Wie klikt er op mijn knopjes?

| AE 4951 | Informatiemaatschappij | 42 reacties

ie-aagree-ezel“Dan moet je nu op ie aag-ree klikken”. Met die woorden legde het zoontje van een bevriende jurist ooit een vriendje uit hoe hij zich kon registreren bij een spelletje. Gelukkig was vader er nog net op tijd bij om deze rechtshandeling te verhinderen, maar de vraag “wat gebeurt er nu juridisch bij zo’n klik” bleef wel hangen. Wat te denken van een IT-er die onderhoud pleegt bij een klant en dan bij een gedownloade update op “ie aag-ree” moet klikken?

Met een druk op de knop “Ik ga akkoord” wordt een overeenkomst gesloten. Daarvoor is immers niet meer nodig dan dat iemand een aanbod doet (u mag dit, tegen deze voorwaarden) en een ander aangeeft daarmee akkoord te zijn. En klikken op een knop die zégt “Ik ga akkoord” lijkt mij een evidente manier om een akkoord aan te geven.

De vraag is dan, wíe heeft die overeenkomst gesloten. In principe is dat de persoon die klikt, maar afhankelijk van de situatie kan dat anders zijn. Een werknemer gaat bijvoorbeeld eigenlijk nooit in eigen naam akkoord met zulke licenties, als de software iets met het werk te maken heeft. Hij handelt dan namens de werkgever. Voor een ingehuurde IT-er geldt hetzelfde: als deel van de opdracht (redelijkerwijs) is dat hij die software moet installeren voor de klant, dan gaat hij dus namens de klant akkoord met die voorwaarden.

Natuurlijk kan een werkgever of opdrachtgever altijd achteraf zeggen dat hij dat niet gewild heeft, maar zo makkelijk komt hij er naar de leverancier niet onderuit. Als de ‘achterman’ (degene die nu ineens aan de licentie vastzit) de indruk heeft gewekt dat de werknemer/opdrachtnemer de licentie mócht sluiten in zijn naam, dan zit hij eraan vast. Ook als dat volgens de interne regels niet mocht. Verder is een werknemer eigenlijk nooit aansprakelijk voor wat hij doet, dus als werkgever gaan roepen dat je niet gebonden bent aan die licentie is onverstandig, want je erkent auteursrechten te schenden en je kunt de schadeclaim van de leverancier nergens op verhalen.

Freelance IT-ers die bang zijn toch claims te krijgen, kunnen iets als dit in hun algemene voorwaarden (je hébt toch algemene voorwaarden?) opnemen:

Leverancier is gerechtigd alle redelijkerwijs benodigde licenties af te sluiten uit naam van Opdrachtgever. Wanneer de voorwaarden gebruikelijk zijn en/of niet onderhandelbaar, zal Opdrachtgever hiertegen geen bezwaar maken.

Bij een kind ligt het iets lastiger, die installeert meestal niet namens zijn ouders die software maar wil dat zelf. Dat ligt juridisch lastig, want een kind kan niet zomaar zelfstandig rechtshandelingen (zoals akkoord gaan) verrichten. De ouders kunnen dat tegenhouden, tenzij het “gebruikelijk” is dat iemand van die leeftijd zulke rechtshandelingen verricht. Dus dan zou de vraag zijn, hoe normaal is het voor leeftijdsgenoten van dat zoontje om op “ie aag-ree” te klikken bij dat soort EULA’s?

Arnoud

Uw bestelknop mag op de schop

| AE 3017 | Ondernemingsvrijheid | 69 reacties

betaalplicht.pngEen lezer wees me op een Duitse blog over een nieuwe wet die eerlijker zaken doen op internet moet bevorderen. Meer specifiek ging het over een reactie daaronder:

Ein Einkauf in ausländischen Shops ist für deutsche Verbraucher damit zuküntig eigentlich nicht mehr rechtsicher möglich.

Oftewel: zodra die Duitse wet er door is, kunnen Duitsers niet meer bij buitenlandse webwinkels kopen. Eh, wacht, wat?

