingen naar meer klanten toe gebruikt.

Grof gezegd betekent dit dat een voorwaarde algemeen is tenzij het om een onderhandeld contract gaat. Als je immers beiden hebt geschaafd aan een beding, dan kun je dat moeilijk “opgesteld teneinde in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen” noemen. Wat natuurlijk niet betekent dat enkel “je kúnt altijd piepen” genoeg is. Er moet wel realistisch gezien ruimte zijn om te onderhandelen, en bij consumentencontracten is die ruimte er zelden werkelijk. Natuurlijk kun je altijd zeggen “ik wil niet per jaar verlengen” maar dan zegt de sportschool “dan kun je hier niet sporten”.

ADV: En nu we het toch over contracten en algemene voorwaarden hebben: medio mei verschijnt het Handboek ICT-contracten van mij en ICTRecht-collega Steven Ras. Meer dan honderd contractsclausules en meer dan dertig ICT-contracten in detail uitgewerkt en besproken.

Of het nu onwil is of gewoon “ik heb half iets gehoord en dat klinkt wel juridisch dus laat ik dat maar zeggen”, daar ben ik nog niet over uit. En het probleem is natuurlijk, je kunt er moeilijk wat tegen doen afgezien van de automatische incasso stopzetten en de deurwaarder afpoeieren.

Arnoud

Gastpost: Wet Van Dam? Voor Rendement Uitgeverij ben jij geen consument!

| AE 6851 | Ondernemingsvrijheid | 16 reacties

Omdat ik met vakantie ben deze week een aantal bijdragen van vaste bezoekers. Vandaag Alex de Kruijff over een ergernis die ik vaker zie: hoe sommige uitgeverijen omgaan met de Wet Van Dam.

Update (4/11) Lees ook de reactie van uitgeverij Rendement hieronder.

Sinds de Wet Van Dam zijn veel uitgevers ongelukkig: zij kunnen abonnementen met consumenten niet langer jaarlijks verlengen. Sommige zijn op zoek gegaan naar trucs om de wet te omzeilen. Zo ook Rendement Uitgeverij. Ze brengt tijdschriften uit die werkgerelateerd zijn. Rendement Uitgeverij wil de wet pareren door in de algemene voorwaarden het volgende op te nemen: “Alle producten en Diensten van Rendement zijn bedoeld voor zakelijk gebruik en derhalve is de consumentenwetgeving niet van toepassing.”

Oftewel, je zegt gewoon dat je product zakelijk is en hup de Wet Van Dam is niet van toepassing… toch?

Standpunt Rendement Uitgeverij De Wet Van Dam is van toepassing op overeenkomsten tussen een bedrijf en een consument. Onze producten zijn bedoelt voor zakelijk gebruik en wij gaan er daarom vanuit dat u deze gebruikt voor uw beroep of bedrijf. Wij zien u daarom niet als consument.

Wanneer ben je een consument? De wettelijke definitie van consument is: een natuurlijk persoon, die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf. Bij het begrip beroep gaat het volgens de Hoge Raad om persoonsgebonden werkzaamheden en bij begrip begrip bedrijf gaat het om werkzaamheden die uitgevoerd worden voor een ondernemingsgewijze bedrijfsuitoefening. In de praktijk betekenen de begrippen in grote lijnen ongeveer hetzelfde. Typische beroepen zijn notaris, jurist en dokter.

Als er betwist wordt dat je een consument bent dan zul je dat moeten bewijzen. Voor de meeste zal dit redelijk eenvoudig zijn. Met een kopie van het aanmeldforulier kun je aantonen hoe je dit destijds hebt gecommuniceerd. Consumenten geven geen ondernemings- of afdelingsnaam op. Dit bewijsstuk kun je extra kracht bij zetten met een salarisstrook of uitkeringsopgave. Dat is een goede indicator dat je een werknemer en dus consument bent. Overigens is het niet van belang of de tegenpartij wist dat je een consument bent; “is dit voor hem van belang, dan ligt het op zijn weg zich daarvan te vergewissen en zijn bereidheid tot contracteren daarvan te laten afhangen.” (bron)

Alleen als je een eenmansbedrijf of vereniging onder vennootschap (VOF) hebt dan zul je het lastig krijgen. Je zult dan aannemelijk moeten maken dat je het abonnement hebt afgesloten voor privé doeleinde. Als je een stoel koopt voor je wachtkamer dan ben je geen consument, maar als je diezelfde stoel koopt voor je woonkamer dan ben je weer wel een consument (bron). Je kunt dan met een foto laten zien waar de stoel staat. En vrienden en familie kunnen natuurlijk ook getuigen. Maar ik verwacht dat dit voor een blad als dat van Rendement Uitgeverij niet erg overtuigend zal zijn.

