Hoe hoog is de schade bij auteursrechtinbreuk?

| AE 2451 | Intellectuele rechten | 64 reacties

Hoe bepaal je de schade van een overgenomen artikel? Die vraag is een groot probleem bij het auteursrecht. Op grond van de Auteurswet kun je bij een schending van je rechten de schade vergoed krijgen. Dat is niet anders dan wanneer iemand een bal door je ruit trapt of je auto aanrijdt.

Echter, waar je in dat geval je schade kunt aantonen met een factuur van de glaszetter of garage, ligt dat heel wat moeilijker bij auteursrechten. In een recent Cozzmoss-vonnis houdt de rechter het simpel: 2x de economische waarde van het artikel.

Dat is een beetje gek zou je zeggen – als er al schade is, dan is dat precies één keer de economische waarde. Immers, dat is het bedrag dat je zou hebben gekregen als de overnemer wél zou hebben betaald. De kantonrechter meent echter dat je zo niet mag redeneren

omdat het derden anders vrij zou staan om eerst achteraf toestemming te kopen door alsnog een gebruiksvergoeding voor het bewuste artikel te voldoen aan de auteursrechthebbende. Aangezien Bulthuis heeft nagelaten vooraf de benodigde toestemming te vragen aan Applinet, is het dan ook niet meer dan redelijk dat de economische waarde wordt verdubbeld.

Oftewel: als u mijn spiegel kapot gooit, heb ik recht op twee maal de prijs van een nieuwe omdat ik niet gevraagd heb om deze vernieling. Dat lijkt me toch wat gek. Ik zeg er meteen bij dat ik geen betere manier wil en het punt wel snap, maar het klopt niet om de schade hoger dan de eigenlijke waarde van het product te stellen.

Wel schappelijk gaat de rechter om met de proceskosten. Volgens de normale regels zou Cozzmoss iets meer dan 1000 euro advocaatkosten mogen eisen, maar dat is bij een schadebedrag van 460 euro onredelijk. Het bedrag wordt dan ook gezet op 750 euro. Alles bij elkaar is de gedaagde zo’n 1500 euro kwijt – toch meer dan geëist door de auteursrechtincassoclub.

Arnoud

Maar het zijn toch mijn foto’s?

| AE 2253 | Intellectuele rechten | 32 reacties

Een lezer vroeg me:

Een tijd geleden heb ik een professioneel fotograaf ingehuurd om mooie foto’s van mezelf te maken voor op mijn website. Nu werk ik sinds kort bij een nieuw bedrijf, en die wilden graag foto’s van medewerkers online. Maar nog geen week nadat ik die foto ook daar had neergezet, ontving ik al een rekening van de fotograaf wegens schending van zijn auteursrecht. Kan dat zomaar? Het zijn toch mijn foto’s? Ik heb (flink) betaald voor het maken van die foto’s!

Ja, dat kan zomaar en nee, het zijn niet jouw foto’s. Hoe gek het ook klinkt: als je iemand betaalt om foto’s, teksten of wat dan ook voor jou te maken, dan word je daar geen eigenaar van. Je krijgt alleen een gebruiksrecht – je mag die foto’s gebruiken conform de afspraken, meer niet.

Het is dus zaak om bij het inhuren meteen duidelijke afspraken te maken over wat er wel en niet mag met het werk dat je bestelt. Je kunt afspreken dat alle rechten naar jou gaan, maar dat moet dan wel schriftelijk en ondertekend. Je kunt ook een brede licentie afspreken, of opties inbouwen dat een bepaalde andere vorm van gebruik ook mag mits je dan maar een bepaald bedrag extra betaalt.

Over die factuur: die zul je (waarschijnlijk) moeten betalen. In de algemene voorwaarden van de fotograaf zal ongetwijfeld iets staan over een boete bij ongeautoriseerd gebruik. Ik maak me vaak kwaad om de onterechte scrabbleclaims van fotografen, maar in dit geval zijn zulke claims wel ergens op gebaseerd: die algemene voorwaarden zijn deel van je contract. En als jij afspreekt dat je een boete zult betalen, dan moet je die boete betalen.

Arnoud

Geen richtprijzen, wel schadevergoeding voor gebruik creatieve pasfoto

| AE 2157 | Intellectuele rechten | 10 reacties

pasfoto-lijstje-kader-polaroid.jpgVijftienhonderd euro voor een pasfoto “die niet geschikt is voor de officiële documenten, maar wel érg leuk is!” Dat moest Ringfoto betalen nadat ze een via Google gevonden pasfoto op haar site had opgenomen. Er was 4500 euro gevorderd exclusief proceskosten. De rechter wijst de “richtprijzen van de Fotografenfederatie” af als basis en wijst 1500 euro toe als niet-betwiste licentievergoeding.

Op een pasfoto zit normaal geen auteursrecht, omdat zo’n foto puur functioneel en zakelijk is en er geen ruimte is voor creativiteit (dat is immers verboden bij pasfoto’s). Maar het ging hier om wat de fotograaf “leuke pasfoto’s” noemde. Het is echt jammer dat de site van de fotograaf gesloten is, want ik had graag de betreffende foto erbij gehad. Nu moeten we het doen met de inschatting van de kantonrechter:

Uit de vergelijking van de gewone pasfoto van [YYY] met de foto waarop het onderhavige geschil betrekking heeft, blijkt naar het oordeel van de kantonrechter in voldoende mate van persoonlijke, creatieve keuzes die [eiser] heeft gemaakt teneinde het verschil met de gewone pasfoto tot uitdrukking te brengen. Het mag dan zo zijn, dat de beide foto’sniet (zichtbaar) verschillen in achtergrond en kleding van [YYY], de overige aspecten, zoals de uitsnede van de foto, de pose van [YYY], de belichting van haar gezicht, de wijze waarop het haar is geschikt, getuigen van even zovele zelfstandige, subjectieve keuzes van de maker bij het tot stand brengen van het portret

De kantonrechter hanteert daarbij overigens nog het oude criterium “persoonlijk stempel van de maker”, wat dus “eigen intellectuele schepping” moet zijn. Maar op zich lijkt me de invulling van die criteria niet heel verschillend.

De pasfoto is beschermd, en is zonder toestemming overgenomen op een bedrijfsmatige site. Dat mag niet, en de fotograaf kan dan een schadeclaim indienen. Wel moet hij dan bewijzen dat hij schade heeft, en dat valt bij fotografen lang niet mee. Zeker hier: hoe kun je iemands pasfoto immers in licentie geven? En welk bedrag vraag je dan?

Terecht wijst de rechter de gevorderde boeteschadeclaim van 4500 euro af. Die was immers gebaseerd op de “door de Fotografenfederatie opgestelde algemene voorwaarden en de door de Fotografenfederatie opgestelde richtprijzen voor de fotografie”, maar dat kan niet: de Fotografenfederatie hanteert sinds 2004 geen richtprijzen meer (dat mag ook niet van de NMa). En ik zie dat het particuliere initiatief www.richtprijzen.org opgeheven is.

Er wordt wel een schadevergoeding toegewezen van 1500 euro, op basis van een niet-betwiste verklaring van de fotograaf zelf. Die zou 750 euro licentievergoeding en 750 euro afkoop gevraagd hebben als er vooraf om een licentie was gevraagd. Dat is trouwens wel opmerkelijk, omdat de site van de fotograaf vermeldt “Een set kost slechts ” 8,95″ (hoewel dat natuurlijk niet exploitatie op een website dekt, maar toch). De proceskostenvergoeding wordt niet toegekend, omdat beide partijen gedeeltelijk in het ongelijk worden gesteld.

Arnoud