Hoe kun je nou rechten claimen op wetten en vonnissen?

| AE 11938 | Intellectuele rechten, Ondernemingsvrijheid | 5 reacties

Juridische AI-dienst ROSS is uit z’n slof geschoten in haar verweerschrift tegen de rechtszaak van Thomson Reuters, las ik bij Artificial Lawyer. De Thomson Reuters dienst Westlaw zou zijn gebruikt als bron om ROSS te trainen, en daardoor op een of andere manier haar rechten schenden. Wat volgens ROSS volkomen onlogisch is: dat zou dan gaan om rechten op tussenkopjes en andere verrijkte informatie, maar ROSS werkt juist het beste omdat ze alleen naar brondata kijkt.

ROSS is de bekendste juridische AI: ze zoeken relevante rechtspraak bij cases die je erin stopt, wat in de VS en Engeland het belangrijkste middel is om een aanklacht of verweer te ondersteunen. En vooral: er is véél meer rechtspraak dan bij ons, want honderd jaar teruggaan is niet raar in common law rechtssystemen.

ROSS is er vrij goed in, wat natuurlijk (naast de inzet van torenhoge IBM machines) komt door hun uitgebreide dataset. En dat is waar Thomson over valt: die stellen dat hún data er voor is gebruikt. Thomson maakt namelijk annotaties van rechtspraak, inclusief indexaties, tussenkopjes en verwijzingen. Dat verkopen ze dan voor veel geld aan advocatenkantoren – wat een stuk beter gaat omdat er eigenlijk geen fatsoenlijke openbare bronnen van wetten en met name jurisprudentie zijn in deze landen.

De beschuldiging aan ROSS lijkt gebaseerd op het werk van een toeleverancier die wetten en case law uit de Thomson database heeft gehaald en dat heeft opgestuurd inclusief tussenkopjes en annotaties. ROSS heeft nu interne mails overlegd waaruit blijkt dat ze nadrukkelijk dat hebben afgekeurd: ze hebben daar namelijk niets aan omdat het machine learning algoritme juist gaat om het leren uit de bronteksten. Wat vrij logisch klinkt voor mij, en zoals ze zelf zeggen:

In fact, anyone that accesses our platform (which is freely accessible through our website) can readily see that we have no editorialized content. It has always been our view that the editorialized content approach, in addition to being fallible and difficult to quality-check, produces work that is stale the moment it is published. That is the old legal research playbook. We chose a new way.

De grote frustratie is uiteraard dat je dan uberhaupt in actie moet komen tegen zo’n onzineis. En dat is in de VS echt wel een probleem, want in de fase waar men nu is (discovery) heb je rustig een ton neer te leggen om je te verweren en de gevraagde informatie te overleggen. Discovery is namelijk de verplichting om álle relevante materialen af te geven aan je wederpartij, en dat zijn meerdere vrachtwagens als je niet uitkijkt.

Arnoud

AI rechters en het juridische novum

| AE 10674 | Innovatie | 10 reacties

“De doker begraaft zijn vergissingen; die van de rechter worden tot wet”. Met die tekst opende Coen Drion een blog over de koersvastheid van de rechter. Dat is namelijk een dingetje in het recht: mag een rechter afwijken van eerdere uitspraken van collega’s of zelfs hogere rechtbanken? In het Engelse en Amerikaanse common law systeem is dat een doodzonde, het principe van “stare decisis” vereist daar dat de rechtbank doet wat hoger is bepaald, en dat alleen hogere rechtbanken “om” kunnen gaan. Nu steeds meer stemmen opgaan om rechtspraak door AI of robots te laten doen, is het goed daar nog eens over na te denken want AI-gevoede rechtspraak gaat heel anders om met precedenten dan mensenrechtspraak.

Artificial Intelligence wordt binnen de juridische wereld nu vooral ingezet voor analyse en adviseren. Maar in theorie is er weinig technisch bezwaar tegen een AI systeem dat uitspraken gaat doen over daadwerkelijke zaken. Het infameuze E-court heeft al een robotrechter, die op basis van een hele stapel eerdere uitspraken analyseert hoe kansrijk een geldvordering is, en deze dan toe- of afwijst.

Dat is ook precies hoe AI werkt. Een robotrechter leert geen rechtsregels zoals menselijke juristen doen, en leert zelfs niet het analyseren van eerdere jurisprudentie wat belangrijke factoren zijn. AI’s zijn goed in het vergelijken: gegeven een dataset waarin elk item (elk vonnis dus) in een zit, bepaal welke factoren per item essentieel zijn om in een bepaald bakje te horen. Dat is een beetje hoe een ervaren menselijke rechter ook werkt: oké, een standaard-incassozaakje of daar heb je weer een fotoclaim met het bekende verhaal over citaatrecht. Maar niet helemaal: een AI kijkt blind naar alle factoren die hij ziet, en dat kunnen ook onbedoelde factoren zijn (als advocaat X pleit of de eiser in Amstelveen woont, dan is dat een indicatie dat de zaak niet sterk is).

Uiteindelijk is de kern echter wel dat een AI alléén afgaat op de eerdere dataset. Hij leert immers alleen daaruit hoe er recht gesproken moet worden. Een afwijking van die dataset is daarbij niet te verwachten. Computers zijn immers niet creatief, en niet gevoelig voor ongewone omstandigheden, nieuwe feiten of het overtuigendste pleidooi. Dat is ook de reden waarom robotrechters alleen voor standaardwerk ingezet moeten kunnen worden, én dat er altijd ruimte moet zijn om die ongewone omstandigheden te kunnen stellen waarna een mensenrechter en aar kijkt.

