Grootste schadevergoeding in octrooizaak ooit ongeldig verklaard

Het vonnis van anderhalf miljard dollar wegens octrooiinbreuk door Microsoft is ongeldig verklaard, meldt de Financial Times. In maart werd Microsoft veroordeeld wegens inbreuk op twee octrooien die zouden lezen op het MP3-compressieformaat. De schadevergoeding van anderhalf miljard was een record. Dat kan nu dus weer doorgehaald worden.

Judge Brewster threw out the verdict on one of the dispute patents on the grounds that it was co-owned by Fraunhofer. US law requires co-owners to sue jointly in such cases, and Microsoft had already licensed the technology from Fraunhofer. He also ruled that Alactel-Lucent had failed to prove that Microsoft infringed on the other patent.

Uiteraard gaat Alcatel in hoger beroep.

Arnoud

Marco Raaphorst: De gouden toekomst voor open content

De tijd dat je als maker alleen iets voor radio of televisie maakte is voorbij, schrijft Marco Raaphorst. Internet is erbij gekomen met de potentie om een grotere groep kijkers of luisteraars aan te spreken. En dat klemt met de huidige modellen voor auteursrecht (waarom hadden we dat ook alweer).

Wat moet bijvoorbeeld de NOS en de andere publieke omroepen doen? Hun content weggeven is niet handig, want dan gaat de concurrent (de commerciële omroepen) er mee lopen. Beter, schrijft Raaphorst, is open content:

De wereldwijde populaire licenties van Creative Commons bijvoorbeeld, die erg lijken op de licenties die gehanteerd worden bij open source software (heel internet maakt daar gebruik van). Zo kun je met Creative Commons niet-commercieel gebruik toestaan (bij Creative Commons aangeduid met het NC symbool), waarmee je dus uitsluit dat een commerciële partij er zonder kosten aan mee kan verdienen. Bovendien is naamsvermelding bij Creative Commons verplicht, dus het logo en de naam NOS zal ten alle tijden aan de productie en afgeleiden gekoppeld blijven. Dit heeft een tweetal belangrijke voordelen: voor het publiek duidelijkheid over wat het met deze content wel en niet mag doen en voor bijvoorbeeld de NOS naamsbekendheid die steeds groter wordt, want haar eigen publiek zal deze content gaan gebruiken.

Nu ligt Creative Commons lastig bij reeds gemaakte content. Daar zitten allerlei rechten op, die door een wirwar van organisaties beheerd worden. En niet altijd even flexibel. Regel maar eens met al die groepen dat het werk opnieuw uitgebracht mag worden onder een Creative Commons licentie.

Maar dat is geen probleem voor Raaphorst. Sterker nog, dat is een uitdaging:

Dus wanneer de NOS materiaal wil gaan aanbieden die het publiek kan gebruiken en herbewerken, dan moet men investeren in producenten die deze open content kunnen leveren. Makers zoals ik. Makers die bijvoorbeeld niet bij de BUMA aangesloten zijn, maar zelf hun rechten beheren en het niet-commerciële gebruik graag willen afstaan.

Een uitgelezen kans dus om te laten zien dat je wel degelijk geld kunt verdienen met content weggeven. Zoals Irene Kress al eerder schreef:

Content weggeven en zo loyale relaties creëren, is van groter belang geworden. Dit kan leiden tot het genereren van inkomsten uit de meer mainstream kanalen. En tot online werken met offline activiteiten en inkomsten. Voor de nieuwe generatie is het internet niet slechts een bibliotheek of enorme etalage; sociale netwerken op het internet zijn hét nieuwe bindmiddel. Waar online en offline door elkaar lopen.

Arnoud

Driestappentoets voor Nederlandse thuiskopieregeling (2)

Een tijd geledenOp 29 juni heeft SP-Kamerlid Gerkens kamervragen gesteld over de thuiskopieregeling. De antwoorden zijn nu al(!) binnen:

Bij vraag 1 bevestigt de minister dat de thuiskopieregeling ook geldt bij kopiëren vanaf een illegale bron. Het antwoord op vraag 2 is typisch ambtenarentaal, dus dat citeer ik integraal:

Vraag 2
Zijn deze bepalingen ook van toepassing op het aanbod van werken op het internet?
Antwoord
Ja.