Deze Duitse wet is de vertaling van de nieuwe Europese Consumentenrechtenrichtlijn 2011/83/EU waarover ik eerder blogde. De Duitse blog en de reactie gaan over artikel 8, waarin dit staat:

De handelaar ziet erop toe dat de consument bij het plaatsen van zijn bestelling, uitdrukkelijk erkent dat de bestelling een betalingsverplichting inhoudt. Indien het plaatsen van een be­stelling inhoudt dat een knop of een soortgelijke functie moet worden aangeklikt, wordt de knop of soortgelijke functie op een goed leesbare wijze aangemerkt met alleen de woorden “bestel­ling met betalingsverplichting” of een overeenkomstige ondubbelzinnige formulering waaruit blijkt dat het plaatsen van de bestelling een verplichting inhoudt om de handelaar te betalen. Indien aan de bepalingen van deze alinea niet is voldaan is de consument niet door de overeenkomst of de bestelling gebon­den.

Kort samengevat: enkel en alléén als op de bestelknop staat “bestelling met betalingsverplichting” of iets dergelijks, heb je een contract gesloten. In alle andere gevallen niet. Dus 99% van de huidige “bestel”-knoppen moet worden aangepast.

En ja, dat gaan wij ook krijgen want ook Nederland moet dit in hun wet opnemen. Zo’n knop als u hier rechtsboven ziet, is dus wettelijk verplicht en wel per 13 december 2013 want dan moet onze wet dit ingevoerd hebben. (Nu hebben wij niet bepaald een goed track record bij deze deadlines, maar toch.)

Maar goed, waarom kunnen Duitsers in de tussentijd niet meer bij ons bestellen?

Algemeen is het zo dat voor een consument in land X de wet van land X geldt bij een aankoop elders in Europa. De reageerder trekt hieruit de conclusie dat áls de Duitse wet er door komt, een Duitse consument dus pas bestellingen bij buitenlandse webwinkels kan plaatsen als die zo’n knop hebben. Want volgens het Duits recht uit dat voorstel is “Bestelling afronden” of “Nu order plaatsen” niet (meer) genoeg. Er staat immers niet bij “met betalingsverplichting”.

Het gaat hier om dwingend recht, dus de consument kan niet zelf zeggen “ik snap dat ik moet betalen dus ik verklaar mezelf akkoord ondanks dat het niet bij de knop staat dat ik moet betalen”. Er moet en er zal “met betalingsverplichting” onder de knop staan, anders is er geen contract gesloten.

Meelezende webdesigners en grafisch ontwerpers: uw uitdaging voor vandaag is een bestelknop ontwerpen die voldoet aan de Europese wet en er tóch aantrekkelijk uitziet. 🙂

Arnoud

Een klap met de veilinghamer

| AE 2476 | Informatiemaatschappij | 15 reacties

hamer-klap-aanvaarding-rechtspraak-uitspraak.jpgHeb je een schilderij gekocht als de veilingmeester met zijn hamer slaat en tegelijkertijd nog een bod via internet ontvangt? De rechtbank Amsterdam zegt van wel, maar omdat de koper was gaan doorbieden, is zijn aankoop toch vervallen en is hij het schilderij kwijt.

Op een veiling werd kunst uit een nalatenschap verkocht. Daarbij kon op vier manieren een bod worden uitgebracht: schriftelijk voorafgaand aan de veiling, rechtstreeks vanuit de zaal, telefonisch en via internet. De eiser uit deze rechtszaak was een antiquair die in de zaal aanwezig was.

De antiquair (A) bracht een bod uit van 12.000 euro en dat leek het hoogste bod:

Nadat er gedurende enkele seconden geen hoger bod volgde, heeft [veilingmeester D] een klap met de veilinghamer gegeven, het biednummer van [A] genoemd (360) en in één adem door gemeld dat er “met de hamer” tijdig een bod van 13.000 euro via internet was uitgebracht.

Letterlijk ging het zo:

(geluid van een hamerklap)<br/> Three six o ” thirteen in time sir! Sorry, with the hammer again, the internet. [Dat “360” was het nummer van meneer A. – EFRT]

Toen werd het wat verwarrend, want antiquair A meende dat hij ondertussen het schilderij had gekocht. De veilingmeester D meende van niet, en na enige woordenwisseling bood A door naar 14.000 en uiteindelijk 18.000 euro (waarbij hij op zeker moment wel protesteerde tegen de gang van zaken). Voor de prijs van 18.000 euro kreeg hij het schilderij.

De lastige vraag is nu: heeft A het schilderij gekocht, en zo ja voor welke prijs?

De rechtbank begint keurig bij het begin. Een (koop-)overeenkomst komt tot stand door aanvaarding van een aanbod. Bij een veiling bieden de aanwezigen, en aanvaardt de veilingmeester het aanbod. Hij doet dat door met zijn hamer te slaan (dat mag, aanbod en aanvaarding kan ook blijken uit een handeling).