De Wet Van Dam voor dag-, nieuws- en weekbladen en tijdschriften Voor dag-, nieuws- en weekbladen en tijdschriften geldt een soepeler regiem dan voor de meeste overeenkomsten. Uitgevers van dergelijke bladen kunnen kiezen tussen stilzwijgende verlenging of stilzwijgende omzetting in een overeenkomst voor onbepaalde duur. Er kan stilzwijgend worden verlengt met drie maanden, mits de opzegtermijn voor de vervaldatum maximaal een maand is. Of er kan stilzwijgend worden omgezet, mits de opzegtermijn maximaal drie maanden is en er op ieder moment kan worden opgezegd. Wel geldt dat proefabonnementen altijd automatisch moeten stoppen. (Dit laatste had wat mij betreft ingevoerd mogen worden voor alle overeenkomsten die onder de Wet Van Dam vallen.)

Hoe om te gaan met Rendement Uitgeverij? Tot voor kort had Rendement Uitgeverij in haar voorwaarden staan dat overeenkomsten met haar stilzwijgend werden verlengt indien er niet was opgezegd twee maanden voor de vervaldatum (dus een opzegtermijn van twee maanden). Proef- en reguliere abonnementen werden verlengt met vijf of twaalf maanden. Rendement Uitgeverij handelde daarmee in alle gevallen in strijd met de Wet Van Dam.

Recentelijk heeft ze dit beleid aangepast. Proef- en reguliere abonnementen worden nu stilzwijgend verlengt drie of zes nummer of met een heel jaar. En haar opzegtermijn is één of twee maanden. Dit alles is afhankelijk van de duur. In de theorie handelt Rendement Uitgeverij een heel enkele keer in overeenstemming met de Wet Van Dam, maar in de praktijk bijna nooit.

Al is het maar omdat klanten bij haar binnen komen op een proefabonnement. Maar ook een opzegtermijn van twee maanden is in strijd met de Wet Van Dam. Het zelfde geldt met de verlenging van zes nummer of twaalf maanden. Zelfs de verlenging met drie nummers is in de zomermaanden in strijd met de wet. Dan valt er namelijk een nummer uit, zodat de duur van de verlenging daarmee op vier maanden is komen te liggen.

Bij Uitgeverij Rendement is het goed om even na te gaan of je een consument bent. Als je een werknemer bent bij een of meerdere bedrijven en daarnaast geen andere werkzaamheden uitvoert dan is dat zeker het geval. Mijn advies is dan: betaal gewoon die rekeningen niet. De extra bladen mag je houden als zijnde gratis, omdat je hier niet om hebt gevraagd (art. 7:7 BW).

3 De oplossing is toch zo eenvoudig. Vraag gewoon met behulp van radio buttons of de klant een consument is of niet. Als deze aangeeft een consument te zijn, dan zeg je “Sorry, wij willen met u geen overeenkomst sluiten omdat wij ons niet kunnen vinden in de Wet Van Dam.” Dan loop je natuurlijk wel een aantal overeenkomsten mis, maar daar moet je dan maar bereid toe zijn.

Alex de Kruijff is een ingenieur die elektronica en informatica heeft gestudeerd en juridische interesse heeft. In het verleden blogde hij hier meer dan twintig intrigerende gastartikelen over consumentenrecht, waaronder de ongeldigheid van EULA’s. Nu komt hij met een eigen blog: consumentenrecht.kruijff.org.

Mag Netflix haar proefabonnement wel stilzwijgend omzetten naar een betaald abonnement?

| AE 5963 | Informatiemaatschappij | 33 reacties

Videostreamingdienst Netflix is sinds begin deze maand beschikbaar in Nederland. Voor 8 euro per maand kunnen gebruikers van de dienst onbeperkt films en series streamen, inclusief Nederlands aanbod als De Heineken Ontvoering en Gooische Vrouwen. En omdat wij Nederlanders van de gratis zijn, zit er een gratis proefperiode van een maand op. Maar let wel,… Lees verder

Mogen proefabonnementen nu wel of niet stilzwijgend verlengd worden?

| AE 2710 | Informatiemaatschappij | 2 reacties

Een lezer vroeg me: Recent werd ik lid van een dienst waarbij je elke dag gratis een proefmonstertje van een schoonheidsproduct toegezonden krijgt. Je moet dan op een website invullen hoe dat bevalt, maar het kost niets. Dacht ik, want in de laatste week las ik het contract nog eens door en op pagina 6… Lees verder