Complex daarbij vind ik wel dat je robotrechters inzet om standaardwerk te doen, en dat je wilt voorkomen dat iedereen alsnog naar de mensenrechter wil. Maar hoe toets je of iemands beroep op bijzondere omstandigheden legitiem is en dus naar de mensenrechter mag? Per definitie kan een robotrechter dat niet bepalen.

Arnoud

De wetgevende taak van de rechter

| AE 8814 | Informatiemaatschappij | 10 reacties

hoge-raadGisteren kwam het ook weer langs: hoezo mag een rechter eigenlijk regels verzinnen die algemeen gelden? Dat is toch wetgeving, en die taak ligt toch bij de Tweede en Eerste Kamer?

Westerse rechtssystemen zijn in principe opgezet volgens de trias politica: er zijn drie machten, die elkaar controleren en zo de boel in evenwicht houden. Allereerst is er de wetgevende macht, die nieuwe wetten maakt. Daarnaast staat de uitvoerende macht, die de wetten handhaaft. En als derde is er de rechterlijke macht, die de handhaving toetst. Geen van die drie staat boven de ander, en ze kunnen elkaars beslissingen achteraf corrigeren. Maak een nieuwe wet, kies voor coulante handhaving of verklaar een wet ongeldig.

Helemaal zuiver is de implementatie van dit idee echter nooit. Zo worden bij ons wetten eigenlijk altijd voorgesteld door de minister van het betreffende onderwerp, en die is toch echt lid van de uitvoerende macht. En sommige rechters zijn lid van de Eerste Kamer, en stemmen dus over wetten die ze vervolgens gaan toetsen.

Dat de rechter “de spreekbuis van de wet”, is ook een van de delen uit de trias politica-leer. Een rechter mag niet zelf wetten gaan maken, daar is de wetgevende macht voor. Maar ook hier is de praktijk anders, op diverse niveaus.

Rechters passen de wet toe op specifieke gevallen. In principe is hun toetsing dus ook specifiek. In deze zaak is een maand een redelijke termijn, in die zaak is een ontslagvergoeding van 7500 euro gepast maar in deze sluit 3000 euro schadevergoeding beter aan bij de situatie. Het probleem daarmee is dat de wet zelden specifiek de criteria geeft om die redelijkheid te toetsen. Dus dan krijg je dat rechters dat op zeker moment zelf gaan motiveren, en een goede motivatie wordt dan overgenomen door de collega’s. Soms gaat het zelfs heel formeel. Het bekendste voorbeeld is denk ik de kantonrechtersformule voor ontslag. Deze werd in 1997 door de Kring van Kantonrechters ingevoerd als algemene regel om gewoon praktisch tot een vergoeding te kunnen komen langs vaste lijn. Je zou dat rechtsvorming kunnen noemen: er worden criteria geformuleerd die niet in de wet staan, maar die wel bindend zijn voor iedereen bij de bepaling of iets redelijk, onzorgvuldig of wat dan ook is.

Ik vind dit ook niet verkeerd. De rechter kan veel beter dan de wetgever op korte termijn beslissen wat er moet gebeuren met een nieuwe ontwikkeling. Je ziet dat veel in internetrecht: eerst wat losse uitspraken die alle kanten op gaan, dan ontstaan er een paar trends en die evolueren naar een algemene rechtsregel. Of meerdere, en dan zal de Hoge Raad (of het Hof van Justitie) daar een knoop moeten doorhakken. Die rechtsregels kunnen net wat specifieker zijn dan wetten, en aangepast worden als de technologie voortschrijdt.

Uiteindelijk kan de wetgever altijd de wet aanpassen als ze het oneens is met de rechtsregel die is ontstaan. Hoewel in de praktijk dat zelden gebeurt, en dat is logisch: die rechtsregels ontstaan eigenlijk altijd door een soort van consensus binnen de rechtspraak. Dit past binnen de wet, het voelt billijk en het lost praktisch geschillen op. Dan is het prima om dat zo te laten, of zelfs om die regel in de wet op te nemen.

Arnoud

Wanneer is een gerechtelijke uitspraak nu jurisprudentie?

| AE 5191 | Informatiemaatschappij | 11 reacties

Met enige regelmaat krijg ik vragen over wanneer iets nu jurisprudentie is. Daarmee bedoelen ze dan meestal, wanneer is een vonnis bindend en mag ik erop vertrouwen dat de uitspraak ook voor mij geldt. Dat is een moeilijke vraag, maar dat komt met name omdat in vonnissen zelden zúlke harde lijnen staan dat ze eenvoudig… Lees verder

Bookmark dit: IEPT – rechtspraak over intellectueel eigendom

| AE 398 | Informatiemaatschappij | Er zijn nog geen reacties

Zeer nuttige nieuwe site voor juristen met interesse in intellectueel eigendom: IEPT. IEPT ontsluit jurisprudentie voor de IE-professional. Het is een zuster-site van IE-Portal. Het doel van IEPT is voor de IE-praktijk relevante rechtspraak op een overzichtelijke wijze en in een handzaam formaat beschikbaar te stellen. Met name nuttig en leuk zijn de korte samenvattingen… Lees verder

Fotograferen en journalistiek op het station

| AE 346 | Regulering, Uitingsvrijheid | 11 reacties

Niet echt Internetrecht, alhoewel ze wel Internet hebben op stations: hoe zit het met fotograferen op stations. Journalist Brenno de Winter zag een Segway op station Utrecht en wilde hier met een foto verslag van doen, maar dat werd hem verboden door de Spoorwegpolitie. Kan die dat zomaar? Nee, en wel hierom. Op zich mag… Lees verder