Het belangrijkste is het antwoord op vraag 4, 5 en 6 over de Berner driestappentoets, drie eisen die de Berner Conventie stelt aan beperkingen op het auteursrecht. De vraag of de thuiskopieregeling aan die toets voldoet, beantwoordt de minister met een volmondig ja:

De drie-stappen-toets is bij de vormgeving van de thuiskopieregeling in acht genomen en ligt besloten in de voorwaarden die aan de inroepbaarheid van de privékopie-exceptie worden gesteld (Kamerstukken II 2002- 2003, 28 482, nr. 5, blz. 18). In de thuiskopieregeling komt dit met name tot uitdrukking in het feit dat het moet gaan om een privékopie a) uitsluitend voor eigen studie, oefening of gebruik, b) gemaakt zonder direct of indirect commercieel oogmerk en c) van de natuurlijke persoon die de kopie maakt. Daartegenover staat, zoals gezegd, de aanspraak van rechthebbenden op een billijke vergoeding.

Gezien recente ontwikkelingen, met name op het gebied van legale webwinkels voor films en muziek, en ook gezien afwijkende wetgeving in andere Europese landen, wil de minister in 2008 bekijken of een wijziging van deze regeling wellicht gewenst is.

Gevonden via Volledig Bericht, pardon Boek 9. Ook op Solv.

Arnoud

Netkwesties: Vrijspraak met bijsmaak bij hyperlink-strafzaak

Netkwesties schrijft in Vrijspraak met bijsmaak een mooi overzicht van de strafzaak inzake het aanbieden van codes voor peer-to-peer uitwisseling.

Ondanks de vrijspraak voor van ‘georganiseerde piraten’ in het eerste Nederlandse strafproces voor p2p-beheerders schept de Rotterdamse rechtbank een opmerkelijk precedent: het beheren van linksites kan in beginsel wél strafbaar zijn. Ze zijn ‘medeplichtig’ aan illegaal uploaden, in principe althans.

Arnoud

Charles Dickens en de auteursrechtpiraterij

Over Charles Dickens en het auteursrecht (PDF). Aan de hand van Dickens’ bemoeienis met het auteursrecht laat Jan Kabel, hoogleraar informatierecht bij het IVIR, de mechanismen van piraterij (“het (toentertijd) mede van overheidswege ondersteunde business model van de verkoop en marketing van buitenlandse literatuur op een binnenlandse markt”) in de 19e eeuw zien.

De Engelse auteur Dickens ageerde veel tegen het kopiëren van zijn werk in de Verenigde Staten, dat op dat moment geen auteursrechtelijke bescherming voor buitenlandse auteurs erkende. Piraterij? Schandalig?

Integendeel: in de meeste landen werd piraterij juist als wettelijk gewaarborgde eerzame handel beschouwd, die bijdroeg aan de verspreiding van kennis en verlichting voor de natie en die ook veel goedkoper was dan het aanschaffen van de boeken bij de oorspronkelijke uitgever.

Met een mooi overzicht van de ontwikkeling in de wetgeving.

Dickens schreef overigens ook een mooi verhaal over de moeite die het in die tijd kostte om een Engels octrooi op je uitvinding te krijgen.

Arnoud

Kan SIDN persoonsgebonden domeinnamen wel opheffen?

Bram Heerink, inderdaad die van 112.nl, maakt zich boos over de geplande opheffing van de persoonsgebonden domeinnamen. Hij citeert artikel 13 lid 2 van het Reglement voor registratie van .nl-domeinnamen:

SIDN stelt de domeinnaamhouder rechtstreeks en/of via de betrokken Deelnemer op de hoogte van haar voorgenomen besluit het gebruik van de Domeinnaam te ontzeggen en de registratie daarvan in het Register door te halen.

en signaleert dan een gapend gat in de wet:

Want stel nu eens dat rechtsgeldig zou zijn, dat zou betekenen dat met een briefje van de SIDN alle domeinnamen in het register kunnen worden opgeheven. Dat geldt niet alleen voor persoonsdomeinnamen dat geldt voor alle domeinnamen. Het Register maakt hier immers helemaal geen onderscheid. Dat geldt dus ook voor nu.nl, abnamro.nl, gay.nl, microsoft.nl, postbank.nl, google.nl. Volgens het reglement volstaat een kennisgeving van de SIDN met het bericht dat de domeinnaam vervalt.