Daarmee zou je zeggen dat het duidelijk is: er is 12.000 geboden (aanbod) en er is met de hamer geslagen (aanvaarding). Maar nee, zegt het veilinghuis, die hamerslag was een foutje want D had slechts de intentie het hoogste bod te aanvaarden. En A’s bod was niet het hoogste.

Juridisch gezien is dat significant. Als je verklaring (de hamerslag) niet overeenkomt met wat je werkelijk wilde, dan is die verklaring niet per se rechtsgeldig. Maar omdat het dan wel érg makkelijk zou zijn om van dingen af te komen door te zeggen dat je dat niet wilde, zit er een grens aan: als de wederpartij erop mocht vertrouwen dat je verklaring wél overeenstemt met je wil, dan zit je eraan vast ook al was dat niet je bedoeling.

De rechtbank gooit het over een iets andere boeg: de veilingmeester had wel degelijk de wil om het bod van A als hoogste te aanvaarden. Immers:

Op het moment dat de hamer viel, was de wil van [het veilinghuis] dan ook gericht op de verkoop van het schilderij aan [A] voor een bedrag van 12.000 euro. Pas na de hamerklap zag [D] dat er een hoger bod was uitgebracht. Eerst toen realiseerde hij zich dat hij het schilderij niet had willen verkopen aan [A]. Dit doet er echter niet aan af dat die wil op het moment van de hamerklap wel aanwezig was.

Lastig daarbij is wel dat als “in de hamer” oftewel tegelijkertijd met de hamerklap nog een bod binnenkomt via internet, je je af kunt vragen of deze timing wel klopt. Maar de rechter vindt dat het probleem van het veilinghuis. De aanwezigen kunnen niet zien wat er binnenkomt via internet, en moeten dus afgaan op de hamerklap. Daarmee is de koopovereenkomst dus tot stand gekomen.

Toch raakt de antiquair zijn schilderij kwijt. Hij had namelijk niet na de voortzetting geprotesteerd dat er totaal geen verkoop mogelijk was omdat hij eigenaar was. Hij had meegeboden, en daarmee afstand gedaan van zijn recht op nakoming van de koopovereenkomst. Dat bieden was weliswaar onder protest, maar dat protest was te onduidelijk om uit af te mogen leiden dat A meende al eigenaar te zijn. Daar sta je dan…

Arnoud

Moet een contract altijd worden ondertekend? (2)

| AE 2104 | Informatiemaatschappij | 7 reacties

In mijn blogpost van gisteren sloot ik af met: Heb je een afspraak dat een contract getekend moet worden, of loopt je wederpartij weg voordat je alle punten hebt geregeld, dan is er dus geen rechtsgeldige overeenkomst. Een contract sluiten is vormvrij, zoals dat juridisch heet. Je kunt dus prima afspreken dat het contract pas… Lees verder

Moet een contract altijd worden ondertekend? (1)

| AE 2082 | Informatiemaatschappij | 21 reacties

Een lezer vroeg me: Per e-mail heb ik met een ander bedrijf uitgebreide correspondentie gevoerd over een koopcontract. Uiteindelijk waren we eruit (dacht ik), dus ik vroeg hem het contract uit te printen en te ondertekenen zodat het juridisch bindend zou worden. Toen hoorde ik ineens niets meer. Pas na veel nabellen kwam het hoge… Lees verder

Het doorlopen van webpagina’s

| AE 2090 | Ondernemingsvrijheid | 26 reacties

Overeenkomsten sluiten via internet blijkt toch weer een moeilijke zaak, zeker als je wederpartij achteraf gewoon keihard ontkent er een gesloten te hebben. Een recent vonnis van de kantonrechter Alkmaar is daar een mooi voorbeeld van. De eiser stelde dat de gedaagde met hem een overeenkomst voor een bromfietsverzekering had gesloten via haar website. De… Lees verder

19 legale filmdiensten, jaja!

| AE 1806 | Innovatie, Intellectuele rechten | 91 reacties

Wist u dat? Er zijn al 31 legale online muziekdiensten en 19 legale filmdiensten. Dat meldde de NVPI afgelopen donderdag tijdens het rondetafeloverleg met de Tweede Kamer over het rapport-Gerkens. U herinnert zich misschien nog dat in dat rapport werd gepleit voor keiharde maatregelen tegen illegaal aanbod en downloaden van films en muziek, maar dat… Lees verder