Een terechte zorg. Wat mij nog steeds niet duidelijk is, is welke grond uit het reglement SIDN wil gaan hanteren om de persoonsgebonden domeinnamen op te heffen. Artikel 13.2 is immers de procedure, en die kan alleen gebruikt worden als een grondslag voor opheffing uit artikel 13.1 van toepassing is. Een contract mag je alleen opheffen (ontbinden) op de manier die in het contract staat, tenzij er sprake is van een tekortkoming in de nakoming bij je wederpartij.

Artikel 13.1 van het Reglement zegt dat opheffing alleen kan als

(a) SIDN terzake een authentiek afschrift van een uitvoerbaar bij voorraad verklaard of een in kracht van gewijsde gegaan vonnis van een Nederlandse rechtbank of een arbitraal vonnis van het Scheidsgerecht Domeinnamen heeft ontvangen, waarbij Opheffing wordt bevolen;<br/> (b) het contract tussen de betrokken Deelnemer en SIDN eindigt of beëindigd wordt;<br/> (c) de Domeinnaamhouder niet langer door een Deelnemer vertegenwoordigd wordt;<br/> (d) de Domeinnaamhouder om opheffing van de (Persoons)Domeinnaam verzoekt;<br/> (e) het Registratiecontract tussen de Domeinnaamhouder en SIDN beëindigd wordt;<br/> (f) de (Persoons)Domeinnaam niet (langer) blijkt te voldoen aan de door SIDN gestelde Technische eisen en niet binnen een door SIDN te stellen termijn wel aan de Technische eisen voldoet.

Opties (a), (c) en (d) zijn duidelijk niet van toepassing. Ook optie (f), de technische eisen, lijken me niet op te gaan. Het systeem werkt gewoon, dat er slechts 500 gebruikers zijn op een totaal van 2,4 miljoen .nl-domeinnamen is geen technisch probleem.

Dan blijven opties (b) en (e) over. (b) gaat over de Deelnemer, de provider dus, die zijn contract met SIDN opzegt. Wederom niet van toepassing. Kan SIDN dan het Registratiecontract met de eigenaar van de Persoonsdomeinnaam opzeggen? Alleen, zo bepaalt artikel 14 van dat contract, “in de in het Reglement beschreven gevallen.” En dan zijn we weer terug bij de opsomming hierboven.

Bovendien hebben we hier te maken met een contract tussen SIDN en een natuurlijke persoon, want het gaat immers om persoonsgebonden domeinnamen. En dan zegt de wet (art. 6:237 sub d) dat een algemene voorwaarden zoals deze vermoed wordt onredelijk bezwarend te zijn als het

de gebruiker van zijn gebondenheid aan de overeenkomst bevrijdt of hem de bevoegdheid daartoe geeft anders dan op in de overeenkomst vermelde gronden welke van dien aard zijn dat deze gebondenheid niet meer van hem kan worden gevergd

Welk artikel SIDN dus ook aandraagt, SIDN zal moeten aantonen dat het laten voortduren van de persoonsgebonden domeinnamen niet meer redelijkerwijs van haar kan worden gevergd.

UPDATE: (1 augustus) op ISPam.nl meldt Arnout Veenman in de comments:

Op dit moment heeft SIDN naast het reguliere DRS (Domein Registratie Systeem) voor persoonsdomeinnamen er nog een apart systeem naast draaien. Dat zou de belangrijkste reden zijn waarom SIDN van de persoonsdomeinnamen af wil.

En dat zou wellicht een overtuigende dwingende reden zijn.

Arnoud

Wijziging Amerikaanse octrooiwet stapje dichterbij

US patent reform clears House hurdle | OUT-LAW bericht dat de langverwachte wijzigingen van het Amerikaanse octrooistelsel weer een stapje dichterbij zijn gekomen.

De belangrijkste wijziging betreft het zogeheten “first to invent” systeem. In Amerika geldt dat wie het eerst de uitvinding doet, er octrooi op kan krijgen, ook als iemand anders het later bedacht maar er eerder octrooi op aanvroeg. De rest van de wereld werkt met “first to file”: de eerste bij de Octrooiraad krijgt het octrooi. Volgens dit voorstel gaan de Amerikanen nu eindelijk ook over naar “first to file”.

Een andere belangrijke wijziging gaat over de schadevergoeding bij inbreuk. Als bewezen wordt dat de inbreuk “opzettelijk” (wilful) gepleegd werd, dan wordt de schadevergoeding verdrievoudigd. Dit wetsvoorstel regelt de bewijslast: vanaf nu moet de octrooihouder bewijzen dat er sprake was van opzettelijke inbreuk. Vroeger moest juist de inbreukmaker bewijzen dat hij het per ongeluk deed.

Bij een duur apparaat kon de schadevergoeding behoorlijk hoog oplopen, omdat de schadevergoeding wordt vastgesteld als een percentage van de verkoopprijs. Dat is niet altijd even eerlijk. Bovendien moet de schadevergoeding nu worden vastgesteld aan de hand van de toegevoegde waarde van de uitvinding aan het product waar de uitvinding inzit.

Ook zou er een eis komen dat een aanvrager eerst zelf een onderzoek van de literatuur (prior art) moet doen alvorens hij de aanvraag mag indienen. Dat is nu vaak de praktijk maar lang niet altijd, waardoor er een hoop aanvragen ingediend worden die bij een eerste onderzoek al niet nieuw blijken.

Het voorstel verandert overigens niets aan de manier waarop Amerikaanse octrooiaanvragen beoordeeld worden op inventiviteit, noch aan wat er al of niet geoctrooieerd mag worden.

Arnoud

Filteren van filesharing verkeer: providers via achterdeur toch aansprakelijk?

In een opmerkelijk Belgisch vonnis is internetprovider Scarlet (Tiscali) veroordeeld om filesharing verkeer van klanten te voorzien van een filter. Dat filter moet materiaal detecteren waarvan de rechthebbenden de verspreiding hebben verboden. Sabam pakt gelijk maar door en eist dat ook alle andere Belgische ISP’s zo’n filter installeren. Scarlet gaat in hoger beroep trouwens.

Dat filteren werkt met zogeheten digitale vingerafdrukken, zoals bijvoorbeeld Audible Magic en Gracenote (dat het kocht van Philips trouwens). Van muziek en film worden dan bepaalde unieke kenmerken gemeten, zoals veranderingen in signaalsterkte binnen bepaalde frequentiebanden. Deze worden, net als echte vingerafdrukken, vergeleken met eerder opgeslagen kenmerken in een database. Staat het werk in die database, dan mag het werk niet verspreid worden. Dat werkt in principe dus betrouwbaarder dan het enkele filteren op bestandsnaam of titel en naam van de artiest (wat bij Napster een totale mislukking werd).

Juridisch gezien is deze beslissing opmerkelijk, omdat hiermee een provider via de achterdeur aansprakelijk gehouden wordt voor inbreukmakende handelingen van klanten. Zoals Christiaan Alberdingk Thijm schrijft:

Je bent misschien niet aansprakelijk voor het uitwisselen van muziek, maar wel voor het nalaten maatregelen daartegen te treffen. Scarlet moet voor de kosten van de maatregelen opdraaien en enorme boetes betalen indien deze inadequaat zijn.

De belangrijkste eis om niet aansprakelijk gehouden te worden is namelijk dat providers niet filteren. Artikel 6:196c BW zegt letterlijk dat een provider “niet aansprakelijk [is] voor de doorgegeven informatie, indien hij: … de doorgegeven informatie niet heeft geselecteerd of gewijzigd.” Filteren is een vorm van selecteren, je laat immers alleen door wat het filter niet tegenhoudt.

Bovendien is er nog een ander probleem. De vingerafdruk wordt genomen van ongeveer 10 seconden van de muziek. Als iemand nu zo’n stukje om legitieme redenen gebruikt (bijvoorbeeld een citaat), zal het werk toch tegengehouden worden. Op deze manier filteren zou dus hooguit toegestaan moeten zijn als vaststaat dat het gehele werk wordt gedeeld zonder toestemming.

Een creatief alternatief is in mei door de Amerikaanse profielensite Myspace ingevoerd: “Take down and stay down“. De vingerafdruk wordt daar pas genomen na de eerste klacht. Vanaf dat moment kan geen enkele gebruiker het werk meer publiceren bij zijn of haar profiel. Dit vind ik een stuk redelijker. Er ligt dan een concrete klacht over een specifiek werk. Dat is reactief in plaats van pro-actief. En het past ook binnen de wet: een provider die materiaal aanbiedt dat inbreukmakend blijkt te zijn, is niet aansprakelijk als hij “prompt de nodige maatregelen neemt om de informatie te verwijderen of de toegang daartoe onmogelijk te maken” na een klacht.

Arnoud

GPL versie 3 is in feite tegen open source

Vandaag op Livre mijn artikel GPL versie 3 is in feite tegen open source. Ik heb me al eerder druk gemaakt over GPL versie 3 en vrije software versus open source. Naar aanleiding van deze post over drie stromingen in open source nu dan dit artikel over de problemen die open source kan verwachten als GPL versie 3 aanslaat.

GPLv3 is tegen. Tegen DRM, tegen software-octrooien en vooral tegen bedrijven die hun hardware beperkt toegankelijk maken. En dat is een slechte zaak voor open source. Waar versie 2 een goede, pragmatische basis voor samenwerking bood, dringt versie 3 van de populairste open source licentie een rigide ‘vrije software’ regime op. Dit regime verstoort de balans die ten grondslag ligt aan het zo succesvolle model van open source. En daarmee, zo zegt Arnoud Engelfriet*, is GPL versie 3 in feite tegen open source.

Enige inspiratie uit het Jem Report verhaal over GPLv3 kan ik niet ontkennen.

Wie het verhaal live wil horen, kan zich aanmelden voor mijn lezing in oktober.

Arnoud

Hyperlinken mogelijk strafbaar feit

Sites die links naar illegale bestanden aanbieden kunnen medeplichtig zijn aan een strafbaar feit, juicht BREIN op Boek 9. ‘Internetpiraten’ grotendeels vrijgesproken, kopt daarentegen Nu.nl. Toch was er, zoals Planet terecht opmerkt, sprake van een principiële overwinning voor Brein in een recente strafzaak tegen twee eDonkey-sites. Update (23 december 2010) het vonnis is vernietigd in hoger beroep omdat het OM lui achter BREIN aanliep en geen eigen onderzoek heeft gedaan.

Via eDonkey kunnen mensen bestanden met elkaar uitwisselen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van hashcodes, die uniek zijn voor een bestand. Wie dus een bepaald bestand zoekt, moet weten welke hashcode het heeft. Op de sites Releases4u en Shareconnector van de verdachten was te zien welke code bij illegaal aangeboden films en muziek hoorde.

Nu werden er inderdaad opzettelijk en zonder toestemming werken verspreid, dus de aanbieders op eDonkey pleegden een misdrijf. Ben je nu medeplichtig aan dat misdrijf als je de hashcodes aanbiedt waarmee anderen de werken kunnen verspreiden? Ja, oordeelde de rechtbank:

[H]et handelen van de bij de website betrokken personen, onder wie verdachte als administrator, [kan] in beginsel beschouwd worden als medeplichtigheid aan de door de gebruikers van de website gepleegde inbreuken op auteursrechten door middel van het uploaden, doordat met de website de gelegenheid wordt geboden tot snelle verspreiding van de bestanden.

Wel moet worden bewezen dat bezoekers van de website via de aangeboden hashcodes werken hebben gevonden en die vervolgens ook weer hebben verspreid (geupload). Want zonder plegers geen medeplichtigen. Dat lukte in dit geval niet, waardoor de verdachten werden vrijgesproken.

Het vonnis bespreekt ook nog de vraag of de beheerders van de site schuldig waren aan medeplegen van de inbreuk. Bij medeplegen pleeg je het misdrijf zelf, in samenwerking met anderen. Er moet dan sprake zijn van “bewuste, nauwe en volledige samenwerking” tussen de betrokkenen. Bij medeplichtigheid help je of geef je gelegenheid tot het plegen. De mate van samenwerking mag dan een stuk minder zijn.

De legaliteit van torrentsites, maar ook van linksites in het algemeen, komt met dit vonnis onder druk te staan. De bekende vraag zijn hyperlinks legaal heeft er daarmee weer een nuance bij.

Arnoud